Voor de meest recente samenvattingen en studiehulp zoek je hier op titel of auteur en kan je gebruik maken van het menu
JoHo: menu studiehulp & samenvattingen

 

Samenvatting Cultural Anthropology (Kottak)

Voorbeeld Hoofdstuk (Je toegangsniveau is niet voldoende voor het gebruiken van de volledige samenvatting)
Voorbeeld Hoofdstuk (Je toegangsniveau is niet voldoende voor het gebruiken van de volledige samenvatting): 

1: Antropologie

 

Diversiteit

Antropologie is de studie naar de menselijke soort en haar directe voorouders, een vergelijkende en holistische wetenschap. Het bestudeert de menselijke diversiteit in tijd en ruimte, het geheel van de menselijke gesteldheid: biologie, taal, samenleving en cultuur; heden, verleden en toekomst. Vooral het menselijke aanpassingsvermogen wekt grote interesse onder antropologen. Het leren kennen van het onbekende, het oncontroleerbare controleerbaar maken, gaan waar niemand eerder gegaan is en orde uit chaos creëren zijn wensen die bij alle mensen te vinden zijn.

Wat veel mensen niet weten, is dat antropologie veel meer is dan alleen het bestuderen van non-industriële bevolkingen. Het is een vergelijkende studie die samenlevingen onderzoekt, hoe oud, nieuw, simpel of complex ze ook zijn. Andere sociale wetenschappen concentreren zich vaak maar op één samenleving, meestal industrieel. Antropologie biedt daarentegen een uniek intercultureel (cross cultural) perspectief door het continu vergelijken van de gebruiken van de ene samenleving met die van een andere.

 

Cultuur

Niet alleen mensen leven samen in georganiseerde groepen, ook veel dieren doen dit. Cultuur is echter iets typisch menselijks. Cultuur is het doorgeven van tradities en gewoontes doorgeven door het aan te leren. Het vormt een richtlijn voor het geloof en het gedrag van de mensen die eraan worden blootgesteld.

Enculturatie is het proces waarbij kinderen de tradities leren door op te groeien in een bepaalde samenleving waar iedereen die tradities volgt. Ze leren hierdoor ook wat in hun samenleving wordt beschouwd als goed en slecht gedrag, een samenhang in denken en doen. Het meest cruciale element van de culturele tradities, is dat het wordt aangeleerd in plaats van biologisch geërfd. Toch bouwt cultuur wel op biologische capaciteiten zoals de mogelijkheid tot leren, symbolisch denken, taal gebruiken en het gebruiken van bijvoorbeeld gereedschap. Dit is allemaal nodig bij het opbouwen van een samenleving en het aanpassen aan de omgeving.

Antropologie confronteert en overpeinst de belangrijkste vragen van het menselijk bestaan door het onderzoeken van de menselijke biologische en culturele diversiteit in tijd en ruimte. Door het onderzoeken van oude botten en werktuigen kunnen bijvoorbeeld oude mysteries van de menselijke afkomst achterhaald worden. De mensensoort heeft zich in de loop van de eeuwen erg ontwikkeld, en zal zich blijven aanpassen en veranderen.

 

Aanpassen

Mensen passen zich altijd aan, bijvoorbeeld aan klimaat of terrein. Dit gebeurt niet alleen op biologische wijze, maar ook op cultureel vlak. Zoals mensen in hoge gebieden zich op alle mogelijke manieren aanpassen om genoeg zuurstof binnen te krijgen. De mensen heeft zichzelf geleerd om zich aan te passen aan verschillende omgevingen. Vooral de afgelopen 10,000 jaar is er sprake van culturele aanpassing. Het jagen en verzamelen van voedsel in de natuur is net voor die tijd vervangen door voedselproductie. Er ontstond een economie gebaseerd op plantenteelt en het hebben van dieren.

 

Meer recentelijk is de invloed van industriële productie op het leven van de mens, elke economische verandering heeft sociale en culturele gevolgen.

 

Vandaag de dag staat iedereen, direct of indirect, in verband met elkaar door het moderne wereldsysteem. Het bestuderen hoe kleine groepen mensen of lokale groepen zich aanpassen door globale invloeden is een nieuwe uitdaging in de antropologie, oftewel: “The cultures of world peoples need to be constantly rediscovered as these people reinvent them in changing historical circumstances” (Marcus and Fischer 1986, p. 24).

 

Algemene antropologie

Algemene antropologie is de antropologie in zijn geheel: culturele, archeologische, biologische en sociolinguïstische antropologie. Culturele antropologie is de afkorting voor sociaal-culturele antropologie en van de 4 subdisciplines het meest gestudeerde.In de 19e eeuw kwam antropologie op in het wetenschappelijke veld. De eerste antropologen waren voornamelijk geïnteresseerd in de geschiedenis en cultuur van de oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika. Hierdoor gingen ze hun gewoontes, sociale leven, taal en lichamelijke kenmerken bestuderen. De link met biologie (bijvoorbeeld rassen) werd ook als belangrijk beschouwd door de antropologen. “In World history, those who have helped to build the same culture are not necessarily of one race, and those of the same race have not all participated in one culture. In scientific language, culture is not a function of race” (Benedict 1940, Ch. 2). In Amerika worden de 4 subdisciplines gecombineerd in de term antropologie, in Europa bestaan de vormen echter naast elkaar en niet samen.

 

Culturele en archeologische antropologen bestuderen o.a. veranderingen in het sociale leven en gewoontes. Archeologen hebben onderzoek naar levende samenlevingen en gedragspatronen gebruikt om te bedenken hoe het leven er in het verleden uit zou hebben gezien. Biologische antropologen onderzoeken evolutionaire veranderingen in lichamelijke kenmerken, bijvoorbeeld anatomische veranderingen die te maken kunnen hebben met de oorsprong van het gebruik van gereedschap of taal. Linguïstische antropologen proberen oude talen te reconstrueren door het bestuderen van moderne talen.

 

Algemene antropologie onderzoekt de basis van de menselijke biologie, samenlevingen en cultuur en zoekt naar onderlinge verbanden. Antropologen delen bepaalde belangrijke aannames. Het idee dat correcte conclusies over de menselijke aard niet kunnen worden afgeleid uit het bestuderen van een enkele natie, maatschappij of culturele traditie is misschien wel de meest belangrijke.

 

Menselijke biologie

Biocultureel is het combineren van biologische en culturele perspectieven, om bepaalde kwesties beter te begrijpen of op te lossen. Culturele tradities zorgen voor bepaalde activiteiten en mogelijkheden, ontmoedigen andere en stellen normen aan het uiterlijk. Welke sport populair is verschilt ook per cultuur. Culturele standaarden van aantrekkelijkheid en gepast gedrag beïnvloeden deelname en uitkomsten bij sport. Brazilianen vinden vrouwelijke rondingen mooi, terwijl in Amerika juist geldt: hoe dunner, hoe mooier. En dus sporten Amerikanen meer en fanatieker dan de meeste Brazilianen. Zwemmen is een sport die niet veel beoefend wordt door Braziliaanse vrouwen, omdat het lichaam hier mannelijke vormen van krijgt.

 

Culturele antropologie

Culturele antropologie is de studie naar de menselijke samenlevingen en culturen. Het beschrijft, analyseert, interpreteert en legt de sociale en culturele overeenkomsten en verschillen uit. Voor het bestuderen en interpreteren hebben antropologen twee manieren: etnografie en etnologie.

 

Etnografie is gebaseerd op veldwerk en biedt een verslag van een bepaalde gemeenschap, samenleving of cultuur. Tijdens etnografisch veldwerk verzamelt de etnograaf informatie, door middel van observatie, om een duidelijk beeld van een gemeenschap te kunnen geven, waarvan hij een boek, artikel of film van maakt. Al vanaf het begin gaan etnografen tijdelijk in kleine gemeenschappen wonen en lokaal gedrag, opvattingen, gewoontes, sociaal leven, economie, activiteiten, politiek en religie bestuderen. Economische en politieke wetenschappen richten zich meestal op grote organisaties en elite, maar etnografen bestuderen juist de relatief arme en machtsloze mensen. Andere wetenschappen richten zich op de plannen die mensen met macht maken, terwijl etnografen de effecten op lokaal niveau onderzoeken.

Cultuur is niet geïsoleerd: “Human populations construct their cultures in interaction with one another, and not in isolation” (Wolf 1982, p. ix). Mensen uit kleinere dorpen en steden krijgen steeds meer te maken met regionale, nationale en globale gebeurtenissen. Dit komt o.a. door massamedia, migratie en de moderne transportmogelijkheden. Toeristen, ontwikkelingsmedewerkers, ambtenaren etc. dringen hierdoor steeds vaker door tot de lokale gemeenschappen. Moderne antropologie richt zich daarom steeds meer op de verbanden en systemen van regionaal, nationaal en globaal niveau.

 

Etnologie is gebaseerd op interculturele vergelijking. Het onderzoekt, interpreteert, analyseert en vergelijkt de resultaten van etnografie in verschillende samenlevingen. Ook archeologie is een belangrijke informatiebron. Etnologie vergelijkt en maakt tegenstellingen om algemeenheden over samenlevingen en cultuur te kunnen geven. Etnologen proberen culturele verschillen en overeenkomsten te ontdekken en uit te leggen, ze testen hypotheses en ontwerpen een theorie om ons beter te laten begrijpen hoe sociale en culturele systemen werken.

 

Archeologische antropologie

Archeologische antropologie, ook wel archeologie, reconstrueert, beschrijft en interpreteert het menselijke gedrag en culturele patronen door materiële overblijfselen. Door het analyseren van de verkregen informatie kunnen ze vragen over oude samenlevingen beantwoorden. Veel archeologen onderzoeken paleo-ecologie. Ecologie is de studie van onderlinge verbanden tussen levende dingen in een milieu. De organismen en omgeving samen vormen een ecosysteem. Menselijke ecologie bestudeert ecosystemen inclusief mensen, concentrerend op de manieren waarop mensen gebruik maken van “nature influences and cultural values” (Bennett 1969, pp. 10-11). Paleo-ecologie doet onderzoek naar de ecosystemen in het verleden.

Naast het reconstrueren van deze ecologische patronen, leiden archeologen ook vaak culturele transformaties af. Door bijvoorbeeld te kijken naar de hoeveelheid steden in een vroegere samenleving, kan de sociale complexiteit worden gemeten. Door uitgravingen doen archeologen ook kennis op over gedrag en levensstijl. Verschillende lagen op elkaar bevatten informatie over verschillende tijden, waardoor veranderingen op economisch, sociaal en politiek gebied duidelijk worden.

 

Ondanks dat archeologen bekend staan om het bestuderen van de prehistorie, voordat mensen konden schrijven, bestuderen ze ook historische en zelfs levende mensen. In 1973 heeft archeoloog William Rathje veel geleerd over het moderne leven door afval te onderzoeken: ‘garbology’. Dit levert volgens hem “evidence of what people did, not what they think they did, what they think they should have done, or what the interviewer thinks they should have done’’ (Harrison, Rathje, and Hughes 1994, p. 108).

 

Biologische antropologie

Biologische antropologie, ook wel fysische antropologie, heeft als onderwerp van onderzoek de menselijke biologische diversiteit. Er wordt onderscheid gemaakt tussen 5 deelonderwerpen binnen dit vakgebied:

  1. Paleo-antropologie: de evolutie van de mens onthuld door fossielen;

  2. Menselijke erfelijkheid;

  3. Groei en ontwikkeling van de mens;

  4. Menselijke biologische plasticiteit (het vermogen van het menselijk lichaam om zich aan te passen aan verschillende situaties, zoals bij hitte, kou en hoogte);

  5. De biologie, evolutie, gedrag en het sociale leven van niet-menselijke primaten.

 

Deze onderwerpen leggen een verband tussen biologische antropologie en andere wetenschappen, zoals bijvoorbeeld biologie, zoölogie en geologie. Meer dan een eeuw geleden heeft Darwin opgemerkt dat de verschillen die bestaan tussen mensen binnen een populatie ertoe kunnen leiden dat de één meer kans heeft op overleven en voortplanten dan de ander. Erfelijkheidsleer heeft daarna de oorzaken en de overdracht van deze variëteit tot studie gemaakt. Maar niet alleen genen zijn reden voor de verschillen, ook de omgeving waarin iemand opgroeit werken hieraan mee. Binnen een lange familie kan het bijvoorbeeld best voorkomen dat een kind klein blijft door ondervoeding in de eerste jaren van zijn leven. Biologische antropologie onderzoekt dus ook de invloed van de omgeving op het groeiende lichaam. Het omvat ook primatologie, die primaten bestuderen in hun natuurlijk omgeving. En primatologie helpt weer mee aan paleo-antropologie, want hoe de primaten zich gedragen kan ons meer te weten laten komen over het eerste menselijke gedrag en de menselijke aard.

 

Linguïstische antropologie

We zullen waarschijnlijk nooit te weten komen wanneer de mens voor het eerst is gaan praten, hoewel biologische antropologen en primatologen wel naar de anatomie van het gezicht en communicatie bij apen hebben gekeken. We kunnen wel met zekerheid zeggen dat goed ontwikkelde, grammaticale talen al duizenden jaren bestaan. Linguïstische antropologie bestudeert taal in haar sociale en culturele context, in tijd en ruimte. Zo kunnen ze moderne talen vergelijken met oude talen en iets leren over de plaatselijke geschiedenis.

Sociolinguïstiek onderzoekt de relaties tussen sociale en taalkundige variatie, want er bestaat geen enkele taal die iedereen precies hetzelfde spreekt. Er zijn door geografie verschillende accenten en dialecten ontstaan en er zijn tweetalige bevolkingen.

Linguïstische en culturele antropologen werken samen in het onderzoeken van verbanden tussen taal en andere aspecten van cultuur, zoals hoe mensen verwantschap beschouwen en huidskleuren waarnemen en beoordelen.

 

Andere wetenschappen

Een van de grootste verschillen tussen antropologie en andere wetenschappen is dat antropologie holistisch is en de andere wetenschappen niet. Antropologie mengt biologische, sociale, culturele, linguïstische, historische en moderne perspectieven. Hoewel dit de wetenschappen onderscheidt legt het ook verbanden met de andere wetenschappen, waardoor er vaak samenwerking tussen verschillende wetenschappen ontstaat. Omdat het zowel wetenschappelijk als humanistisch is, heeft het ook veel overeenkomsten met andere wetenschappen. Antropologie is dus een humanistische wetenschap, “a systematic field of study or body of knowledge that aims, through experiment, observation, and deduction, to produce reliable explanations of phenomena, with reference to the material and physical world” (Webster’s New World Encyclopedia 1993, p. 937). Antropologen willen verschillen en overeenkomsten tussen mensen en onze voorouders in tijd en ruimte ontdekken, beschrijven en begrijpen. Clyde Kluckhohn (1944) beschreef antropologie als “the science of human similarities and differences” en de noodzaak van het vakgebied: “Anthropology provides a scientific basis for dealing with the crucial dilemma of the world today: how can peoples of different appearance, mutually unintelligible languages, and dissimilar ways of life get along peaceably together?” (Clyde Kluckhohn 1944, p. 9).

Naast de verbanden met de natuurlijke en sociale wetenschappen, zijn er ook verbanden tussen antropologie en geesteswetenschappen, zoals Engels, vergelijkende literatuur, folklore, filosofie en kunst. Vooral etnomusicologie, dat de vormen van muzikale expressie op globale basis onderzoekt, heeft een sterk verband met antropologie.

 

Antropologen luisteren naar, nemen op en representeren de stemmen van een groot aantal naties en culturen. Het waardeert lokale kennis, verschillende wereldbeelden en alternatieve filosofieën. Culturele en linguïstische antropologie brengen een vergelijkend en niet elitair perspectief aan vormen van expressie, zoals ze in sociale en culturele context worden geuit.

 

Sociologie

Culturele antropologie en sociologie delen hun interesse in sociale relaties, organisatie en gedrag. De oorzaak van de verschillen tussen de wetenschappen zijn te vinden in de traditioneel onderzochte populaties. Sociologen concentreerden zich voornamelijk op het industriële Westen, en antropologen op non-industriële samenlevingen. Omdat de omgang met een industriële samenleving anders is dan die van een non-industriële samenleving, ontstonden er verschillende methoden om informatie te verzamelen. Om op grote schaal onderzoek te doen binnen complexe landen, ontwierpen sociologen vragenlijsten en andere middelen om kwantitatieve data te verzamelen. Steekproeven en statistische technieken behoren tot de basis van sociologie, terwijl dit veel minder voorkomt bij antropologie. Dit is echter wel aan het veranderen, omdat antropologen steeds meer in moderne landen werken.

 

 

 

Traditionele etnografen werkten in kleine en niet geletterde gemeenschappen en werkten met methoden die daar geschikt voor waren. “Ethnography is a research process in which the anthropologist closely observes, records, and engages in the daily life of another culture – an experience labeled as the fieldwork method – and then writes accounts of this culture, emphasizing descriptive detail’’ (Marcus and Fischer 1986, p. 18). Deze quote gaat over een van de belangrijkste methodes van etnografie: participerende observatie.

 

Antropologie en sociologie komen tegenwoordig op veel gebieden samen. Het moderne wereldsysteem groeit en sociologen doen steeds meer onderzoek in ontwikkelingslanden en andere plaatsen waar eerst voornamelijk antropologen werkten. Veel antropologen werken tegenwoordig ook in industriële landen, waar ze verschillende nieuwe onderwerpen onderzoeken, waaronder het leven in steden en de rol van massamedia in het creëren van nationale culturele patronen.

 

Psychologie

Net als sociologen doen veel psychologen onderzoek in hun eigen samenleving. Maar stellingen over de psychologie van de mens in het algemeen kan niet gebaseerd worden op observaties in één samenleving, of één type samenleving. Er is een gedeelte van culturele antropologie dat ook wel psychologische antropologie wordt genoemd, en dit onderzoekt interculturele variatie in psychologische eigenschappen. Door verschillende opvoeding en scholing, leren kinderen bijvoorbeeld verschillende waarden.

 

Branislaw Malinowski, die al vroeg bijdragen heeft geleverd aan het onderzoek naar de interculturele aspecten van de menselijke psychologie, heeft veldwerk gedaan bij de Trobriand eilandbewoners. Zij beschouwen verwantschap als matrilineair, ze zien zichzelf alleen gerelateerd aan hun moeder en niet aan hun vader. Alleen de broer van de moeder mag het kind straffen en de relatie met de vader is alleen liefdevol.

Volgens Freud zou het Oedipuscomplex een bepaalde afstand creëren tussen een zoon en de seksuele partner van zijn moeder, meestal dus de vader, gebaseerd op jaloezie. In de samenleving van Trobriand was dit echter niet het geval. Malinowksi concludeerde dus dat de structuur van autoriteit meer invloed had op de vader-zoonrelatie dan seksuele jaloersheid. Ondanks kritiek op zijn conclusie nemen veel antropologen wel aan dat individuele psychologie gevormd wordt door specifieke culturele context.

 

Toepassing

De Amerikaanse Antropologische Vereniging (American Anthropological Association, AAA), heeft de publieke rol van antropologie weergegeven door er 2 dimensies aan toe te schrijven: academische antropologie en toegepaste antropologie. De laatste houdt in dat antropologische informatie, perspectieven, theorieën en methoden worden gebruikt om huidige sociale problemen te herkennen, beoordelen en oplossen. Volgens Erve Chambers is toegepaste antropologie “the field of inquiry concerned with the relationships between anthropological knowledge and the uses of that knowledge in the world beyond anthropology.’’

 

 

 

 

Toegepaste archeologie, ook wel publieke archeologie, omvat werkzaamheden als historisch behoud en ‘cultural resource management’ (CRM). CRM bepaalt wat er gered moet worden en behoudt belangrijke informatie over het verleden als het onderzoeksterrein niet gered kan worden door bijvoorbeeld de aanleg van een nieuwe snelweg. CRM zorgt niet alleen dat onderzoeksterreinen worden beschermd, maar ook toestaan dat de minder belangrijke stukken grond wordt vernield. Toepassende culturele antropologen werken soms samen met publieke archeologen door de problemen die veroorzaakt worden voor de mens door de voorgestelde verandering te beoordelen, en vaststellen hoe die verminderd kunnen worden.

 

Wetenschappelijke methode

Binnen sociaal-culturele antropologie is etnografie de vergelijkende wetenschap die culturele verschillen en overeenkomsten probeert vast te stellen en uit te leggen, hypotheses te testen en theorieën ontwikkelen om ons begrip over hoe een sociaal en cultureel systeem werkt te vergroten. De informatie die nodig is voor etnologie is afkomstig uit verschillende samenlevingen in verschillende tijden en plaatsen en kan dus verkregen zijn door etnografen of archeologen. Etnologen vergelijken, vormen tegenstellingen en maken algemene stellingen over samenlevingen en culturen.

 

Verschillende termen

Een theorie zijn ideeën die zo geformuleerd worden dat ze iets uitleggen. Een effectieve theorie biedt een uitleg die kan toegepast worden op meerdere zaken. Zo zijn etnologische theorieën ervoor om sociaal-culturele verschillen en overeenkomsten uit te leggen en evolutionaire theorieën om biologische verbanden te verklaren.

Een associatie is een geobserveerd verband tussen 2 of meer variabelen, zoals de samenhang tussen de lengte van de lengte van de nek van een giraffe en het aantal nakomelingen.

 

Theorieën zijn algemener dan associaties en suggereren of impliceren meerdere verbanden en proberen deze uit te leggen. Of de theorie klopt wordt getest door herhaaldelijke observaties. Elke wetenschap wil betrouwbare verklaringen vinden die toekomstige gebeurtenissen voorspellen. Goede voorspellingen kunnen tegen tests die ontworpen zijn om ze te weerleggen (falsifiëren). Wetenschappelijke experimenten baseren zich op informatie die kan worden verkregen door experimenten, observatie en andere systematische procedures. Wetenschappelijke oorzaken zijn materieel, fysiek of natuurlijk.

 

Wetenschappers streven ernaar om hun begrip van de wereld te verbeteren door het testen van hypotheses (voorgestelde maar nog niet bewezen verklaringen). Een verklaring moet aantonen hoe en waarom hetgeen dat nog niet begrepen wordt (het ‘explicandum’ of de afhankelijke variabele) wordt geassocieerd met of gerelateerd is aan iets anders, de onafhankelijke variabele. Een vereiste is dat als de ene variabele veranderd, de andere dit ook doet.

 

Algemene verbanden tussen variabelen worden wetten genoemd. Verklaringen op basis van die wetten zorgen ervoor dat we het verleden beter begrijpen en de toekomst kunnen voorspellen. Als gister water kookte op 100 graden Celsius, zal dat morgen ook gebeuren omdat dit is vastgesteld door herhaaldelijk uitproberen.

 

Maar bij de sociale wetenschappen worden associaties meestal vermeld als waarschijnlijkheden en niet als wetten. Er zijn altijd uitzonderingen omdat mensen niet altijd hetzelfde reageren. Theorieën suggereren patronen, connecties en relaties die bevestigd kunnen worden door nieuw onderzoek omdat ze nieuwe vragen oproepen.

 

Stappenplan

1. Bedenk een onderzoeksvraag.

Waarom hebben sommige samenlevingen lange postpartum (na de bevalling) taboes?

2. Stel een hypothese op.

Het uitstellen van seks verkleint de kans op de dood van het pasgeboren kind als het eten weinig proteïne bevat.

3. Veronderstel een mechanisme.

Baby’s krijgen meer proteïne binnen als ze langer verzorgd worden door de moeder; het verzorgen van een kind is geen betrouwbaar anticonceptiemiddel.

4. Verzamel informatie om je hypothese te testen.

Een willekeurige steekproef of interculturele informatie van verschillende samenlevingen.

5. Bedenk een manier om te meten.

Het coderen van samenlevingen die wel een taboe hebben van 1 of meer jaren met 1, als ze dit niet hebben; 1 als ze weinig proteïne binnenkrijgen en 0 als ze dit wel krijgen.

6. Analyseer je informatie.

Zoek naar patronen in de informatie: lange postpartum taboes zijn vaker te vinden in samenlevingen waar ze weinig proteïne binnenkrijgen. In samenlevingen waar ze dit wel veel binnenkrijgen is geen sprake van deze taboes. Gepaste statistische methodes worden nu gebruikt om de sterkte van de verbanden te evalueren.

7. Trek een conclusie.

Meestal wordt de hypothese bevestigd.

8. Leid gevolgen af.

De taboes verdwijnen vaak als het eten beter wordt of nieuwe technologieën beschikbaar worden.

9. Lever een bijdrage aan een grotere theorie.

Culturele gewoontes kunnen belangrijk zijn in het vergroten van de overlevingskans van kinderen.

 

Dit stappenplan wordt niet alleen gebruikt bij etnologie, maar ook bij andere antropologische onderzoeken. Het hoeft ook niet om 1 onderzoeksvraag te draaien, vaak verzamelen antropologen informatie om meerdere hypotheses over gedrag en houding op uit te testen.

 

 

Voor toegang tot deze pagina kan je inloggen

 

Inloggen (als je al bij JoHo bent aangesloten met een abonnement)

   Aansluiten   (voor online toegang tot alle webpagina's)

 

Hoe het werkt

 

Lees hieronder meer over aansluiten bij JoHo

    JoHo abonnement (€20,- p/j)

    • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
    • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
    • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
    • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
    • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
    • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

    JoHo abonnement met service-pakket (€20,- + €60,-)

    • Voor wie de boeksamenvattingen voor zijn of haar studie of studiegebied gratis thuisgestuurd wil krijgen
    • Voor wie gebruik wil maken van de basisservices voor zijn of haar vrijwilligersorganisatie of instelling die de JoHo doeleinden steunt
    • Voor wie gebruik wil maken van de emigratie- en expatservices

    JoHo donateur (WorldSupporter) worden

    JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

    • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
    • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
    • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
    • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

     

    Sluit je een abonnement af in de periode juli tot en met december, dan maak je in de eerste maanden gratis gebruik maken van je de voordelen & services bij je abonnement. Je abonnementsbijdrage geldt dan ook voor het volgende kalenderjaar.

     

    Aanmelden bij JoHo

     

    Study note: begrijpen

     

     

     

    Study note: te gebruiken bij
    Crossroad: relaties

    Uitgebreide samenvatting van het gehele boek. Gebaseerd op de meest recente druk.

    JoHo: benodigd toegangsniveau
    • Member (donateur)