Hoe is de grote invloed van het Romeinse recht op het recht wereldwijd ontstaan? - Chapter 1

 

I. Hoe groot is de invloed van het Romeinse recht wereldwijd?

Het Romeinse recht is van grote invloed geweest op het moderne recht; nog steeds zijn er sporen van dit recht terug te vinden in de moderne rechtsstelsels. Grote delen van Europa, maar ook andere delen van de wereld, hebben in het verleden onder Romeins gezag gestaan. Toch hangt de verspreiding van het Romeinse recht slechts gedeeltelijk hiermee samen. Er zijn immers ook grote gebieden, waaronder delen van Duitsland maar ook de Nederlandse provincie Friesland, die nooit onder Romeins gezag hebben gestaan. Toch is ook hier het Romeinse recht gaan gelden dankzij de renaissance.

II. Wat was er bijzonder aan het rechtssysteem in Duitsland?

In 1495 werd door de toenmalige Duitse keizer Maximiliaan het Reichskammergericht, een centraal gerechtshof voor het gehele rijk, ingesteld. Dat rijk bestond toen uit Duitsland, Tsjechië, Slowakije, Oostenrijk, delen van Hongarije en de Nederlanden.

Het Duitse keizerrijk bestond uit verschillende, min of meer autonome, gebieden. Het Reichskammergericht diende als appelrechter van uitspraken, in civiele zaken, gedaan door de gerechtshoven van deze gebieden. In beginsel diende het Reichskammergericht recht te spreken op basis van het (on)geschreven recht van het betreffende gebied. Indien dit recht geen uitsluitsel bood, diende het recht te doen op basis van het gemene recht (het Romeinse recht). Dit proces, waarbij Maximiliaan voortbouwde op het Romeinse keizerrijk, staat bekend als de receptie van het Romeinse recht (het opnemen van het Romeinse recht in eigen rechtsstelsel).

Door de introductie van het Romeinse recht in de hoge gerechtshoven probeerde de centrale overheid enige juridische uniformiteit in haar beslissingen te bewerkstelligen. Het Romeinse recht is dan ook overwegend van overheidswege opgelegd. De gelding van het Romeinse recht werd bevorderd door de toenemende professionalisering van het overheidsapparaat. Zo werden gerechtshoven meer en meer samengesteld uit universitair geschoolde ambtenaren. Dit proces deed zich ook voor op lager niveau, het Romeinse recht vond immers ook hier zijn ingang.

III. Wat gebeurde er met het Romeinse recht tijdens de 'Dark Ages'?

Tijdens de ‘Dark Ages’ (de Middeleeuwen) tussen grofweg 500 en 1000 heeft zich in West-Europa een proces van barbarisering voltrokken, waarbij de klassieke cultuur grotendeels verloren ging. Het Romeinse recht raakte in de Middeleeuwen gelukkig niet helemaal in de vergetelheid. In Italië in het bijzonder bleef de herinnering aan het verleden nog enigszins levend. In de zogenaamde 'domscholen' (een leerschool voor toekomstige geestelijken) werd men opgeleid aan de hand van een encyclopedie waar ook een beknopte inleiding in het recht in beschreven stond. Dankzij de Bolognese onderwijzer Irnerius, die les gaf aan zo'n domschool, werd het Romeinse recht onttrokken aan de vergetelheid en is het bekend geworden in de hoedanigheid waarin het door de Oost-Romeinse keizer Justinianus (527 tot 565) was samengevat.

De receptie van het Romeinse recht in West-Europa is verbonden met de opkomst van de universiteiten in West-Europa. Het Romeinse recht wordt vaak aangeduid als geleerd recht, het werd immers slechts op de universiteiten onderwezen. De geschiedenis van de receptie van het Romeinse recht hangt dan ook nauw samen met het onderwijs aan de universiteiten. En de universiteit dankt haar ontstaan voor een groot deel aan het onderwijs in het Romeinse recht.

IV. Hoe ontstond de Universiteit van Bologna?

Aan de hand van onderdelen van Justinianus' wetboek onderwees Irnerius het Romeinse recht omstreeks 1090 te Bologna. Dit gespecialiseerde hogere onderwijs van een rechtsstelsel uit het verleden, bestemd voor een geheel andere samenleving, dat bovendien geen enkel raakvlak had met het heersende gewoonterecht en dat was destijds een merkwaardig verschijnsel. Maar het onderwijs maakte grote indruk. Zo werd (opnieuw) duidelijk dat vermogensrechtelijke conflicten ook anders dan met geweld opgelost konden worden. Rondom het Bolognese onderwijs in het Romeinse recht organiseerden studenten zich in een vereniging (universitas), de uiteindelijke universiteit van Bologna. Naast de theologische faculteit, was de juridische faculteit (facultas) de belangrijkste faculteit van de middeleeuwse universiteit. Binnen de juridische faculteit (keuzemogelijkheid) werd per definitie onderwijs gegeven in het Romeinse recht.

V. Wat was de invloed van het Romeinse recht buiten de universiteit?

Overal in Europa werd, sinds de middeleeuwen, binnen de juridische faculteiten onderwijs gegeven in het Romeinse recht. Het Romeinse recht was geleerd recht, het professorenrecht. Buiten de universiteiten kreeg het Romeinse recht echter geen navolging, hier gold een geheel ander recht. Zo bestond het privaatrecht bijna geheel uit gewoonterecht. Er was voor afgestudeerden niet altijd werk in deze rechtspraktijk.

VI. Hoe zorgde het Romeinse recht voor een machtsverschuiving?

Afgestudeerde juristen kregen grote belangstelling van de heersende vorsten. De vorsten hadden in de duistere eeuwen voor de bijzondere bestuurstaken gebruik gemaakt van het kerkelijke midden- en bovenkader, de klerk (geestelijke). Maar sinds pogingen van de geestelijke stand om alle wereldlijke gezag aan zich te onderwerpen, werd er gezocht naar alternatieven. Deze vond men in de in het Romeinse recht afgestudeerde juristen. Bovendien kon daarmee de adel opzij worden gezet. Vanwege zijn bijzondere positie maakte deze stand aanspraak op hoge staatsambten. Ook strookten de belangen van de adel vaak niet met die van de vorst. Zo ontstond er een, van de vorst afhankelijke, beroepsbureaucratie bestaande uit juristen gespecialiseerd in het Romeinse recht. De overal in West-Europa verschijnende centrale gerechtshoven werden dan ook bezet met deze juristen. Voorgaande droeg dan ook bij aan de receptie van het Romeinse recht.

VII. Hoe zag het rechtssysteem er in laatmiddeleeuwse vorstendommen uit?

De laatmiddeleeuwse vorstendommen hadden ieder een eigen gewoonterecht. Er was dan ook geen sprake van eenheid van recht in de moderne territoriale staten die zich vormden tegen het einde van de middeleeuwen.

Wanneer de lokale, gewoonterechtelijke regels geen antwoord konden geven op een bepaalde rechtsvraag, hanteerde men het Romeinse recht als hulprecht (subsidiair recht). Op deze wijze werd er enige mate van uniformiteit van recht gecreëerd.

VIII. Waarom werd de invloed van het Romeinse recht steeds groter?

Het is dan ook begrijpelijk dat de raadsheren van de hoge centrale gerechtshoven langs de weg van de restrictieve interpretatie vaststelden dat het inheemse recht (lokaal gewoonterecht en lokale wetgeving) lacunes vertoonde, die zij opvulden met het Romeinse recht; het enige recht dat zij ambtshalve kenden. Op deze wijze werd het toepassingsgebied van het Romeinse recht ten koste van het inheemse recht, steeds verder uitgebreid en werd de uniformiteit van het recht steeds evidenter. Door de receptie van het Romeinse recht ging het middeleeuwse recht een dualistische structuur vertonen. In theorie waren het lokale gewoonterecht en de lokale wetgeving de primaire rechtsbron en waar nodig werd deze aangevuld door het Romeinse recht, de secundaire rechtsbron. In dit licht is de volgende passage uit het wetboek van Justinianus bijzonder toepasselijk:

‘Alle volkeren die door wetten en gewoonten worden geregeerd gebruiken deels hun eigen recht, deels het recht dat aan alle mensen gemeen is. Want wat ieder volk voor zichzelf heeft vastgesteld, dat is eigen aan die gemeenschap en wordt ius civile genoemd, dat wil zeggen het eigen recht van die gemeenschap. Maar wat de natuurlijke rede onder alle mensen voorschrijft, dat wordt bij allen zonder onderscheid in acht genomen en wordt het recht der volkeren genoemd, dat wil zeggen het recht dat alle volkeren gebruiken’.

Het recht heeft met andere woorden tweeërlei herkomst. Zo zijn er de bijzondere regels die ieder individueel volk voor zichzelf heeft vastgesteld en een aantal, die vanzelfsprekend zijn en dus door alle volkeren in acht worden genomen. Het Romeinse recht, neergelegd in het Justinianus' Corpus Iuris, werd dus gezien als het redelijke recht, het recht dat alle mensen gemeen is (ius commune). De status van ‘de tot letter geworden rede’ (ratio scripta) werd toegekend aan dit Romeinse recht.

IX. Welk probleem diende zich aan bij het gebruik van het Corpus Iuris van Justinianus?

Bij de toepassing van het in Justinianus' Corpus Iuris gecodificeerde Romeinse recht deed zich het volgende probleem voor. Toen de eerder genoemde onderwijzer Irnerius voor het eerst onderwijs uit dit wetboek begon te geven, was het ruim 500 jaar oud. Het wetboek zou moeten worden aangepast. In een andere tijd en samenleving is er immers sprake van andere eisen en omstandigheden. Zo wordt in onze tijd nieuwe wetgeving uitgevaardigd die oude wetgeving vervangt. Maar in de Middeleeuwen werd het recht op een andere manier benaderd. Het recht was een feitelijk gegeven dat zich vormde door gewoonte en niet een beleidsinstrument in handen van de wetgever. De wetenschap diende het Corpus Iuris aan te passen aan de nieuwe omstandigheden. Universiteiten hadden immers het monopolie op het onderwijs in het Romeinse recht. Studenten leerden de moderne uitleg (usus modernus) en zij leerden welke delen van het oude wetboek nog wel en niet kracht van wet hadden.

De juridische hoogleraar kwam als autoriteit tussen de jurist en zijn wetboek. De rechtsgeleerde interpretatie, de hooggeleerde uitleg van de wettekst, werd belangrijker dan de wettekst zelf. Hiermee werd het Romeinse recht pas echt een geleerd recht.

X. Welke tweede rechtsbron ontstond er?

Naast de in het Corpus Iuris neergelegde Romeinse recht vormde zich dus een tweede rechtsbron, de rechtsgeleerde uitleg van dit recht. Het in Europa (met uitzondering van Engeland) geldende gemene recht (de subsidiaire rechtsbron) omvat het Romeinse recht als zodanig, de tekst van de wet, en de interpretaties daarvan.

XI. Wat is de invloed van het Romeinse recht op het Europese privaatrecht geweest?

Zo heeft het Romeinse recht onder meer in Frankrijk (als subsidiair recht) gegolden tot de invoering van de Franse Code civil in 1804 en in Nederland tot 1809, het jaar van de eerste Nederlandse codificatie. Er was met andere woorden sprake van een gemeenschappelijke subsidiaire rechtskracht van het Romeinse recht op het West-Europese continent (en in Schotland). Gezien de grote regionale verschillen kon echter niet worden gesproken van een uniform Europees privaatrecht. Toch is het Romeinse recht van grote invloed geweest op de Europese privaatrechtelijke cultuur. Al het recht werd immers in de termen en rechtsfiguren van het Romeinse recht verklaard (interpretatio passiva).

Stampvragen

  1. Wat is een andere benaming voor het Romeinse rijk?

  2. Wat bedoelen we wanneer we het over het Reichskammergericht hebben en wat was de functie van het Reichskammergericht?

  3. Wat bedoelen we met de term receptie?

  4. Waarom wordt Romeins recht ook wel Geleerd recht genoemd?

  5. Wat bedoelen we met de term Dark Ages?

  6. Wie was Irnerius?

  7. Wat bedoelen we met Universitas?

  8. Wat is Gemeen recht?

  9. Wat bedoelen we met subsidiair recht? Wanneer werd dit ingezet?

  10. Wat bedoelen we als we het hebben over het inheemse recht?

  11. Waaruit bestaat het door Justinianus gecodificeerde recht en hoe heet het?

  12. Wat bedoelen we met de term Usus modernus?

De hele tekst lezen? Alle JoHo tools gebruiken? Sluit je dan aan bij JoHo en log in!
 

Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

The world of JoHo footer met landenkaart

    Aansluiten bij JoHo met een JoHo abonnement

    JoHo abonnement (€20,- p/j)

    • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
    • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
    • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
    • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
    • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
    • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

     of met een JoHo donateurschap

    JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

    • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
    • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
    • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
    • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

     

    Aanmelden & Aansluiten bij JoHo 

    JoHo & Partnernieuws

    DSW: sluit voordelig je zorgverzekering af
    JoHo: zoekt medewerkers voor tijdelijk en vast

    Werken, jezelf ontwikkelen en een ander helpen?

    JoHo zoekt medewerkers, op verschillend niveau, die willen meebouwen aan een betere wereld en een zich vernieuwende organisatie

    Vacatures en mogelijkheden voor vast werk en open sollicitaties

    Vacatures en mogelijkheden voor tijdelijk werk en bijbanen

    Vacatures en mogelijkheden voor stages en ervaringsplaatsen

      Chapters 

    Teksten & Informatie

    JoHo: paginawijzer

    Hoe werkt een JoHo Chapter?

     

    Wat vind je op een JoHo Chapter pagina

    •   JoHo Chapters zijn tekstblokken en hoofdstukken rond een specifieke vraag of een deelonderwerp

    Crossroad: volgen

    • Via een beperkt aantal geselecteerde webpagina's kan je verder reizen op de JoHo website

    Crossroad: kiezen

    • Via alle aan het chapter verbonden webpagina's kan je verder lezen in een volgend hoofdstuk of tekstonderdeel.

    Footprints: bewaren

    • Je kunt deze pagina bewaren in je persoonlijke lijsten zoals: je eigen paginabundel, je to-do-list, je checklist of bijvoorbeeld je meeneem(pack)lijst. Je vindt jouw persoonlijke  lijsten onderaan vrijwel elke webpagina of op je userpage
    • Dit is een service voor JoHo donateurs en abonnees.

    Abonnement: nemen

    • Hier kun je naar de pagina om je aan te sluiten bij JoHo, JoHo te steunen en zelf en volledig gebruik te kunnen maken van alle teksten en tools.

    Abonnement: checken

    • Hier vind je wat jouw status is als JoHo donateur of abonnee

    Aantekeningen: maken

    • Dit is een service voor wie bij JoHo is aangesloten. Je kunt zelf online aantekeningen maken en bewaren, je eigen antwoorden geven op tests, of bijvoorbeeld checklists samenstellen.
    • De aantekeningen verschijnen direct op de pagina en zijn alleen voor jou zichtbaar
    • De aantekeningen zijn zichtbaar op de betrokken webpagine en op je eigen userpage.

    Prints: maken

    • Dit is een service voor wie bij JoHo is aangesloten.  Wil je een tekst overzichtelijk printen, gebruik dan deze knop.
    JoHo: footprint achterlaten