  Chapter 

Deze instellingen vormen een specifieke categorie van non-profitorganisaties. Ook hier staat niet het einstreven voorop, maar een bepaald maatschappelijk doel. Een belangrijk kenmerk is dat particulieren gelden beschikbaar stellen, die vervolgens worden besteed ten behoeve van doelen die niet rechtstreeks de belangen dienen van de donateurs.

Kenmerken

Belangrijke kenmerken van deze definitie is dat de mogelijke doelen worden genoemd maar ook andere maatschappelijke oogmerken. Het streven naar winst voor ander dan de maatschappelijke doelen van de organisatie is uitgesloten. Ook wordt duidelijk dat de instelling haar middelen ontvangt door de offervaardigheid van het publiek. Ten derde bestaat de kernactiviteit uit het produceren van goederen of diensten waarmee de betrokken maatschappelijke doelen kunnen worden verwezenlijkt. Een non-profitorganisatie zoals een Kerk of vakbond waaraan mensen financiële bijdragen leveren waar wel een tegenprestatie tegenover staat. Natuurlijk is er ook weer een voergangszone. De eis van het ontbreken van een tegenprestatie zoals die in de CBF-omschrijving is opgenomen noemen we de enge definitie van fondsenwervende instellingen. Een bredere definitie zegt dat ook inkomsten uit sponsorovereenkomsten tot geworven fondsen behoort. Wij gebruiken de enge definitie.

Op verschillende manieren kunnen mensen geld beschikbaar stellen. Bijvoorbeeld via collectes, bankoverschrijvingen of legaten. Wij spreken over donaties. Mensen vertrouwen erop dat dit geld ook besteed wordt in overeenstemming met de doelen van de organisatie. Waarom geven mensen aan goede doelen? Dit kan komen uit altruïsme. Een verwant motief kan zijn dat de overheid wordt verweten bepaalde taken ten onrechte te laten liggen die dan moeten worden opgepakt door een goededoelenorganisatie zoals de voedselbank. Ook kan het te maken hebben met bepaalde omstandigheden zoals rijkdom of gedrag. Men koopt dan als het ware egoïsme en hebzucht af om een goed gevoel te krijgen.

Welke instellingen veel en welke weinig geld ophalen hangt van veel factoren af. Betrokkenheid bij een bepaald probleem kan de bereidheid geld te geven vergroten. Dit komt voor bij bijvoorbeeld kanker of hart- en vaatziekten. Ook kan het bepaald worden door traditionele banden met bepaalde typen organisaties zoals kerkgenootschappen en in de loop van tijd is ook het opgebouwd imago van een instelling van invloed. Een trend die aan de gang is heet ‘het vrolijke helpen’. Dit zijn feestelijke bijeenkomsten die worden georganiseerd waarvan de opbrengst ten goede komt aan een goed doel zoals serious request of eten voor aids. Ook televisie-entertainment is vermengd met het werven van geld voor geode doelen. Ook is het zo dat veel sterren actief zijn als ambassadeur. Dit creëert extra aandacht voor zowel de instelling als de ster.

Waarom sommigen veel doneren en anderen niet heeft te maken met persoonsgebonoden factoren. Zo is het hoe hoger iemand is opgeleid, hoe meer geld er wordt uitgegeven en hoe religieuzer iemand is, hoe meer er gedoneerd wordt. Ook overheidsmaatregelen, vooral in de fiscale sfeer zoals belastingaftrek voor giften, zijn van invloed op het niveau van donaties.

Donateurs verwachten dus wel dat het geld goed besteed wordt. Dit heeft consequenties voor zowel de management control (worden de juiste bestemmingen gekozen en wordt de uitvoering ervan goed bewaakt?) als voor de externe verantwoording (waaraan wordt het geld besteed?). Het wordt nog lastiger als de bestedingen ver van huis plaatsvinden.

Hoe werkt het in Nederland?

Volgens het CBF komt het totaal aan baten voor de goededoelenorganisaties overeen met ongeveer 0,6% van het bruto nationaal product. In vergelijking van de VS 2% is dit wat weinig, maar onze publieke sector is weer veel groter en vervult ook meer taken. Het CBF heeft ook berekend hoeveel kosten deinstellingen gemiddeld maken om hun eigen fondsen te werven. Dit is een percentage van ruim 15%. Dit percentage is belangrijk omdat de gevers willen dat er zo veel mogelijk van hun geld bij de doelen zelf terechtkomt en dat er maar weinig in de instelling zelf achterblijft.

Soms speelt de wens om persoonlijk betrokken te zijn een rol of de zekerheid dat de inspanningen rechtstreeks ten goede komen aan de mensen voor wie het werk bedoeld is of door kritiek op grootschalige fondsenwervende instellingen.

Management control bij fondsenwervende instellingen

We gaan hier in op management control en Plan Nederland zal gebruikt worden als voorbeeld. Plan Nederland richt zich op het verbeteren van de gezondheidszorg, het onderwijs en de leefomgeving voor kinderen in ontwikkelingslanden. Sponsoren doneren geld om de leefsituatie van een kind of zijn of haar leefgemeenschap te verbeteren en daarnaast worden specifieke projecten in ontwikkelingslanden uitgevoerd die bijvoorbeeld gericht zijn op betere landbouwmethoden of scholing. De laatste jaren wordt er specifiek gekeken naar de ontwikkeling van meisjes en jongens.

Ze richten zich op drie doelgroepen bij de werving van inkomsten. Kindsponsoring is het belangrijke, maar het aantal donoren neemt af. Daar staat tegenover dat het aantal particuliere projectdonoren toeneemt. De tweede doelgroep is het bedrijfsleven. De derde doelgroep is de overheid, zowel de Nederlandse centrale overheid als de Europese Unie.

Omdat donateurs verwachten dat een substantieel deel van hun financiële bijdragen ten goede komt aan de doelen waaraan zij een bijdrage leveren is een zekere soberheid bij de professionele organisaties geboden. Het is dus niet de bedoeling dat topbestuurders een hoog salaris incasseren. De Vereniging van Fondsenwervende Instellingen heeft een slarisregeling voor directeuren vastgesteld. Deze bepaalt dat de omvang van het brutosalaris afhankelijk is van de zwaarte van de functie. Er zit ook een keerzijde aan de soberheid van organisatie en beleidsuitvoering. Het risico van kwaliteitsverlies ligt op de loer. Zeker bij grote en complexe organisatie moet professionaliteit gewaarborgd zijn. Er wordt van werknemers vaak eens sterke betrokkenheid verlangd.

Medewerkers hebben vaak lagere secundaire arbeidsvoorwaarden en ze moeten zich kunnen identificeren met de doelen van de organisatie. Prestatiebeloning is denkbaar. Hierbij wordt de prestatie opgevat als het quotiënt van de omzet uit fondsenwerving en de kosten van de organisatie. Het komt neer op hoe meer geld er word binnengehaald met een bepaald kostenbedrag, hoe beter de prestatie wordt gevonden. Het lijkt ook te werken.

De omvang van kosten is zogezegd omstreden. De instelling heeft er belang bij zo veel mogelijk middelen te verwerven voor de realisering van haar doelen, ook als dat veel geld gaat kosten. Landelijk is er afgesproken dat het niet meer dan 25% dan de baten mag beslaan. De concurrentie tussen fondsenwervende instellingen is groot. Vrijwilligers zijn van groot belang. Ze zijn actief bij fondsenwerving, voorlichting of om activiteiten uit te voeren die verband houden met de verwezenlijking van de doelen van hun instelling. Bij Plan Nederland worden vrijwilligers bijvoorbeeld voor verschillende typen activiteiten ingezet.

De Code-Wijffels geeft onder meer als aanbeveling dat grotere goededoelenorganisatie een duidelijke scheiding moeten aanbrengen tussen directiebevoegdheden en toezichthoudende bevoegdheden. Dit betekent dat een organisatie dient te schikken over een Raad van Toezicht die het gevoerde beleid van de directie controleert. Ook omvat de ode de aanbeveling om het niveau van de salariëring van de directie in het jaarverslag van de organisatie op te nemen. Uit onderzoek blijkt dat er een positief verband bestaat tussen de toepassing van het model met een onafhankelijke Raad van Toezicht en de verantwoording van het niveau van het directiesalaris in het jaarverslag. Plan Nederland brengt deze onderdelen van de Code-Wijffels inderdaad in de praktijk.

De externe verantwoording van fondsenwervende instellingen

Externe verantwoording is een belangrijk concept voor fondsenwervende instellingen. De volgende vragen moeten dan ook worden beantwoord:

  1. Blijft een voldoende groot deel van de donatie over voor bestemming aan het goede doel?

  2. Worden de donaties zo veel mogelijk besteed voor het goede doel of worden ze deels opgepot?

  3. Worden donaties daadwerkelijk besteed aan het goede doel waarvoor ze zijn bestemd?

De vragen lijken te overlappen. Vraag 1 luidt ook wel: welk deel van de donatie is besteed voor de kosten van de instandhouding vaan de organisatie van de instelling zelf en meer in het bijzonder welk deel wordt besteed van de kosten van fondsenwerving. Dit, omdat donateurs willen dat een zo groot mogelijk deel van hun donatie beschikbaar is oor het ideële doel van de instelling. Ook moet duidelijk worden gesteld dat het geld dat beschikbaar is gesteld voor het doel er ook daadwerkelijk aan besteed wordt. Ten slotte kan via het antwoord op vraag 3 worden vastgesteld of de door de doelen beschikbare en bestede geld ook effectief en efficiënt worden besteed.

In algemene zin schrijft de Raad voor dat de Jaarverslaggeving dat reserves en fondsen afzonderlijk op de balans worden gepresenteerd. Fondsen zijn middelen waaraan een derde een bestemming heeft gegeven, terwijl de bestemming van reserves door het bestuur van de goededoelenorganisatie kan worden bepaald. Er wordt vaak gebruik gemaakt van twee soorten reserves. Je hebt de continuïteitsreserve en de bestemmingsreserve. De continuïteitsreserve wordt gebuikt om zeker te stellen dat een goededoelenorganisatie ook in de toekomst aan haar verplichtingen kan voldoen en ter dekking van risico’s op de korte termijn. De Herkströter-norm geeft de aanbeveling dat deze reserve niet groter is dan anderhalf keer de jaarkosten van de organisatie. Er wordt gebruik gemaakt van de bestemmingsreserve wanneer het bestuur de middelen aan wil wenden voor een speciaal doel zoals de aanschaf van apparatuur of de instandhouding van natuurterreinen.

Externe verantwoording krijgt de laatste tijd veel aandacht. Zo bestaat er al acht jaar een ingestelde transparantierijs voor de beste charitatieve verslaggeving. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen grote instellingen, kleine instellingen en vermogensfondsen. Het wordt niet alleen gebruikt als ranglijst maar ook om er individuele instelling verbeterpunten aan te reiken voor de kwaliteit van de externe verantwoording.

Bulletpoint samenvatting 

  • Het streven naar winst voor ander dan de maatschappelijke doelen van de organisatie is uitgesloten. Ook wordt duidelijk dat de instelling haar middelen ontvangt door de offervaardigheid van het publiek. Ten derde bestaat de kernactiviteit uit het produceren van goederen of diensten waarmee de betrokken maatschappelijke doelen kunnen worden verwezenlijkt.

  • Waarom mensen goede doelens steunen heeft te maken met:

  • Dit kan komen uit altruïsme.

  • Een verwant motief kan zijn dat de overheid wordt verweten bepaalde taken ten onrechte te laten liggen die dan moeten worden opgepakt door een goededoelenorganisatie zoals de voedselbank.

  • Ook kan het te maken hebben met bepaalde omstandigheden zoals rijkdom of gedrag.

  • Welke instellingen veel en welke weinig geld ophalen hangt van veel factoren af.
    1. Betrokkenheid bij een bepaald probleem kan de bereidheid geld te geven vergroten.
    2. Ook kan het bepaald worden door traditionele banden met bepaalde typen organisaties.
    3. Een trend die aan de gang is heet ‘het vrolijke helpen’. Dit zijn feestelijke bijeenkomsten die worden georganiseerd waarvan de opbrengst ten goede komt aan een goed doel.
  • Waarom sommigen veel doneren en anderen niet heeft te maken met persoonsgebonoden factoren.
    1. Zo is het hoe hoger iemand is opgeleid, hoe meer geld er wordt uitgegeven en hoe religieuzer iemand is, hoe meer er gedoneerd wordt.
    2. Ook overheidsmaatregelen zijn van invloed op het niveau van donaties.
  • Het CBF heeft ook berekend hoeveel kosten de instellingen gemiddeld maken om hun eigen fondsen te werven. Dit percentage is belangrijk omdat de gevers willen dat er zo veel mogelijk van hun geld bij de doelen zelf terechtkomt en dat er maar weinig in de instelling zelf achterblijft.

  • Er zit ook een keerzijde aan de soberheid van organisatie en beleidsuitvoering. Het risico van kwaliteitsverlies ligt op de loer. zijn. Er wordt van werknemers vaak eens sterke betrokkenheid verlangd.

  • De Code-Wijffels geeft onder meer als aanbeveling dat grotere goededoelenorganisatie een duidelijke scheiding moeten aanbrengen tussen directiebevoegdheden en toezichthoudende bevoegdheden.

  • In algemene zin schrijft de Raad voor dat de Jaarverslaggeving dat reserves en fondsen afzonderlijk op de balans worden gepresenteerd. De Herkströter-norm geeft de aanbeveling dat deze reserve niet groter is dan anderhalf keer de jaarkosten van de organisatie.

Stampvragen

  1. Wat zijn de belangrijkste kenmerken van de definitie van fondsenwervende instellingen?
  2. Wat is het verschil tussen de enge en de ruime definitie?
  3. Noem enkele factoren waarvan het afhangt of een instelling weinig of veel geld ophaalt. 
  4. Welke trend zien we de laatste jaren bij het inzamelen van geld?
  5. Noem enkele persoonsgebonden factoren die van invloed zijn op het veel of weinig doneren. 
  6. Leg uit waarom de externe verantwoording van fondsenwervende instellingen zo belangrijk is. 
  7. Leg uit wat de Code-Wijffels inhoudt. 
  8. Welke eisen worden er aan werknemers van fondsenwervende instellingen gesteld?
  9. Welke drie vragen moeten er worden beantwoord als het gaat om externe verantwoording?
  10. Wat is de Herkströter-norm?

Voor toegang tot deze pagina kan je inloggen

 

Aansluiten en inloggen

Sluit je aan en word JoHo donateur (vanaf 5 euro per jaar)

 

    Aansluiten en online toegang tot alle webpagina's 

Sluit je aan word JoHo abonnee

 

Als donateur een JoHo abonnement toevoegen

Upgraden met JoHo abonnement (+ 10 euro per jaar)

 

Inloggen

Inloggen als donateur of abonnee

 

Hoe werkt het

Om online toegang te krijgen kun je JoHo donateur worden  en een abonnement afsluiten

Vervolgens ontvang je de link naar je online account en heb je online toegang

Lees hieronder meer over JoHo donateur en abonnee worden

Ben je al JoHo donateur? maar heb je geen toegang? Check hier  

Korte advieswijzer voor de mogelijkheden om je aan te sluiten bij JoHo

JoHo donateur

  • €5,- voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey Tours wil steunen - voor wie korting op zijn JoHo abonnement wil - voor wie van de basiskortingen in de JoHo support centers gebruik wil maken of wie op zoek is naar de organisatie achter een vacature - voor wie toegang wil tot de op JoHo WorldSupporter gedeelde samenvattingen en studiehulp

JoHo abonnees

  • €20,- Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp - Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers - Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland - Voor wie gebruik wil maken van de emigratie- en expatservice

JoHo donateur met doorlopende reisverzekering

  • Sluit je via JoHo een jaarlijks doorlopende verzekering af dan kan je gedurende de looptijd van je verzekering gebruik maken van de voordelen van het JoHo abonnement: hoge kortingen + volledig online toegang + alle extra services. Lees meer

Abonnementen-advieswijzers voor JoHo services:

Abonnementen-advieswijzers voor JoHo services

  • Check hier de advieswijzers voor samenvattingen en stages - vacatures en sollicitaties - reizen en backpacken - vrijwilligerswerk en duurzaamheid - emigratie en lang verblijf in het buitenland - samenwerken met JoHo

Steun JoHo en steun jezelf

 

Sluit je ook aan bij JoHo!

 

 Steun JoHo door donateur te worden

en steun jezelf door ook een abonnement af te sluiten

 

Crossroads

 Crossroads

  • Crossroads lead you through the JoHo web of knowledge, inspiration & association
  • Use the crossroads to follow a connected direction

 

Footprint toevoegen
 
   
Hoe werkt een JoHo Chapter?

 JoHo chapters

Eigen aantekeningen maken?

Zichtbaar voor jezelf en bewaren zolang jij wil

Flexibele parttime bijbanen bij JoHo

    Memberservice: Make personal notes

    Ben je JoHo abonnee dan kun je je eigen notities maken, die vervolgens in het notitieveld  worden getoond. Deze notities zijn en blijven alleen zichtbaar voor jouzelf. Je kunt dus aantekeningen maken of bijvoorbeeld je eigen antwoorden geven op vragen