Hoe is het Nederlands strafrecht ingericht? - Chapter 1

 

Hoe wordt het Nederlandse strafrecht onderverdeeld?

Het strafrecht is onder te verdelen in materieel- en formeel strafrecht. Het materiële strafrecht regelt de gevallen waarin een persoon – in theorie – door de staat kan worden gestraft. De mogelijke sancties, waaronder de verbodsbepalingen en de strafbedreigingen, behoren eveneens tot het materiële strafrecht. Het formele strafrecht regelt de manier waarop in een specifiek geval bepaald moet worden of een strafrechtelijke bepaling is geschonden. Hieronder valt ook de gang van zaken, de rechten van de verdachte en de bevoegdheden van de overheidsorganen die betrokken zijn bij de strafrechtspleging tijdens het strafproces. Het formele strafrecht wordt ook wel het strafprocesrecht genoemd. Verder vinden we over de beide afdelingen verdeeld nog het penitentiaire recht, dat de tenuitvoerlegging van de opgelegde straffen regelt.

Niet het gehele materiële strafrecht is in het WvSr geregeld. Art.107 GW biedt namelijk de mogelijkheid voor de wetgever om bepaalde onderwerpen in afzonderlijke wetten te regelen. In eerste instantie bedoelt men daarmee wetten in formele zin, maar ook lagere wetgevers kunnen strafrecht scheppen. Zo machtigt art. 154 lid 1 Gemeentewet, de gemeente om overtredingen van hun verordeningen strafbaar te stellen. Misdrijven mogen alleen via wetten in formele zin geregeld worden. Let echter wel op AMvB’s die straffen handhaven, deze zijn alleen toegestaan als de wetgever de bevoegdheid daartoe aan de kroon heeft gedelegeerd. Een voorbeeld van een dergelijke delegatie vormt artikel 13 Wegenverkeerswet.

Wat is de relatie tussen het strafrecht en het ongeschreven recht, verdragsrecht en supranationaal recht?

Uit art. 16 Gw blijkt dat alle strafbaarstellingen een basis moeten hebben in een wet in formele zin. Dit houdt in dat strafbaarstelling op grond van gewoonterecht uitgesloten is. Dit betekent niet dat er voor ongeschreven recht in Nederland geen plaats is. De strafbaarheid mag niet op ongeschreven recht worden gebaseerd, maar wel worden ingeperkt. Zo is een belangrijk ongeschreven beginsel in Nederland het geen straf, zonder schuld -beginsel. Dit heeft geleid tot een buitenwettelijke strafuitsluitingsgrond, namelijk ‘afwezigheid van alle schuld’, waar later meer over zal worden uitgelegd. Een andere belangrijke rechtsbron wordt gevormd door de internationale verdragen waarbij Nederland partij is.

  • Allereerst de rechtstreeks werkende verdragen(art. 94 GW): het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) en het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR). In het bijzonder benoemen art. 7 EVRM en art. 15 IVBPR het nulla poena-beginsel, daarover later meer. Het EVRM brengt ook positieve verplichtingen met zich mee, die de wetgever en rechter kunnen verplichten tot een bepaalde strafbaarstelling of interpretatie van een delictsomschrijving.

  • Daarnaast zijn er verdragen die Nederland verplichten tot strafbaarstelling van bepaalde feiten. De hierin overeengekomen delictsomschrijvingen moeten in de nationale wetgeving worden geïncorporeerd. Bij interpretatie door de strafrechter kan de bedoeling van het achterliggende verdrag naar voren komen.

  • In de derde plaats zijn er verdragen waarbij Nederland een deel van zijn strafrechtelijke autonomie prijs geeft. Dit heet ook wel supranationaal strafrecht.

Deze indeling is slechts een richtlijn. Het recht van de Europese Unie (EU) is van zeer groot belang voor het nationale strafrecht. De EU heeft de bevoegdheid richtlijnen, minimumvoorschriften, vast te stellen over strafbare feiten en sancties. Nederland moet er dus voor zorgen dat haar strafwetgeving aan deze richtlijnen voldoet. Naast deze positieve invloed is er ook een negatieve invloed vanuit de EU, wat wil zeggen dat nationale wetgeving geen inbreuk mag maken op bepaalde vrijheden. Wetgeving die dat wel doet, wordt ingetrokken of aangepast. Ook moet de strafrechter de nationale wetgeving aan het EU-recht toetsen en bij strijd buiten toepassing laten. Vragen rondom de interpretatie gaan naar het Hof van Justitie in Luxemburg in de vorm van prejudiciële vragen.

Ook het ongeschreven volkenrecht is een bron van internationaal recht. Dit is vooral van belang bij de rechtsmacht van Nederland om gedragingen strafbaar te stellen die in het buitenland door Nederlanders of buitenlanders worden begaan. Hierover meer in hoofdstuk 13.

Hoe is het Nederlands Wetboek van Strafrecht tot stand gekomen?

Het WvSr vormt de kern van de Nederlandse strafwetgeving. Dit komt met name doordat de algemene bepalingen uit het boek ook van toepassing zijn op strafbepalingen uit al die andere bijzondere wetten en verordeningen.

Toen in 1875 het ontwerp voor het eerste eigen Nederlands WvSr ingediend werd, was het de bedoeling dat álle misdrijven in het Tweede Boek en álle overtredingen in het Derde Boek van het WvSr zouden komen te staan. Door het complexer worden van de samenleving en de daarbij benodigde regelgeving bleek al snel dat dit niet praktisch was. Nu staan bijna alleen nog de klassieke/commune misdrijven (doodslag, verkrachting, diefstal enz.) en overtredingen in het WvSr; de rest staat in bijzondere wetten. De algemene beginselen van schuld, opzet, wederrechtelijkheid en causaliteit zijn ontwikkeld aan de hand van deze klassieke misdrijven.

Doordat men de strafbaarheid van die klassieke misdrijven vanzelfsprekend vond, bevat het WvSr eigenlijk geen verbodsbepalingen, maar delictsomschrijvingen; feiten die tot bestraffing kunnen leiden. In bijzondere wetten tref je juist wel ver/gebodsbepalingen aan. Op deze manier wist men ook zeker dat de gedragingen niet teveel over een kam geschoren werden. Niet alle vormen van doding zijn bijvoorbeeld (even) strafbaar.

Vanaf de 13e eeuw heeft zich een ontwikkeling voorgedaan die in Nederland resulteerde in het Eerste Boek (het algemene deel) van het WvSr. Het gaat hierbij om regels die voor bijna alle strafbepalingen gelden. Het is echter niet compleet; begrippen als opzet of causaliteit worden niet beschreven en moeten in begeleidende literatuur gevonden worden. Misschien wel het belangrijkste artikel is art. 91 Sr., dat stelt dat de bepalingen uit het Eerste Boek ook van toepassing zijn op strafbare feiten die niet in het WvSr zelf staan, tenzij de bijzondere wetgever – bij wet in formele zin – anders bepaalt (zoals bij Titel IX van boek 1). Lagere wetgevers zijn wel altijd aan het algemene deel gebonden.

Wat zijn krenkings- en gevaarzettingsdelicten?

Strafbepalingen zijn oorspronkelijk gemaakt om bepaalde rechtsgoederen (lees: rechtsbelangen), zoals het recht op leven evenals het openbaar gezag, te beschermen. Deze strafbepalingen bestaan uit krenkingsdelicten en gevaarzettingsdelicten. Bij krenkingsdelicten gaat het voornamelijk om gedragingen die een directe inbreuk maken op een beschermd rechtsgoed. Precies beschreven inbreuken en gedragingen zijn strafbaar; niet zozeer de achterliggende norm. Denk hierbij aan dood door schuld (307 Sr) en diefstal (310 Sr). Gevaarzettingsdelicten zijn te onderscheiden in concrete en abstracte delicten. Bij beide soorten is het niet vereist dat de gevaarlijke situatie zich ook daadwerkelijk heeft voorgedaan. Bij concrete gevaarzettingsdelicten is het al voldoende dat er een gevaarlijke situatie is geschapen, zoals 164 Sr, ‘het opzettelijk veroorzaken van gevaar voor het spoorwegverkeer’. Abstracte gevaarzettingsdelicten verbieden gedragingen die ‘mogelijk’ tot schending van een rechtsgoed zouden kunnen leiden, ze werken preventief. Opvallend bij deze laatste is dat er eigenlijk geen rechtsgoederen worden beschermd, maar dat normen worden gehandhaafd.

Hoe verhoudt het strafrecht zich tot het burgerlijk recht?

Op vele punten staan strafrecht en civiel recht tegenover elkaar. Dit maakt dat het strafrecht niet gebonden kan zijn aan de in het civiele recht gehanteerde terminologie. Er bestaan dus bepaalde disharmonieën tussen de terminologie van het strafrecht en die van andere rechtsgebieden. Zo werkt het strafrecht bijvoorbeeld met de zinsnede ‘aan een ander toebehoren’ dat niet overeenstemt met het civielrechtelijke begrip van bezit of eigendom. Er moet in dit soort gevallen rekening worden gehouden met het feit dat misverstanden kunnen ontstaan doordat dezelfde termen worden gebruikt en men daar van beide kanten een andere betekenis aan geeft. De term schuld kan in het strafrecht bijvoorbeeld leiden tot bestraffing en eist verwijtbaarheid, terwijl hier in het civiele recht een lichtere betekenis aan gegeven wordt die neigt naar een risicoaansprakelijkheid.

Indien de strafsanctie onderdeel is van een civiele bepaling kan de rechter zich alleen laten leiden door het civiele recht. In dit geval is er voor een eigen strafrechtelijke uitleg geen plaats. Dit geldt ook voor strafsancties in bijzondere wetten. De strafrechter moet zich bij de uitleg van de gebods- en verbodsbepalingen richten op wat in het betrokken rechtsgebied gebruikelijk is.

Hoe verhoudt het strafrecht zich tot het bestuursrecht?

Ook het bestuursrecht kent sancties. Hieronder vallen niet alleen het intrekken van een vergunning en het stopzetten van een subsidie, maar ook de oplegging van bestuurlijke boetes. Het Europese Hof in Straatsburg heeft geoordeeld dat een bestuurlijke boete moet worden aangemerkt als een criminal charge in de zin van art. 6 EVRM. Hierdoor moeten de voorwaarden van dit artikel worden nageleefd. Gezien ons nationale recht is een bestuurlijke boete echter geen strafsanctie, waardoor het Algemeen Deel van het Wetboek van Strafrecht niet, althans niet rechtstreeks, van toepassing is. Algemene regels over de bestuurlijke boete staan ondertussen wel in Hoofdstuk 5.4 van de Algemene wet Bestuursrecht, die sterke overeenkomsten laten zien met de regels uit het strafrecht. Zo ontwikkelt zich in het bestuursrecht een soort schaduwstrafrecht.

De bestuurlijke procedure biedt de burger minder waarborgen dan de strafrechtelijke procedure. Dit is bij lichte boetes niet zo’n groot bezwaar, maar hoe hoger de boetes worden, hoe wenselijker het wordt om voor strafrechtelijke handhaving te kiezen. Voor de oplegging van vrijheidsstraffen kunnen de waarborgen van het strafrecht niet worden gemist.

Inmiddels is er binnen het strafprocesrecht zelf ruimte gemaakt voor de oplegging van boetes door bestuursorganen. De mogelijkheid tot het opleggen van een strafbeschikking (art. 257a Sv) is nu ook voor bestuursorganen aanwezig. Het OM kan deze bevoegdheid verlenen aan bestuursorganen (art. 257ba Sv). Men spreekt hierbij van de bestuurlijke strafbeschikking.

Stampvragen

  1. Wat wordt er verstaan onder materieel strafrecht?

  2. Wat wordt er verstaan onder formeel strafrecht?

  3. Wat zijn krenkingsdelicten?

  4. Wat is het onderscheid tussen abstracte en concrete gevaarzettingsdelicten?

De hele tekst lezen? Alle JoHo tools gebruiken? Sluit je dan aan bij JoHo en log in!
 

Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

The world of JoHo footer met landenkaart

    Aansluiten bij JoHo met een JoHo abonnement

    JoHo abonnement (€20,- p/j)

    • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
    • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
    • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
    • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
    • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
    • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

     of met een JoHo donateurschap

    JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

    • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
    • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
    • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
    • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

     

    Aanmelden & Aansluiten bij JoHo 

    JoHo & Partnernieuws

    DSW: sluit voordelig je zorgverzekering af

    JoHo solidariteitskeuze

    JoHo: zoekt medewerkers voor tijdelijk en vast

    Werken, jezelf ontwikkelen en een ander helpen?

    JoHo zoekt medewerkers, op verschillend niveau, die willen meebouwen aan een betere wereld en een zich vernieuwende organisatie

    Vacatures en mogelijkheden voor vast werk en open sollicitaties

    Vacatures en mogelijkheden voor tijdelijk werk en bijbanen

    Vacatures en mogelijkheden voor stages en ervaringsplaatsen

      Chapters 

    Teksten & Informatie

    JoHo: paginawijzer

    Hoe werkt een JoHo Chapter?

     

    Wat vind je op een JoHo Chapter pagina

    •   JoHo Chapters zijn tekstblokken en hoofdstukken rond een specifieke vraag of een deelonderwerp

    Crossroad: volgen

    • Via een beperkt aantal geselecteerde webpagina's kan je verder reizen op de JoHo website

    Crossroad: kiezen

    • Via alle aan het chapter verbonden webpagina's kan je verder lezen in een volgend hoofdstuk of tekstonderdeel.

    Footprints: bewaren

    • Je kunt deze pagina bewaren in je persoonlijke lijsten zoals: je eigen paginabundel, je to-do-list, je checklist of bijvoorbeeld je meeneem(pack)lijst. Je vindt jouw persoonlijke  lijsten onderaan vrijwel elke webpagina of op je userpage
    • Dit is een service voor JoHo donateurs en abonnees.

    Abonnement: nemen

    • Hier kun je naar de pagina om je aan te sluiten bij JoHo, JoHo te steunen en zelf en volledig gebruik te kunnen maken van alle teksten en tools.

    Abonnement: checken

    • Hier vind je wat jouw status is als JoHo donateur of abonnee

    Aantekeningen: maken

    • Dit is een service voor wie bij JoHo is aangesloten. Je kunt zelf online aantekeningen maken en bewaren, je eigen antwoorden geven op tests, of bijvoorbeeld checklists samenstellen.
    • De aantekeningen verschijnen direct op de pagina en zijn alleen voor jou zichtbaar
    • De aantekeningen zijn zichtbaar op de betrokken webpagine en op je eigen userpage.

    Prints: maken

    • Dit is een service voor wie bij JoHo is aangesloten.  Wil je een tekst overzichtelijk printen, gebruik dan deze knop.
    JoHo: footprint achterlaten