Voor de meest recente samenvattingen en studiehulp zoek je hier op titel of auteur en kan je gebruik maken van het menu
JoHo: menu studiehulp & samenvattingen

 

Seeing Like a State: How Certain Schemes to Improve the Human condition Have Failed

Voorbeeld Hoofdstuk (Je toegangsniveau is niet voldoende voor het gebruiken van de volledige samenvatting)
Voorbeeld Hoofdstuk (Je toegangsniveau is niet voldoende voor het gebruiken van de volledige samenvatting): 

Hoofdstuk 1: De natuur en ruimte

 

Bepaalde vormen van kennis en controle vereist een vernauwing van een bepaalde visie. Het grote voordeel van een dergelijke tunnelvisie is dat een tunnelvisie zorgt voor een bepaalde focus op gelimiteerde aspecten van een complex en onwerkelijke realiteit. Deze vereenvoudiging aan de kant, maakt het fenomeen aan het centrum van het veld van de visie meer leesbaar en dus ook meer vatbaar voor voorzichtige aanpassingen en berekeningen. De uitvinding van wetenschappelijk bosbouw in de late 18e eeuw in Pruisen en Saksen dient als een model voor dit proces. In de loop van de wetenschappelijke geschiedenis is belangrijk op zijn eigen manier. Het wordt hier gebruikt als een metafoor voor vormen van kennis en manipulatieve karakteristieken van machtige instituten met scherp afgebakende belangen. Hiervan zijn de bureaucratische staten en grote commerciële bedrijven zijn daar de goede voorbeelden van.

 

De vroegmoderne Europese staat, voordat de wetenschappelijke bosbouw zich ontwikkelde, bekeek de bosbouwers voornamelijk door de fiscale ogen vanwege de belastingen. Andere factoren die meetelden voor de officiële management van het bedrijf waren bijvoorbeeld het hout voor de scheepsbouw, stedenbouw en brandstof voor de economische veiligheid van haar subjecten. Deze zorgen hadden namelijk wel de nodige impact op de belastingopbrengsten en veiligheid. Om een beetje te overdrijven, men meent dat de interesse van de Kroon in bossen was verdwenen door de fiscale blik. De opbrengsten van de hout die jaarlijks wordt vastgesteld.

 

Wetenschappelijke bosbouw was oorspronkelijk ontwikkeld tussen 1765 tot 1800, voornamelijk in Pruisen en Saksen. Uiteindelijk zou de wetenschappelijke bosbouw de basis vormen van bosbouwmanagementtechnieken in Frankrijk, Engeland, de Verenigde Staten en in de ontwikkelingslanden. Deze opkomst kan niet los worden gezien van de grotere context van de gecentraliseerde staatsinitiatieven van die periode. Deze nieuwe bosbouwwetenschap was een subdiscipline die kameralisme werd genoemd. Dit was een poging om in het koninkrijk de fiscale management te vertalen naar wetenschappelijke principes die wel systematische planning vereiste. Traditionele bosbouw zorgde ervoor dat het bos werd verdeeld in voornamelijk gelijke gebieden. De gedachte hierachter was dat in de gebieden de bomen binnen een bepaald aantal jaren dienden te groeien. Een gebied werd elk jaar gekapt om een bepaald rendement te behalen. Door de slechte kaarten, de ongelijke distributie van de bomen met de meeste waarden en de maatregelen die werden genomen voor de bouw, waren de resultaten onbevredigend voor de fiscale planning.

 

Wanneer de utilistische staat niet het bestaande bos voor de commerciële bomen kon zien, dan was de visie van de utilistische staat abstract en onvolledig te noemen. Dit was niet echt uniek te noemen. Een bepaald niveau van abstractie is nodig voor zowel alle vormen van analyses en het is niet verrassend dat de abstracties door personeel van de staat vergeleken moet worden met de fiscale belangen van hun medewerker. De noot onder “forest” in Diderot’s Encyclopédie is bijna alleen gericht op de publieke producten die voortkomen uit de bosbouw met de belastingen, omzetten en opbrengsten die men moest afstaan. Het bos als verblijfplaats verdween en is vervangen door het bos als economische bron die effectief wordt gemanaged om er optimale rendement uit te halen. Er kan worden gesteld dat fiscale en commerciële belangen steeds meer op de voorgrond treden.

 

Voorzichtige exploitatie van bossen werd steeds belangrijker in de late 18 eeuw, omdat de fiscale overheden er zich steeds meer van bewust werden dat er een groeiend tekort was aan houd. Veel van de oude bossen of eiken en beuken waren langzamerhand gedegradeerd en het terugroeien van de bossen ging niet zo soepel als men had gehoopt. Het vooruitzicht van het rendement van de bossen was niet florissant te noemen, omdat de omzetten onder druk kwamen te staan door boeren die op zoek waren naar brandhout. Dat de staat zich zorgen maakte om deze ontwikkelingen was vooral goed te zien in de gefinancierde competities voor het ontwerpen van de meest efficiënte houtkachels.

 

De resultaten van Duitse bosbouwwetenschap met betrekking tot technieken voor het berekenen van de hoeveelheid van verkoopbare hout en de opbrengsten daarvan was erg indrukwekkend te noemen. Het was echter tijd voor een volgende stap. Deze stap was een poging om het zaaien, planten en kappen zorgvuldiger te regelen. Een bos was hierdoor makkelijker voor staatsbosbeheerders, omdat het tellen, manipuleren, inschatten en het verrichten van aanpassingen aan het bos hierdoor makkelijker werd. Het is een feit dat bosbouwwetenschap en geometrie, ondersteund door de staat, de capaciteit had om het chaotische, oude bos te transformeren in een nieuw, meer aangepast bos die voldoet aan de gestelde eisen. Ten slotte waren de minder grote bomen gekapt, het aantal soorten bomen werd verminderd (waardoor er vaak een monocultuur ontstond) en het planten van de bomen gebeurde tegelijkertijd en in een rechte lijn over een langere traject. De Duitse bos werd het voorbeeld van het organiseren van de ongeorganiseerde natuur door middel van een wetenschappelijke aanpak.

 

Hoeveel makkelijker was het om het nieuwe bos te moeten managen? Met lineaire rijen van bomen van dezelfde leeftijd, het kappen van bomen die niet van nut waren en het opnieuw planten van bomen werd het beheren van een bos steeds meer een routineklus. Door de toenemende orde in het bos werd het mogelijk voor bosmedewerkers om werkprotocollen te hanteren die breed konden worden toegepast. Een ongeschoolde en onervaren medewerker kon gemakkelijk zijn taken doen door het volgen van standaardregels. Het kappen van bomen van dezelfde breedte en lengte maakte het niet alleen mogelijk om het rendement goed te voorspellen, maar het maakte het ook makkelijker om deze producten te kunnen verkopen aan constructeurs en aan houtbewerkers. De commerciële gedachtegang en de bureaucratische gedachtegang waren hetzelfde. Dit betekende dat het ging om een systeem dat beloofde om te maximaliseren zodat de terugkeer van een enkel artikel op langere termijn aan de andere kant zich leende voor een gecentraliseerde organisatie van het management.

 

Het nieuwe bos was ook meer makkelijker te manipuleren voor experimenten. Nu dat het oude en complexe bos werd verruild voor een bos waarin de variabelen constant werden gehouden, was het simpeler om bepaalde effecten te onderzoeken. Het ging hier om zaken zoals vruchtbaarheid, regenval en wieden. Dit was wat er het meest in het buurt kwam van een boslaboratorium. Door de versimpeling van het bos werd het mogelijk voor de eerste keer, om bosmanagement te kunnen bedrijven onder diverse omstandigheden.

 

Het bos van de bestuurder was zeker niet het bos van de naturalist. Zelfs wanneer de ecologische interacties van het bos bekend waren, dan zou de realiteit zijn dat dit zo complex en afwisselend zijn dat men dit niet kan afdoen met een korte beschrijving in een handleiding. De intellectuele filter die vereist is om de complexiteit te verminderen om dimensies te kunnen managen werd gefaciliteerd uit bepaalde motieven van de staat. Deze motieven van de staat waren gericht op het commerciële vlak van het hout en de omzetten daarvan.

 

Wanneer de natuurlijke wereld (hoewel deze is geschapen door menselijk gebruik) te star is voor administratieve manipulatie, dan zijn de sociale patronen van menselijke interactie met natuurlijke bureaucratie ook te star voor deze manipulatie. Geen enkele administratief systeem is in staat om een respectabele en bestaande vorm van een sociale groep te vertegenwoordigen, behalve door middel van een heroïsche en schematisch proces van abstractie en versimpeling. Het is absoluut geen kwestie van capaciteit, zoals in een bos. Een menselijke gemeenschap is daarvoor te gecompliceerd en te afwisselend, om zomaar dit geheim te ontvouwen voor een bureaucratische formule. Verder is dit ook een kwestie van het stellen van doelen. Ambtenaren hebben niet meer een belang bij een sociale realiteit dan een wetenschappelijke bosbouwer interesse heeft in het beschrijven van de ecologie van het bos in detail. Deze abstracties en simplificatie zijn gedisciplineerd door een aantal motieven en tot de negentiende eeuw waren deze voornamelijk gericht op belastingheffing, politieke controle en op de dienstplicht. Deze genoemde dingen hadden alleen de technieken en het begrip nodig dat ze geschikt waren voor de taak. Zoals we zien, zijn hier een aantal leerzame paralellen tussen de ontwikkeling van de moderne fiscale bosbouw en moderne vormen van belasting op onroerende zaken. Premoderne staten hielden zich net zo bezig met belastingzaken als moderne staten.

 

Bepaalde vormen van aanpassingen die niet behoorden tot de logica van de lokale gebruiken, hebben bepaalde karaktertrekken ondanks hun onwil tot het schikken in de administratieve geheel. Door het werk van Witold Kula uit de Middeleeuwen te bestuderen kunnen een aantal lokale gebruiken worden afgeleid uit die periode. Deze maatregelen waren bijvoorbeeld ook onderling meetbaar. Bijna elk verzoek voor een beoordeling van meting betekende dat er een scala aan reacties mogelijk waren met betrekking tot de context van het verzoek.

 

 

Voor toegang tot deze pagina kan je inloggen

 

Inloggen (als je al bij JoHo bent aangesloten met een abonnement)

   Aansluiten   (voor online toegang tot alle webpagina's)

 

Hoe het werkt

 

Lees hieronder meer over aansluiten bij JoHo

    JoHo abonnement (€20,- p/j)

    • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
    • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
    • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
    • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
    • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
    • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

    JoHo abonnement met service-pakket (€20,- + €60,-)

    • Voor wie de boeksamenvattingen voor zijn of haar studie of studiegebied gratis thuisgestuurd wil krijgen
    • Voor wie gebruik wil maken van de basisservices voor zijn of haar vrijwilligersorganisatie of instelling die de JoHo doeleinden steunt
    • Voor wie gebruik wil maken van de emigratie- en expatservices

    JoHo donateur (WorldSupporter) worden

    JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

    • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
    • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
    • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
    • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

     

    Sluit je een abonnement af in de periode juli tot en met december, dan maak je in de eerste maanden gratis gebruik maken van je de voordelen & services bij je abonnement. Je abonnementsbijdrage geldt dan ook voor het volgende kalenderjaar.

     

    Aanmelden bij JoHo

     

    Study note: begrijpen

     

     

     

    Study note: te gebruiken bij
    Crossroad: relaties

    Uitgebreide samenvatting van het boek. Gebaseerd op de druk van 1998.

    JoHo: benodigd toegangsniveau
    • Member (donateur)