Zijn er grote verschillen in persoonlijkheid tussen verschillende culturen?

Culturele persoonlijkheidspsychologie

Yanomamö is één van de laatste primitieve samenlevingen op aarde. Er zijn twee groepen van deze samenleving. In de hooglanden leven de vreedzame Yanomamös en op het platteland de meer agressieve stam. Hoe zijn deze verschillen ontstaan? Met dergelijke vragen zijn veel onderzoeken naar culturen en persoonlijkheid begonnen. Sommige aspecten van persoonlijkheid zijn heel verschillend tussen culturen, maar andere aspecten lijken universeel.

Mensen leven in verschillende culturen waartussen meerdere verschillen bestaan, bijvoorbeeld fysieke verschillen en verschillen op het gebied van houding of gedrag. Deze verschillen worden culturele variatie genoemd. Culturele persoonlijkheidspsychologie heeft drie doelen, namelijk de onderliggende principes van culturele diversiteit ontdekken, ontdekken hoe de menselijke psychologie cultuur kan vormen en ontdekken hoe culturele begrippen onze psychologie vormen.

Er zijn bepaalde eigenschappen die bij alle mensen voorkomen, maar andere verschillen nogal. Psychologen hebben drie punten gevonden om persoonlijkheidsverschillen tussen culturen uit te kunnen leggen:

  • Opgeroepen cultuur: eigenschappen die elk mens bezit, maar die alleen in sommige culturen naar voren komen. Voorbeelden hiervan zijn delen, agressie of het kiezen van een partner.

  • Overdracht van cultuur: representaties die door interactie ‘in hoofden van anderen gezet worden’. Een voorbeeld hiervan zijn normen en waarden. Veel Aziatische culturen zijn bijvoorbeeld afhankelijk en contextueel. Europese Amerikanen zijn juist onafhankelijk. Ook het zelfconcept, dat per cultuur verschilt, is bij overdracht van cultuur erg belangrijk.

  • Culturele universelen: dat wat in alle culturen gelijk is. Sommige persoonlijkheidskenmerken zijn universeel, bijvoorbeeld hoe mannen en vrouwen gekarakteriseerd worden. Een ander universeel kenmerk is de ervaring en herkenning van emotionele staten. Ook de gebruikte dimensies voor persoonlijke evaluatie van anderen zijn universeel.

Opgeroepen cultuur

Delen met anderen of het juist gericht zijn op het zelf verschillen per cultuur. Een cultuur waarin jagen belangrijk is, is bijvoorbeeld vaak coöperatief. Zo zijn elke jager en zijn gezin verzekerd van eten, ook als hijzelf niets heeft kunnen vangen.

Een ander voorbeeld van opgeroepen cultuur is de theorie dat kinderen in onzekere en onvoorspelbare omgevingen leren dat ze niet kunnen vertrouwen op een enkele partner. Hierdoor zullen ze veel verschillende partners zoeken (short term mating) en vroeg beginnen met seks. Kinderen die echter opgroeien in stabiele gezinnen, zullen eerder zoeken naar langdurige relaties omdat ze verwachten dat hun partner stabiel zal zijn en veel zal investeren in de relatie. Bewijs voor deze theorie komt voort uit onderzoek onder kinderen van gescheiden ouders. Deze kinderen zijn impulsiever, beginnen eerder met seks en hebben meer verschillende sekspartners dan kinderen waarvan de ouders bij elkaar zijn.

Overdracht van cultuur

De manier waarop een persoon zich presenteert en hoe hij zich gedraagt (het zelfconcept) verschilt per cultuur. In westerse culturen ligt de nadruk vooral op de manier waarop een persoon zich onderscheidt van de groep, terwijl in niet-westerse culturen de nadruk vooral ligt op de manier waarop iemand zich relateert aan anderen binnen de groep. Dit wordt interafhankelijkheid genoemd. Een culturele taak die iemand heeft in collectivistische culturen is het creëren van harmonie binnen een groep en het bevorderen van een groepseenheid.

Andere onderzoekers hebben een vergelijkbaar onderscheid gemaakt tussen culturen. Zo maakt Triandis onderscheid tussen individualistische en collectivistische culturen:

  • In individualistische culturen ziet men zichzelf als autonoom en streeft men naar persoonlijke doelen.

  • In collectivistische culturen streeft men naar groepsdoelen en is men gevoelig is voor een sociale context.

Met behulp van de Twenty Statements Test werd empirisch bewijs gevonden voor dit onderscheid. Hieruit kwam naar voren dat Noord-Amerikanen zichzelf meer abstracte interne eigenschappen toeschrijven dan Aziaten. Aziaten spreken meer over sociale rollen.

Het verschil in zelfconcept in verschillende culturen kan doorgetrokken worden naar een verschil in informatieverwerking. Japanners beschrijven gebeurtenissen op een holistische manier. Zij benadrukken relaties en de omgeving. Amerikanen leggen gebeurtenissen echter analytisch uit en scheiden voorwerpen af van de omgeving. Acculturatie is het proces van aanpassen aan het leven in een nieuwe cultuur.

Er is veel kritiek geweest op de kwestie onafhankelijkheid versus interafhankelijkheid en individualisme versus collectivisme. Er zijn studies waarbij het significante verschil minimaal is. Daar komt bij dat de termen heel breed zijn. Een Amerikaan kan op zijn werk bijvoorbeeld heel individualistisch zijn, terwijl hij thuis erg collectivistisch is. Recent onderzoek waarbij de evolutionaire psychologie gecombineerd werd met de culturele psychologie bracht een nieuwe verklaring. Dit is de hypothese dat mensen beide mechanismen in zich hebben en zich naar de omgeving vormen. Als iemand bijvoorbeeld op het platteland woont met slecht vervoer, is diegene sneller collectivistisch als er familie in de buurt woont die mee kan rijden. Als iemand in een stad woont waar veel vervoersmogelijkheden zijn en die persoon heeft geen familie in die stad, dan is de conclusie al snel dat die persoon individualistisch is.

Toch zijn er wel degelijk verschillen tussen culturen die kunnen worden uitgelegd aan de hand van de overdracht van cultuur, bijvoorbeeld het culturele verschil in de dimensie individualisme-collectivisme: het aangehangen en nageleefde concept kan het gevolg zijn van ideeën, attitudes en zelfconcepten die doorgegeven zijn van generatie op generatie. Echter, volgend evolutionaire psychologen hebben mensen psychologische concepten ontwikkeld voor beide typen zelfconcepten. Afhankelijk van overlevingskansen zullen ze een bepaald type aanhangen.

Een ander cultuurverschil is zichtbaar op het gebied van zelfhandhaving. Dit is de neiging van een individu om zichzelf positieve en/of sociale gewaardeerde waarden toe te kennen. Zelfhandhaving is stabiel over tijd en elke cultuur kent een zelfhandhaving ‘bias’. Zo geven Koreanen en Japanners zichzelf meer negatieve waarden dan Amerikanen, en gaan Scandinaviëres uit van de Law of Jante wat inhoudt dat niemand zichzelf beter moet voelen dan iemand anders.

Bovenstaande alinea's gingen over mensen in hun land van herkomst. Hoe zit het met de persoonlijkheidskenmerken van migranten? Uit onderzoek is gebleken dat ze extravert zijn en open staan voor nieuwe ervaringen. Migranten die komen wonen op een plek waar eerdere generaties van hun volk ook woonden, vertonen veel nauwkeurigheid en emotionele stabiliteit.

Verschillen in persoonlijkheidsprofielen

Sociale klasse kan effect hebben op persoonlijkheid. Uit een studie bij 51 verschillende culturen naar verschillen in de Big Five kwam naar voren dat het grootste verschil in extraversie zit. Amerikanen en Europeanen scoren hoger dan Aziaten en Afrikanen. De verschillen zijn echter klein. De meeste verschillen bevinden zich binnen en niet tussen culturen. Verschillen binnen culturen kunnen komen door verschillende aanwezigheid van bronnen, onder andere verschillen in opgroeien in verschillende socio-economische klassen.

Culturele universelen

Dominantie en warmte worden gebruikt voor de beschrijving en evaluatie van persoonlijke eigenschappen van anderen. Ook het vijf-factorsysteem lijkt universeel. Dit is echter niet eenduidig bewezen. De structuur was bijvoorbeeld niet aanwezig in culturen met lage intellectuele vaardigheden. Tevens heeft een recente studie empirisch bewijs geleverd voor een zesde factor, namelijk eerlijkheid-bescheidenheid.

Verschillende culturen hebben verschillende woorden om emotionele ervaringen te beschrijven. Toch zijn ervaringen en uitingen van de emoties geluk, woede, angst, verdriet, verbazing en walging universeel. De Worfian hypothesis of inguistic relativity stelt dat taal gedachtes en ervaringen creëert.

Voor toegang tot deze pagina kan je inloggen

 

Voor volledige toegang tot deze pagina kan je inloggen

 

Inloggen (als je al bij JoHo bent aangesloten)

   Aansluiten   (voor online toegang tot alle webpagina's)

 

Hoe het werkt

 

Aanmelden bij JoHo

 

 

  Chapters 

Teksten & Informatie

JoHo: paginawijzer

JoHo 'chapter 'pagina

 

Wat vind je op een JoHo 'chapter' pagina?

  •   JoHo chapters zijn tekstblokken en hoofdstukken rond een specifieke vraag of een deelonderwerp

Crossroad: volgen

  • Via een beperkt aantal geselecteerde webpagina's kan je verder reizen op de JoHo website

Crossroad: kiezen

  • Via alle aan het chapter verbonden webpagina's kan je verder lezen in een volgend hoofdstuk of tekstonderdeel.

Footprints: bewaren

  • Je kunt deze pagina bewaren in je persoonlijke lijsten zoals: je eigen paginabundel, je to-do-list, je checklist of bijvoorbeeld je meeneem(pack)lijst. Je vindt jouw persoonlijke  lijsten onderaan vrijwel elke webpagina of op je userpage
  • Dit is een service voor JoHo donateurs en abonnees.

Abonnement: nemen

  • Hier kun je naar de pagina om je aan te sluiten bij JoHo, JoHo te steunen en zelf en volledig gebruik te kunnen maken van alle teksten en tools.

Abonnement: checken

  • Hier vind je wat jouw status is als JoHo donateur of abonnee

Prints: maken

  • Dit is een service voor wie bij JoHo is aangesloten. Wil je een tekst overzichtelijk printen, gebruik dan deze knop.
JoHo: footprint achterlaten