Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk

  Bundel

Sluit je aan bij JoHo om te kunnen inloggen en gebruik te maken van de tools en teksten
 

Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

The world of JoHo footer met landenkaart

    Aansluiten bij JoHo met een JoHo abonnement

    JoHo abonnement (€20,- p/j)

    • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
    • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
    • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
    • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
    • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
    • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

     of met een JoHo donateurschap

    JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

    • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
    • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
    • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
    • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

     

    Aanmelden & Aansluiten bij JoHo 

    De items van deze bundel
    Choice Assistance with summaries of Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3rd edition

    Choice Assistance with summaries of Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3rd edition

    Summaries & ExamTests with Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling

     

    Booksummaries to be used with the 3rd edition of Research Methods in Psychology

    Online: summary in chapters

     Online: summary in BulletPoints

    Online: practice materials to be used with the book

    Print: summary in chapters by post

     Print: Summary in chapters in support centers

     Print: practice questions in chapters in support centers

    • Pickup location: available in JoHo study support center in Groningen (address &  hours) and The Hague (address & hours
    • Form: Printed and bundled, A4 format
    • Contents: Dutch practice questions to be used with all chapters
    • Availability: Also available without JoHo membership - for free or with discounts for JoHo members and subscribers

    Content Prints with summaries of Research Methods in Psychology

    Booksummary: list of contents for the printed summaries

    • The English printed booksummary contains the following chapters:
      • What is the psychological way of thinking? - Chapter 1
      • What are sources of information in psychological research? - Chapter 2
      • What are the interrogation tools for consumers? - Chapter 3
      • What are the ethical guidelines for psychological research? - Chapter 4
      • What are good measures in psychology? - Chapter 5
      • How do we use surveys and observations? - Chapter 6
      • How to estimate the frequencies of behaviours and attitudes? - Chapter 7
      • Why not do some bivariate correlation research? - Chapter 8
      • What is multivariate correlational research? - Chapter 9
      • How can causal claims be evaluated with the help of experiments? - Chapter 10
      • Where and how can we determine the influence of confounding and obscure factors? - Chapter 11
      • How to deal with experiments that have more than one independent variable? - Chapter 12
      • What are quasi-experiments? - Chapter 13
      • How to apply the results of a study to the real world? - Chapter 14
    • The Dutch printed booksummary contains the following chapters:
      • Wat is de psychologische manier van denken? - Chapter 1
      • Wat zijn bronnen van informatie in psychologisch onderzoek? - Chapter 2
      • Wat zijn de onderzoeksinstrumenten voor consumenten? - Chapter 3
      • Wat zijn de ethische richtlijnen voor psychologisch onderzoek? - Chapter 4
      • Wat zijn goede metingen in de psychologie? - Chapter 5
      • Hoe gebruiken we een survey en observaties? - Chapter 6
      • Hoe schat je de frequenties van gedrag en overtuigingen? - Chapter 7
      • Wat houdt bivariate correlationeel onderzoek in? - Chapter 8
      • Wat houdt multivariate correlationeel onderzoek in? - Chapter 9
      • Hoe kunnen causale claims geëvalueerd worden met behulp van experimenten? - Chapter 10
      • Wat is de invloed van confouncing en obscure factors? - Chapter 11
      • Hoe moet je omgaan met experimenten die meer dan een onafhankelijke variabele bevatten? - Chapter 12
      • Wat zijn quasi-experimenten? - Chapter 13
      • Resultaten van een onderzoek toepassen in het dagelijks leven? - Chapter 14

    Related summaries & other materials with Research Methods in Psychology

     Alternatives: booksummaries & related summaries

    Knowledge & Study pages: summaries per field of study

    Wat is de psychologische manier van denken? - Chapter 1

    Wat is de psychologische manier van denken? - Chapter 1

    Psychologie is gebaseerd op onderzoek en het doen van studies door psychologen. Psychologen kunnen gezien worden als wetenschappers en dus ook als empiristen. Empiristen baseren hun conclusies op systematische observaties. Psychologen baseren hun ideeën over gedrag op studies die ze met dieren op mensen in hun natuurlijke omgeving uit hebben gevoerd of in een omgeving die speciaal voor het onderzoek is gemaakt. Wie als psycholoog wil denken, moet als een onderzoeker denken.

    Wie zijn de producenten en consumenten in onderzoek?

    Psychologiestudenten die geïnteresseerd zijn in het afleggen van onderzoek, het afnemen van vragenlijsten, het onderzoeken van dieren, de hersens of andere thema’s uit de psychologie, worden producenten van onderzoek informatie genoemd. Deze studenten zullen wellicht artikelen publiceren en werken als een research wetenschapper of professor. Natuurlijk zijn er ook psychologiestudenten die niet in een laboratorium willen werken, maar die het wel leuk vinden om over onderzoek met dieren en mensen te lezen. Deze studenten worden als consumenten van onderzoek gezien. Zij lezen over onderzoeken en datgene wat ze gelezen hebben, kunnen ze toepassen in het werkveld, hun hobby of vrienden en familie. Deze studenten kunnen therapeuten, studieadviseurs of docenten worden. In de praktijk is het vaak zo dat psychologen beide rollen op zich nemen. Ze zijn zowel producenten als consumenten van onderzoek.

     

    Voor de vakken die je nog gaat krijgen tijdens je studie psychologie, is het belangrijk om te weten hoe je een producent van onderzoek kunt zijn. Zelfs als je niet van plan bent om te gaan promoveren na je studie. Voor het afstuderen moet je natuurlijk een these schrijven en jouw these zal moeten voldoen aan de APA-normen. De APA-normen gaan vooral over hoe je referenties in je tekst moet noteren. Zo moet je in de tekst naar auteurs en het jaartal van publicatie verwijzen. In je referentielijst moet je de naam van de auteur(s) noteren, gevolgd door het jaartal waarin het artikel uitgegeven is, de titel van het artikel, naam van het tijdschrift, jaargang en tenslotte de pagina’s. Ook moet je volgens de APA-normen als lettertype Times New Roman gebruiken, lettertype 11 of 12, met regelafstand 2,0. Je zult ook een aantal vakken moeten volgen waarbij het doen van onderzoek belangrijk is. Daarvoor is het natuurlijk wel belangrijk om te weten hoe je proefpersonen random kunt toewijzen aan bepaalde condities en hoe je grafieken moet aflezen.

    Echter, de meeste psychologiestudenten worden geen onderzoekers. Het is daarom belangrijk om een goede consument van onderzoek te zijn. Je zult dus onderzoeken moeten lezen, het begrijpen, er van leren en goede vragen er over stellen. De meeste informatie die een psycholoog opzoekt op het internet, is gebaseerd op onderzoek. Veel kranten hebben ook rubrieken die wetenschappelijke studies vermelden en tegenwoordig zijn er ook veel tijdschriften die de resultaten van bepaalde studies samenvatten. Het is echter wel zo dat alleen maar een deel van alle onderzoeken accuraat en bruikbaar is. Een groot deel van de onderzoeken is niet accuraat uitgevoerd. Het is belangrijk om te weten hoe je de goede van de slechte onderzoeken kunt onderscheiden. Kennis over onderzoeksmethoden helpt daarbij. Therapeuten moeten ook gepubliceerde studies goed kunnen interpreteren, zodat ze op de hoogte blijven van nieuwe en effectieve therapiesoorten. Voor therapeuten is het juist belangrijk om zogenaamde evidence-based treatments te volgen. Dat zijn therapieën die ondersteund worden door onderzoek. Als je in staat bent om wetenschappelijke artikelen te vinden, lezen en begrijpen, dan kun je het kaf van het koren scheiden.

    Hoe benaderen wetenschappers hun werk?

    Wat doen wetenschappers allemaal? Wetenschappers zijn empiristen en zij observeren de wereld dus systematisch. Daarnaast testen wetenschappers hun theorieën met studies en zij passen hun theorieën aan op de gevonden data. Wetenschappers benaderen toegepast onderzoek (problemen uit het dagelijkse leven) en basic onderzoek (bedoeld om bij te dragen aan de generale kennis) empirisch. Wetenschappers gaan ook steeds verder met onderzoeken. Zodra een wetenschapper een effect heeft gevonden, wil hij/zij vervolgonderzoek doen om er achter te komen waarom, wanneer en voor wie het effect werkt. Daarnaast maken wetenschappers hun bevindingen bekend in de wetenschappelijke wereld en de media.

    Hoe benaderen empiristen hun werk?

    Empiristen baseren hun conclusies niet op intuïtie, hun ervaringen of observaties. Empirisme betekent dat bewijs van de zintuigen of instrumenten die zintuigen helpen (vragenlijsten, thermometer of foto’s) gebruikt wordt om conclusies te trekken. Empiristen willen systematisch zijn en ze willen ook dat hun werk onafhankelijk verifieerbaar is door andere wetenschappers en observatoren.

    Wat is de theorie-data cirkel?

    De theorie-data cirkel betekent dat wetenschappers data verzamelen om hun theorieën te testen, veranderen of updaten. Dit zal verder verduidelijkt worden met een voorbeeld uit de attachment psychologie. Wanneer baby’s kunnen kruipen, volgen ze hun moeders heel vaak. Ook baby aapjes blijven zich vaak vastklampen aan de haren van de moeder. Psychologen wilden weten waarom dieren zich zo hechten aan hun verzorgers. Een van de theorieën is de zogenaamde cupboard theorie. Dit houdt in dat moeders belangrijk zijn voor baby dieren, omdat moeders eten geven aan baby’s. De baby’s krijgen eten van hun moeder en ze zullen een prettig gevoel ervaren. Na verloop van tijd zal alleen al het zien van de moeder een baby blij maken. Een alternatieve theorie stelt dat baby dieren zich vaak vastklampen aan hun moeder omdat het hun comfort biedt. Dit heet de comfort contact theorie. Harlow heeft beide theorieën in een lab getest. Hij bouwde twee moeder apen (van gaas). De ene aap was alleen van gaas en had een fles met melk (dus deze aap gaf eten, maar geen comfort), de andere aap werd bedekt met een warm kleedje en gaf dus comfort, maar geen eten. Harlow liet baby aapjes in de kooien met de neppe moeders en hij keek hoeveel tijd ze doorbrachten met de moeders. Uit zijn onderzoek bleek dat de baby apen veel meer tijd doorbrachten met de warme moeder dan met de moeder die eten gaf. Dit suggereert dat de contact comfort theorie de juiste is.

    Wat zijn theorieën, hypotheses en data?

    Een theorie bevat beweringen die gaan over de relatie tussen variabelen. Theorieën leiden tot specifieke hypothesen. Een hypothese kan gezien worden als een voorspelling. Het zegt iets over wat de wetenschappers verwachten te observeren, als hun theorie klopt. Een enkele theorie kan veel hypothesen hebben. Data kan gezien worden als een set van observaties. Data kan een theorie ondersteunen of juist tegenspreken.

    Wat zijn de kenmerken van goede wetenschappelijke theorieën?

    Sommige theorieën zijn beter dan andere. De beste theorieën worden ondersteund door data, zijn falsifieerbaar en parsimonious (ofwel de meest simpele). Het spreekt voor zich dat goede theorieën gesteund moeten zijn door data. Ook moeten ze falsifieerbaar zijn. Dat betekent dat theorieën tot hypothesen moeten kunnen leiden die, wanneer ze getoetst worden, de theorie niet steunen. Daarnaast moet een theorie zo simpel mogelijk zijn. Als twee theorieën de data even goed uitleggen, maar de ene is simpeler dan de andere, dan moet er voor de simpele gekozen worden. Daarnaast is het belangrijk om te beseffen dat theorieën niks bewijzen. Er kan gezegd worden dat data een theorie ondersteunt of consistent is met een theorie, maar er mag niet gezegd worden dat een bevinding een theorie bewijst.

    Wat is het verschil tussen toegepast en basis onderzoek?

    Toegepast onderzoek wordt gedaan met praktische problemen. Wetenschappers hopen dat hun bevindingen direct toegepast zullen worden om een probleem op te lossen in de echte wereld. Basis onderzoek is er niet op gericht om specifieke, praktische problemen op te lossen. Het is er juist op gericht om onze algemene kennis over bepaalde onderwerpen te vergroten. Een voorbeeld hiervan is het onderzoeken van de motivatie van depressieve personen. Vaak is het zo dat basis onderzoek later gebruikt zal worden voor toegepast onderzoek. Translationeel onderzoek is het gebruik van de kennis van basis onderzoek om applicaties voor de gezondheidszorg, psychotherapie en andere vormen van behandelingen te testen en ontwikkelen. Het kan eigenlijk als een brug gezien worden tussen basis en toegepast onderzoek.

    Gaan onderzoekers verder?

    Het gebeurt zelden dat psychologen maar een keer een onderzoek doen en dan stoppen. Meestal is het zo dat elk onderzoek tot nieuwe vragen leidt. Een onderzoek kan een simpel effect vinden, maar de onderzoeker zal vast willen weten waarom dit effect gebeurt, wanneer het gebeurt en wat de grenscondities zijn. Hij/zij zal daartoe een nieuw onderzoek opzetten om deze dingen te testen.

    Hoe wordt wetenschappelijk werk gepubliceerd?

    Wetenschappers publiceren hun onderzoek in wetenschappelijke bladen. Deze bladen komen vaak een keer per maand uit, maar het artikel zal pas gepubliceerd worden als het goedgekeurd is door experts. Wanneer je als wetenschapper je artikel opstuurt naar een blad, dan zal de redacteur van dat blad het artikel naar drie of vier experts van dat onderwerp sturen. Deze experts zullen de redacteur vertellen over de goede en slechte kanten van het artikel en de redacteur zal vervolgens beslissen of het artikel gepubliceerd zal worden of niet. Dit proces is rigoureus. De experts blijven anoniem en ze kunnen op die manier ongehinderd hun mening geven. De experts moeten er gewoon voor zorgen dat onderzoek dat goed uitgevoerd is en interessant is, gepubliceerd wordt. Als het artikel gepubliceerd is, dan kunnen andere wetenschappers die foutjes in het artikel hebben ontdekt commentaar opsturen. Ook kunnen wetenschappers het artikel citeren en verder onderzoek naar het onderwerp doen.

    Hoe komt wetenschappelijk werk in een krantenartikel?

    Artikelen in wetenschappelijke bladen worden voornamelijk door andere wetenschappers gelezen. De ‘normale bevolking’ leest deze bladen niet. Andere bekende bladen of tijdschriften worden niet geschreven door experts of wetenschappers. Toch bevatten deze laatstgenoemde bladen artikelen over wetenschappelijk onderzoek. Deze artikelen zijn echter wat makkelijker geschreven dan het originele artikel en een stuk korter. Psychologen profiteren er van als hun werk ook in normale bladen gepubliceerd wordt. Het normale publiek kan dan zien wat psychologen echt doen en het normale publiek kan dan ook meer te weten komen over een bepaald onderwerp. Journalisten kiezen echter niet altijd voor het belangrijke verhaal, maar voor het sensationele verhaal. Daarnaast is het zo dat niet alle journalisten het wetenschappelijke artikel accuraat begrijpen. Ze zijn immers niet getraind om wetenschappelijke artikelen te begrijpen. Een voorbeeld hiervan is het artikel dat gepubliceerd werd over de blijheid van mensen in verschillende steden in Engeland. In een wetenschappelijk artikel stond dat mensen in Edinburgh het meest ongeluk zijn van heel Engeland, maar dat dit geen significante bevinding was. De journalisten die hierover vervolgens een artikel schreven, begrepen niks over significante bevindingen. Er werden dus allemaal artikelen in normale bladen gepubliceerd over de ongelukkige mensen in Edinburgh, terwijl dit gegeven niet eens significant was. De onderzoeker probeerde de journalisten uit te leggen dat het gegeven niet significant was en hoopte dat de journalisten het verhaal recht zouden zetten, maar de journalisten wilden er niks van weten. 

    Wat zijn bronnen van informatie in psychologisch onderzoek? - Chapter 2

    Wat zijn bronnen van informatie in psychologisch onderzoek? - Chapter 2

    Wanneer mensen beslissingen moeten maken dan vertrouwen ze vrij vaak op hun eigen ervaring. Als je geen goede ervaring met een bepaalde automerk hebt gehad, dan zal je niet gauw weer die auto kopen. Ook vertrouwt men vaak op ervaringen van kennissen en familieleden. Waarom zou je niet je eigen ervaring of iemand die je kent vertrouwen?

    Waarom is het belangrijk om vergelijkingsgroepen te hebben?

    Er zijn meerdere redenen waarom overtuigingen niet gebaseerd moeten worden op alleen je eigen ervaringen. Een van die redenen is dat ervaringen geen vergelijkingsgroep hebben. Bij onderzoek wordt er altijd gevraagd ‘in vergelijking met wie?’ Met een vergelijkingsgroep kan er gekeken worden wat er gebeurt met en zonder datgene wat onderzocht wordt. Om conclusies te kunnen trekken over een bepaalde behandeling of effect, moeten er groepen met elkaar vergeleken worden. Er moet gekeken worden naar de behandelde/herstelde groep, de behandelde/niet herstelde groep, de onbehandelde/herstelde groep en de onbehandelde/niet herstelde groep. Met deze groepen kan het relatieve aantal dat hersteld is met het gebruik van een behandeling vergeleken met geen behandeling berekend worden. Wanneer je alleen naar je eigen ervaringen kijkt, dan heb je ook geen vergelijkingsgroep. Je kijkt alleen maar naar één persoon en dat is jezelf. Alleen onderzoek biedt een systematische vergelijking.

    Wat zijn de onderzoeksinstrumenten voor consumenten? - Chapter 3

    Wat zijn de onderzoeksinstrumenten voor consumenten? - Chapter 3

    Variabelen zijn belangrijke onderdelen van onderzoeken. Een variabele is iets wat kan variëren, dus het moet minimaal twee niveaus of waarden hebben. Een constante is iets wat kan variëren, maar in een onderzoek alleen maar één waarde heeft. In onderzoek wordt elk variabele gemeten of gemanipuleerd. Een gemeten variabele is een variabele waarbij de waarden geobserveerd en genoteerd zijn. Voorbeelden hiervan zijn IQ, geslacht en bloeddruk. Om abstracte variabelen te meten (depressie en stress), moeten wetenschappers vragenlijsten gebruiken. Een gemanipuleerde variabele is een variabele waar een onderzoeker invloed op uitoefent. Dit wordt meestal gedaan door proefpersonen toe te wijzen aan verschillende condities van een variabele. Sommige variabelen, zoals geslacht, kunnen alleen maar gemeten en niet gemanipuleerd worden. Sommige variabelen mogen niet gemanipuleerd worden, omdat het onethisch zou zijn. Zo zouden mensen niet toegeschreven mogen worden in een conditie waarbij ze grote emotionele pijn gaan ondervinden. Andere variabelen kunnen zowel gemeten als gemanipuleerd worden.

    Wat zijn de ethische richtlijnen voor psychologisch onderzoek? - Chapter 4

    Wat zijn de ethische richtlijnen voor psychologisch onderzoek? - Chapter 4

    Tegenwoordig moeten psychologen zich aan ethische richtlijnen houden wanneer ze onderzoek doen met mensen of dieren. Vroeger hadden psychologen andere ideeën over de ethische omgang met proefpersonen. Hieronder worden twee bekende onderzoeken en de ethische problemen beschreven. Een voorbeeld komt uit de gezondheidszorg en de andere uit de psychologie.

    Wat zijn goede metingen in de psychologie? - Chapter 5

    Wat zijn goede metingen in de psychologie? - Chapter 5

    Als psychologen beslissen hoe ze een variabele moeten operationaliseren, moeten ze kiezen tussen drie verschillende metingen: observationele metingen, zelf-rapportages en fysiologische metingen. Ook moeten ze beslissen welk schaal ze gaan gebruiken. Zoals in hoofdstuk 3 vermeld, is een conceptuele variabele de definitie van een variabele op theoretisch niveau volgens de onderzoeker. De operationele variabele is de beslissing over hoe die variabele gemeten of gemanipuleerd moet worden. Elk conceptuele variabele kan op meerdere manieren geoperationaliseerd worden. Zo kan het concept rijkdom geoperationaliseerd worden door te kijken naar het jaarinkomen of het coderen van de ouderdom van iemands auto.

    Hoe gebruiken we een survey en observaties? - Chapter 6

    Hoe gebruiken we een survey en observaties? - Chapter 6

    In dit hoofdstuk wordt het woord survey gebruikt om te verwijzen naar vragen die aan mensen gesteld worden via de telefoon, tijdens interviews, op papier, via e-mail of op het internet. Psychologen die hun vragen goed ontwikkelen, kunnen frequentie claims ondersteunen die een goede construct validiteit hebben. Survey vragen kunnen er verschillend uitzien. Er zijn open vragen die een proefpersoon de mogelijkheid geven om te antwoorden hoe ze willen. De antwoorden zijn vaak rijk aan kennis, maar een nadeel is dat de antwoorden gecodeerd en gecategoriseerd moeten worden. Dit kost veel tijd en het is vaak lastig om te doen. Daarom besluiten veel psychologen om andere soort vragen te gebruiken. Vaak worden er geforceerde-keuze vragen gesteld. Proefpersonen kunnen daarbij kiezen voor de beste mogelijkheid uit meerdere opties. In psychologisch onderzoek wordt vaak een Likert-schaal gebruikt. Proefpersonen wordt gevraagd in hoeverre ze het eens zijn met een bepaalde stelling. De opties lopen van sterk oneens naar sterk mee eens. Wanneer er niet gekeken werd in hoeverre iemand het met een stelling eens is, maar naar een andere numerieke waarde, dan wordt dat een semantische differentiatie formaat genoemd. Hierbij kan de 1 bijvoorbeeld makkelijk voorstellen en een 5 moeilijk. Een bekender voorbeeld voor het groter publiek is het beoordelen van producten op het internet aan de hand van vijf sterren. Onderzoekers kunnen de verschillende soorten vragen combineren in een vragenlijst. Het is belangrijk om te weten dat de vraagsoorten niet de construct validiteit breken.

    Hoe schat je de frequenties van gedrag en overtuigingen? - Chapter 7

    Hoe schat je de frequenties van gedrag en overtuigingen? - Chapter 7

    Wanneer je de externe validiteit toetst, dan vraag je je af of de resultaten van een bepaald onderzoek gegeneraliseerd kunnen worden naar een grotere populatie. De externe validiteit is heel belangrijk voor frequentie claims. Je vraagt je af of de gevonden waarden voor de mensen uit je steekproef terug gevonden zouden kunnen worden in de hele populatie. Representeert je steekproef wel de hele populatie? Externe validiteit kijkt echter niet alleen naar een steekproef groep, maar ook naar settings. Een onderzoeker wil misschien niet weten of de resultaten van een onderzoek gegeneraliseerd kunnen worden naar andere leden van een bepaalde populatie, maar hij wil weten of de resultaten gegeneraliseerd kunnen worden naar andere settings, zoals andere producten van dezelfde fabriek of andere vakken gegeven door dezelfde docent. Dit hoofdstuk zal voornamelijk gaan over de externe validiteit van een steekproefgroep.

    Wat houdt bivariate correlationeel onderzoek in? - Chapter 8

    Wat houdt bivariate correlationeel onderzoek in? - Chapter 8

    Associatie claims zijn claims die de relatie tussen twee gemeten variabelen beschrijven. Een bivariate correlatie wordt ook wel een bivariate associatie genoemd en het is een associatie die twee variabelen betreft. Om associaties te onderzoeken, moet men de eerste variabele onderzoeken en vervolgens de tweede variabele en dit moet gebeuren in dezelfde groep van mensen. Vervolgens worden er statistische methodes en grafieken gebruikt om de type relatie tussen de variabelen te weergeven. Relatief veel studies zijn correlationeel. Een voorbeeld van correlationeel onderzoek is het onderzoek van John Cacioppo naar internetliefde en tevredenheid in je huwelijk. Cacioppo en zijn collega’s waren geïnteresseerd in de relatie tussen het online ontmoeten van je echtgenoot en huwelijkstevredenheid. Zij stuurden een vragenlijst via de mail naar duizenden mensen die uSamp (een online onderzoekscentrum) gebruiken. De proefpersonen hebben vragen beantwoord over waar ze hun echtgenoot hebben ontmoet (online of niet online). Ook werd hun huwelijkstevredenheid gemeten door de Couple Satisfaction Index (CSI). Deze bevat onder andere de vraag ‘Geef de mate van geluk in je huwelijk aan’ en proefpersonen konden antwoord geven op een Likertschaal met zeven antwoordmogelijkheden (van heel erg ongelukkig tot perfect). Uit het onderzoek bleek dat mensen die elkaar online hadden ontmoet, hoger scoorden op de CSI. Uiteraard laat een correlationeel verband geen causaal verband zien en men moet dus voorzichtig zijn met het trekken van conclusies over dit onderzoek.

    Wat houdt multivariate correlationeel onderzoek in? - Chapter 9

    Wat houdt multivariate correlationeel onderzoek in? - Chapter 9

    Associatie claims kunnen veel informatie geven. Een bekend voorbeeld van een associatie is dat kinderen die veel geweld op tv zien zich ook agressief gedragen. Toch zegt dat niks over de causaliteit. Wij zijn vaak niet alleen maar geïnteresseerd in correlatie, wij willen weten wat de oorzaak was van het gevolg. Je wilt echt weten of kinderen agressief worden door het kijken naar gewelddadige tv-programma’s. De reden dat we zulke dingen willen weten, is natuurlijk omdat wij een interventie willen bedenken. Als kinderen echt gewelddadig worden door gewelddadige programma’s, dan zouden ouders er voor moeten zorgen dat ze deze programma’s niet meer kijken. De beste manier om causaliteit te testen, is door een experiment te gebruiken. Echter, soms kom je al een heel eind door andere technieken te gebruiken. In dit hoofdstuk worden technieken besproken die verder dan correlaties gaan en causaliteit benaderen.

    Hoe kunnen causale claims geëvalueerd worden met behulp van experimenten? - Chapter 10

    Hoe kunnen causale claims geëvalueerd worden met behulp van experimenten? - Chapter 10

    In de psychologie betekent experiment dat een onderzoeker minimaal een variabele manipuleert en een andere variabele meet. Experimenten kunnen in een laboratorium plaats vinden of ergens anders. Een gemanipuleerde variabele is een variabele dat gecontroleerd wordt. Zo kan een onderzoeker iemand in een bepaalde conditie van een variabele indelen. Gemeten variabelen zijn genoteerde metingen van gedrag of denkbeelden, zoals zelf rapportages, gedragsobservaties of fysiologische metingen. Tijdens het experiment noteren de onderzoekers wat er gebeurt. In een experiment is de gemanipuleerde variabele een onafhankelijke variabele. De gemeten variabele is de afhankelijke variabele. Hoe een proefpersoon zich gedraagt op de gemeten variabele hangt af van de level van de onafhankelijke variabele. Onderzoekers hebben minder controle over de afhankelijke variabele dan de onafhankelijke variabele. Ze manipuleren de onafhankelijke variabele en zien wat er gebeurt met de afhankelijke variabele. Wanneer de waarden in een grafiek worden uitgedrukt, dan komt de onafhankelijke variabele bijna altijd op de x-as en de afhankelijke variabele op de y-as. Wanneer onderzoekers een onafhankelijke variabele manipuleren, dan moeten ze er voor zorgen dat er maar een ding tegelijkertijd varieert. Naast de onafhankelijke variabele moeten onderzoekers ook voor potentiële derde variabelen controleren door de factoren tussen de levels van de onafhankelijke variabele constant te houden. Elke variabele die een onderzoeker met opzet constant houdt wordt een controle variabele genoemd. Eigenlijk zijn controle variabelen geen variabelen, want ze variëren niet, de levels worden constant gehouden. Deze controle variabelen zijn echter wel essentieel in experimenten. Ze zorgen er voor dat onderzoekers een oorzaak van een potentiële andere oorzaak kunnen onderscheiden en zo elimineren ze alternatieve verklaringen van de resultaten. Controle variabelen zijn belangrijk voor de interne validiteit.

    Wat is de invloed van confounding en obscure factors? - Chapter 11

    Wat is de invloed van confounding en obscure factors? - Chapter 11

    Als je een experiment onderzoekt, dan is interne validiteit het belangrijkst. De grootste bedreigingen voor interne validiteit zijn design confounds, selectie effecten en order effecten. Deze zijn al eerder besproken in hoofdstuk 10. Dit zijn helaas niet de enige dingen die een experiment kunnen bedreigen.

    Hoe moet je omgaan met experimenten die meer dan een onafhankelijke variabele bevatten? - Chapter 12

    Hoe moet je omgaan met experimenten die meer dan een onafhankelijke variabele bevatten? - Chapter 12

    Onderzoekers kunnen vanaf het begin al geïnteresseerd zijn in meer dan een onafhankelijke variabele of ze kunnen opeens een vervolg studie verzinnen waarin er naar nog een extra onafhankelijke variabele gekeken wordt. Wanneer onderzoekers vragen naar het effect van een extra onafhankelijke variabele, dan zijn ze meestal geïnteresseerd naar een interactie effect. Dit interactie effect kijkt of het effect van de originele onafhankelijke variabele afhangt van de level van de andere onafhankelijke variabele. Een voorbeeld hiervan is handsfree bellen en reactietijd tijdens het rijden. Onderzoekers wilden weten of jongere mensen een slechtere reactietijd hebben tijdens het rijden wanneer ze handsfree aan het bellen zijn dan oudere mensen. Onderzoek had al aangetoond dat het bellen tijdens het rijden er voor zorgt dat men minder goed reageert op ‘obstakels’ op de weg. In dat onderzoek is er maar een onafhankelijke variabele (het gebruik van de telefoon). Vervolgens wilde men weten of het effect af hing van leeftijd. Dat werd dus de tweede onafhankelijke variabele. Een interactie effect kan mathematisch uitgelegd worden als een verschil van het verschil.

    Wat zijn quasi-experimenten? - Chapter 13

    Wat zijn quasi-experimenten? - Chapter 13

    Een quasi-experiment verschilt van een ware experiment op het gebied van controle. In een quasi-experiment hebben onderzoekers geen volle controle over de condities. Proefpersonen worden niet random toegeschreven aan de condities. Hieronder een voorbeeld van een quasi-experiment.

    Plastische chirurgie wordt vrijwel overal ter wereld uitgevoerd. Mensen die zulke procedures ondergaan, zeggen dat hun zelfvertrouwen en lichaamsbeeld beter zullen worden na de procedures. Maar is dat echt zo? Een manier om erachter te komen is door mensen op een random manier toe te schrijven in de plastische chirurgie conditie en de anderen niet. Dit is natuurlijk niet ethisch, omdat je niet tegen proefpersonen kan zeggen dat ze plastische chirurgie moeten ondergaan voor het onderzoek. Toch hebben onderzoekers een manier gevonden om de effecten van plastische chirurgie te testen. Onderzoekers hebben mensen die al op het punt stonden om plastische chirurgie te ondergaan gevraagd voor hun onderzoek. Deze mensen werden getest op hun zelfvertrouwen voor het onderzoek en 3, 6 en 12 maanden na het onderzoek. De vergelijkingsgroep was een groep mensen die ook geregistreerd stond bij dezelfde plastische chirurgie kliniek, maar die nog geen ingreep hadden laten doen. Ook zij beantwoordden vragen op dezelfde momenten als de eerste groep. Dit onderzoek leek op een experiment, maar het was een quasi-experiment omdat proefpersonen niet op een random manier toegeschreven waren aan een conditie.

    Resultaten van een onderzoek toepassen in het dagelijks leven? - Chapter 14

    Resultaten van een onderzoek toepassen in het dagelijks leven? - Chapter 14

    Wetenschappers zouden zich altijd af moeten vragen of de resultaten van hun onderzoek repliceerbaar zijn. Dat houdt in dat de bevindingen, wanneer het resultaat weer uitgevoerd wordt, dezelfde resultaten tonen. Repliceerbaarheid geeft een onderzoek geloofwaardigheid. Vaak is het zo dat onderzoekers hun resultaten repliceren voordat hun bevindingen gepubliceerd worden. Er zijn verschillende replicatie studies:

    • In directe replicaties herhalen onderzoekers het originele onderzoek zo nauwkeurig mogelijk. Zij proberen te achterhalen of het originele effect ook te vinden is met nieuwe data.
    • In een conceptuele replicatie onderzoeken wetenschappers dezelfde vraag maar zij gebruiken verschillende procedures. De variabelen worden op een andere manier geoperationaliseerd. Zo kan onderzoek naar de grootte van porties in het eerste onderzoek pasta gebruiken en in het replicatie onderzoek patat gebruiken.
    • In een replicatie-plus-extensie onderzoek repliceren de onderzoekers het originele onderzoek, maar zij voegen ook variabelen toe om meer vragen te testen. Een voorbeeld hiervan was het onderzoek naar reactiesnelheid en bellen tijdens het rijden. Eerst keken onderzoekers alleen maar of en hoe de reactiesnelheid veranderde tijdens het bellen, daarna besloten ze om ook te kijken of er een verschil was tussen jonge en oude chauffeurs. Het introduceren van een participant variabele kan gebruikt worden om een replicatie-plus-extensie onderzoek uit te voeren. Een andere manier om zo’n onderzoek uit te voeren is door het introduceren van een nieuwe situationele variabele. Door deze variabele kan je bijvoorbeeld de data van een tijdsmoment vergelijken met de data van een ander tijdsmoment. Men kan bijvoorbeeld bestuurders testen die geen training hebben gehad met een rijsimulator en dezelfde mensen vier dagen nadat ze geoefend hebben met zo’n rijsimulator opnieuw testen. Je kunt veel verschillende situationele variabelen bedenken om toe te voegen aan een onderzoek.
    Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk - BulletPoints
    Abonneebundel met online TentamenTests van Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk
    Geprinte samenvatting van Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk
    De crossroads van deze bundel
    Studiebundel Theoretische Introductie in de Onderzoeksmethoden - RUG
    Advies & Assortimentswijzer Theoretische Introductie in de Onderzoeksmethoden - RUG
    Choice Assistance with summaries of Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3rd edition
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk
    Shopbundel met geprinte samenvattingen voor Theoretische Introductie in de Onderzoeksmethoden - RUG
    Samenvattingen Shop Psychologie Bachelor 1 - RUG
    Studiebundel Psychologie Bachelor 1 - Semester 1 - VU
    Advies & Assortimentswijzer Psychologie Bachelor 1 - Semester 1 - VU
    Choice Assistance with summaries of Psychological Science - Gazzaniga - 6th edition
    Choice Assistance with summaries of Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3rd edition
    Choice assistance with summaries of Writing Psychology Research Reports - Starreveld - 1st edition
    Choice Assistance with summaries of Statistical Methods for the Social Sciences - Agresti - 5th edition
    Choice assistance with summaries of SPSS Survival Manual - Pallant - 7th edition
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Physiology of behavior - Carlson - 11e internationale editie (DSM-IV)
    Choice Assistance with summaries of Cognitive Psychology - Goldstein & Van Hooff - 2nd edition
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Psychological Science - Gazzaniga - 6e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Verslaglegging van Psychologisch Onderzoek - Starreveld - 4e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen bij Statistical Methods for the Social Sciences - Agresti - 5e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van SPSS Survival Manual - Pallant - 7e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Cognitive Psychology - Goldstein & Van Hooff - 2e druk
    Shopbundel met geprinte samenvattingen voor Psychologie Bachelor 1 - VU
    Samenvattingen Shop Psychologie - VU
    Studiebundel Pedagogiek Bachelor 1 - VU
    Advies & Assortimentswijzer Pedagogiek Bachelor 1 - VU
    Choice Assistance with summaries of Statistical Methods for the Social Sciences - Agresti - 5th edition
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Psychological testing; History, principles and applications - Gregory - 7e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Handboek Jeugdhulpverlening Deel 1: Een orthopedagogisch perspectief op kinderen en jongeren met problemen - Grietens et al. - 1e druk
    Keuzewijzer voor samenvattingen van Parenting: A Dynamic Perspective - Holden - 2e druk
    Choice Assistance with summaries of Personality Psychology: Domains of Knowledge About Human Nature - Larsen et al. - 3rd edition
    Choice Assistance with summaries of Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3rd edition
    Choice assistance with summaries of Writing Psychology Research Reports - Starreveld - 1st edition
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen bij Statistical Methods for the Social Sciences - Agresti - 5e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Psychological testing; History, principles and applications - Gregory
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Handboek Jeugdhulpverlening Deel 1: Een orthopedagogisch perspectief op kinderen en jongeren met problemen - Grietens et al. - 1e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Parenting: A Dynamic Perspective - Holden - 2e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Personality Psychology: Domains of Knowledge About Human Nature - Larsen et al. - 3e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Verslaglegging van Psychologisch Onderzoek - Starreveld - 4e druk
    Shopbundel met geprinte samenvattingen voor Pedagogiek Bachelor 1 - VU
    Studiebundel Psychologie Bachelor 1 blok 1 - TiU
    Advies & Assortimentswijzer Blok 1 Psychologie - TiU
    Choice Assistance with summaries of Pioneers of Psychology - Fancher & Rutherford - 5th edition
    Choice Assistance with summaries of Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3rd edition
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Pioneers of Psychology - Fancher & Rutherford - 5e druk
    Abonneebundel met online chaptersamenvattingen van Research Methods in Psychology: Evaluating a World of Information - Morling - 3e druk
    Shopbundel met geprinte samenvattingen voor Psychologie Bachelor 1 - TiU
    Samenvattingen Shop Psychologie - TiU
    JoHo: bundel begrijpen

      Hoe werkt een JoHo Bundel (pagina)

    • Bundels zijn verzamelingen (vaak links) van pagina's rond een specifieke vraag of onderwerp
    • Bundels werken als navigatietool

    Welke soorten bundels zijn er?

    Productbundels

    • Verzekeringsbundels: verzameling van content rond verzekeringsadvies of verzekeringsaanbod
    • Abonnementsbundels: verzameling van content rond advies of services voor JoHo abonnees en donateurs
    • Shopbundels: verzameling van artikelen die besteld kunnen worden

    Persoonlijke bundels

    • op vrijwel elke pagina kun je onder de 'Footprints' de 'Add to my pages' optie vinden. Daar kun je pagina's toevoegen aan je eigen verzamelingen en bundels. Deze bundels met jouw bewaarde pagina's kun je vervolgens onderaan vrijwel elke pagina terugvinden als je bent ingelogd als JoHo donateur of abonnee.

    Studiehulpbundels

    • Boekbundels: verzameling van chapters die tezamen de samenvatting van een boek vormen
    • Studiebundel: verzameling van content die hoort bij een specifiek vak of een studiefase

    Themabundel

    • Verzameling van content die behoort bij een topic en themapagina

    Toolbundel

    • Verzameling van content gericht op een specifiek proces of actie (bijvoorbeeld een vacature zoeken of een vak bestuderen)

    Toolbundel voor abonnees

    • Verzameling van content met toegang of services voor JoHo abonees
    Footprint: achterlaten
    Pagina bewaren in je bundels:

    (Service voor ingelogde JoHo donateurs)