Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Compendium Nederlands Vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk

  Bundel

Sluit je aan bij JoHo om te kunnen inloggen en gebruik te maken van de tools en teksten
 

Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

The world of JoHo footer met landenkaart

    Aansluiten bij JoHo met een JoHo abonnement

    JoHo abonnement (€20,- p/j)

    • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
    • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
    • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
    • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
    • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
    • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

     of met een JoHo donateurschap

    JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

    • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
    • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
    • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
    • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

     

    Aanmelden & Aansluiten bij JoHo 

    De items van deze bundel
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk

    Keuzewijzer voor samenvattingen van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk

    Samenvattingen van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht - Hijma & Olthof

     

    Boeksamenvattingen te gebruiken bij de 14e druk van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht

    Online: samenvatting in chapters

     Online: samenvatting in BulletPoints

    Print: samenvatting in chapters per post

    Print: samenvatting in chapters aan de balie

    Inhoud van samenvattingen van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht

    Boeksamenvattingen: inhoudsopgave van de samenvattingen

    • De boeksamenvatting bevat de volgende hoofdstukken:
      • Wat houdt het Nederlandse vermogensrecht in? - Chapter 1
      • Wat zijn de belangrijke begrippen in het vermogensrecht? - Chapter 2
      • Welke plaats heeft de rechtshandeling in het vermogensrecht? - Chapter 3
      • Hoe geschiedt de vertegenwoordiging in het vermogensrecht? - Chapter 4
      • Wat houdt de rechtsvordering in? - Chapter 5
      • Wat houdt het goederenrecht in? - Chapter 6
      • Hoe geschiedt de overdracht van een goed? - Chapter 7
      • Welke aparte gevallen van overdracht zijn er? - Chapter 8
      • Welke vormen van derdenbescherming zijn er bij het verkrijgen van een goed? - Chapter 9
      • Wat houdt verjaring in? - Chapter 10
      • Wat zijn het bezit en het houderschap? - Chapter 11
      • Waar staat het bewind in de Nederlandse wetgeving? - Chapter 12
      • Wat houdt de gemeenschap in? - Chapter 13
      • Wat houdt eigendom in? - Chapter 14
      • Wat zijn beperkte rechten? - Chapter 15
      • Wat zijn (beperkte) gebruiksrechten? - Chapter 16
      • Wat zijn (beperkte) zekerheidsrechten en het verhaalsrecht? - Chapter 17
      • Wat is het verbintenissenrecht? - Chapter 18
      • Welke bijzondere overeenkomsten zijn er? - Chapter 19
      • Hoe gaat de verbintenis over, teniet en komt deze tot stand? - Chapter 20
      • Wat zijn de rechten van de schuldeiser? - Chapter 21
      • Hoe geschiedt de nakoming van verbintenissen? - Chapter 22
      • Hoe kan de nakoming opgeschort worden? - Chapter 23
      • Wat houdt schuldeisersverzuim in? - Chapter 24
      • Wanneer is er recht op schadevergoeding wegens wanprestatie? - Chapter 25
      • Wat zijn de regels omtrent schadevergoeding? - Chapter 26
      • Welke regels gelden er omtrent de onrechtmatige daad? - Chapter 27
      • Wat houden zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking in? - Chapter 28
      • Wat zijn obligatoire overeenkomsten? - Chapter 29
      • Hoe komt een overeenkomst tot stand? - Chapter 30
      • Wat zijn de rechtsgevolgen van een overeenkomst? - Chapter 31
      • Wat houdt de wederkerige overeenkomst in? - Chapter 32
      • Bijzondere overeenkomsten I: wat houden koop en ruil in? - Chapter 33
      • Bijzondere overeenkomsten II: wat zijn de regels omtrent goederen? - Chapter 34
      • Bijzondere overeenkomsten III: wat is er geregeld omtrent werkzaamheden? - Chapter 35
      • Bijzondere overeenkomsten IV: welke overige typen zijn er? - Chapter 36
      • Wat is het overgangsrecht bij het vermogensrecht? - Chapter 37

    Samenvattingen bij de vorige druk

    JoHo WorldSupporter.org: samenvattingen bij de 12e druk

    Gerelateerde samenvattingen & studiehulp bij Compendium van het Nederlandse vermogensrecht

    Alternatieven: boeksamenvattingen & gerelateerde samenvattingen (voor JoHo abonnees)

    Kennis- en studiegebieden: samenvattingen per studiegebied (voor JoHo abonnees)

    TentamenTickets bij Compendium van het Nederlandse vermogensrecht

    TentamenTickets

    Het boek Compendium van het Nederlandse vermogensrecht behandelt het gehele Nederlandse vermogensrecht op een systematische manier. Het boek is verdeeld in drie delen:

    • Algemeen
    • Goederenrecht
    • Verbintenissenrecht
    Wat houdt het Nederlandse vermogensrecht in? - Chapter 1

    Wat houdt het Nederlandse vermogensrecht in? - Chapter 1

    Het vermogensrecht omvat het goederenrecht en het verbintenissenrecht. Bij het goederenrecht gaat het om de verhouding van een persoon tot een bepaald goed en zijn de regels vooral dwingendrechtelijk en statisch van aard (Boeken 3 en 5). Terwijl het bij het verbintenissenrecht gaat om een verhouding tussen personen onderling, het voornamelijk regelend recht bevat en dynamisch van aard is (Boeken 6-8).

    Daarnaast zijn er in Boek 3 algemene bepalingen te vinden die zowel zien op het goederenrecht als op het verbintenissenrecht.

    Deze samenvatting bestaat uit drie hoofdonderdelen:

    • A. Het algemene deel: Boek 3 BW (In samenvatting: Chapter 1 t/m 5)

    • B. Het goederenrecht: Boeken 3 en 5 BW (In samenvatting: Chapter 6 t/m 17)

    • C. Het verbintenissenrecht, Boeken 6, 7 en 7A BW. (In samenvatting: Chapter 18 t/m 37)

    Wat zijn de belangrijke begrippen in het vermogensrecht? - Chapter 2

    Wat zijn de belangrijke begrippen in het vermogensrecht? - Chapter 2

    Een goed (art. 3:1 BW) is een zaak (art. 3:2 BW): een voor de menselijke beheersing vatbaar stoffelijk object, of een vermogensrecht (art. 3:6 BW): een overdraagbaar recht dat betrekking heeft op het verschaffen van stoffelijk voordeel. Dieren vallen volgens de wet ook onder het begrip zaken. Maar gedachten, merken en de lucht vallen niet onder het begrip zaken, omdat dit geen voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten zijn. Schulden zijn geen goederen, het vorderingsrecht van de schuldeiser is echter wel een goed.

    Welke plaats heeft de rechtshandeling in het vermogensrecht? - Chapter 3

    Welke plaats heeft de rechtshandeling in het vermogensrecht? - Chapter 3

    Een rechtshandeling is een handeling die ziet op een beoogd rechtsgevolg. Er zijn eenzijdige rechtshandelingen (tot stand gebracht door één persoon) en meerzijdige rechtshandelingen (tot stand gebracht door twee of meer personen, zoals de overeenkomst). Een eenzijdige rechtshandeling kan gericht zijn tot één of meerdere personen (bv. opzeggen van de huurovereenkomst, ontslag) of niet-gericht zijn (bv. het maken van een testament).

    Hoe geschiedt de vertegenwoordiging in het vermogensrecht? - Chapter 4

    Hoe geschiedt de vertegenwoordiging in het vermogensrecht? - Chapter 4

    Met vertegenwoordiging wordt meestal directe, onmiddellijke vertegenwoordiging bedoeld. Dit betekent dat een tussenpersoon een rechtshandeling verricht in naam van een ander: de rechtsgevolgen treden in voor de vertegenwoordigde (de tussenpersoon valt er als het ware tussenuit). De vertegenwoordigde wordt derhalve partij bij de rechtshandeling.

    Wat houdt de rechtsvordering in? - Chapter 5

    Wat houdt de rechtsvordering in? - Chapter 5

    Een rechtsvordering wordt bij de rechter ingesteld en strekt tot de handhaving of uitvoering van de rechtspositie van de eiser. Titel 3.11:

    • Algemene bepalingen, art. 3:302-305d BW

    • De vordering tot nakoming en reële executie, art. 3:296-301 BW

    • De verjaring van rechtsvordering, art. 3:306-325 BW

    Wat houdt het goederenrecht in? - Chapter 6

    Wat houdt het goederenrecht in? - Chapter 6

    Het goederenrecht bestaat uit twee hoofdleerstukken:

    • De wijzen waarop een goed wordt verkregen en verloren

    • De invulling van een aantal goederenrechtelijke verhoudingen, namelijk van goederenrechtelijke rechten en van andersoortige goederenrechtelijke verhoudingen.

    Hoe geschiedt de overdracht van een goed? - Chapter 7

    Hoe geschiedt de overdracht van een goed? - Chapter 7

    De overdraagbaarheid van een goed is geregeld in artikel 3:83 BW. Daarin is neergelegd dat eigendom en alle beperkte rechten in principe overdraagbaar zijn, tenzij de wet zich daartegen verzet. De overdraagbaarheid hiervan kan dus niet via een overeenkomst geblokkeerd worden. Vorderingsrechten zijn overdraagbaar, tenzij de overdraagbaarheid tussen partijen is uitgesloten in een beding of wanneer de wet zich daartegen verzet. De overige vermogensrechten zijn slechts overdraagbaar als de wet dit bepaalt.

    Welke aparte gevallen van overdracht zijn er? - Chapter 8

    Welke aparte gevallen van overdracht zijn er? - Chapter 8

    Een toekomstig goed is een goed waarover de vervreemder (nog) niet bevoegd is om te beschikken. Er is een onderscheid te maken tussen:

    • Objectief toekomstige goederen (deze bestaan nog niet);

    • Subjectief toekomstige goederen (deze bestaan, maar de vervreemder moet nog beschikkingsbevoegd worden).

    Bij de titel moet het toekomstige goed met voldoende bepaaldheid worden omschreven, maar de vraag is vooral hoe het zit met de levering en wat het moment van overdracht is.

    Welke vormen van derdenbescherming zijn er bij het verkrijgen van een goed? - Chapter 9
    Wat houdt verjaring in? - Chapter 10

    Wat houdt verjaring in? - Chapter 10

    Met behulp van de verkrijgende (acquisitieve) verjaring van goederen (art. 3:99 BW) kan het recht zich zo goed mogelijk bij de feitelijke toestand aansluiten, wat leidt tot rechtszekerheid.

    Eisen voor de verkrijgende verjaring van een goed zijn:

    1. Bezit van het goed gedurende een bepaald aantal jaren. Dit is drie jaar bij rechten op roerende zaken en rechten aan toonder of order en tien jaar bij alle andere goederen. Zie art. 3:101 BW.

    2. Het bezit is onafgebroken; bezitsverlies stuit een lopende verjaring. Na stuiting begint een nieuwe verjaringstermijn te lopen, tenzij het bezit onvrijwillig is verloren en men het binnen een jaar weer in bezit heeft of binnen een jaar een vordering wordt ingesteld om het bezit weer te verwerven (art. 3:103 BW).

    3. Het bezit is te goeder trouw, zie art. 3:118 BW.

    Wat zijn het bezit en het houderschap? - Chapter 11

    Wat zijn het bezit en het houderschap? - Chapter 11

    Of iemand een goed houdt en voor wie hij dit doet, wordt beoordeeld aan de hand van verkeersopvattingen (uiterlijke feiten) en door enkele wettelijke bepalingen (artikelen 3:109-117 BW). Hoofdregel is dat iemand een goed houdt wanneer hij de feitelijke macht over dat goed heeft. Daarom zijn de uiterlijke feiten belangrijk en is de innerlijke wil (animus) alleen van belang als deze naar buiten toe blijkt (als een uiterlijk feit).

    Waar staat het bewind in de Nederlandse wetgeving? - Chapter 12
    Wat houdt de gemeenschap in? - Chapter 13

    Wat houdt de gemeenschap in? - Chapter 13

    Gemeenschap is neergelegd in art. 3:166 e.v. BW en kan zien op alle soorten goederen. Er is sprake van een gemeenschap wanneer één of meer goederen toebehoren aan twee of meer personen gezamenlijk (art. 3:166 lid 1 BW). Als de gemeenschap ziet op één of meer zaken, dan is er sprake van mede-eigendom en mede-eigenaren. De gemeenschap bestaat uit de bij de aanvang van de gemeenschap aanwezige goederen en de goederen die geacht moeten worde in de plaats van een gemeenschappelijk goed te treden. Iedere deelgenoot van de gemeenschap heeft een gelijk aandeel in de goederen van de gemeenschap, tenzij anders voortvloeit uit hun rechtsverhouding.

    In alle gevallen wordt de rechtsbetrekking tussen de deelgenoten beheerst door redelijkheid en billijkheid (art. 3:166 lid 3 verklaart art. 6:2 van overeenkomstige toepassing).

    Wat houdt eigendom in? - Chapter 14

    Wat houdt eigendom in? - Chapter 14

    Het begrip wordt omschreven in artikel 5:1 lid 1 BW en daaruit blijkt dat eigendom twee kenmerken heeft:

    1. Het is een volledig recht.

    2. Het eigendomsrecht kan slechts bestaan op zaken en niet op vermogensrechten.

    De inhoud van het eigendomsrecht wordt gekarakteriseerd aan de hand van de aan de eigenaar toekomende bevoegdheden.

    Wat zijn beperkte rechten? - Chapter 15

    Wat zijn beperkte rechten? - Chapter 15

    Een beperkt recht wordt afgeleid uit een meer omvattend recht, dat is bezwaard met een beperkt recht, aldus artikel 3:8 BW. De beperkte rechten uit Boek 3 kunnen rusten op alle goederen, maar de beperkte rechten uit Boek 5 kunnen alleen rusten op (onroerende) zaken.

    Wat zijn (beperkte) gebruiksrechten? - Chapter 16

    Wat zijn (beperkte) gebruiksrechten? - Chapter 16

    Artikel 5:72 BW geeft aan hoe een recht van erfdienstbaarheid kan ontstaan (vestiging en verjaring). Het recht is niet zelfstandig overdraagbaar, maar afhankelijk van de eigendom van het heersende erf.

    Het recht kan tenietgaan op de manieren van 3:81 lid 2 en 3:7 BW, maar ook door rechterlijke opheffing (art. 5:78-81 BW). Hiervoor is wel een vordering vereist van de eigenaar van het dienende erf op grond van een reden genoemd in artikel 5:78 of 5:79 BW.

    De inhoud van een erfdienstbaarheid kan worden gewijzigd, op vordering van de eigenaar van het heersend erf, wanneer uitoefening door onvoorziene omstandigheden onmogelijk is geworden of het belang bij de uitoefening aanzienlijk is verminderd.

    Wat zijn (beperkte) zekerheidsrechten en het verhaalsrecht? - Chapter 17

    Wat zijn (beperkte) zekerheidsrechten en het verhaalsrecht? - Chapter 17

    De goederenrechtelijke zekerheidsrechten pand en hypotheek zijn geregeld in titel 3.9. zij zijn in het derde boek geplaatst omdat zij zowel op zaken als op vermogensrechten kunnen rusten.

    Titel 3.10 ziet op verhaalsrechten op goederen. Deze bepalingen zijn mede van belang bij het verhaal krachtens pand en hypotheek. De regels van titel 3.10 zien slechts op de mogelijkheid tot en de rangorde bij verhaal. De wijze waarop een verhaalsrecht wordt uitgeoefend blijkt voor pand en hypotheek uit titel 3.9 en voor de overige rechten uit het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Faillissementswet.

    Wat is het verbintenissenrecht? - Chapter 18

    Wat is het verbintenissenrecht? - Chapter 18

    Verbintenissen zijn vermogensrechtelijke rechtsbetrekkingen tussen twee of meerdere personen, waarbij de schuldenaar/debiteur verplicht is tot een bepaalde prestatie jegens de schudeiser/crediteur.

    Een verbintenis wordt gekenmerkt door:

    • Een verplichting van de ene partij (passieve kant van de verbintenis: de schuld).

    • Een daarmee overeenstemmend vermogensrecht van de andere partij (actieve kant van de verbintenis: het vorderingsrecht).

    Welke bijzondere overeenkomsten zijn er? - Chapter 19

    Welke bijzondere overeenkomsten zijn er? - Chapter 19

    Wat houdt de natuurlijke verbintenis in?

    Wat is een natuurlijke verbintenis?

    Een natuurlijke verbintenis is een rechtens niet afdwingbare verbintenis, art. 6:3 lid 1 BW. De schuldenaar heeft een verplichting en de schuldeiser heeft een daarmee overeenstemmend recht. Aan dit recht ontbreekt de rechtsvordering echter.

    In een tweetal gevallen bestaat een natuurlijke verbintenis, art. 6:3 lid 2 BW:

    • Als een rechtshandeling of de wet aan een verbintenis de afdwingbaarheid onthoudt. Bijv. na verjaring van een aan een vorderingsrecht verbonden rechtsvordering.

    • Als iemand jegens een ander een dringende morele verplichting heeft van zodanige aard dat naleving ervan als voldoening moet worden aangemerkt. Deze verplichting is echter niet rechtens afdwingbaar. Bijv. het afstaan van ontvangen steekpenningen of een morele verzorgingsplicht zonder dat er een wettelijke alimentatieplicht aanwezig is.

    Welke rechtsgevolgen kent de natuurlijke verbintenis?

    De artikelen uit Boek 6 BW zijn bedoeld voor de wel afdwingende verbintenissen. Deze bepalingen gelden echter ook voor natuurlijke verbintenissen, tenzij haar strekking of de wet het tegendeel meebrengt, art. 6:4 BW.

    De volgende bepalingen zijn niet toepasselijk op natuurlijke verbintenissen:

    • Nakoming vorderen en reële executie zijn niet mogelijk, art. 3:296 e.v. BW

    • Schadevergoeding bij niet-nakoming, art. 6:74 e.v. BW

    • Verrekening met een eigen schuld (art. 6:127 BW), het opschorten van de eigen prestatie (art. 6:52 BW) en het ontbinden van een wederkerige overeenkomst (art. 6:265 BW).

    • Ongerechtvaardigde verrijking, art. 6:212 BW. Er is namelijk een rechtsgrond voor de voldoening.

    De volgende bepalingen zijn wel toepasselijk op natuurlijke verbintenissen:

    • De redelijkheid en billijkheid, art. 6:2 BW.

    • Art. 3:84 lid 1 BW. De natuurlijke verbintenis geldt als een geldige titel voor de overdracht van goederen.

    • Verrekening, art. 6:217 BW.

    Kan een natuurlijke verbintenis worden omgezet?

    Een natuurlijke verbintenis is omzetbaar in een rechtens wel afdwingbare verbintenis. Hiervoor is een daartoe strekkende overeenkomst tussen schuldenaar en schuldeiser nodig, art. 6:5 lid 1 BW. Deze obligatoire overeenkomst kan stilzwijgend of uitdrukkelijk tot stand komen.

    Wat houdt de voorwaardelijke verbintenis in?

    Wat is een voorwaardelijke verbintenis?

    Er is sprake van een voorwaardelijke verbintenis wanneer bij rechtshandeling haar werking afhankelijk is gesteld van een toekomstige onzekere gebeurtenis, art. 6:21 BW. De voorwaardelijke verbintenis is geregeld in afdeling 6.1.5.

    Er bestaat een tweetal voorwaarden:

    • De opschortende voorwaarde (gevolg: een sluimerende verbintenis).

    • De ontbindende voorwaarde (gevolg: een bedreigde verbintenis).

    Er is overigens een verschil tussen een voorwaardelijke verbintenis en een verbintenis onder tijdsbepaling (werking afhankelijk gesteld van een toekomstige zekere gebeurtenis) en een rechtshandeling onder voorwaarde (dit kan de bron van een voorwaardelijke verbintenis zijn, art. 3:38 BW).

    Wat zijn de rechtsgevolgen van de opschortende voorwaarde?

    Voordat de opschortende voorwaarde is vervuld:

    • Bestaat de verbintenis.

    • Heeft de verbintenis nog geen werking. Er kan geen nakoming worden gevorderd. Een reeds presterende schuldenaar heeft dan een vordering uit onverschuldigde betaling, art. 6:25 BW.

    Nadat de opschortende voorwaarde is vervuld:

    • Heeft de verbintenis werking. De schuldeiser kan nakoming vordering en een gedane betaling is niet onverschuldigd.

    • Is er geen sprake van terugwerkende kracht, art. 6:22 BW.

    Wat zijn de rechtsgevolgen van de ontbindende voorwaarde?

    Voordat de ontbindende voorwaarde is vervuld:

    • Bestaat de verbintenis en heeft zij werking. De schuldeiser kan nakoming vorderen en een gedane betaling in is niet onverschuldigd.

    Nadat de ontbindende voorwaarde is vervuld:

    • Vervalt de verbintenis, zonder terugwerkende kracht. Er kan geen nakoming meer worden gevorderd. Als de schuldenaar hierna presteert is dit onverschuldigd. Als de schuldenaar al had gepresteerd bestaat er geen vordering uit onverschuldigde betaling, maar geldt een eigen ongedaanmakingsregeling, art. 6:24 BW. Indien de geleverde prestatie bestond in overdracht van een goed heeft het verval van de verbintenis geen terugwerkende kracht en wordt de overdracht dus niet aangetast. Toch wordt op het moment waarop de voorwaarde in vervulling gaat de vervreemder weer rechthebbende. De oorzaak hiervan is dat als er wordt geleverd ter uitvoering van een voorwaardelijke verbintenis, er slechts een voorwaardelijk recht wordt verkregen (art. 3:84 lid 4 BW).

    Wat houdt de pluraliteit in?

    Wat houdt pluraliteit in?

    De pluraliteit van schuldenaren: twee of meerdere schuldenaren zijn gezamenlijk één prestatie verschuldigd.

    De pluraliteit van schuldeisers: één prestatie is verschuldigd aan twee of meerdere schuldeisers.

    De pluraliteit van prestaties: de schuldenaar is aan de schuldeiser één van twee of meerdere prestaties verschuldigd (alternatieve verbintenis, generieke verbintenis of facultatieve verbintenis).

    Wat gebeurt er wanneer er sprake is van pluraliteit van schuldenaren?

    Als twee of meerdere schuldenaren samen één prestatie verschuldigd zijn, kunnen zich een drietal situaties voordoen, art. 6:6 lid 1 BW:

    • Uitgangspunt: elke schuldenaar is voor een gelijk deel verbonden.

    • Uitzondering 1: uit rechtshandeling, wet of gewoonte kan voortvloeien dat de schuldenaren voor ongelijke delen verbonden zijn.

    • Uitzondering 2: uit rechtshandeling, wet of gewoonte kan voortvloeien dat de schuldenaar hoofdelijk verbonden zijn. Zie art. 6:102, 166 en 6 lid 2 BW.

    Welke rechtsgevolgen heeft pluraliteit van schuldenaren?

    De schuldenaren hebben elk een aparte zelfstandige verbintenis. Voldoening hiervan werkt bevrijdend (alleen voor de presterende schuldenaar zelf).

    Wat betreft de hoofdelijke verbondenheid geldt dat nakoming door één van de schuldenaren ook de andere schuldenaren bevrijdt, art. 6:7 lid 2 BW. De schuldeiser kan elke schuldenaar voor het geheel aanspreken, art. 6:7 lid 1 BW. Indien een schuldenaar intern gezien te veel betaalt, kan hij het teveel betaalde van zijn mededebiteuren vorderen, maximaal tot het bedrag van ieders draagplicht. Dit kan op twee manieren. Onderling hebben de schuldenaren regres, art. 6:10 BW. Schuldenaren kunnen onderling ook gebruik maken van subrogatie, art. 6:12 BW. De subrogatie vindt slechts plaats tot ten hoogste het gedeelte dat de medeschuldenaar in zijn relatie tot de betalende schuldenaar aangaat.

    Wat gebeurt er bij pluraliteit van schuldeisers?

    Indien één prestatie aan twee of meerdere schuldeisers verschuldigd is, dan kan zich een drietal situaties voordoen, art. 6:15 lid 1 BW:

    • Uitgangspunt: elke schuldeiser heeft een vorderingsrecht voor een gelijk deel.

    • Uitzondering 1: uit rechtshandeling, wet of gewoonte kan voortvloeien dat de prestatie de schuldeisers voor ongelijke delen toekomt.

    • Uitzondering 2: uit rechtshandeling, wet of gewoonte kan voortvloeien dat de schuldeisers tezamen één vorderingsrecht hebben. Ingevolge de wet bestaat een gezamenlijk vorderingsrecht als de prestatie ondeelbaar is of als het vorderingsrecht in een gemeenschap valt, art. 6:15 lid 2 BW. Krachtens rechtshandeling bestaat één gezamenlijk vorderingsrecht, wanneer met de schuldenaar is overeengekomen dat twee of meer personen de gehele prestatie zullen kunnen vorderen, zodat voldoening aan de één de schuldenaar ook jegens de anderen bevrijdt.

    Welke rechtsgevolgen heeft pluraliteit van schuldeisers?

    De schuldeisers hebben elk een apart zelfstandig vorderingsrecht. De schuldenaar bevrijdt zich door jegens één van de schuldenaar te presteren. Wanneer de schuldeisers gezamenlijk één vorderingsrecht hebben bestaat er gemeenschap van het vorderingsrecht. Zowel de externe als interne verhouding wordt beheerst door de bepalingen van titel 3.7 BW. Tenzij uit de gemeenschapsregeling of de verbintenis anders voortvloeit, moet de schuldenaar de prestatie jegens de gezamenlijke schuldeisers verrichten (art. 3:170 lid 2 BW).

    Wanneer is er sprake van pluraliteit van prestaties?

    Hierbij kan een onderscheid worden gemaakt tussen de:

    • Alternatieve verbintenis. De schuldenaar is verplicht tot één van twee of meerdere prestaties. Hij kan zelf kiezen welke prestatie hij verricht, die van de schuldeiser of van een derde, art. 6:17 lid 1.

    • Facultatieve verbintenis. De prestaties hebben onderling een primair en een subsidiair karakter. De verbintenis wijst een primaire prestatie aan, totdat de bevoegde schuldenaar, schuldeiser of een derde een subsidiaire prestatie aanwijst.

    • Generieke verbintenis. De schuldenaar kan kiezen tussen verschillende prestaties. Hier tegenover staat de speciale verbintenis, waarbij de schuldenaar zich slechts kan bevrijdend door één bepaalde prestatie.

    Wanneer is er sprake van een alternatieve verbintenis?

    De schuldenaar heeft een keuzebevoegdheid, tenzij uit rechtshandeling, wet of gewoonte voortvloeit dat deze aan de schuldeiser of een derde toekomt, art. 6:17 lid 2 BW. De keuze wordt aangemerkt als een eenzijdige gerichte rechtshandeling.

    Stampvragen

    Vraag 1

    Wat is een natuurlijke verbintenis?

    Vraag 2

    Wat is een voorwaardelijke verbintenis en welke twee voorwaarden zijn mogelijk?

    Vraag 3

    Welke drie vormen van pluraliteit zijn mogelijk?

    Hoe gaat de verbintenis over, teniet en komt deze tot stand? - Chapter 20

    Hoe gaat de verbintenis over, teniet en komt deze tot stand? - Chapter 20

    Een verbintenis kan uitsluitend ontstaan, als dit uit de wet voortvloeit, art. 6:1 BW.

    Ontstaansbronnen van een verbintenis:

    • De wet zelf: zaakwaarneming (art. 6:198 e.v. BW), onrechtmatige daad (schadevergoeding, titel 6.3), onverschuldigde betaling (ongedaanmaking, art. 6:203 e.v. BW), wanprestatie (schadevergoeding, art. 6:74 e.v. BW), ongerechtvaardigde verrijking (schadevergoeding, art. 6:212 W), intreden ontbindende voorwaarde en ontbinding krachtens contractsschending (ongedaanmaking, art. 6:24 en 271 BW).

    • Bronnen waar de wet naar verwijst: wilsverklaringen partijen (art. 3:33, 35 en 6:248 lid 1 BW), gewoonte (art. 6:248 lid 1 BW), ongeschreven rechtsregels (redelijkheid en billijkheid, natuurlijke verbintenis) en rechterlijke uitspraken (dwangsom etc.).

    • Het wettelijk stelsel. Een verbintenis kan ook uit andere bronnen ontstaan, indien dit past in het stelsel van de wet en aansluit bij de wettelijk geregelde gevallen.

    Wat zijn de rechten van de schuldeiser? - Chapter 21

    Wat zijn de rechten van de schuldeiser? - Chapter 21

    De schuldeiser heeft uit hoofde van de verbintenis de volgende rechten:

    • Nakoming. Afdeling 6.1.6, 6.1.11 en 3.11

    • Opschorting van de eigen prestatie. Dit kan de crediteur als verweer tegenwerpen als de wederpartij nakoming eist. Afdeling 6.1.7.

    • Schadevergoeding. Afdeling 6.1.9 en 6.1.10.

    • Ontbinding van de wederkerige overeenkomst. Afdeling 6.5.5.

    Hoe geschiedt de nakoming van verbintenissen? - Chapter 22
    Hoe kan de nakoming opgeschort worden? - Chapter 23

    Hoe kan de nakoming opgeschort worden? - Chapter 23

    Een opschortingsrecht is de bevoegdheid waarover een schuldenaar beschikt om de nakoming van zijn verbintenis op te schorten totdat zijn schuldeiser voldoet aan een opeisbare vordering die de schuldenaar op hem heeft, art. 6:52 BW. Het is een pressiemiddel. Het heeft als doel het druk uitoefenen op de andere partij om de tegenvordering na te komen.

    Wat houdt schuldeisersverzuim in? - Chapter 24

    Wat houdt schuldeisersverzuim in? - Chapter 24

    Schuldeisersverzuim kan op twee grondslagen tot stand komen:

    1. Verhindering van nakoming, art. 6:58 BW.

    • De schuldenaar is bereid en in staat tot nakoming.

    • Nakoming wordt geblokkeerd door een beletsel gelegen aan de zijde van de schuldenaar. De schuldeiser verleent de benodigde medewerking bijv. niet.

    • De oorzaak van de verhindering kan worden toegerekend aan de schuldeiser.

    1. Opschortingsbevoegdheid schuldenaar, art. 6:59 BW.

    • De schuldeiser komt een eigen verbintenis jegens de schuldenaar niet na.

    • Dit kan worden toegerekend aan de schuldeiser (verzuim niet vereist).

    • De schuldenaar maakt gebruik van zijn opschortingsbevoegdheid.

    Verschil art. 6:59 en 52 BW: voor de totstandkoming van de opschortingsbevoegdheid is geen toerekenbaarheid aan de schuldeiser vereist (art. 6:52 BW).

    Wanneer is er recht op schadevergoeding wegens wanprestatie? - Chapter 25

    Wanneer is er recht op schadevergoeding wegens wanprestatie? - Chapter 25

    Voor zowel de vervangende als voor de aanvullende schadevergoeding gelden de volgende voorwaarden, art. 6:74 lid 1 BW:

    1. Een tekortkoming in de nakoming van de verbintenis. Dit betekent ook dat de debiteur in verzuim moet zijn (zie lid 2).

    2. Toerekenbaarheid van de tekortkoming aan de schuldenaar. De bewijslast rust op de schuldenaar, hij moet aantonen dat de tekortkoming niet aan hem kan worden toegerekend (overmacht).

    3. Schade.

    4. Causaal verband tussen schade en tekortkoming: zou de schade niet zijn ontstaan als er niet was tekortgeschoten? Voor het vestigen van de aansprakelijkheid is dit condicio sine qua non verband voldoende. De omvang van de schadevergoeding wordt bepaald door de causaliteiteis van art. 6:98 BW.

    Wat zijn de regels omtrent schadevergoeding? - Chapter 26

    Wat zijn de regels omtrent schadevergoeding? - Chapter 26

    Krachtens art. 6:95 BW komt voor vergoeding in aanmerking: Alle vermogensschade: geleden verlies en gederfde winst, art. 6:96 lid 1 BW. Lid 2 bepaalt dat een aantal redelijke kosten ook voor vergoeding in aanmerking komen. Immateriële schade, maar enkel voor zover de wet dat bepaalt.

    Welke regels gelden er omtrent de onrechtmatige daad? - Chapter 27

    Welke regels gelden er omtrent de onrechtmatige daad? - Chapter 27

    Een ‘daad’ kan ook een nalaten zijn. Een onrechtmatige daad is, art. 6:162 lid 2 BW:

    • Een inbreuk op een recht.
      • Recht: persoonlijkheidsrechten (recht op vrijheid, privacy, leven, lichamelijke integriteit etc.), absolute rechten (eigendom, beperkte rechten, rechten op voortbrengselen van de geest), rechten van huurder en pachter.
    Wat houden zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking in? - Chapter 28

    Wat houden zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking in? - Chapter 28

    Er is sprake van zaakswaarneming, indien is voldaan aan de volgende vereisten, art. 6:198 BW:

    • Behartiging van het belang van een ander.

    • Willens en wetens. De waarnemer dient de bedoeling te hebben om het belang van de ander te behartigen.

    • Een redelijke grond, welke het optreden van de waarnemer rechtvaardigt.

    • Er bestaat geen bevoegdheid tot de belangenbehartiging krachtens rechtshandeling of elders in het wettelijk stelsel geregelde rechtsverhouding. Een voorbijganger die een drenkeling te hulp schiet is niet bevoegd als bedoeld in art. 6:198 BW, hij is zaakwaarnemer.

    Het leerstuk van de zaakwaarneming is geregeld in afdeling 6.4.1.

    Wat zijn obligatoire overeenkomsten? - Chapter 29

    Wat zijn obligatoire overeenkomsten? - Chapter 29

    Een overeenkomst is een meerzijdige rechtshandeling, waarbij door aansluitende wilsverklaringen van partijen rechtsgevolgen ontstaan. Zie art. 6:213 BW. De bepalingen in titel 6.5 gelden voor de obligatoire overeenkomst. Een dergelijke overeenkomst is een meerzijdige rechtshandeling, waarbij een of meer partijen jegens een of meer partijen een verbintenis aangaan.

    Hoe komt een overeenkomst tot stand? - Chapter 30

    Hoe komt een overeenkomst tot stand? - Chapter 30

    Overeenkomsten komen tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan, art. 6:217 lid 1 BW. Daarvan laat zien dat het van belang is dat aanbod en aanvaarding met elkaar overeen moeten komen. Dit gebeurt veelal door wilsovereenstemming maar dit is op zichzelf geen totstandkomingsvereiste. Ook als op geen enkel moment daadwerkelijk wilsovereenstemming bestond kan een overeenkomst tot stand zijn gekomen. De toepasselijke bepalingen zijn van regelend recht, behalve art. 6:217 lid 1 en 218 BW.

    Wat zijn de rechtsgevolgen van een overeenkomst? - Chapter 31

    Wat zijn de rechtsgevolgen van een overeenkomst? - Chapter 31

    Een overeenkomst heeft als rechtsgevolgen (art. 6:248 lid 1 BW):

    1. De door de partijen overeengekomen rechtsgevolgen. Dit brengt de contractsvrijheid tot uitdrukking.

    2. De rechtsgevolgen die voortvloeien uit de wet, de gewoonte of de eisen van redelijkheid en billijkheid.

    Wat houdt de wederkerige overeenkomst in? - Chapter 32

    Wat houdt de wederkerige overeenkomst in? - Chapter 32

    Er is sprake van een wederkerige overeenkomst, als (art. 6:261 lid 1 BW):

    • Ieder van beide partijen een verbintenis op zich neemt

    • Ter verkrijging van de prestatie waartoe de wederpartij zich jegens hem verbindt.

    Een wederkerige overeenkomst kenmerkt zich dus door zijn ruilkarakter. Beide partijen worden over en weer elkaars schuldenaar en schuldeiser. De algemene regels van het contractenrecht en de specifieke afdeling 6.5.5 zijn van toepassing op wederkerige overeenkomsten.

    Bijzondere overeenkomsten I: wat houden koop en ruil in? - Chapter 33

    Bijzondere overeenkomsten I: wat houden koop en ruil in? - Chapter 33

    Koop: de overeenkomst waarbij de verkoper zich verbindt een zaak te geven en de koper zich verbindt om de koopprijs te betalen, art. 7:1 BW. Een koop kan echter ook betrekking hebben op vermogensrechten, art. 7:47 BW.

    Ruil: de overeenkomst waarbij contractspartijen zich verbinden elkaar over en weer een zaak in de plaats van een andere zaak te geven, art. 7:49 BW. De bepalingen ter zake van koop zijn van overeenkomstige toepassing op ruilovereenkomsten, art. 7:50 BW.

    Bijzondere overeenkomsten II: wat zijn de regels omtrent goederen? - Chapter 34

    Bijzondere overeenkomsten II: wat zijn de regels omtrent goederen? - Chapter 34

    We onderscheiden drie titels van kredietovereenkomsten. Titel 7.2A ziet op consumentenkredietovereenkomsten, titel 7.2B ziet op goederenkrediet en titel 7.2C ziet op de geldlening. Deze titels overlappen elkaar behoorlijk. De toepasselijkheid van de verschillende titels is afhankelijk van de volgende vragen:

    • Partijen. Wordt het krediet verstrekt door een professional aan een consument? Titel 7.2A is alleen van toepassing indien dit het geval is. De titels 7.2 B en C gelden in principe ongeacht de aard van de partij.

    • Voorwerp. Waarop heeft het krediet betrekking? Er zijn hier drie mogelijkheden:

      • Verschaffing van goederen op krediet. Hierop is titel 7.2B van toepassing. Wanneer sprake is van consumentenkrediet geldt ook titel 7.2A.

      • Verschaffing van geld op krediet. Hierop is titel 7.2C van toepassing. Bij consumentenkrediet is ook titel 7.2A van toepassing.

      • Verschaffing van diensten op krediet. Hierop is zowel titel 7.2B als 7.2C niet van toepassing. Indien het gaat om een consumentenkrediet, dan is wel titel 7.2A van toepassing.

    Als meerdere titels van toepassing zijn en de bepalingen met elkaar in strijd komen, dan gaat titel 7.2A voor, vervolgens komt titel 7.2B en tot slot komt titel 7.2C.

    Bijzondere overeenkomsten III: wat is er geregeld omtrent werkzaamheden? - Chapter 35

    Bijzondere overeenkomsten III: wat is er geregeld omtrent werkzaamheden? - Chapter 35

    De overeenkomst van opdracht is neergelegd in titel 7.7. Dit is een overeenkomst, waarbij de opdrachtnemer zich jegens de opdrachtgever verbindt anders dan op grond van een arbeidsovereenkomst werkzaamheden te verrichten die in iets anders bestaan dan het tot stand brengen van een werk van stoffelijke aard, het doen vervoeren van zaken of personen, het uitgeven van werken of het bewaren van zaken, art. 7:400 lid 1 BW. Denk bijv. aan de opdracht aan een makelaar, kapper of advocaat.

    Bijzondere overeenkomsten IV: welke overige typen zijn er? - Chapter 36
    Wat is het overgangsrecht bij het vermogensrecht? - Chapter 37
    Compendium van het Nederlands vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk - BulletPoints
    Geprinte samenvatting van Compendium van het Nederlands vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk
    Vermogensrecht - Kennis & Studiegebied
    De crossroads van deze bundel
    Studiebundel Verbintenissenrecht - UL
    Advies & Assortimentswijzer Verbintenissenrecht - UL
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van SBR 4: Verbintenissenrecht algemeen - De Jong et al. - 5e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van SBR 3: Rechtshandeling en Overeenkomst - Hijma et al. - 9e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van SBR 5: Verbintenissen uit de wet en schadevergoeding - Spier et al. - 8e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Onrechtmatige daden: Délits, Unerlaubte Handlungen, Torts - Nieuwenhuis - 2e druk
    Keuzewijzer voor arrestsamenvattingen van Verbintenissenrecht - UL
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van SBR 3: Rechtshandeling en Overeenkomst - Hijma et al. - 9e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van SBR 4: Verbintenissenrecht algemeen - De Jong et al. - 5e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van SBR 5: Verbintenissen uit de wet en schadevergoeding - Spier et al. - 8e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Compendium Nederlands Vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Onrechtmatige daden: Délits, Unerlaubte Handlungen, Torts - Nieuwenhuis - 2e druk
    Shopbundel met geprinte samenvattingen Verbintenissenrecht - UL
    Samenvattingen Shop Rechten Bachelor 2 - UL
    Studiebundel Inleiding Burgerlijk Recht - UL
    Advies & Assortimentswijzer Inleiding Burgerlijk Recht - UL
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Hoofdstukken Vermogensrecht - Nieuwenhuis - 12e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Hoofdstukken intellectuele eigendom - Visser - 2e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Hoofdstukken Personen-, Familie- en Erfrecht - Mellema-Kranenburg & Cornelissen - 4e druk
    Keuzewijzer voor arrestsamenvattingen bij Inleiding Burgerlijk Recht - UL
    Keuzewijzer voor tentamens maken van Inleiding Burgerlijk Recht - UL
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Compendium Nederlands Vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Hoofdstukken Vermogensrecht - Nieuwenhuis - 12e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Hoofdstukken Intellectuele eigendom - Visser - 2e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Hoofdstukken Personen-, Familie- en Erfrecht - Mellema-Kranenburg & Cornelissen - 4e druk
    Shopbundel met geprinte samenvattingen voor Inleiding Burgerlijk Recht - UL
    Samenvattingen Shop Rechten Bachelor 1 - UL
    Studiebundel Goederenrecht - UL
    Advies & Assortimentswijzer Goederenrecht - UL
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Compendium van het Nederlandse vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van SBR 2: Goederenrecht - Snijders & Rank-Berenschot - 6e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Verhaal, uitwinning en rangorde: Hoofdlijnen materieel beslag- en faillissementsrecht - Van Boom - 2e druk
    Keuzewijzer voor arrestsamenvattingen van Goederenrecht - UL
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Compendium Nederlands Vermogensrecht - Hijma & Olthof - 14e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van SBR 2: Goederenrecht - Snijders & Rank-Berenschot - 6e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Verhaal, uitwinning en rangorde - Hoofdlijnen materieel beslag- en faillissementsrecht van Van Boom - 2e druk
    Shopbundel met geprinte samenvattingen van Goederenrecht - UL
    Samenvattingen Shop Rechten Bachelor 3 & Masters - UL
    JoHo: bundel begrijpen

      Hoe werkt een JoHo Bundel (pagina)

    • Bundels zijn verzamelingen (vaak links) van pagina's rond een specifieke vraag of onderwerp
    • Bundels werken als navigatietool

    Welke soorten bundels zijn er?

    Productbundels

    • Verzekeringsbundels: verzameling van content rond verzekeringsadvies of verzekeringsaanbod
    • Abonnementsbundels: verzameling van content rond advies of services voor JoHo abonnees en donateurs
    • Shopbundels: verzameling van artikelen die besteld kunnen worden

    Persoonlijke bundels

    • op vrijwel elke pagina kun je onder de 'Footprints' de 'Add to my pages' optie vinden. Daar kun je pagina's toevoegen aan je eigen verzamelingen en bundels. Deze bundels met jouw bewaarde pagina's kun je vervolgens onderaan vrijwel elke pagina terugvinden als je bent ingelogd als JoHo donateur of abonnee.

    Studiehulpbundels

    • Boekbundels: verzameling van chapters die tezamen de samenvatting van een boek vormen
    • Studiebundel: verzameling van content die hoort bij een specifiek vak of een studiefase

    Themabundel

    • Verzameling van content die behoort bij een topic en themapagina

    Toolbundel

    • Verzameling van content gericht op een specifiek proces of actie (bijvoorbeeld een vacature zoeken of een vak bestuderen)

    Toolbundel voor abonnees

    • Verzameling van content met toegang of services voor JoHo abonees
    Footprint: achterlaten
    Pagina bewaren in je bundels:

    (Service voor ingelogde JoHo donateurs)