Voor de meest recente samenvattingen en studiehulp zoek je hier op titel of auteur en kan je gebruik maken van het menu
JoHo: menu studiehulp & samenvattingen

 

Samenvatting van het boek: Het hedendaagse personen-en familierecht (Vlaardingerbroek 7e druk 2014)

Voorbeeld Hoofdstuk (Je toegangsniveau is niet voldoende voor het gebruiken van de volledige samenvatting)
Voorbeeld Hoofdstuk (Je toegangsniveau is niet voldoende voor het gebruiken van de volledige samenvatting): 

Hoofdstuk 1: Het personen- en familierecht in ontwikkeling: een inleiding

1.1 Gezin en familie in Nederland vanuit sociologisch oogpunt

De inhoud van het personen- en familierecht hangt sterk samen met de ontwikkeling van de familie en het gezin in de Nederlandse samenleving. Het gezin heeft zich meer afgesloten van familie, kerk en buurt en werd zelfstandiger (autonoom). Het familie- en gezinsleven is steeds zelfstandiger geworden, oftewel het gezin werd autonoom. Het samenleven van gezinsleden wordt niet meer automatisch gekoppeld aan het huwelijk. Na een (echt)scheiding wordt vaak weer een nieuwe relatie aangegaan (seriële monogamie). Dit alles leidt ertoe dat het gezinsleven een meer pluriform gezicht krijgt, ook mede doordat Nederland een immigratieland is geworden met diverse culturen. Samenvattend, het gezin heeft een moderniseringsproces doorgemaakt. Dit proces heeft vergaande gevolgen gehad voor het personen- en familierecht.

1.2 Gezin en familie vanuit juridisch oogpunt

In 1971 zijn de restrictieve echtscheidingsgronden vervangen door één grond, namelijk de duurzame ontwrichting van het huwelijk. Andere samenlevingsvormen, zoals het geregistreerd partnerschap, zijn gedeeltelijk wettelijk geregeld en een groot aantal ongelijkheden tussen man en vrouw zijn afgeschaft. Sinds 1 april 2001 bestaat de mogelijkheid voor personen van hetzelfde geslacht om te trouwen en gezamenlijk een kind te adopteren. Sinds 1 april 2014 is het geregistreerd partnerschap gelijk gesteld met het huwelijk. De rechtspositie van minderjarigen is versterkt. En de mensenrechten zijn erg belangrijk, met name het recht van eenieder op eerbiediging van het familie- en gezinsleven en het daarop betrekking hebbende discriminatieverbod.

1.3 De rechtsbeginselen in het personen- en familierecht

De rechtsbeginselen vormen het algemeen aanvaarde moraal van het personen- en familierecht. Als klassieke rechtsbeginselen worden onderscheiden: het gelijkheidsbeginsel, het vrijheidsbeginsel en het verantwoordelijkheidsbeginsel. De beginselen kunnen elkaar beperken.

1.3.1 Het vrijheidsbeginsel

Het beginsel van vrijheid houdt in dat personen zoveel mogelijk vrij moeten zijn in de keuzes van hun samenlevingsvorm en in de wijze van verzorging en opvoeding van minderjarige kinderen door de ouders. Slechts als zij niet aan minimale verplichtingen voldoen, kan op die vrijheid inbreuk worden gemaakt.

1.3.2 Het gelijkheidsbeginsel

Volgens het beginsel van gelijkheid moeten gelijke gevallen gelijk behandeld worden en ongelijke gevallen ongelijk in de mate van onderscheid.

1.3.3 Het verantwoordelijkheidsbeginsel

Bij het beginsel van verantwoordelijkheid wordt de overheid steeds meer aangemerkt als mede verantwoordelijk voor het kunnen realiseren van een normaal familie- en gezinsleven door betrokkenen in de samenleving.

1.4. De plaats van het personen- en familierecht

1.4.1 Vanuit nationaal oogpunt

Het personen- en familierecht heeft zijn regeling in Boek 1 BW. In de Titels 1 t/m 20 zijn onderwerpen als de naam, de persoon, het huwelijk, de echtscheiding en de bescherming van minderjarigen geregeld.

Naast deze belangrijke rechtsbron bestaan ook andere nationale regelgevingen die betrekking hebben op het personen- en familierecht. Bijvoorbeeld de Rijkswet op het Nederlanderschap, de Wet op de jeugdzorg en aanverwante regelingen en de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting.

1.4.2 Vanuit internationaal oogpunt

 Ook internationale regelgeving op het terrein van het personen- en familierecht is van belang. In 1948 zijn de Universele Verklaring voor de rechten van de mensen en in 1959 de Verklaring van de rechten van het kind tot stand gekomen. De nationale regels van het personen- en familierecht in Nederland mogen met deze mensenrechtenverdragen niet in strijd zijn. De belangrijkste verdragen zijn het EVRM (1950), het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBP, 1961), het Internationaal Verdrag inzake de rechten van het kind (IVRK, 1989) en het Internationaal Verdrag inzake sociale, economische en culturele rechten (1961). Het EVRM heeft de grootste invloed op ons personen- en familierecht.

Op het recht van een ieder op respect voor zijn familie- en gezinsleven en privéleven wordt het vaakst beroep wordt gedaan. Dit recht is neergelegd in art. 8 EVRM, art. 12 Universele Verklaring van de rechten van de mens, art. 17 IVBP en art. 16 IVRK. De artikelen 34 en 35 EVRM regelen het klachtrecht. Indien een minderjarige van mening is dat een recht uit het EVRM jegens hem is geschonden en zijn wettelijke vertegenwoordiger weigert een gerechtelijke procedure te starten, dan kan hij een verzoek indienen bij de kantonrechter tot het benoemen van een bijzondere curator. De curator kan namens hem een procedure voor een nationaal gerecht starten. Bij afwijzing van het verzoek kan de minderjarige zelfstandig een klacht indienen bij de Europese Commissie in Straatsburg.

Het is voor de bestudering van ons personen- en familierecht van belang art. 8 EVRM te bespreken.

A Wat wordt verstaan onder familie- en gezinsleven?

Wanneer is er sprake van familie- en gezinsleven?

Familie- en gezinsleven is een verzamelnaam voor een verzameling van betrekkingen bestaande tussen personen die deel uitmaken van een bepaald gezin en/of een bepaalde familie. Het begrip familie- en gezinsleven heeft een dynamisch karakter.

Op grond van de Europese rechtspraak over art. 8 EVRM wordt familie- en gezinsleven aangenomen tussen onder andere een kind en zijn moeder, een kind en zijn biologische vader, een ongehuwd samenwonende vrouw en man en tussen echtgenoten. Voor het bestaan van familie- en gezinsleven is niet vereist dat ouder en kind samenwonen of dat de ouder daadwerkelijk een bijdrage levert aan de opvoeding en verzorging van het kind. Voor het bestaan van familie- en gezinsleven moet er tussen adoptanten en het geadopteerde en tussen grootouders en hun kleinkinderen een nauwe persoonlijke band met het kind bestaan. Ook de relatie tussen het kind en de sociale, niet-biologische, ouder kan gezinsleven in de zin van art. 8 EVRM opleveren.

Op grond van de nationale rechtspraak bestaat familie- en gezinsleven ook tussen broers en zussen, pleegouders en pleegkind, adoptiefouders en hun kind en tussen een vader en het door hem erkende kind. Dit is een niet-limitatieve opsomming.

Wanneer tussen kinderen en ouders familie- en gezinsleven bestaat, kan dit door latere gebeurtenissen komen te vervallen. Dit wordt echter niet snel aangenomen. Een enkel tijdsverloop is onvoldoende om te kunnen stellen dat het familie- en gezinsleven is beëindigd. Door adoptie van het kind kunnen bestaande banden van familie- en gezinsleven met de oorspronkelijke ouders komen te vervallen. Dit is echter niet noodzakelijk.

B Waaruit bestaat het familie- en gezinsleven: de inhoud van het begrip

Elementen van een familie- en gezinsleven hebben enerzijds betrekking op het feitelijk familie- en gezinsleven van betrokkenen en anderzijds op de juridische betekenis. Een ander criterium is een onderscheid tussen de elementen van materieelrechtelijke aard en van formeelrechtelijke aard.

Materieelrechtelijke elementen zijn wettelijke familiebanden, verzorging en opvoeding van kinderen, wederzijds genot van elkaars gezelschap (recht op omgang), verblijf in een ander land, geslachtsnaam, levensonderhoud en nalatenschap.

De wettelijke familieband

Indien tussen een ouder en een kind familie- en gezinsleven bestaat, dan vloeit daaruit voort dat tussen hen vanaf de geboorte of zo snel mogelijk daarna familierechtelijke betrekkingen worden gevestigd. In de nationale wet moeten waarborgen zijn opgenomen die het mogelijk maken dat een kind deel uit kan maken van zijn familie.

De opvoeding en verzorging van de kinderen

Een belangrijk element van het familie- en gezinsleven is de opvoeding en verzorging van de kind door de ouders. Dit blijkt expliciet uit Beginsel 6 VN-Verklaring van de rechten van het kind en art. 7.1 en 18.1 IVRK. De ouders hebben verscheidene verplichtingen en rechten betreffende de opvoeding en verzorging van het kind en zij hebben zeggenschap over het kind. Het familie- en gezinsleven brengt bijvoorbeeld mee dat ouders bepalen waar de verblijfplaats van hun kind is of aan anderen toestemming geven om deze te bepalen.

Het wederzijds genot van elkaars gezelschap

Ouders en kinderen die gescheiden van elkaar leven hebben recht op omgang met elkaar.

Indien ouders en kind tijdelijk van elkaar gescheiden leven door toepassing van een maatregel van kinderbescherming, kunnen zij er aanspraak op maken weer zo spoedig mogelijk met elkaar herenigd te worden (recht op herenigingmaatregelen).

Het verblijf in een ander land

Dit ziet op de gezinsvorming of gezinshereniging door in Nederland legaal verblijvende personen. Indien objectieve obstakels verhinderen dat de betreffende personen het gezinsleven kunnen uitoefenen in het land waarvan een van hen de nationaliteit heeft, dan kan uitzetting of toelating in strijd zijn met art. 8 EVRM.

Geslachtsnaam

Een geslachtnaam geeft aan dat men tot een bepaalde familie behoort. Tevens is het een middel van persoonlijke identificatie. Ook de voornaam wordt als zodanig beschouwd.

Nalatenschap en levensonderhoud

Ook de wettelijke erfrechtelijke aanspraken of het levensonderzoek zijn onderdeel van het familie- en gezinsleven.

De procedurele aspecten

Wat betreft de procedurele elementen hebben ouders het recht tijdig te worden betrokken in gerechtelijke of administratieve procedures die de verzorging van hun kind betreft, zodat er nog rekening gehouden kan worden met hun zienswijze bij het nemen van de beslissing. Pleegouders en pleegkind hebben evenals ouders recht op hoger beroep van een beslissing inzake een kinderbeschermingmaatregel en zij mogen zelf ook om een dergelijke kinderbeschermingmaatregel verzoeken.

C De verplichtingen voor de overheid

De Nederlandse staat mag niet zodanig handelen ten opzichte van haar burgers dat daardoor op ongerechtvaardigde wijze inbreuk wordt gemaakt op het recht op eerbiediging van het familie- en gezinsleven (negatieve verplichting). Dit is geen absoluut verbod, vanwege de rechtvaardigingsgronden genoemd in art. 8 lid 2 EVRM. Zo'n inmenging kan alleen op een wettelijke grondslag berusten, welke voldoende duidelijk en concreet van inhoud zijn. Daarnaast moet de overheidsinmenging noodzakelijk en evenredig zijn, ter bescherming van de in lid 2 opgesomde belangen (bescherming van de rechten en vrijheden van anderen, bescherming van openbare orde, bescherming van gezondheid of goede zeden, en openbare veiligheid). Het gaat om een redelijke verhouding tussen de zwaarte van de verplichting en het doel dat daarmee wordt gediend. De overheid heeft ook een positieve verplichting. Op grond van het recht op respect voor familie- en gezinsleven kan van de staat verlangd worden dat deze zich zodanig actief opstelt dat diegenen die op haar grondgebied verblijven  de mogelijkheid hebben een normaal familie- en gezinsleven te leiden. Regelgeving moet de ontwikkeling van normale familie- en gezinsbanden tussen nauwe verwanten mogelijk maken en daarbij mag geen discriminerend onderscheid worden gemaakt. De verdragsnormen gelden als minimumverplichtingen.

D Het EVRM en de rechter

Als de nationale regelgeving op het terrein van het personen- en familierecht niet in overeenstemming is met het EVRM, kan de rechter verschillende beslissingen nemen. Hij kan door wetsinterpretatie de bestaande strijdigheid met het EVRM opheffen of de met het EVRM strijdige wetsbepaling buiten toepassing laten op grond van art. 94 Grondwet. Ook kan de rechter rechtstreekse voorzieningen aan de rechtzoekende geven op grond van een schending van art. 8 EVRM. Of de rechter stelt zich op het standpunt dat er in sprake is van een verdragsschending, maar dat een voorziening die zich wel verdraagt met het EVRM buiten de rechtsvormende taak van de rechter valt.

E Het EVRM en het privéleven

Soms is er geen sprake van familie- en gezinsleven, maar is er toch een rechtens te beschermen belang in het geding. Het EHRM heeft bepaald, dat ook al had de vreemdeling geen familie- en gezinsleven er desondanks sprake kon zijn van een privéleven, waaronder opleiding, scholing en relaties in verband met de uitoefening van een beroep vallen. Dit geldt eveneens voor zussen en broers, ook al leefden zij niet samen in een familie- en gezinsleven.

 

1.5 Het personen- en familierecht en buitenlanders

In ons land verblijft een groot aantal buitenlanders. De landen waar zij vandaan komen hebben allen hun eigen familierecht. Als buitenlanders tijdens hun verblijf in ons land te maken krijgen met familierechtelijke zaken (huwelijk, scheiding, geboorte), dan rijst de vraag of de Nederlandse rechter bevoegd is te beslissen en welk recht de rechter moet toepassen. Dit zijn vragen van internationaal privaatrecht, welke in dit boek niet aan de orde komen.

 

1.6 De harmonisatie van het personen- en familierecht

Tot op heden is er nog geen echte harmonisatie en unificatie van het personen- en familierecht. Er zijn echter wel ontwikkelingen voor een internationale samenwerking. Belangrijke initiatieven zijn ondernomen door de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht, waar het Haags Kinderbeschermingsverdrag uit voorkomt.

 

1.7 Het nationale personen- en familierecht

Het personen- en familierecht is constant in beweging, zowel op het gebied van de wetgeving als van de rechtspraak. Er zullen aldus verschillende rechtsbronnen moeten worden bestudeerd.

 

Voor toegang tot deze pagina kan je inloggen

 

Inloggen (als je al bij JoHo bent aangesloten met een abonnement)

   Aansluiten   (voor online toegang tot alle webpagina's)

 

Hoe het werkt

 

Lees hieronder meer over aansluiten bij JoHo

    JoHo abonnement (€20,- p/j)

    • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
    • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
    • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
    • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
    • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
    • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

    JoHo abonnement met service-pakket (€20,- + €60,-)

    • Voor wie de boeksamenvattingen voor zijn of haar studie of studiegebied gratis thuisgestuurd wil krijgen
    • Voor wie gebruik wil maken van de basisservices voor zijn of haar vrijwilligersorganisatie of instelling die de JoHo doeleinden steunt
    • Voor wie gebruik wil maken van de emigratie- en expatservices

    JoHo donateur (WorldSupporter) worden

    JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

    • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
    • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
    • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
    • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

     

    Sluit je een abonnement af in de periode juli tot en met december, dan maak je in de eerste maanden gratis gebruik maken van je de voordelen & services bij je abonnement. Je abonnementsbijdrage geldt dan ook voor het volgende kalenderjaar.

     

    Aanmelden bij JoHo

     

    Study note: begrijpen

     

     

     

    Crossroad: relaties

    Uitgebreide samenvatting van het boek. Gebaseerd op de meest recente druk.

    JoHo: benodigd toegangsniveau
    • Donateur met JoHo abonnement