fiscaal recht: samenvattingen, studiehulp en stages in het buitenland

 

Succesvol studeren, tentamens halen en samenvattingen van de studieboeken zoeken

Stagevaardigheden verbeteren en vacatures verkennen in het buitenland

Studie en stage verzekeren en voorbereiden voor het buitenland

PAGINA-INDELING

Verkenning   Verbinding   Vervolg   Vertrek

PAGINA-INHOUD

 

Studie & Kennis

Wat is fiscaal recht en belastingrecht?

Wat is fiscaal recht en belastingrecht?

Wat is fiscaal en belastingrecht?

  • Fiscaal recht, ook wel belastingrecht genoemd, betreft het geheel aan regels over de heffing en de invordering van belastingen.
  • Vragen die centraal staan bij belastingrecht zijn dan ook:
    • wie is de belastingplichtige?
    • Waarover betaalt hij belasting?
    • Hoeveel belasting betaalt hij?
    • Wanneer moet hij de belasting betalen?
    • Welke rechten en verplichtingen heeft hij?
    • Op welke wijze wordt de belasting geïnd?

Waarom is belasingrecht relevant?

  • Het belastingrecht speelt een belangrijke rol in onze maatschappij. Dagelijks worden personen en bedrijven geconfronteerd met de heffing van diverse soorten belastingen. Een basisbegrip van belastingrecht is dan ook voor iedereen relevant die wil weten hoe belasting wordt geheven en/of niet te veel belasting wil betalen.
  • Voor specifieke beroepsgroepen is fiscaal recht essentieel. Zo krijgt de arbeidsjurist te maken met loonbelasting en premieheffing en de advocaat, bedrijfskundige en bedrijfsjurist met fusies waar fiscale aspecten een grote rol spelen. Zelfstandig ondernemers krijgen te maken met inkomsten- en/of vennootschapsbelasting.
  • Rechters dienen in civiele zaken belastingschade te kunnen bepalen, belangadviseurs en ambtenaren bij het ministerie van financieen krijgen dagelijks te maken met fiscale zaken en notarissen kunnen feitelijk niet om fiscaal recht heen.

Hoe zit het fiscale en belastingrecht in elkaar, en welke onderdelen kan je bestuderen?

Hoe zit het fiscale en belastingrecht in elkaar, en welke onderdelen kan je bestuderen?


Wat zijn belastingen?

  • In juridische zin is belasting datgene wat de nationale wetgever als belasting wenst aan te duiden.
  • Belastingen in economische zin zijn inkomens- (of vermogens)overdrachten, anders dan bij straf, van niet overheidshuishoudingen en naar ten behoeve van een of meer overheidshuishoudingen als zodanig, en krachtens rechtsregels.

Wat is de wettelijke basis van belastingheffen?

  • Belastingheffing berust op twee beginselen: het legaliteitsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel
  • Legaliteitsbeginsel: In art. 104 Grondwet staat dat de belastingen van het Rijk worden gegeven uit kracht van een wet. Alle heffingen van het rijk moeten bij wet worden geregeld. Dergelijke bepalingen zijn te vinden in art. 132 lid 6 Grondwet voor provincies en gemeenten. Verder is er in art. 133 lid 2 Grondwet voor de waterschappen. Deze bepalingen zijn uitwerkingen van het legaliteitsbeginsel.
  • Gelijkheidsbeginsel: Het gelijkheidsbeginsel is neergelegd in art. 1 Grondwet. Dit houdt in dat eenieder die zich in Nederland bevindt in gelijke gevallen gelijk wordt behandeld. Discriminatie op bijvoorbeeld ras en geslacht is niet toegestaan. De burger kan bij schending van dit grondwettelijke beginsel niet klagen bij de rechter, omdat er niet getoetst kan worden aan de grondwet. De burger kan wel een beroep doen op art. 26 BUPO en art. 14 EVRM. Dit wil niet zeggen dat er sprake is van discriminatie, omdat het mogelijk is dat voor het onderscheid een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat.

Welke soorten belasting kent Nederland?

Nederland kent de volgende soorten belasting:

  • Inkomstenbelasting: deze belasting dient te worden betaald over inkomsten van natuurlijke personen. Inkomstenbelasting is afhankelijk van de hoogte van het inkomen;
  • Vennootschapsbelasting: deze belasting moet worden betaald over de winst van rechtspersonen;
  • Loonbelasting: deze vorm van belasting wordt berekend over het loon van een werknemer. Meestal heeft de werkgever de loonbelasting al in mindering gebracht op het brutoloon. Loonbelasting is een voorheffing op de inkomstenbelasting. Dit houdt dus in dat de betaalde loonbelasting in mindering mag worden gebracht op de te betalen inkomstenbelasting;
  • Omzetbelasting: omzetbelasting of btw wordt in rekening gebracht door ondernemers. Deze vorm van belasting wordt geheven over de levering van goederen en diensten door ondernemers;
  • Dividendbelasting: deze belasting wordt betaald over de winstuitkering op aandelen, ofwel over dividend. Ook dividendbelasting is een voorheffing op de inkomstenbelasting;
  • Erfbelasting: deze belasting dient te worden betaald over een erfenis;
  • Schenkbelasting: schenkbelasting wordt betaald als een schenking wordt verkregen;
  • Kansspelbelasting: deze vorm van belasting wordt betaald over gewonnen prijzen(geld);
  • Overdrachtsbelasting: deze belasting wordt bij de verkrijging van onroerend goed betaald;
  • Motorrijtuigenbelasting: motorrijtuigenbelasting wordt betaald bij het hebben van een auto of motorrijwiel;
  • Belasting van personenauto’s en motorrijwielen: deze belasting wordt betaald bij registratie van een auto of motorijwiel;
  • Accijnzen: accijns wordt geheven op bijvoorbeeld alcohol en tabaksproducten;
  • Milieuheffingen: bijvoorbeeld waterbelasting en energiebelasting;
  • Provinciale belastingen en gemeentelijke belastingen: bijvoorbeeld de hondenbelasting.

Wat is inventaris, de balans en de winst- en verliesrekening?

  • We kunnen het eigen vermogen van een onderneming uitrekenen door de bezittingen van die onderneming te verminderen met zijn schulden. Alle bezittingen en de schulden van een organisatie noemen we de inventaris. Inventariseren zijn de werkzaamheden die nodig zijn voor het samenstellen van de inventaris. De verkorte inventaris zijn de goederenvoorraad, debiteuren en crediteuren.
  • Als een onderneming vorderingen heeft op afnemers, noemen we deze afnemers de debiteuren. Deze staan altijd op de debetzijde van de balans vermeld. Op de creditzijde staan de crediteuren, dit zijn de schulden van de onderneming aan zijn leveranciers.
  • Op de balans vind je normaal gesproken de bezittingen van een organisatie en het eigen vermogen maar ook de schulden. De balans wordt meestal opgesteld in de scrontovorm. Er is dan een linker en een rechterkant op de balans. De linkerkant is dan de debetkant en de rechterkant is de creditkant. Op de debetkant staan de bezittingen van een organisatie en op de rechterkant staan de schulden van de organisatie en ook het eigen vermogen, dus de manier hoe de organisatie zijn bezittingen financiert.
  • De activa staat voor de bezittingen die een organisatie heeft en de passiva staat voor de manier waarop een organisatie zijn activa, oftewel zijn bezittingen, heeft gefinancierd. Het is een regel dat de totalen op de debet en de creditkant gelijk zijn.
  • De volgorde van de posten op debetzijde hangt af van de mate van liquiditeit van de activa. De liquiditeit is de snelheid waarmee een bezitting omgezet kan worden in geld. Er wordt op de balans eerst begonnen met de minst liquide activa, daarna neemt de mate van liquiditeit toe. Dus op de laatste plek staat de meest liquide activa.
  • De creditkant begint met het eigen vermogen waarop de schulden van de onderneming volgen. De schulden kunnen onderverdeeld worden in vreemd vermogen op de lange termijn en vreemd vermogen op de korte termijn.
  • Vreemd vermogen op de lange termijn is vermogen dat langer dan een jaar binnen de organisatie beschikbaar is. Vreemd vermogen op de korte termijn is slechts voor minder dan een jaar beschikbaar voor de organisatie. Op de balans tonen we eerst het vreemd vermogen op de lange termijn en vervolgens het vreemd vermogen op de korte termijn.
  • Denk er altijd aan om de posten crediteuren en debiteuren altijd boven de post bank te zetten.

Wat is het grootboek en de proefbalans?

  • Om de administratie makkelijker te maken kun je in plaats van telkens opnieuw een balans en een resultatenrekening op te stellen, het boekhoudkundig model volgen. Het boekhoudkundig model bevat de volgende stappen:
  • Het grootboek
  • De proef en saldibalans
  • De resultatenrekening en de eindbalans
  • De afsluiting van de grootboekrekeningen
  • Het grootboek is bedoeld om voor elke balanspost afzonderlijk een overzicht bij te houden. In dit overzicht kunnen we alle financiële feiten opnemen. Het grootboek bevat de rekeningen bezit, schuld en het eigen vermogen. Ook de grootboekrekeningen kennen net als de balans een debet en een creditzijde.
  • Als je iets debiteert dan maak je een notitie op de debetzijde en bij crediteren maak je een aantekening op de creditzijde.
  • Een grootboek open je door het bedrag van een balanspost op dezelfde kant in het grootboek te zetten als deze staat op balans. Dus er geldt dat een bezitrekening wordt gedebiteerd met hetzelfde bedrag als waarvoor deze op de balans staat weergegeven. Een schuldrekening wordt gecrediteerd met hetzelfde bedrag als waarvoor deze op de balans staat vermeld. Het eigen vermogen wordt bij het openen van het grootboek gecrediteerd met hetzelfde bedrag waarvoor deze op de balans staat vermeld. Als we het grootboek openen, zetten we onder beschrijving het woord balans. De reden hiervoor is dat de hoogtes van de posten afkomstig zijn uit de balans.
  • Het is van belang dat er voor elke balanspost een rekening in het grootboek wordt geopend. Dit moet omdat ook de totalen van het grootboek op de debet en creditkant gelijk moeten zijn. Een bezitrekening wordt bij het openen van het grootboek gedebiteerd. Dit betekent dat als de bezitrekening toeneemt dat dit ook gedebiteerd wordt in het grootboek. Daar staat tegenover dat een afname gecrediteerd wordt.
  • Bij een schuldrekening geldt hetzelfde, omdat deze bij de opening van het grootboek wordt gecrediteerd, wordt een toename ervan ook gecrediteerd. Een afname moeten we debiteren. Ook het eigen vermogen wordt bij een toename gecrediteerd en bij een afname gedebiteerd.

Wat is winst en winstbelasting?

  • Volgens art. 7 Wet Vpb wordt de winst van binnenlands belastingplichtigen geheven naar het belastbaar bedrag. Wat men hieronder moet verstaan, wordt in dezelfde bepaling behandeld: belastbare winst is de winst minus de aftrekbare giften (lid 3). Van de belastbare winst trekt men vervolgens de te verrekenen verliezen uit andere jaren af (lid 2) om tot het belastbare bedrag te komen.
  • In het vierde lid wordt uitgelegd wat men onder ‘jaar’ moet verstaan. In beginsel is dit het boekjaar, maar het is ook mogelijk dat het kalenderjaar gehanteerd wordt, wanneer belastingplichtige niet regelmatig boekhoudt met geregelde jaarlijkse afsluitingen. Het boekjaar telt in principe 12 maanden.
  • Wordt een dochtermaatschappij in de loop van een boekjaar onderdeel van een fiscale eenheid, dan geldt het gedeelte van het jaar waarin zij geen deel van de fiscale eenheid is, als een afzonderlijk boekjaar. Het overige deel van het jaar wordt ook als afzonderlijk boekjaar aangemerkt. De twee perioden kunnen als zelfstandige boekjaren betrokken worden in de verliesverrekeningsregeling van art. 20 Wet Vpb.
  • Het is overigens toegestaan dat binnenlands of buitenlands belastingplichtigen hun belastbare bedrag op verzoek berekenen in vreemde valuta, de zogenaamde functionele valuta (zie art. 7 lid 5 en 17 lid 1 Wet Vpb; de regeling is nader uitgewerkt in de ‘regeling functionele valuta’).

Wat is verliescompensatie?

  • Art. 20 t/m 21a Wet Vpb gaan over de wijze waarin een verlies verrekend kan worden met in andere jaren behaalde winsten. Door deze mogelijkheid worden jaarlijkse schommelingen in de belastinggrondslag enigszins verzacht. Er is zowel vooruitwenteling als terugwenteling mogelijk.
  • In art. 20 lid 1 Wet Vpb wordt een ‘verlies’ gedefinieerd als het negatieve bedrag dat voortvloeit uit de berekening van de belastbare winst (voor binnenlands belastingplichtigen) of van het Nederlands inkomen (voor buitenlands belastingplichtigen; zie het laatste hoofdstuk).
  • Verliezen komen slechts in aanmerking voor verrekening, als ze bij beschikking (op het aangiftebiljet) zijn vastgesteld. Dit volgt uit art. 20 lid 2 en 20b Wet Vpb. Vervolgens vindt verrekening plaats met de belastbare winsten van de drie voorafgaande en alle volgende jaren. Deze verrekening vindt volgens art. 20 lid 4 Wet Vpb plaats in de volgorde waarin de verliezen geleden zijn en de belastbare winsten genoten zijn. De verrekening begint dus bij het oudste jaar, daarna gaat men verder bij het op één na oudste jaar, enzovoort. Pas als de terugwenteling niet voldoende is om het verlies te verrekenen, komt vooruitwenteling aan de orde.
  • De terugwenteling zal leiden tot een vermindering van de aanslag van het betreffende jaar. Deze vermindering vindt op grond van art. 21 lid 1 Wet Vpb plaats bij een door de inspecteur genomen beschikking.
  • Op basis van art. 21 lid 3 Wet Vpb is onder omstandigheden een voorlopige teruggaaf mogelijk, deze wordt ook verleend bij voor bezwaar vatbare beschikking. Zie art. 3 Uitv. Besch. Wet Vpb voor nadere regels omtrent de voorlopige teruggaaf.

Wat is giftenaftrek?

  • Op grond van art. 16 Wet Vpb mogen giften gedaan aan levensbeschouwelijke, kerkelijke, charitatieve, culturele, wetenschappelijke en algemeen nut beogende instellingen in aftrek komen van de belastbare winst. Het betreft hier de niet-zakelijke giften, aangezien giften met zakelijk karakter al in aftrek komen op grond van art. 8 Wet Vpb en art. 3.8 Wet IB.
  • De giften zijn aftrekbaar voorzover zij gezamenlijk niet meer bedragen dan een vooraf bepaald bedrag. De aftrek bedraagt maximaal een bepaald percentage van de winst.

Wat is aftrek van de commissarisbeloning?

  • In art. 11 Wet Vpb worden beperkingen gesteld aan de aftrekbaarheid van de commissarisbeloning. Een commissaris is in dit verband een natuurlijke persoon die een aanmerkelijk belang (art. 4.6, 4.7 Wet IB) heeft in de vennootschap.
  • De aftrek van de winst wordt beperkt, omdat de wetgever inzag dat een commissarisbeloning het karakter van een winstuitdeling kan hebben.
  • De commissaris maakt deel uit van de (overigens niet bij alle vennootschappen verplichte) raad van commissarissen. Deze raad ziet toe op het bestuursbeleid en de algemene gang van zaken in de vennootschap en geeft het bestuur advies. De raad heeft tevens enkele specifieke bevoegdheden en taken, zoals het bijeenroepen van de algemene vergadering van aandeelhouders.
  • Fiscaal gezien wordt naar feitelijke omstandigheden bepaald of iemand commissaris is. Een persoon hoeft dus niet de titel commissaris te dragen, het uitvoeren van de taken en bevoegdheden van een commissaris is voldoende. Aan de andere kant is een commissaris die in feite de rol van bestuurder heeft, fiscaal gezien geen commissaris.

Waar gaat de heffing bij buitenlandse belastingplicht over?

  • In art. 17 lid 1 Wet Vpb staat dat buitenlandse belastingplichtigen naar het belastbare Nederlandse bedrag belast worden. Hieronder wordt het Nederlandse inkomen verstaan, verminderd met de te verrekenen verliezen.
  • Er zijn twee bronnen:
    • Art. 17 lid 3a en 17a Wet Vpb: de belastbare winst uit Nederlandse onderneming. Dit is het bedrag van de voordelen die worden behaald met behulp van een onderneming (of een deel daarvan) dat gedreven wordt door middel van een vaste inrichting in Nederland.

    • Art. 17 lid 3b Wet Vpb: het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang mits dit niet tot het ondernemingsvermogen behoort.

  • De definitie die van het begrip ‘vaste inrichting’ gegeven wordt in het Besluit voorkoming dubbele belasting luidt als volgt: ‘een duurzame inrichting van een onderneming met behulp waarvan de werkzaamheden van die onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend’. Vervolgens worden voorbeelden gegeven. Denk bijvoorbeeld aan een fabriek of filiaal. De definitie geldt slechts voor het Besluit, maar geeft wel een indicatie.

Bronnen en verder lezen

 

 

 

 

Fiscaal recht en belastingen: begrippen en definities

Fiscaal recht en belastingen: begrippen en definities

Wat is loonbelasting?

Wat is loonbelasting?

 

Wat zijn de belangrijkste kenmerken van de loonbelasting?

  • De Wet op de loonbelasting is een directe belasting die wordt geheven van werknemers (artikel 1 Wet LB). De loonbelasting is een werknemerslast. De loonbelasting wordt aan de bron geheven. De werkgever wordt aangewezen als inhoudingsplichtige. Als heffingstechniek geldt de systematiek van de afdrachtsbelastingen. Het door de werkgever op het loon van de werknemer in te houden bedrag aan loonbelasting wordt namens de werknemer bij de Belastingdienst afgedragen. De op deze wijze van de werknemer ingehouden loonbelasting is verrekenbaar met de aanslag inkomstenbelasting die de werknemer moet betalen. Daarom wordt de loonbelasting aangemerkt als een verrekenbare voorheffing van de inkomstenbelasting (artikel 9.2 IB 2001). Soms blijft een aanslag inkomstenbelasting achterwege, dan is de loonbelasting eindheffing.Naast de loonbelasting vinden we in de heffingswet ook een loonsomheffing over de zogeheten 'eindheffingsbestanddelen' (art. 31 e.v. Wet LB). De loonsomheffing (eindheffingsloon) dient nadrukkelijk van de reguliere loonbelasting te worden onderscheiden. Typerend voor de loonsomheffing is dat de over de wettelijk gedefinieerde eindheffingsbestanddelen verschuldigde loonbelasting geen werknemersbelasting is. De heffing is door de werkgever verschuldigd en vormt een werkgeverslast (art. 31 Wet LB). De werkgever draagt de belasting af die hij zelf verschuldigd is, en niet die van een ander. De loonsombelasting is dan ook geen verrekenbare voorheffing, maar een eindheffing. Dit is een belangrijk verschil met de reguliere loonbelasting.
  • Ingeval van de werkkostenregeling wordt een loonsomheffing van 80% geheven over vergoedingen en verstrekkingen voor zover die de onbelaste vrije loonruimte van 1,2% van de loonsom overschrijden.
  • De loonbelasting kent drie kernbegrippen: werknemer, inhoudingsplichtige en loon.
  • In de loonbelasting wordt de belasting geheven naar het belastbare loon (art. 9 Wet LB). Let wel, dit is niet hetzelfde als 'loon schoon in het handje'.

Wie is aan de loonbelasting onderworpen?

  • Volgens art. 1 Wet LB zijn alle werknemers aan de loonbelasting onderworpen. In art. 2 Wet LB staat wie er als werknemer kan worden aangemerkt. Een werknemer is een natuurlijk persoon die in een (privaatrechtelijke of publiekrechtelijke) dienstbetrekking staat tot een inhoudingsplichtige en daaruit loon geniet. Verder kan iemand als werknemer worden aangeduid wanneer diegene of een ander uit een vroegere dienstbetrekking loon geniet van een inhoudingsplichtige. Tenslotte kan iemand als werknemer worden beschouwd wanneer men uit een bestaande privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking van een ander loon geniet.
  • Voor de loonbelasting is er sprake van een ruim begrip 'werknemer'. Hieronder vallen personen die loon uit dienstbetrekking ontvangen, die een loonvervangende uitkering genieten (WW, WIA, ZW), die loon uit hun vroegere dienstbetrekking ontvangen (ouderdomspensioen, VUT), die loon uit een vroegere dienstbetrekking van een ander ontvangen (weduwepensioen en die loon uit de dienstbetrekking van een ander ontvangen (studiebeurs verstrekt door werkgever aan kinderen van zijn werknemers).
  • Voor de inhoudingsplicht gelden voor buitenlandse werknemers nadere voorwaarden. In art. 2, lid 3, Wet LB is aangegeven welke buitenlandse werknemers niet onder de inhoudingsplicht vallen. Wel onder de loonbelasting vallen de personen die hun dienstbetrekking in Nederland vervullen of loon genieten uit een vroeger in Nederland vervulde dienstbetrekking (grensarbeider), die in dienstbetrekking staan tot een Nederlands publiekrechtelijk rechtspersoon of anderszins van die rechtspersoon loon genieten (ambassadepersoneel in het buitenland) en die als bestuurder of commissaris loon genieten van een Nederlands lichaam.
  • Voor werknemers die in het buitenland werken of wonen, gelden meestal afwijkende regels aangaande de volksverzekeringen. De buitenlandse werknemer (werknemer die in het buitenland woont) is in beginsel voor zijn looninkomen buitenlands belastingplichtig voor de heffing van inkomensbelasting.

Wat is de heffingsgrondslag van loonbelasting?

  • Artikel 9 Wet LB geeft aan dat de loonbelasting wordt geheven naar het belastbare bron. Op basis van de tijdvaktabellen vindt de loonbelastingheffing plaats over het genoten loon in het kalenderjaar. In de tabellen zijn de heffingskortingen verwerkt die een algemeen karakter hebben. Voor aftrekposten en heffingskortingen met een persoonlijk karakter kan vooruitlopend op de inkomstenbelasting aan de inspecteur een voorlopige teruggaaf van te veel ingehouden loonbelasting worden gevraagd. Dit is een negatieve voorlopige aanslag (art. 13 AWR), waardoor de werknemer geen privacygevoelige gegevens aan zijn werkgever hoeft door te geven en toch zijn belastingvermindering ontvangt. Gevolg is wel dat de loonbelasting geen eindheffing meer kan zijn.
  • De Wet op de Loonbelasting gaat uit van een ruim loonbegrip. In artikel 10 lid 1 Wet LB staat dat loon al hetgeen is dat uit een dienstbetrekking of vroegere dienstbetrekking wordt genoten, daaronder mede begrepen hetgeen wordt vergoed of verstrekt in het kader van de dienstbetrekking.
  • Tot het loon behoren betalingen in geld, betalingen in natura (zie art. 12 Wet LB), aanspraken (art. 10 en 13 Wet LB, loon in de vorm van een recht, denk aan een pensioenaanspraak), werknemersopties, gefacilieerde pensioenregelingen (art. 18, lid 1,Wet LB), objectieve vrijstellingen etc. Objectieve vrijstellingen houden in dat een bepaald gedeelte van het loon onbelast blijft. Vrijgesteld loon kan ingedeeld worden in gelegenheidsuitkeringen (art. 11, lid 1o, Wet LB, overlijdenskostenvergoedingen (art. 11, lid 1m, Wet LB) en overige uitkeringen (art. 11, lid 1k en n, Wet LB).
  • Vanwege de verrekenbaarheid van de loonbelasting met de inkomstenbelasting wordt voor beiden een gelijkluidend loonbegrip gehanteerd (art. 3.81 IB 2001). De inkomstenbelasting kent een aantal belangrijke uitbreidingen van het loonbegrip (zie art. 3.82 IB 2001). Eindheffingsbestanddelen worden niet in de grondslag van de inkomstenbelasting van de werknemer begrepen (art. 3.84 IB 2001).

Hoe is de premiestructuur opgebouwd?

  • Loonbelastingtabellen zorgen ervoor dat de loonbelasting wordt geheven. Deze tabellen hebben het schijventarief van box 1 van de inkomstenbelasting als uitgangspunt. Dit houdt in dat de loonbelasting ook dezelfde indeling in tarievengroepen kent als voor de inkomstenbelasting. Het schijventarief is afgestemd op het inkomen per jaar, terwijl de loonbelasting per loontijdvak wordt geheven. In artikel 25 Wet LB staan herleidingsvoorschriften weergegeven. De voor de tariefgroepindeling noodzakelijke informatie krijgt de werkgever via de loonbelastingverklaring.
  • Ter bevordering van de werkgelegenheid is aan de onderkant van het loongebouw een aantal belastingsubsidiemaatregelen ingebouwd. Deze maatregelen zijn in een vermindering van de af te dragen loonheffing gegoten. Het werkt in wezen hetzelfde als een loonkostensubsidie aan de werkgever. Zo bestaat sinds 1 januari 2015 de afdrachtsvermindering zeevaart.
Wat is premieheffing volksverzekeringen?

Wat is premieheffing volksverzekeringen?

 

Wat zijn de belangrijkste kenmerken van de premieheffing volksverzekeringen?

  • De premieheffing volksverzekeringen is formeel beschouwd geen belasting.
  • Gelet op haar kenmerken kan men haar echter wel als zodanig typeren. Zij vertoont grote overeenkomsten met de loonbelasting. De Belastingdienst int de verschuldigde premies. De AWR en de Invorderingswet zijn dan ook op deze heffing van toepassing. Geschillen over de premieheffing worden beslecht bij de belastingrechter conformde voor de belastinggeschillen geldende regels. Een belangrijk verschil met de loonbelasting is dat de volksverzekering niet alleen een premiekant hebben, maar ook een uitkeringskant.
  • Er zijn vier volksverzekeringen.
    • De eerste volksverzekering is de Algemene Ouderdomswet (AOW),
    • de tweede volksverzekering is de Algemene nabestaandenwet (Anw),
    • de derde volksverzekering is de Algemene Kinderbijslagwet (AKW, geen premieheffing maar financiering uit de schatkist)
    • de vierde volksverzekering is de Wet Langdurige Zorg (Wlz - opvolger van de AWBZ).
  • De premieheffing voor de volks- en socialewerknemersverzekeringen is geregeld in de Wet financiering sociale voorzieningen (Wfsv). De heffingstechniek van de premies volksverzekeringen is vergelijkbaar met die van de loon- en inkomstenbelasting. Deze geschiedt ook op twee verschillende manieren. De eerste manier is premieheffing door inhouding (afdrachtsbelasting en de tweede manier is de premieheffing bij wege van aanslag (aanslagbelasting).

Wie is aan de premieheffing volksverzekeringen onderworpen?

  • Voor de premieheffing volksverzekeringen is bepalend of iemand voor de volksverzekeringen verzekerd is. In dit geval is hij premieplichtig (artikel 6 Wfsv).
  • In ieder geval kan iedereen die in Nederland woont net als de personen die in niet in Nederland wonen, maar wel een dienstbetrekking in Nederland uitoefenen waarvoor ze aan de loonbelasting zijn onderworpen, worden aangemerkt als verzekerden.
  • Een uitzondering geldt voor mensen die de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt hebben, zij zijn niet meer premieplichtig voor de AOW. Deze groep betaalt slecht WLZ- en Anw-premie.
  • Bij algemene maatregel van bestuur kan de kring van verzekerden worden uitgebreid of beperkt. Ingevolge een EU-verordening geldt dat men verzekerd is in het werkland, tenzij men een detacheringsverklaring heeft. In dat geval blijft men verzekerd in het land waar men op het moment van uitzending woont.

Wat is de heffingsgrondslag van de premieheffing volksverzekeringen?

  • De premie volksverzekeringen wordt ingehouden op het loon of op de daarmee gelijkgestelde verstrekkingen.
  • In artikel 8 Wfsv is het uitgangspunt geaccepteerd dat ook voor de inhouding van premies volksverzekeringen het fiscale loonbegrip als uitgangspunt wordt genomen. Dit betekent dat het bedrag waarover de inhouding wordt bepaald (heffingsgrondslag) exact gelijk is aan dat van de loonbelasting.
  • De heffingsgrondslag voor de volksverzekeringen (premieloon) is gelijk aan het belastbare loon voor de loonbelasting.

Hoe ziet de premiestructuur van de volksverzekeringen eruit?

  • De premiestructuur van de via inhouding geheven premies volksverzekeringen is gelijk aan die van de op aanslag verschuldigde premies.
  • De premies volksverzekeringen worden tot het premiemaximum (einde tweede schijf) proportioneel van het premie-inkomen geheven. Er is dus slechts premie verschuldigd over de eerste twee schijven (in 2016: maximaal €33.715; mensen die geboren zijn voor 1946: maximaal 34.027).
  • Het premiepercentage bedraagt in 2016 28,15%. AOW-gerechtigden zijn alleen de WLZ- en Anw-premie van 10,25% verschuldigd. Een deel van de heffingskorting heeft betrekking op de premieheffing volksverzekeringen. De verschuldigde bedragen zijn verwerkt in de tabellen zodat daaruit het bedrag van de in te houden premies zonder meer is af te lezen.
Wat zijn sociale werknemersverzekeringen?

Wat zijn sociale werknemersverzekeringen?

 

Wat zijn de belangrijkste kenmerken van de sociale werknemersverzekeringen?

  • De sociale werknemersverzekeringen zijn typische werknemersverzekeringen. Degenen die geen werknemer zijn, vallen niet onder de werking van deze verzekeringen.
  • Voor de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en de Werkloosheidwet (WW) is de uitkering opgedragen aan het uitvoeringsorgaan werknemersverzekeringen (UWV). De WAO is inmiddels vervangen door de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) en de WW door de Wet Werk en Zekerheid (WWZ).
  • De sociale werknemersverzekeringen waren vroeger deels verschuldigd door de werkgever en deels door de werknemers. Sinds 2013 zijn deze premies echter volledig omgezet in werkgeverspremies.
  • De premieheffing socialewerknemersverzekeringen geschiedt door de Belastingdienst.
  • De werknemersverzekeringen kennen geen aanslagsystematiek. Het is derhalve niet mogelijk om een onjuiste inhouding via een aanslag te corrigeren. Dit is alleen via naheffing mogelijk.

Wie is aan de premieheffing werknemersverzekeringen onderworpen?

  • Met betrekking tot de premieheffing werknemersverzekeringen geldt dat hieraan alleen personen zijn onderworpen die in een privaat- of publiekrechtelijke dienstbetrekking staan. De uitzonderingen daarop zijn personen die AOW-gerechtigd zijn en personen die uit hun vroegere dienstbetrekking een uitkering ontvangen. Dit kunnen bijvoorbeeld vutters zijn, maar ook mensen die met vervroegd pensioen zijn gestuurd.
  • Personen met een WIA-, ZW-, of WW-uitkering zijn wel aan de werknemersverzekeringen onderworpen.

Wat is de heffingsgrondslag van de premieheffing werknemersverzekeringen?

  • De premies voor de werknemersverzekeringen worden over het loon geheven.
  • Door de inwerkingtreding van de Wet Uniformering Loonbegrip op 1 januari 2013 zijn alle verschillen te komen vervallen. Alleen het eindheffingsloon en het loon uit vroegere dienstbetrekking vormen een uitzondering op de regel. Voor de rest is het loonbegrip gelijk aan het geldende loonbegrip voor de loonbelasting.

Hoe ziet de premiestructuur van de werknemersverzekeringen eruit?

  • Bij de socialewerknemersverzekeringen is de oorspronkelijke verzekeringsgedachte nog duidelijk terug te vinden. Zowel de premies als de uitkeringen zijn afhankelijk van het loon (uitgezonderd de ZFW-uitkering). De premies WW variëren per bedrijfssector. Men moet dus steeds vaststellen onder welke bedrijfssector de werknemer valt.
Wat is inkomstenbelasting voor ondernemers en ondernemingen

Wat is inkomstenbelasting voor ondernemers en ondernemingen

Ondernemingsvormen

  • Omdat alleen natuurlijke personen onderworpen zijn aan de inkomstenbelasting vallen samenwerkingsvormen met rechtspersoonlijkheid zoals de besloten vennootschap (BV), de naamloze vennootschap (NV) en de coöperatie buiten de reikwijdte van deze belasting. Er zijn ook samenwerkingsvormen zonder rechtspersoonlijkheid (vennootschap onder firma of maatschap).
  • De daarbij betrokken natuurlijke personen vallen onder de inkomstenbelasting.
  • Het samenwerkingsverband zelf is door het ontbreken van de rechtspersoonlijkheid, als zodanig niet belast voor de behaalde winst. Het samenwerkingsverband is in fiscale terminologie transparant. Hier zal worden ingegaan op ondernemers met een eenmanszaak die onder de inkomstenbelasting vallen. Zij genieten winst uit onderneming. Dit is geregeld in art. 3.8 tot en met 3.73 IB 2001.

Het belang van de ondernemersstatus

  • Winst uit onderneming is de eerste in de inkomstenbelasting genoemde bron van inkomen. Degene die winst uit onderneming geniet wordt aangeduid als ondernemer. Dit staat in art. 3.4 IB 2001 weergegeven. In dit artikel staat dat de ondernemer een belastingplichtige is voor rekening van wie een onderneming wordt gedreven en die rechtstreeks wordt verbonden door verbintenissen betreffende die onderneming. Het vrije beroep wordt met een onderneming gelijk gesteld.
  • De ondernemer wordt belast voor de belastbare winst. Dit is het gezamenlijke bedrag van de winst die de belastingplichtige als ondernemer geniet uit een of meer ondernemingen verminderd met de ondernemersaftrek en de MKB-winstvrijstelling (art. 3.2 IB 2001). De ondernemersaftrek is de totaaltelling van vijf verschillende ondernemersfaciliteiten: zelfstandigenaftrek, aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk, de meewerkaftrek, de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid en de stakingsaftrek (art. 3.74 IB 2001).
  • Voor de meeste ondernemersfaciliteiten is vereist dat het ondernemerschap ook in feitelijke zin wordt ingevuld. Dit moet zodanig gebeuren dat er aan het wettelijk gedefinieerde urencriterium wordt voldaan. Daarom is in de praktijk de vaststelling of aan het urencriterium wordt voldaan erg belangrijk. Op de stakingsaftrek en de MKB-winstvrijstelling is het urencriterium niet van toepassing. Ook voor faciliteren die als ondernemingsfaciliteiten worden aangeduid (investeringsaftrek, willekeurige afschrijving, geruisloze doorschuiving)is niet vereist dat aan het urencriterium wordt voldaan.

Wie is ondernemer?

  • Het fiscale ondernemerschap kent twee kernbegrippen waaraan tegelijkertijd moet zijn voldaan. Ondernemer is:
    • hij voor wiens rekening een onderneming wordt gedreven (feitelijk ondernemerschap):
    • hij die rechtstreeks wordt verbonden voor verbintenissen betreffende die onderneming (verbonden ondernemerschap).
  • Van geheel andere orde is het afgeleid ondernemerschap. Die kwalificatie houdt in dat er krachtens contract sprake is van gerechtigheid in het ondernemingsvermogen en derhalve ook in de winst. Dit is voor het fiscale ondernemerschap niet voldoende.

Feitelijk ondernemerschap

  • Een feitelijke ondernemer is een ondernemer voor wiens rekening een onderneming wordt gedreven, Aan het ondernemerschap zijn diverse fiscale faciliteiten verbonden. Daarom willen veel belastingplichtigen gebruik maken van de faciliteiten die men kan gebruiken als men als ondernemer kan worden betiteld.
  • In de wet staat geen definitie van het begrip onderneming. In de jurisprudentie is dit wel nader uitgewerkt. De vier kenmerken van een onderneming zijn:
    • zelfstandigheid;

    • duurzaamheid;

    • met een op zichzelf staand winstdoel;

    • met een in beginsel niet beperkte kring van afnemers.

Verbonden ondernemerschap

  • De vereiste rechtstreeks verbondenheid voor ondernemersverbintenissen (het verbondenheidscriterium) is opgenomen om tot uitdrukking te brengen dat ondernemerschap meer betekent dan alleen maar het ter beschikking stellen van risicodragend kapitaal aan een onderneming. Dit betekent dat de vermogensverschaffer tegenover zakelijke crediteuren aansprakelijk moet zijn voor de schulden van de onderneming. Anders is er geen sprake van ondernemerschap in de fiscale zin van het woord.

Winstgerechtigden

  • In art. 3.3 IB 2001 staat de categorie winstgerechtigden. Volgens dit artikel zijn winstgerechtigden degenen die anders dan als ondernemer of aandeelhouder, medegerechtigd zijn tot de winst op basis van hun medegerechtigdheid tot het ondernemingsvermogen. Dit kan bijvoorbeeld gaan om de commanditaire vennoten. Verder kunnen winstgerechtigden ook degene zijn die tot een aandeel in de winst zijn gerechtigd op basis van een verstrekte geldlening op zodanige wijze aan de ondernemer dat deze functioneert als eigen. Dit wil zeggen als risicodragend vermogen.

Totale winst

  • De totale winst is het in euro’s uitgedrukte bedrag dat over de gehele duur van de onderneming wordt verkregen. Zowel een binnenlandse als een buitenlandse belastingplichtige kan winst uit onderneming genieten. Een bron van winst uit onderneming kan ontstaan en kan verdwijnen. De bron kan bijvoorbeeld verdwijnen door middel van staking of overdracht. Er kan sprake zijn van staking van een onderneming bij overlijden waardoor krachtens erfrecht of huwelijksgoederenrecht het ondernemingsvermogen overgaat op een ander (art. 3.58 en 3.59 IB 2001). Dit is een goed voorbeeld van het persoonlijk karakter van het ondernemingsbegrip. Hieronder staat een schema van diverse situaties die ervoor kunnen zorgen dat de belastingplicht kan ontstaan, verschuiven of verdwijnen.

Ondernemer

Onderneming

A. De ondernemer woont in Nederland.

C. De onderneming is gevestigd in Nederland

B. De ondernemer woont niet in Nederland

D. De onderneming is niet gevestigd in Nederland.

  • Wanneer er sprake is van de combinatie A+C, dan is de winst onderdeel van de binnenlandse belastingplicht. Als er sprake is van de combinatie A+D, dan valt de winst binnen de binnenlandse belastingplicht met aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. In dit geval zal de Nederlandse fiscus een tegemoetkoming verlenen ter voorkoming van dubbele belasting. De winst uit onderneming gaat dan tot het wereldinkomen van de belastingplichtige behoren. Als er sprake is van de combinatie B+C, dan valt de winst onder de buitenlandse belastingplicht. Wanneer er sprake is van de combinatie B+D, dan is er geen belastingplicht in Nederland. Dit kan het geval zijn wanneer de ondernemer samen met zijn onderneming Nederland verlaat. Het gevolg hiervan is dat er geen winst uit onderneming in Nederland meer wordt genoten op grond van art. 3.60 en 3.61 IB 2001. Wanneer de onderneming na emigratie achterblijft, dan blijft de winstbron toch bestaan, maar de winst gaat dan over van de binnenlandse naar de buitenlandse belastingplicht.
Wat is vennootschapsbelasting?

Wat is vennootschapsbelasting?

  • Anders dan de naam doet vermoeden, is de vennootschapsbelasting niet slechts een belastingheffing over de winsten van de vennootschappen.
  • Sommige vennootschappen, zoals een vennootschap onder firma, worden niet zelfstandig in de belastingheffing betrokken. Deze vennootschap is fiscaal transparant. Dit betekent dat de winst toegerekend aan de achterliggende participanten. Als de achterliggende participanten van dat samenwerkingsverband natuurlijke personen zijn, dan worden die natuurlijke personen direct in de inkomstenbelasting belast. Indien dat samenwerkingsverband een onderneming drijft, zijn deze natuurlijke personen meestal IB-ondernemer. De winst van het samenwerkingsverband wordt direct toegerekend aan die natuurlijke personen en zij worden daarvoor in de inkomstenbelasting belast.
  • Aan de andere kant zijn sommige rechtsvormen die geen vennootschap zijn, toch onderworpen aan de vennootschapsbelasting.Voorbeelden zijn onder meer een coöperatie of een stichting die een onderneming drijft. Een gemeenschappelijk kenmerk van belastingplichtigen in de vennootschapsbelasting is dat de winst van het lichaam niet direct toevloeit aan de achterliggende (natuurlijke) personen, omdat zij op een zekere afstand staan van het lichaam. Het gevolg is dat het lichaam, zoals een besloten vennootschap (bv), zelfstandig in de vennootschapsbelasting wordt betrokken voor de behaalde winst en niet de aandeelhouders.
  • De vennootschapsbelasting in Nederland wordt gekenmerkt door het klassieke stelsel.

Wat houdt het klassieke stelsel in?

  • Het klassieke stelsel gaat uit van een zelfstandige belastingplicht van de rechtspersoon. De winst van de rechtspersoon moet worden bepaald ongeacht de uitdelingen aan de aandeelhouders.
  • In artikel 10 Wet VPB staat een omschrijving van het klassieke stelsel. Bij de bepaling van de winst komen de middellijke en onmiddellijke die vallen onder artikel 9 Wet VPB niet in aanmerking. Omdat de uitdelingen van winst bij de aandeelhouders opnieuw worden belast, ontstaat over de uitgekeerde winst economisch gezien dubbele heffing.
  • Een voordeel van het klassieke stelsel is de eenvoud van de uitvoering. Het stelsel houdt in dat het lichaam zelfstandig over zijn winst belasting moet betalen, ongeacht de vraag of de winst al dan niet aan de aandeelhouders wordt uitgekeerd.
  • Dit is in concernverband echter een probleem. Vaak is de aandeelhouder zelf ook een NV of BV. Om dubbele belastingheffing te voorkomen in concernverband, is de deelnemingsvrijstelling in het leven geroepen. Op grond hiervan blijven de deelnemingsresultaten bij de moedervennootschap onbelast. Een nadeel van het klassieke stelsel is bijvoorbeeld de relatief zware belastingdruk op dividenden door de economische dubbele heffing op de uitgedeelde winsten.

Wat houdt het stelsel van volledige integratie in?

  • Bij toepassing van het stelsel van volledige integratie wordt de verlengstukwinstgedachte doorgevoerd. De winsten van de vennootschap worden toegerekend aan de aandeelhouders. Het maakt niet uit of deze winsten echt uitgedeeld zijn. De aandeelhouder betaalt over de hem toegerekende winst belasting. De vennootschap wordt daarvoor niet belast. De toepassing van de verlengstukwinstgedachte beperkt zich meestal tot de daadwerkelijke uitgekeerde winsten.
  • Volledige integratie kan ertoe leiden dat de aandeelhouder belasting moet gaan betalen over vennootschapswinsten die nog niet aan hem zijn uitgekeerd. Toepassing van de verlengstukgedachte op de daadwerkelijke uitgedeelde winst houdt in dat de vennootschap deze uitgedeelde winst als aftrekpost in haar fiscale resultaat mag verwerken.
  • De verlengstukgedachte is in de geldende vennootschapsbelasting op bepaalde terreinen terug te vinden. Een voorbeeld betreft de coöperatieregeling (art. 9, lid 1 onderdeel g, Wet VPB).

Wat houdt het verrekeningsstelsel in?

  • Bij toepassing van het verrekeningsstelsel heeft de rechtspersoon geen eigen zelfstandige belastingplicht. De vennootschap is slechts een verlengstuk van de aandeelhouders.
  • Bij toepassing van het stelsel van volledige integratie dient de heffing van vennootschapsbelasting bij de vennootschap zelf achterwege te blijven en alleen bij de aandeelhouder plaats te vinden (winstaftrekmethode).
  • In het verrekeningsstelsel wordt bij de vennootschap wel vennootschapsbelasting geheven, maar deze belasting fungeert de facto als een verrekenbare voorheffing die verrekend kan worden met de inkomstenbelasting die de aandeelhouder over het brutodividend moet betalen. De verrekenbare vennootschapsbelasting is een synoniem voor tax credit (belastingverrekeningsmethode).

Wat valt op bij de cijfermatige vergelijking van de diverse stelsels?

  • In een voorbeeld ter vergelijking van de diverse genoemde stelsels zal worden uitgegaan van een vennootschapswinst van €1000. De hele winst zal hier worden uitgedeeld. Het primaire dividend wordt gesteld op €200, het VPB-tarief op 25% en het IB-tarief op 50%. Het is duidelijk dat door de verlaging van de inkomstenbelasting op dividend, de verschillen in de uitkomsten van de verschillende stelsels naar elkaar toe kruipen.

Wat is de rechtsgrond van de vennootschapsbelasting?

  • Voor velen ontleent de vennootschapsbelasting haar rechtsgrond simpelweg aan het gegeven dat ze bestaat.
  • Tijdens het Besluit 1942 werd de vennootschapsbelasting gezien als een belasting die de lichamen op dezelfde manier moest belasten als de inkomstenbelasting de natuurlijke personen belastte. Als vanzelfsprekend werd aan rechtspersonen een zelfstandig draagkracht, en dus tevens een zelfstandige belastingplicht, toegekend.
  • In de wet VPB wordt meer ruimte gegeven aan de gedachte dat een lichaam functioneert als verlengstuk van natuurlijke personen. Het besef groeide dat uitsluitend mensen van vlees en bloed draagkracht hebben. Het is namelijk onmogelijk de belastingdruk af te wentelen op een rechtspersoon, omdat in de een of andere vorm deze belasting toch via het prijsmechanisme door natuurlijke personen gedragen zal worden.
  • De huidige vennootschapsbelasting steunt vooral op het neutraliteitsprincipe. Dit beginsel houdt in dat economische activiteiten moeten worden belast, ongeacht de rechtsvorm waarin zij worden uitgeoefend.
  • Ondernemersactiviteiten zouden idealiter, ongeacht hun rechtsvorm, door een ondernemingsbelasting moeten worden belast. Omdat bij invoering van de wet een dergelijke rechtsvormneutrale ondernemingsbelasting niet bestond (of kon worden ontwikkeld), dan wel niet zinvol werd geacht, moest anderszins evenwicht worden gecreëerd tussen ondernemers die wel en niet onder de inkomstenbelasting vallen. Hierdoor was invoering van een vennootschapsbelasting vereist. Deze moest voorkomen dat er voor aandelenvennootschappen een belastingvrij veld zou ontstaan dat natuurlijke personen de mogelijkheid zou bieden om hun ondernemingsactiviteiten in een (belastingvrije) rechtspersoon te stoppen. Het gevolg hiervan zou dan zijn dat aandelenvennootschappen de inkomstenbelasting konden ontlopen.
  • De omschrijving van de heffingsgrondslag en de hoogte van het tarief zouden op basis van het neutraliteitsprincipe zodanig moeten zijn, dat tussen de gecombineerde VPB/IB-belastingdruk van de VPB-ondernemers een globaal evenwicht zou ontstaan.
  • De grote vlucht in de BV-vorm maakt duidelijk dat een dergelijk globaal evenwicht in de praktijk niet is bereikt. Het verlagen van het toptarief van de inkomstenbelasting in de IB 2001 was mede gericht op een herstel van het globaal evenwicht. Door de nadien doorgevoerde stelselmatige tariefverlaging van de vennootschapsbelasting heeft de oude problematiek weer de kop opgestoken.
  • Door middel van invoering van de MKB-winstvrijstelling in de inkomstenbelasting sinds 2007 is geprobeerd om het globale evenwicht weer te herstellen.
  • De vennootschaptsbelasting vervult een steunfunctie, in die zin dat ook stichtingen en verenigingen die een onderneming drijven op basis van hun bedrijvigheid onder de venootschapsbelasting zijn gebracht.

Wat is het belastingsubject?

  • Als subjectief belastingplichtige lichamen kent de Wet VPB zowel binnenlandse als buitenlandse belastingplichtigen.
  • Beide begrippen hebben een eigen omschrijving voor het belastingobject. Het verschil tussen binnenlandse en buitenlandse belastingplichtigen is afhankelijk van de vestigingsplaats van het belastingplichtige lichaam. De binnenlandse belastingplichtigen hebben in beginsel een belastingplicht op basis van het wereldinkomen. De buitenlandse belastingplichtigen zijn slechts belastingplichtig op grond van het binnenlands inkomen.
  • In art. 4 AWR staat dat de feitelijke omstandigheden bepalen waar de vestigingsplaats is. Heeft de oprichting van het lichaam echter plaatsgevonden naar Nederlands recht, dan wordt – behoudens specifieke uitzonderingen – het lichaam geacht in Nederland gevestigd te zijn. Dit blijkt uit art. 2 lid 4 Wet VPB.

In welke categorieën kunnen binnenlandse belastingplichtigen worden verdeeld?

  • De binnenlandse belastingplichtigen moeten worden verdeeld in twee categorieën. Er zijn onbeperkt (binnenlands) belastingplichtige lichamen en er zijn beperkt (binnenlands) belastingplichtige lichamen.
  • Als onbeperkt belastingplichtigen worden aangemerkt:
    • Naamloze vennootschappen, besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, open commanditaire vennootschappen en andere vennootschappen, waarvan het kapitaal geheel of voor een gedeelte in aandelen is verdeeld (kapitaalvennootschappen);
    • Coöperaties;
    • Onderlinge waarborgmaatschappijen;
    • Woningbouwlichamen.
  • Voor de kring van onbeperkt belastingplichtigen geldt krachtens wetfictie dat zij een onderneming drijven met behulp van hun gehele vermogen. Zie hier art. 2 lid 5 Wet VPB. Hun vermogen kan dus uitsluitend ondernemingsvermogen zijn.
  • Als beperkt belastingplichtigen worden in de Wet VPB genoemd:
    • Privaatrechtelijke rechtspersonen, die hierboven niet genoemd zijn;
    • Verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid;
    • Ondernemingen van publiekrechtelijke rechtspersonen of lichamen gecontroleerd door publiekrechtelijke rechtspersonen.
  • Voor de categorie beperkt belastingplichtigen lichamen geldt dat zij slecht subjectief belastingplichtig zijn, indien en voor zover zij een onderneming drijven. Voor de vraag wat hieronder moet worden verstaan, is het (materiële) ondernemingsbegrip van de inkomstenbelasting bepalend.
  • De belastingplicht van stichting en verenigingen vervalt niet door de omstandigheid dat bij de stichting of vereniging het winstoogmerk ontbreekt. Zij zijn ook belastingplichtig indien en voor zover zij een onderneming drijven. Onder het drijven van een onderneming wordt mede verstaan een uiterlijk daarmee overeenkomende werkzaamheid. Hiervan is sprake als in concurrentie wordt getreden met ondernemingen waarvan de winsten onderworpen zijn aan de belastingheffing. Zie art. 4 Wet VPB.
  • Een aparte, in de Wet VPB opgenomen, categorie binnenlandse belastingplichtige lichamen betreft de binnen Nederland gevestigde fondsen voor gemene rekening. Ook de open commanditaire vennootschap (art. 3, lid 3 onderdeel c, AWR) is aan de vennootschapsbelasting onderworpen. In art. 5 Wet VPB is een aantal subjectieve vrijstellingen opgenomen voor natuurschoonlichamen en lichamen met een sociale functie.

Wie kwalificeren als buitenlandse belastingplichtigen?

  • In het buitenland gevestigde verenigingen (en andere rechtspersonen), open commanditaire vennootschappen en andere niet rechtspersoonlijkheid bezittende vennootschappen met een in aandelen verdeeld kapitaal zijn als buitenlandse belastingplichtigen aangemerkt volgens artikel 3 Wet VPB, als ze Nederlands inkomen genieten. Voor de invulling van het begrip Nederlands inkomen verwijst de vennootschapsbelasting naar de begripsinvulling voor de inkomstenbelasting. Zie hiervoor artikel 17, 17a en 18 Wet VPB.

Wat is het belastingobject?

  • Ook de vennootschapsbelasting maakt onderscheid tussen het belastingobject van binnenlandse en buitenlandse belastingplichtigen.

Wat is de heffingsgrondslag voor de binnenlandse belastingplichtigen?

  • De binnenlandse lichamen zijn belastingplichtig naar het belastbare bedrag. Eerst moet er winst vastgesteld zijn. Van de winst worden de aftrekbare giften afgetrokken. Dan is er nog de belastbare winst. Van de belastbare winst gaan de te verrekenen verliezen af zodat er onder de streep een belastbaar bedrag overblijft.
  • Het fiscale winstbegrip van de vennootschapsbelasting komt overeen met dat van de inkomstenbelasting (zie art. 8 Wet VPB). Voor de vennootschapsbelasting geldt dat voor de belastingplichtige het boekjaar niet behoeft samen te vallen met het kalenderjaar (art. 7, lid 4, en art. 17, lid 2, Wet VPB. Ter berekening van de belastbare winst wordt de winst verminderd met de aftrekbare giften (zie art. 16 Wet VPB).

Wat is de heffingsgrondslag voor buitenlandse belastingplichtigen?

  • Artikel 17 Wet VPB geeft aan dat de buitenlandse belastingplichtige wordt belast naar het belastbare Nederlandse bedrag. Het gaat hier om het Nederlands inkomen verminderd met de verliezen uit Nederlands inkomen. Het binnenlands inkomen bestaat uit de Nederlandse bronnen van inkomen. Het gaat om de belastbare winst uit een in Nederland gedreven onderneming of vaste inrichting. Ook kan het gaan om het belastbaar inkomen uit een aanmerkelijk belang in een in Nederland gevestigde vennootschap. Tot een in Nederland gedreven onderneming wordt ook de exploitatie van Nederlandse onroerende zaken gerekend.

Wat houdt de verliescompensatie in?

  • De verliescompensatie is geregeld in artikel 20 Wet VPB. Ze verloopt in hoofdzaak hetzelfde als voor de inkomstenbelasting. Ook voor de VPB geldt dat verliezen uit onderneming de negen volgende jaren compensabel zijn (voorwaartse verliesverrekening). Anders dan voor de verliesverrekening in box 1 van de inkomstenbelasting het geval is, kent de vennootschapsbelasting een achterwaartse verliesverrekening van maar één jaar. In de inkomstenbelasting is dit een termijn van drie jaar. Voorwaarde is dat het verlies bij beschikking door de inspecteur is vastgesteld. Tot 2007 golden ruimere verliesverrekeningstermijnen.
  • De wetgever heeft de handel in verlies-BV's aan banden gelegd door middel van art. 20a Wet VPB. Dit betreft een antimisbruikbepaling en wordt ook wel het regime voor de verliesverrekeningsbeperking genoemd. Deze beperking geldt niet in bonafide gevallen. Op de toepassing van de regel gelden twee belangrijke uitzonderingen:
    • bepaalde wijzigingen in de kring van aandeelhouders doen de verliesverrekeningsblokkade niet in werking treden (de aandeelhouderstoets);
    • de verliesverrekeningsblokkade treedt niet in werking bij een gewone voortzetting van de ondernemersactiviteiten (de activiteitentoets).

Welke rol speelt het kwalitatief winstbegrip en de totale winst in de vennootschapsbelasting?

  • Uitgangspunt voor de winstbepaling vormt het winstbegrip van de inkomstenbelasting. Artikel 8 Wet VPB vermeldt na een verwijzing naar de relevante artikelen uit de inkomstenbelasting het voorbehoud in artikel 3.65 IB 2001. Daarbij is expliciet vermeld dat de bepalingen betreffende de oudedagsreserve niet van toepassing zijn. Eigenlijk is die vermelding overbodig, omdat dit al voortvloeit uit het karakter van de vennootschapsbelasting die als zodanig geen betrekking heeft op natuurlijke personen.
  • Ook voor de vennootschapsbelasting geldt voor de gemengde kosten een aftrekbeperking (73,5%). Bovendien zijn deze niet als winstuitdeling aan te merken. In art. 8, lid 5, Wet VP is ten aanzien van deze kosten een keuzemogelijkheid neergelegd.
  • In art. 9 en 10 Wet VPB is bepaald wat bedoeld wordt met winstgerelateerde kosten en uitdelingen. Dit onderscheid is van groot belang voor het vaststellen van de heffingsgrondslag. Dividenden zijn niet aftrekbaar. Dit geldt ook voor statutaire winstuitkeringen die niet in art. 9 zijn vermeld. In dit artikel staat expliciet welke uitkeringen uit de winst aftrekbaar zijn.
  • Rentekosten behoren tot de kosten van de onderneming en zijn in beginsel aftrekbaar. Er gelden echter belangrijke uitzonderingen, de renteaftrekbeperkingen. Rente op eigen vermogen is niet aftrekbaar, maar rente dat op vreemd vermogen moet worden betaald kan wel in aftrek worden gebracht. Het bedrijfsleven probeert daarom zoveel mogelijk gebruik te maken van vermogen dat in economische zin lijkt op eigen vermogen, maar in juridische zin als vreemd vermogen geldt. Deze leningen worden 'hybride leningen' genoemd. De rechter heeft als hoofdregel vastgesteld dat de juridische vorm van de geldverstrekking bepalend is voor de fiscale gevolgen. Hierop zijn drie uitzonderingen van toepassing (zie HR 27 januari 1988, BNB 1988/217). Als er sprake is van de volgende leningen, volgt de fiscaliteit de juridische kwalificatie van een geldlening niet:
    • de schijnlening;
    • de bodemloze-putlening;
    • de deelnemerschapslening.
  • Wanneer fiscaalrechtelijk en civielrechtelijk is vastgesteld dat er sprake is van een lening, moet vervolgens worden beoordeeld of de betaalde rente zakelijk is.
  • Naast de aftrekbeperkingen die door de rechter zijn aangebracht, kennen we vier wettelijke aftrekbeperkingen met een specifieker karakter:
    • de antiwinstdrainageregeling (art. 10a Wet VPB);
    • afbetrekbeperkingen voor renteloze en laagrentende leningen met lange looptijd (art. 10b Wet VPB);
    • de deelnemingsrente (art. 13l Wet VPB);
    • de renteaftrekbeperking voor overnameschulden (art. 15ad Wet VPB).

Wat is het tarief?

  • Op 1 januari 2007 werd in de vennootschapsbelasting een drastische tariefverlaging tot 25,5% doorgevoerd. Sinds 2011 is het 25,5% verlaagd tot 25%. Daarnaast wordt er verlaagd tarief gehanteerd (veelal aangeduid als de MKB-schijf). Sinds 2009 loopt de MKB-schijf tot een winst van €200.000 en bedraagt het tarief 20%.

Wat houdt de leer van het globale evenwicht in?

  • Er mogen geen belastingvrije velden bestaan. Dit komt niet ten goede aan een evenwichtige belastingheffing. De ervaring leert dat ter voorkoming van een vlucht uit de eenmanszaak of vennootschap onder de firma naar de bv, de inkomstenbelasting van natuurlijke personen samengaan met een belasting naar de winst van de bv. Dit is vooral het geval in landen waar de eerstgenoemde belasting relatief zwaar drukt. De belasting naar de winst van de bv moet op haar beurt samengaan met een belasting naar de winst van de onderlinge verzekeringsmaatschappij en coöperatie. Tevens moeten concurrerende stichtingen en verenigingen in het heffingsmechanisme worden betrokken. Bovendien is inmiddels het wetsvoorstel Modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen aangenomen. Dit betekent dat overheidsonderneming in de vennootschapsbelasting die economische activiteiten ontplooien op een markt waarin ook private ondernemingen opereren, vanaf 1 januari 2016 in de vennootschapsbelastingheffing worden betrokken.
  • De wetgever moet een neutrale houding ten opzichte van de juridische vormgeving van de onderneming innemen: er moet sprake zijn van een globaal evenwicht. Ter beoordeling hiervan moet gelet worden op de volgende aandachtspunten:
    • juiste onderlinge afstemming van de belastingtarieven;
    • juiste afgrenzing van het object van belastingheffing;
    • juiste bepaling van het moment van winstneming.
  • Bij de invoering van de IB 2001 werd een globaal evenwicht gecreërd tussen de inkomstenbelasting- en de vennootschapbelastingsfeer.

Hoe verhouden de commerciële en fiscale winst zich tot elkaar?

  • De wijzen waarop de winst van de vennootschap (de commerciële winst) verdeeld zal worden, wordt beheerst door het vennootschapsrecht. De vennootschapsbelasting is hierop slechts van invloed voor zover deze de voor uitdeling beschikbare winst verkleint.
  • Voor de commerciële winst is de vennootschapsbelasting een kostenpost. Voor de fiscale winst is de vennootschapsbelasting een onttrekking die niet aftrekbaar is.
  • Dit verschil in kwalificatie komt ook tot uitdrukking in de verwerking van de winstuitdelingen aan anderen dan de aandeelhouders. Winstgerelateerde beloningen zijn commercieel gezien bedrijfskosten.
  • Fiscaal worden de winstuitkeringen die voor de bepaling van de winst in aftrek kunnen worden gebracht expliciet vermeld in artikel 9 Wet VPB.
  • De winstuitkeringen aan de oprichters en aandeelhouders (dividend) zijn evenwel per definitie niet aftrekbaar op grond van het klassieke stelsel. Overigens pleegt men deze commercieel ook niet tot de kosten te rekenen.
  • Vergelijkbaar met winstuitkeringen aan oprichters en aandeelhouders (dividend) zijn de kosten van de hybride lening fiscaal niet aftrekbaar gesteld. Dit is ook niet mogelijk voor rente in antiwinstdrainageconstructies.
Wat is dividendbelasting?

Wat is dividendbelasting?

  • Voor binnenlandse verhoudingen wordt dividendbelasting geheven over winstuitdelingen. De vennootschap moet in Nederland gevestigd zijn. Voor haar aandeelhouder geldt die verplichting niet. De regels omtrent dividendbelasting zijn te vinden in de Wet op Dividendbelasting (verder: Wet DB).
  • Bij winstverdeling tussen haar aandeelhouders moet de vennootschap altijd 15% aftrekken van haar gehele winst. Dat bedrag wordt aangemerkt als dividendbelasting en wordt afdragen aan fiscus (artt. 2, 3, 5 en 7 Wet op Dividendbelasting, Wet DB).
  • Net als de loonbelasting is ook de dividendbelasting niet een geheel zelfstandige belasting, maar een voorheffing op de inkomstenbelasting, artikel 9.2 Wet IB 2001. Het is ook een voorheffing op de vennootschapsbelasting, artikel 25 Wet Vpb 1969. Dit is omdat onder aandeelhouders van de uitkerende vennootschap zich behalve natuurlijke personen ook vennootschappen bevinden.
  • De dividendbelasting wordt op elke winstuitdeling ingehouden, ongeacht de woonplaats van de aandeelhouder. Het is niet van belang waar deze is gevestigd. Wel is het van belang waar de uitkerende vennootschap is gevestigd, de dividendbelasting wordt alleen geheven van winstuitdelingen door in Nederland gevestigde kapitaalvennootschappen, artikel 1 lid 1 Wet DB. Om misbruik door een coöperatie te voorkomen, worden deze onder bepaalde omstandigheden als kapitaalvennootschap aangemerkt, artikel 1 lid 7 Wet DB. De uitdelende vennootschap hoeft geen Nederlandse vennootschap te zijn, maar moet feitelijk in Nederland zijn gevestigd. Of een vennootschap al dan niet in Nederland is gevestigd wordt beoordeeld aan de hand van feitelijke omstandigheden, art. 4 AWR.

De bestaansgrond

  • Er zijn binnenlandse redenen van efficiëntie voor de heffing van de dividendbelasting. Het is namelijk veel eenvoudiger om één inhoudingsplichtige vennootschap aan te wijzen als belastingontvanger en één inhoudingsplichtige te controleren, dan alle individuele aandeelhouders te achterhalen en te controleren.
  • In internationale betrekkingen zijn er voornamelijk twee redenen voor de heffing. De eerste is pragmatisch, andere landen doen het ook, dus Nederland zal ook iets te bieden moeten hebben, zoals verlaging van de heffing ten gunste van het buitenland. De tweede reden is van budgettair belang, het dividend komt uit Nederland, dus hierover mag ook best iets aan Nederland worden betaald.

Het object van de heffing

  • De dividendbelasting wordt geheven over de opbrengst van aandelen, winstbewijzen en geldleningen (art. 10 lid 1 onder d Wet Vpb 1969).
  • Art. 3 Wet DB zegt welke uitkeringen in elk geval onder het begrip opbrengst vallen:
    • winstuitdelingen
    • inkoop van eigen aandelen voor een prijs hoger dan het gestorte kapitaal
    • liquidatie-uitkeringen
    • uitreiking van bonusaandelen (inclusief fondsen voor gemene rekening.
    • teruggaaf van kapitaal bij aanwezigheid van winst
    • uitkeringen op en aankoop en inkoop van winstbewijzen
    • vergoedingen op geldleningen als bedoeld in artikel 10 lid 1 onderdeel d Wet
    • Vpb.
  • Voor het begrip ‘opbrengst’ is artikel 3 lid 1 sub a een belangrijke bepaling. Het gaat om middellijke of onmiddellijke uitdelingen van winst, onder welke naam of in welke vorm dan ook gedaan.
  • Als de BV de 15% DB niet op de aandeelhouder verhaalt dan wordt de aandeelhouder bevoordeeld. Artikel 6 DB schrijft voor dat het aan de aandeelhouder betaalde bedrag met 100/85 moet worden vermenigvuldigd. Zo kan de gemiste belasting alsnog op de aandeelhouder worden verhaald. Dit wordt brutering genoemd. Bij een naheffingsaanslag DB volgt bovendien een boete, die niet aftrekbaar is bij de aandeelhouder.

Vrijstellingen van inhouding

  • De Wet DB kent verschillende vrijstellingen van inhouding van dividendbelasting. Dit betekent niet dat de belastingplicht is opgeheven, alleen de inhoudingsplicht wordt opgeheven. In de eindheffing, dus in de inkomsten- en de vennootschapsbelasting, geldt dan wel een vrijstelling van de belastingplicht op het betreffende dividend.
  • De volgende inhoudingsvrijstellingen bestaan ingevolge artikel 4 Wet DB:
    • Inhoudingsvrijstelling voor binnenlandse deelneming.
    • Inhoudingsvrijstelling voor fiscale eenheid.
    • Voorwaardelijke inhoudingsvrijstelling voor EU/EER-deelnemingsdividenden.
    • Inhoudingsvrijstelling voor beursinkoop.
    • Vrijstelling voor opbrengsten van groene, sociaal-ethische, culturele en durfbeleggingen.
    • Vrijstelling voor opbrengsten uit hoofde van een stamrechtspaarrekening, een stamrechtbeleggingsrecht, een beleggingsrecht uit eigen woning, een lijfrentebeleggingsrecht of een lijfrentespaarrekening.
    • De inkoopvrijstelling voor beleggingsinstellingen.
    • De vrijstelling in het geval van vererfd aanmerkelijk belang of een geschonken indirect aanmerkelijk belang.

Afdrachtskorting FBI

  • In artikel 11a Wet DB is een afdrachtskorting voor beleggingsinstellingen bedoeld in artikel 28 Wet Vpb opgenomen.
  • De FBI mag de af te dragen dividendbelasting verminderen met de door henzelf verschuldigde dividendbelasting en buitenlandse bronheffingen.

Afdrachtskorting bij dooruitdeling

  • De buitenlandse dividendbelasting op winstuitkeringen van dochter- naar moedermaatschappij is hinderlijk voor de moedermaatschappij. De Nederlandse moedermaatschappij krijgt deelnemingsvrijstelling en kan de buitenlandse bronheffing dus niet verrekenen.
  • Nederland streeft in verdragen dan ook naar een bronheffing van 0%.

Afschudden van dividendbelasting

  • Er zijn manieren om onder de dividendbelasitng uit te komen. Voor Nederlanders heeft dat weinig zin: de belasting is immers verrekenbaar met de IB of Vpb.
  • Het is vooral interessant voor aandeelhouders in Nederlandse vennootschappen die geen verrekeningsbasis hebben. Dit zijn met name de landen waarmee Nederland geen belastingverdrag heeft gesloten.
Wat is omzetbelasting (BTW)?

Wat is omzetbelasting (BTW)?

 

  • De wet op de omzetbelasting 1968 heeft het karakter van een algemene verbruiksbelasting. Omdat deze belasting niet rechtstreeks bij de verbruiker, maar van de ondernemer wordt geheven, wordt de omzetbelasting een algemene indirecte verbruiksbelasting genoemd.
  • De wetgever gaat ervan uit dat de ondernemer de belasting in zijn prijzen doorberekent. Op deze wijze wordt dan indirect toch het verbruik belast. De algemene verbruiksbelasting of bijzondere verbruiksbelasting zou ook van de verbruiker zelf rechtstreeks kunnen worden geheven. In dat geval is er sprake van een directe verbruiksbelasting. In Nederland komt deze heffingsvariant niet voor.
  • Wel wordt bij invoer van buiten de Europese Unie de belasting van de verbruiker geheven in gevallen waarin hij de goederen zelf invoert, maar dat is niet voldoende om de hele heffing om die reden te kunnen typeren als een directe verbruiksbelasting.

Systemen van omzetbelasting

  • In het kader van de harmonisatie van belastingen in de EU hebben de lidstaten zich verplicht de omzetbelasting te heffen volgens het systeem van de belasting over de toegevoegde waarde en wel volgens de methode van aftrek van voorbelasting volgens het kasstelvariant.
  • Het belangrijkste motief voor deze keuze was dat deze methode technisch het beste resultaat heeft als men een verbruiksbelasting op de consumptieve bestedingen wil heffen. Een bijkomend voordeel hierbij is dat de lidstaten een zekere mate van vrijheid behouden op het gebied van tarieven en van enkele vrijstellingen. In Nederland is dit systeem van omzetbelasting op 1 januari 1969 in werking getreden door het van kracht worden van de Wet op de omzetbelasting 1968.
  • Er zijn nog meer voordelen op te noemen. De interne neutraliteit is in dit systeem gewaarborgd, doordat de belasting steeds evenredig is aan de prijs. Ook extern is neutraliteit mogelijk. Doordat in elke schakel de belasting die op een goed rust nauwkeurig bekend is, kan door middel van restitutie van deze belasting worden bereikt dat het product geheel belastingvrij is (en ook zonder fiscale subsidie) het land verlaat. Het is ook mogelijk dat over ingevoerde goederen precies evenveel belasting wordt geheven als bij vervaardiging in het binnenland geheven wordt. Verdere voordelen zijn het ontbreken van een uit fiscaal motief ingegeven integratie-impuls in de productieketen (het aantal transacties is niet van invloed op de uiteindelijke belastingdruk) en een verminderde kans op fraude door betere controlemogelijkheden die geboden worden door het systeem van de gefractioneerde heffing (er wordt op verschillende punten in de keten gecontroleerd).
  • De belangrijkste nadelen zijn het grote aantal belastingplichten (alle ondernemers) en de eventuele administratieve problemen voor (voornamelijk) kleine ondernemers.

Het belastbare feit

  • Het is de bedoeling dat de omzetbelasting drukt op de binnenlandse consumptie. Dit is het bestemmingslandbeginsel. Het maakt daarbij niet uit of de geconsumeerde goederen in het land zelf zijn voortgebracht of uit een ander land afkomstig zijn. Voor beide typen consumptiegoederen moet de belastingdruk even hoog zijn.
  • Tot 31 december 1992 was het bereiken van een dergelijke gelijke belastingdruk een behoorlijke uitdaging vanwege het bestaan van interne grenzen binnen de Europese Unie.
  • Door middel van de leuze ‘Europa 1992’ werd ernaar gestreefd alle fysieke binnengrensbelemmeringen per 31 december 1192 op te heffen. Dit hield in dat ook het bestaande systeem van heffing van omzetbelasting bij in- en uitvoer moest worden aangepast.
  • Bij de aankoop van goederen (nieuwe vervoersmiddelen uitgezonderd) die door particulieren en daarmee gelijkgestelden personen (onder andere vrijgestelde ondernemers) uit een andere lidstaat worden meegenomen naar hun eigen land, geldt vanaf 1 januari 1993 het oorsprongslandbeginsel.
  • De gekochte goederen kunnen door de koper worden meegenomen naar zijn eigen land zonder dat er omzetbelasting over de invoer wordt geheven. De omzetbelasting van het land van aankoop blijft dus op deze goederen rusten en de opbrengst komt ook dit land ten goede. Buurlanden hebben er daarom belang bij ter voorkoming van concurrentieverstoring hun tarieven onderling op elkaar af te stemmen. Deze vrije invoerregeling geldt echter uitdrukkelijk niet voor ondernemers.
  • Voor ondernemers blijft het bestemmingsbeginsel gelden. Wanneer zij goederen importeren uit een andere lidstaat, dan is er sprake van een ‘intracommunautaire verwerving’. Voor de leverancier is er sprake van een ‘intracommunautaire levering’. De intracommunautaire levering geschiedt tegen het 0%-tarief. De goederen verlaten het land dus geheel geschoond van omzetbelasting. De afnemer dient de intracommunautaire verwerving als belastbaar feit aan te merken is daarover omzetbelasting verschuldigd. De aldus door hem verschuldigde omzetbelasting is tegelijkertijd aan te merken als voordruk. Als de voordruk geheel aftrekbaar is, dan hoeft er per saldo dus geen belasting te worden voldaan. Wanneer de goederen zijn betrokken van of geleverd aan een ander land dat geen EU-lidstaat is, dan is er geen sprake van een communautaire verwerving of communautaire levering, maar van invoer of uitvoer. Ook bij uitvoer geldt het 0%-tarief. Bij invoer geldt het ‘binnenlandse’ tarief.

Tarieven

  • Bij de omzetbelasting kent men drie tarieven.
  • Er is een algemeen tarief van 21%, een verlaagd tarief van 9% en een zogenoemd nultarief.
  • Daarnaast kent de wet de reeds meermalen genoemde mogelijkheid van vrijstelling. Het verlaagde tarief van 9% bevat met name alle voedingsmiddelen (eet- en drinkwaren) voor menselijke consumptie, met uitzondering van alcoholhoudende dranken. Verder vallen geneesmiddelen, boeken, het openbaar vervoer en diverse andere zaken onder het verlaagde 9% tarief. Het nultarief is onder meer van toepassing op de levering van zeeschepen en luchtvaartuigen en op het internationale vervoer van personen met deze vervoermiddelen. In een aantal gevallen is de levering van goederen en het verrichten van diensten vrijgesteld van de heffing van omzetbelasting. Zie art. 11 Wet OB. In dat geval behoeft de ondernemer geen omzetbelasting te voldoen, maar hij kan ook – behalve in de genoemde gevallen in art. 15 lid 2 Wet OB – de aan hem in rekening gebrachte omzetbelasting niet aftrekken. Er ontstaat dan in principe cumulatie van omzetbelasting.
  • De belangrijkste vrijstellingen zijn onder meer bepaalde leveringen van onroerende zaken en vele gevallen van verhuur van onroerende zaken en de meeste diensten in de sector van de geneeskundige verzorging
Wat is schenkbelasting en erfbelasting?

Wat is schenkbelasting en erfbelasting?

 

Schenkbelasting

  • Schenkbelasting ben je verschuldigd, wanneer je van iemand iets geschonken krijgt. Hierbij is degene die de schenking krijgt, het subject voor de belasting en dus degene die de belasting afdraagt. Zowel natuurlijke personen als rechtspersonen kunnen schenker zijn voor de schenkbelasting.
  • Het is belangrijk wat er onder schenking wordt verstaan, omdat er alleen sprake is van een belastbaar feit, wanneer er daadwerkelijk sprake is van een schenking. Dit is het geval wanneer:
    • Er sprake is van een vermogensverschuiving waarbij de schenker een vermogensvermindering ondergaat.
    • De begiftigde een vermogensvermeerdering ondergaat.
    • Er sprake is van bewuste bevoordeling. (De wil tot deze bevoordeling dient zelfstandig beoordeeld te worden).
  • Het Burgerlijk Wetboek (BW) beschrijft een gift als een handeling, die ertoe strekt dat de persoon die de handeling verricht, een ander ten koste van eigen vermogen verrijkt. Het BW beschrijft het begrip schenking als een overeenkomst om niet, die ertoe strekt dat de ene partij -de schenker- ten koste van eigen vermogen de andere partij -de begiftigde- verrijkt. De koppeling van gift en schenking is belangrijk, omdat artikel 1, lid 7, Successiewet 1956 verwijst voor het begrip ‘schenking’ naar het begrip ‘gift’.
  • Naast het feit dat er sprake moet zijn van een schenking, is het ook van belang dat de schenker ten tijde van de schenking in Nederland woont om dit te kwalificeren als belastbaar feit. Waar iemand feitelijk woont, kan beoordeeld worden aan de hand van artikel 4 AWR. Het middelpunt van iemands levensbelangen wordt hierbij voorop gesteld.
  • Echter kan Nederland wel heffen als de schenker feitelijk in het buitenland woont en:
    • Als de schenker een schenking doet binnen een jaar, nadat hij Nederland metterwoon heeft verlaten.
    • Als de schenking geschiedt binnen tien jaar, nadat de schenker Nederland metterwoon heeft verlaten. Hierbij moet de schenker echter wel een Nederlandse nationaliteit hebben.
  • Wat betreft een schenking, wordt er geheven naar de waarde in het economische verkeer (artikel 21, lid1, Successiewet 1956). De wetgever heeft voor bepaalde vermogensbestanddelen waarderingsregels gegeven in de Successiewet. Deze gelden dan ook alleen voor de toepassing van de Successiewet.
  • De schenkbelasting kent ook vrijstellingen:
    • Zo zijn er schenkingen die volledig zijn vrijgesteld van belastingheffing ongeacht de omvang ervan. Zo kunnen, onder bepaalde voorwaarden, algemeen nu beogende instelling ten aanzien van hun verkrijgingen een volledige vrijstelling krijgen.
    • Ook zijn er schenkingen die voor een bepaald deel zijn vrijgesteld (voetvrijstelling). Zo is de schenking van ouders aan kinderen deels vrijgesteld. Er geldt in dit geval een voetvrijstelling van €5.030,-. Er bestaat hierin ook een verhoging van de vrijstelling, dit is eenmalig en het kind moet op het moment van schenking een leeftijd hebben tussen de 18 en 35 jaar. De algemene vrijstelling van schenkbelasting beslaat 2012.
  • Een vrijstelling geldt per verkrijging en niet per verkrijger.

Erfbelasting

  • Net als de schenkbelasting heeft ook de erfbelasting een plek gekregen in de Successiewet.
  • Het moment waarop iemand overlijdt en de overledene (de erflater) een te belasten vermogen nalaat, wordt er erfbelasting geheven. Hierbij is degene die verkrijgt ‘krachtens erfrecht’, degene waarbij de erfbelasting wordt geheven. Het is van belang dat degene die overlijdt, ten tijde van dat overlijden in Nederland woont of wordt geacht te wonen (artikel 3, lid1, Successiewet).
  • Van een belastbaar feit is slechts sprake, wanneer er daadwerkelijk sprake is van een verkrijging ‘krachtens erfrecht’. De aanvulling hiervan ligt vast in het civiele recht. Er wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen het versterfrecht (regelt de overgang van het vermogen indien de erflater dit niet zelf heeft geregeld) en het testamentair erfrecht (wanneer de erflater zijn uiterste wil in een testament heeft geregeld).
  • Wat betreft het versterfrecht is het van belang dat een echtgenoot en een kind ieder voor gelijke delen zijn gerechtigd tot de nalatenschap van de overleden echtgenoot respectievelijk ouder.
  • Het object van de heffing voor de erfbelasting betreft de waarde van de nalatenschap. Deze waarde houdt in: het saldo van alle tot de nalatenschap behorende bezittingen en de schulden op het overlijdenstijdstip. Het deel dat aftrekbaar is, zijn slechts de rechtens afdwingbare schulden van de erflater. In de Successiewet geldt als belangrijk uitgangspunt, dat de feitelijke verdeling van de nalatenschap in beginsel geen invloed heeft op de verschuldigde erfbelasting.
  • Ook in het geval van erfbelasting kan er onderscheid worden gemaakt tussen volledige en niet volledige vrijstellingen. Zo is erfrechtelijke verkrijging door de Staat volledig vrijgesteld. Daarnaast bestaat er een voetvrijstelling van €19.144,- bij erfrechtelijke verkrijgingen door kinderen en kleinkinderen (artikel 32, lid1, onder 4, letter c en d, Successiewet). Naast deze voetvrijstelling wordt er bij de verkrijging door de partner van de erflater ook een voetvrijstelling gehanteerd. Deze bedraagt €603.600,- (artikel 32, lid1, onder 4, letter a, Successiewet). Het basis partnerbegrip is opgenomen in artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR). Dit begrip wordt ook gebruikt in de Successiewet. Op basis van artikel 2, lid 6, AWR worden geregistreerde partners gelijkgesteld met gehuwde partners.
  • De tarieven van de erf- en schenkbelasting komen met elkaar overeen. Kortom, er wordt gebruik gemaakt van dezelfde tarieftabel.
  • Ook wat betreft de erfbelasting, worden partners aangemerkt als één persoon. Al geldt dit alleen ten aanzien van het verkrijgen door partners en niet ten aanzien van verkrijgingen van partners.
Wat is dubbele internationale belasting en hoe kan dit voorkomen worden?

Wat is dubbele internationale belasting en hoe kan dit voorkomen worden?


Dubbele internationale belasting

Welke beginselen bepalen het onderscheid tussen nationale en internationale belastingen?

  • Elk land formuleert zijn eigen rechtsgronden om belasting te heffen. In persoonlijke belastingen zoals de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting ligt het voor de hand dat voor de territoriale werking van die belastingen wordt vastgeknoopt aan een eigenschap van de persoon. Zijn draagkracht, zijn profijt of zijn bevoorrechte verkrijging is bepalend voor de belastingdruk. Het gaat bij het woonlandbeginsel om het inkomen (vermogen of winst) van de belastingplichtige ongeacht de vraag waar ter wereld dit is gevormd.
  • Bij toepassing van het woonlandbeginsel kan aansluiting worden gezocht bij de nationaliteit of woonplaats. In bijvoorbeeld de Verenigde Staten worden beide kenmerken zelfs naast elkaar gehanteerd. Nederland en de meeste andere landen passen niet het nationaliteitsbeginsel maar het woonlandbeginsel toe (economisch burgerschap). Dit geldt voor natuurlijke personen. Ook bij rechtspersonen zoals bedrijven wordt dit beginsel toegepast, voor zover zij aan een belasting zijn onderworpen die op vergelijkbare wijze wordt geheven als een echte persoonlijke belasting. Als het woonlandbeginsel wordt toegepast, doet het er niet toe waar het inkomen of de winst is verworven of waar de bestanddelen van het vermogen zich bevinden. De belasting wordt in het vestigingsland in beginsel geheven op basis van het ‘wereldinkomen’, de ‘wereldwinst’, het ‘wereldvermogen’.
  • Naast het woonlandbeginsel passen alle staten in verschillende mate het oorsprongs- of bronlandbeginsel toe met betrekking tot bepaalde inkomsten die in dat land hun oorsprong vinden. Door het bronlandbeginsel zijn in Nederland de niet-binnenlandse natuurlijke personen (dit zijn natuurlijke personen die niet in Nederland wonen) aan de inkomstenbelasting onderworpen voor wat betreft hun inkomen uit Nederlandse bronnen, hun zogenoemd ‘Nederlands inkomen’. Als je bijvoorbeeld een eigen woning in Nederland aanhoudt, geef je dit op in je Nederlandse belastingaangifte.
  • Beide typen belastingplichtigen hebben hun eigen heffingsgrondslag. De binnenlandse belastingplichtige wordt belast naar zijn wereldinkomen of –vermogen. De heffingsgrondslag van de buitenlandse belastingplichtige is meestal beperkter dan die voor de binnenlandse belastingplichtige. Deze reikt niet verder dan de binnenlandse bronnen. Wat in de inkomstenbelasting voor een ‘buitenlandse belastingplichtige’ als ‘Nederlands inkomen’ wordt aangemerkt, staat in art. 7.1 IB 2001 weergegeven en wordt limitatief opgesomd. In de Wet op de vennootschapsbelasting (Wet VPB) wordt voor ‘binnenlands inkomen’ verder verwezen naar de Wet IB 2001. Nederlands inkomen komt voor de ‘buitenlandse belastingplichtigen’ voornamelijk uit Nederlandse onroerende zaken, sparen en beleggen in Nederland, Nederlandse dienstbetrekkingen inclusief werkzaamheden en Nederlands aanmerkelijk belang. Verder vallen de inkomsten uit ondernemingen (ondernemingsgedeelten) met behulp van een vaste inrichting of die van een vaste vertegenwoordiger worden gedreven ook onder het Nederlands inkomen.
  • De woonplaats blijkt bepalend voor de aard van de belastingplicht (binnenlands of buitenlands). Waar een natuurlijk persoon woont of waar een lichaam (bedrijf) is gevestigd, wordt steeds naar de feitelijke omstandigheden beoordeeld. Zie art. 4 AWR (Algemene wet inzake rijksbelastingen). Soms moeten de feiten echter wijken voor een wettelijke bepaling die betrekking heeft op de woon- of vestigingsplaats. Dit zijn zogeheten woonplaatsficties. Zo wordt in de vennootschapsbelasting bijvoorbeeld een lichaam dat naar Nederlands recht is opgericht in beginsel geacht binnen Nederland te zijn gevestigd. Dit volgt uit art. 2 lid 4 Wet VPB. Dit impliceert dat ten aanzien van het lichaam wel het nationaliteitsbeginsel wordt toegepast.
  • De hoogte van de belastingen wordt verder bepaald door de regeling voor kwalificerend buitenlands belastingplichtingen. Deze regeling bepaalt dat sommige buitenlands belastingplichtingen gebruik kunnen maken van aftrekposten en heffingskortingen. Dit is onder andere afhankelijk van of iemand in de EU woont. 
  • Ook andere landen kenden een onderscheid tussen beperkt belastingplichtigen (geen aanspraak op belastingvoordelen) en onbeperkt belastingplichtigen (wel aanspraak op aftrekposten en kortingen).

Hoe kan internationale dubbele belasting ontstaan?

  • Uit het voorgaande is gemakkelijk de mogelijkheid af te leiden dat er op internationaal niveau dubbele belastingheffing kan ontstaan:
    • Als er sprake is van een dubbele woonplaats;
    • Als de onbeperkte belastingplicht, gebaseerd op het woonlandbeginsel in land B, samenvalt met de beperkte belastingplicht op basis van het bronlandbeginsel van land C;
    • Als de onbeperkte belastingplicht op basis van het woonplaatsbeginsel samenvalt met de onbeperkte belastingplicht op basis van het nationaliteitsbeginsel (fictie van art. 2 lid 4 Wet VPB) op basis waarvan naar Nederlands recht opgerichte lichamen worden geacht in Nederland te wonen). Hiermee wordt een dual resident company bedoeld.
  • Is de belastingplichtige een burger van de Verenigde Staten die niet in de Verenigde Staten woont, dan zou het zelfs mogelijk zijn dat er een internationale drievoudige belasting kan ontstaan. De wetgeving van de Verenigde Staten zorgt ervoor dat het nationaliteitsbeginsel wijkt, zodat in het slechtste scenario dubbele belasting overblijft.
  • Ter voorkoming van deze internationale dubbele belastingen bij botsing van woonlandbeginsel met het bronlandbeginsel gelden in diverse staten, waaronder Nederland, speciale regelingen. Dit kunnen eenzijdige regelingen zijn, maar dit kunnen ook verdragen zijn. Deze regelingen zijn voorkomingsmethodieken voor internationale juridische dubbele belasting. Dit wil zeggen dat bij dezelfde (rechts)persoon (subject) over hetzelfde inkomen of dezelfde winst door verschillende staten wordt geheven.

Welke regelingen ter voorkoming van internationale dubbele belasting zijn er?

  • Wanneer een bronland via zijn eigen nationale wetgeving heffingsbevoegd is, ligt internationale dubbele heffing voor de hand. In veel gevallen zal het bronland echter op grond van verdragsbepalingen terugtreden en wordt dubbele belasting voorkomen. Wanneer evenwel het bronland ook op grond van het verdrag heffingsbevoegd is, ontstaat het probleem van de internationale dubbele belasting. Dan wordt een tegemoetkoming in het verdrag opgenomen waarbij het woonland dubbele heffing voorkomt of afzwakt. Er moet wel worden vermeld dat de verdragen ter voorkoming van dubbele belasting niet gelden voor de premies volksverzekeringen.
  • In de fiscale praktijk zijn er diverse methoden die kunnen worden aangetroffen ter voorkoming van dubbele belasting.
  • De basisvormen die het woonland hanteert, met name voor de belastingen die naar het inkomen, vermogen of de winst worden geheven, zijn:
    • De vrijstellingsmethode: het buitenlandse inkomensbestanddeel wordt niet begrepen in het belastbare inkomen. Hetzelfde geldt voor de winst en het vermogen;
    • De creditmethode (ook verrekeningsmethode): de buitenlandse belasting mag geheel of gedeeltelijk worden verrekend met de verschuldigde belasting over het totale wereldinkomen;
    • De aftrekmethode: de buitenlandse belastingen worden voor de berekening van het belastbare inkomen als kostenpost opgenomen.

Wat is het Besluit voorkoming dubbele belasting (BVDB)?

  • De Nederlandse eenzijdige regeling, het Besluit voorkoming dubbele belasting, hierna aangeduid als besluit dan wel – als het specifiek het besluit uit 1989 of uit 2001 betreft – als BvdB 1989 of BvdB 2001, heeft twee functies:
  1. Het voorkomt dubbele belasting in die gevallen dat er geen verdrag van toepassing is;
  2. Het heeft een normatieve functie, in die zin dat in verdragen met enige regelmaat verwijzingen plaatsvinden naar deze regeling.
  • Het besluit geldt in beginsel alleen voor binnenlands belastingplichtigen.
  • Het besluit regelt dat Nederland eenzijdig afziet van bepaalde heffingsbevoegdheden. In het BvdB 2001 zijn 57 artikelen opgenomen, waarvan 6 bepalingen definities bevatten, 40 artikelen de wijze van voorkoming regelen en de overige bepalingen formele artikelen bevatten.
  • Het besluit is krachtens art. 1, lid 2, BvdB 1989 en art. 1, lid 2, BvdB 2001 slechts van toepassing voor zover niet op andere wijze in het voorkomen van dubbele belasting is voorzien. Die bepaling zou gelezen kunnen worden als 'Is er geen verdrag (waaronder de Belastingregeling voor het Koninkrijk, welke regeling formeel geen Verdrag, maar materieel wel een verdrag is), dan is het besluit van toepassing'. Maar de strekking is ruimer. 'Voor zover niet op andere wijze in voorkoming is voorzien' betekent ook:
    • er is wel een verdrag, maar dat verdrag is niet van toepassing op bepaalde belastingen;
    • er is wel een verdrag, maar dat verdrag kent geen regeling voor het desbetreffende belastingsubject of belastingobject (het laatste komt bij nieuwere belastingverdragen inzake inkomen niet voor vanwege de daarin opgenomen restbepaling betreffende 'overige inkomsten').
  • Het BvdB 2001 geldt in beginsel alleen voor binnenlands belastingplichtigen (art. 8, 13, 19, 22 en 25 BvdB 2001). Non-discriminatiebepalingen kunnen de werking evenwel uitbreiden tot buitenlands belastingplichtigen. Hebben deze non-discriminatiebepalingen geen effect, dan kan de buitenlands belastingplichtige een beroep doen op kostenaftrek. Voor zakelijke belastingen kan dit krachtens art. 3.94 Wet IB 2001. Voor persoonlijke belastingen bepaalt art. 4.15 Wet IB 2001 voor reguliere voordelen uit aanmerkelijk belang dat geen kostenaftrek wordt verleend als er een regeling ter voorkoming van dubbele belasting van toepassing is.
  • Het besluit kent twee methoden ter voorkoming van dubbele belasting: de vrijstellingsmethode en de creditmethode.
  • Bij toepassing van de vrijstellingsmethode wordt het belastingobject vrijgesteld. Dat betekent grofweg gezegd dat het belastingobject niet wordt opgenomen in de heffingsgrondslag die de woonstaat belast.
  • Bij toepassing van de creditmethode wordt de in de woonstaat te betalen belasting verminderd met de belasting die de bronstaat heft. Bij de creditmethode is effectieve onderworpenheid, in de zin dat belasting betaald moet worden, een gegeven. De in het buitenland betaalde belasting vormt het bedrag dat wordt afgetrokken. Bij de vrijstellingsmethode is het strikt genomen geen vereiste dat een persoon in de andere staat onderworpen is aan belasting, dat wil zeggen dat belasting betalen verplicht is. Nederland wil in zijn unilaterale regels echter alleen voorkoming verlenen als onderworpenheid bestaat.

Hoe wordt de creditmethode van het BVDB in de praktijk toegepast?

  • Het is in principe niet verplicht dat er daadwerkelijk belasting wordt geheven in de andere staat, dat gaat immers de andere staat aan. Maar in de praktijk kan er toch een belastingaanslag worden gevraagd, waaruit de onderworpenheid aan de belastingen van de andere staat blijkt.
  • Bij de beoordeling van onderworpenheid van een belastingplichtige aan buitenlandse belasting moet de inspecteur, en in beroep de rechter, zich in beginsel van de inhoud van het recht van de buitenlandse staat vergewissen. Dat is echter niet nodig indien een belastingplichtige in de andere staat als inwoner daadwerkelijk in de heffing is betrokken. In dat geval dient er in beginsel van te worden uitgegaan dat die belastingplichtige op grond van de buitenlandse wetten als inwoner aan belastingheffing is onderworpen. Uitzondering is de situatie dat de inspecteur aannemelijk maakt dat de gegevens op grond waarvan de buitenlandse fiscus het inwonerschap van de belastingplichtige aldaar naar het buitenlands recht heeft aangenomen, onjuist of onvolledig zijn, hetzij de heffing niet in redelijkheid op enige regel van het buitenlandse recht kan zijn gestoeld. Maar dat is een uitzondering. Indien een buitenlandse belastingaanslag kan worden getoond, wordt er in principe vanuit gegaan dat deze rechtmatig is, tenzij een inspecteur aantoont dat dit niet aannemelijk is.
Wat is het grootboek?

Wat is het grootboek?

 

Wat is het grootboek?

  • In het grootboek houden we voor elke balanspost afzonderlijk een overzicht (grootboekrekening) bij van de financiële feiten. Deze grootboekrekeningen zijn ook in scontrovorm opgesteld (debet en credit, debiteren en crediteren). Deze rekeningen moeten dus net als een balans in evenwicht zijn.

Hoe wordt een grootboekrekening geopend?

  • Het openen van een grootboekrekening gaat volgens vaste regels: de openingsregels:
  1. Een rekening van bezit openen we debet met het bedrag waarvoor de bezitting op de balans debet staat.
  2. Een rekening van schuld openen we credit met het bedrag waarvoor de schuld op de balans credit staat.
  3. De rekening eigen vermogen openen we credit met het bedrag waarvoor deze rekening op de balans credit staat.

Hoe worden financiële feiten op de grootboekrekening verwerkt?

  • Het boeken van nieuwe financiële feiten op de grootboekrekeningen gaat volgens de boekingsregels 1 t/m 6. Omdat we de rekening eigen vermogen alleen bij het openen van een rekening crediteren, maken we gebruik van hulprekeningen van het eigen vermogen.
  • De feiten ordenen we in groepen gelijksoortige boekingsstukken en vervolgens noteren we ze in dagboeken.
  • Per dagboek gaan we de vastgelegde feiten periodiek zo veel mogelijk gezamenlijk journaliseren. We spreken daarom van collectieve journaalposten.
  • Aan de hand van deze journaalposten stellen we het grootboek samen.

Een rekening van bezit

  • – debiteren we voor het ontstaan of het toenemen van de bezitting.
  • – crediteren we voor het afnemen van de bezitting.

Een rekening van schuld

  • – crediteren we voor het ontstaan of toenemen van de schuld.
  • – debiteren we voor het afnemen van de schuld.

De hulprekeningen van het eigen vermogen

  • – crediteren we voor het toenemen van het eigen vermogen.
  • – debiteren we voor het afnemen van het eigen vermogen.
  • De methode die hier toegepast wordt heet dubbel boekhouden. Wijzigingen in het eigen vermogen worden op twee manieren geadministreerd, namelijk op de rekeningen van bezit en schuld èn op de rekening eigen vermogen.

Het grootboek in een geautomatiseerde omgeving

  • Het grootboek in een geautomatiseerde omgeving wordt op dezelfde wijze bijgewerkt als handmatig wordt gedaan, alleen worden automatisch andere rekeningen als bank of kas bij het invoeren gekoppeld. Hierdoor hoeft het ontvangen of uitgegeven bedrag maar één keer ingevoerd te worden. Deze automatische bijgewerkte grootboekrekeningen noemen we vaste grootboekrekeningen.

Beginselen van het decimale rekenstelsel

  • Bij de logische ordening van grootboekrekeningen maakt men gebruik van rekeningstelsels. Bij het decimale rekeningstelsel worden gelijksoortige rekeningen bij elkaar in maximaal 10 rubrieken geplaatst (van 0 t/m 9).
  • Een verdichting is een in een boekhoudpakket groepsrekening met verschillende grootboekrekeningen. Een hoofdverdichting is een groepsrekening die verschillende verdichtingen bundelen. Op deze verdichtingen kan niet worden geboekt, alleen op de grootboekrekeningen die tot deze verdichtingen behoren. Subtotaalrekeningen worden uitsluitend gebruikt om op overzichten tot een fraaiere presentatie te komen, hier kan ook niet op geboekt worden.
  • De post die we vermelden op de debetkant van de balance, noemen we ook wel de kapitaalgoederen of activa. De posten die we vermelden op de credit kant van de balans nomen we het vermogen of de passiva.
  •  
  • De creditkant laat zien hoe het vermogen is verkregen en de debetkant laat zien hoe het vermogen is aangewend. De debetzijde is onder te verdelen in vaste en vlottende kapitaalgoederen. De creditzijde is onder te verdelen in het eigen vermogen, kort vreemd vermogen en lang vreemd vermogen.
  • De groepen van gelijksoortige posten op de balans en de winst- en verliesrekening vormen het uitgangspunt voor een logische ordening van de grootboekrekeningen in een rekeningenstelsel. Het meest toegepaste systeem in Nederland is het decimale rekeningstelsel.


Rubriek

Uitleg

Voorbeelden

0

Vaste activa, eigen vermogen en vreemd vermogen op lange termijn.

00 Gebouwen
04 Eigen Vermogen
077 Hypothecaire lening

1

Vlottende activa en kort vreemd vermogen

100/110 Kas en Bank

130 Debiteuren

140 Crediteuren

7

Voorraad

700 Voorraad gereed product

4

Kostenrekeningen

410 Loonkosten
412 Sociale lasten
431 Afschrijvingskosten
440 Huurkosten

8

Kostprijs verkopen en opbrengst verkopen

800 Kostprijs verkopen
840 Opbrengst verkopen

9

Overige resultaten

900 Ontvangen betalingskortingen

960 Huuropbrengsten

 

Wat zijn de proefbalans en saldibalans?

Wat zijn de proefbalans en saldibalans?

  • Met de proefbalans checken we of het grootboek wel echt in balans is, zoals zou moeten. De totalen van de debet en de creditzijde moeten overeenkomen. Een proefbalans wordt meestal periodiek opgesteld. Dit kan aan het einde van de maand zijn of van een kwartaal.
  • Op de proefbalans worden de rekeningen in de volgorde van rekeningnummers opgesteld. Achter de namen van de rekeningen zijn twee kolommen vrij. Dit zijn de debetzijde en de creditzijde. In de debetkolom zetten we het totaal van alle gedebiteerde bedragen bij de goede rekening. In de creditkolom doen we hetzelfde.
  • Op de proefbalans moeten ook de debet en creditzijde gelijk zijn. Dit hoeft nog niet perse te betekenen dat de proefbalans helemaal geen fouten bevat. Het kan altijd nog zo zijn dat er per ongeluk een bedrag op de verkeerde rekeningen is gedebiteerd of gecrediteerd.
  • De saldibalans is een balans waarop we van elke grootboekrekening het saldo vermelden. Als een saldo debet staat in het grootboek, komt hij ook debet op de saldibalans. Dit geldt ook voor een saldo die credit staat in het grootboek, deze komt op zijn beurt weer credit op de saldibalans. Ook de totalen van de credit en debetzijde van de saldibalans moeten overeenkomen met elkaar.
  • De resultatenrekening en de eindbalans kunnen we opstellen aan de hand van de saldibalans. Alle overzichten bij elkaar vormen samen de kolommenbalans.

 

Studiehulp en hulpmiddelen voor accountancy, balansbepaling en boekhouden 

De proefbalans en de saldibalans

 

Fiscaal recht en belastingrecht studeren tot stage in het buitenland

Fiscaal recht en belastingrecht studeren tot stage in het buitenland

Fiscaal Recht en belastingrecht in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Fiscale economie - Nationaal belastingrecht - Internationaal belastingrecht Inhoud: o.a Samenvattingen en studiehulp voor recht en juridische opleidingen Kennisthema's: o.a nationale belastingen, internationale belastingen, inventaris, de balans en de winst- en verliesrekening Vragen en antwoorden Wat zijn belastingen en welke soort belasting kent Nederland?? Wat is...... lees verder op de pagina
Fiscaal recht en belastingrecht bestuderen: vragen en antwoorden

Fiscaal recht en belastingrecht bestuderen: vragen en antwoorden

Wat is fiscaal recht en belastingrecht?

Wat is fiscaal recht en belastingrecht?

Wat is fiscaal en belastingrecht?

  • Fiscaal recht, ook wel belastingrecht genoemd, betreft het geheel aan regels over de heffing en de invordering van belastingen.
  • Vragen die centraal staan bij belastingrecht zijn dan ook:
    • wie is de belastingplichtige?
    • Waarover betaalt hij belasting?
    • Hoeveel belasting betaalt hij?
    • Wanneer moet hij de belasting betalen?
    • Welke rechten en verplichtingen heeft hij?
    • Op welke wijze wordt de belasting geïnd?

Waarom is belasingrecht relevant?

  • Het belastingrecht speelt een belangrijke rol in onze maatschappij. Dagelijks worden personen en bedrijven geconfronteerd met de heffing van diverse soorten belastingen. Een basisbegrip van belastingrecht is dan ook voor iedereen relevant die wil weten hoe belasting wordt geheven en/of niet te veel belasting wil betalen.
  • Voor specifieke beroepsgroepen is fiscaal recht essentieel. Zo krijgt de arbeidsjurist te maken met loonbelasting en premieheffing en de advocaat, bedrijfskundige en bedrijfsjurist met fusies waar fiscale aspecten een grote rol spelen. Zelfstandig ondernemers krijgen te maken met inkomsten- en/of vennootschapsbelasting.
  • Rechters dienen in civiele zaken belastingschade te kunnen bepalen, belangadviseurs en ambtenaren bij het ministerie van financieen krijgen dagelijks te maken met fiscale zaken en notarissen kunnen feitelijk niet om fiscaal recht heen.

Wat is fiscale economie?

Wat is fiscale economie?

  • De fiscale economie is de tak van economie die zich bezighoudt met belastingen en alles wat daarmee samenhangt.
  • Het begrip fiscale economie kan vanuit verschillende invalshoeken worden benaderd. Vanuit de ondernemer bekeken is de fiscus een kostenpost die een sterke invloed heeft op de beslissingen van de ondernemer. 

Meer lezen over economie en fiscale economie?

Hoe zit het fiscale en belastingrecht in elkaar, en welke onderdelen kan je bestuderen?

Hoe zit het fiscale en belastingrecht in elkaar, en welke onderdelen kan je bestuderen?


Wat zijn belastingen?

  • In juridische zin is belasting datgene wat de nationale wetgever als belasting wenst aan te duiden.
  • Belastingen in economische zin zijn inkomens- (of vermogens)overdrachten, anders dan bij straf, van niet overheidshuishoudingen en naar ten behoeve van een of meer overheidshuishoudingen als zodanig, en krachtens rechtsregels.

Wat is de wettelijke basis van belastingheffen?

  • Belastingheffing berust op twee beginselen: het legaliteitsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel
  • Legaliteitsbeginsel: In art. 104 Grondwet staat dat de belastingen van het Rijk worden gegeven uit kracht van een wet. Alle heffingen van het rijk moeten bij wet worden geregeld. Dergelijke bepalingen zijn te vinden in art. 132 lid 6 Grondwet voor provincies en gemeenten. Verder is er in art. 133 lid 2 Grondwet voor de waterschappen. Deze bepalingen zijn uitwerkingen van het legaliteitsbeginsel.
  • Gelijkheidsbeginsel: Het gelijkheidsbeginsel is neergelegd in art. 1 Grondwet. Dit houdt in dat eenieder die zich in Nederland bevindt in gelijke gevallen gelijk wordt behandeld. Discriminatie op bijvoorbeeld ras en geslacht is niet toegestaan. De burger kan bij schending van dit grondwettelijke beginsel niet klagen bij de rechter, omdat er niet getoetst kan worden aan de grondwet. De burger kan wel een beroep doen op art. 26 BUPO en art. 14 EVRM. Dit wil niet zeggen dat er sprake is van discriminatie, omdat het mogelijk is dat voor het onderscheid een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat.

Welke soorten belasting kent Nederland?

Nederland kent de volgende soorten belasting:

  • Inkomstenbelasting: deze belasting dient te worden betaald over inkomsten van natuurlijke personen. Inkomstenbelasting is afhankelijk van de hoogte van het inkomen;
  • Vennootschapsbelasting: deze belasting moet worden betaald over de winst van rechtspersonen;
  • Loonbelasting: deze vorm van belasting wordt berekend over het loon van een werknemer. Meestal heeft de werkgever de loonbelasting al in mindering gebracht op het brutoloon. Loonbelasting is een voorheffing op de inkomstenbelasting. Dit houdt dus in dat de betaalde loonbelasting in mindering mag worden gebracht op de te betalen inkomstenbelasting;
  • Omzetbelasting: omzetbelasting of btw wordt in rekening gebracht door ondernemers. Deze vorm van belasting wordt geheven over de levering van goederen en diensten door ondernemers;
  • Dividendbelasting: deze belasting wordt betaald over de winstuitkering op aandelen, ofwel over dividend. Ook dividendbelasting is een voorheffing op de inkomstenbelasting;
  • Erfbelasting: deze belasting dient te worden betaald over een erfenis;
  • Schenkbelasting: schenkbelasting wordt betaald als een schenking wordt verkregen;
  • Kansspelbelasting: deze vorm van belasting wordt betaald over gewonnen prijzen(geld);
  • Overdrachtsbelasting: deze belasting wordt bij de verkrijging van onroerend goed betaald;
  • Motorrijtuigenbelasting: motorrijtuigenbelasting wordt betaald bij het hebben van een auto of motorrijwiel;
  • Belasting van personenauto’s en motorrijwielen: deze belasting wordt betaald bij registratie van een auto of motorijwiel;
  • Accijnzen: accijns wordt geheven op bijvoorbeeld alcohol en tabaksproducten;
  • Milieuheffingen: bijvoorbeeld waterbelasting en energiebelasting;
  • Provinciale belastingen en gemeentelijke belastingen: bijvoorbeeld de hondenbelasting.

Wat is inventaris, de balans en de winst- en verliesrekening?

  • We kunnen het eigen vermogen van een onderneming uitrekenen door de bezittingen van die onderneming te verminderen met zijn schulden. Alle bezittingen en de schulden van een organisatie noemen we de inventaris. Inventariseren zijn de werkzaamheden die nodig zijn voor het samenstellen van de inventaris. De verkorte inventaris zijn de goederenvoorraad, debiteuren en crediteuren.
  • Als een onderneming vorderingen heeft op afnemers, noemen we deze afnemers de debiteuren. Deze staan altijd op de debetzijde van de balans vermeld. Op de creditzijde staan de crediteuren, dit zijn de schulden van de onderneming aan zijn leveranciers.
  • Op de balans vind je normaal gesproken de bezittingen van een organisatie en het eigen vermogen maar ook de schulden. De balans wordt meestal opgesteld in de scrontovorm. Er is dan een linker en een rechterkant op de balans. De linkerkant is dan de debetkant en de rechterkant is de creditkant. Op de debetkant staan de bezittingen van een organisatie en op de rechterkant staan de schulden van de organisatie en ook het eigen vermogen, dus de manier hoe de organisatie zijn bezittingen financiert.
  • De activa staat voor de bezittingen die een organisatie heeft en de passiva staat voor de manier waarop een organisatie zijn activa, oftewel zijn bezittingen, heeft gefinancierd. Het is een regel dat de totalen op de debet en de creditkant gelijk zijn.
  • De volgorde van de posten op debetzijde hangt af van de mate van liquiditeit van de activa. De liquiditeit is de snelheid waarmee een bezitting omgezet kan worden in geld. Er wordt op de balans eerst begonnen met de minst liquide activa, daarna neemt de mate van liquiditeit toe. Dus op de laatste plek staat de meest liquide activa.
  • De creditkant begint met het eigen vermogen waarop de schulden van de onderneming volgen. De schulden kunnen onderverdeeld worden in vreemd vermogen op de lange termijn en vreemd vermogen op de korte termijn.
  • Vreemd vermogen op de lange termijn is vermogen dat langer dan een jaar binnen de organisatie beschikbaar is. Vreemd vermogen op de korte termijn is slechts voor minder dan een jaar beschikbaar voor de organisatie. Op de balans tonen we eerst het vreemd vermogen op de lange termijn en vervolgens het vreemd vermogen op de korte termijn.
  • Denk er altijd aan om de posten crediteuren en debiteuren altijd boven de post bank te zetten.

Wat is het grootboek en de proefbalans?

  • Om de administratie makkelijker te maken kun je in plaats van telkens opnieuw een balans en een resultatenrekening op te stellen, het boekhoudkundig model volgen. Het boekhoudkundig model bevat de volgende stappen:
  • Het grootboek
  • De proef en saldibalans
  • De resultatenrekening en de eindbalans
  • De afsluiting van de grootboekrekeningen
  • Het grootboek is bedoeld om voor elke balanspost afzonderlijk een overzicht bij te houden. In dit overzicht kunnen we alle financiële feiten opnemen. Het grootboek bevat de rekeningen bezit, schuld en het eigen vermogen. Ook de grootboekrekeningen kennen net als de balans een debet en een creditzijde.
  • Als je iets debiteert dan maak je een notitie op de debetzijde en bij crediteren maak je een aantekening op de creditzijde.
  • Een grootboek open je door het bedrag van een balanspost op dezelfde kant in het grootboek te zetten als deze staat op balans. Dus er geldt dat een bezitrekening wordt gedebiteerd met hetzelfde bedrag als waarvoor deze op de balans staat weergegeven. Een schuldrekening wordt gecrediteerd met hetzelfde bedrag als waarvoor deze op de balans staat vermeld. Het eigen vermogen wordt bij het openen van het grootboek gecrediteerd met hetzelfde bedrag waarvoor deze op de balans staat vermeld. Als we het grootboek openen, zetten we onder beschrijving het woord balans. De reden hiervoor is dat de hoogtes van de posten afkomstig zijn uit de balans.
  • Het is van belang dat er voor elke balanspost een rekening in het grootboek wordt geopend. Dit moet omdat ook de totalen van het grootboek op de debet en creditkant gelijk moeten zijn. Een bezitrekening wordt bij het openen van het grootboek gedebiteerd. Dit betekent dat als de bezitrekening toeneemt dat dit ook gedebiteerd wordt in het grootboek. Daar staat tegenover dat een afname gecrediteerd wordt.
  • Bij een schuldrekening geldt hetzelfde, omdat deze bij de opening van het grootboek wordt gecrediteerd, wordt een toename ervan ook gecrediteerd. Een afname moeten we debiteren. Ook het eigen vermogen wordt bij een toename gecrediteerd en bij een afname gedebiteerd.

Wat is winst en winstbelasting?

  • Volgens art. 7 Wet Vpb wordt de winst van binnenlands belastingplichtigen geheven naar het belastbaar bedrag. Wat men hieronder moet verstaan, wordt in dezelfde bepaling behandeld: belastbare winst is de winst minus de aftrekbare giften (lid 3). Van de belastbare winst trekt men vervolgens de te verrekenen verliezen uit andere jaren af (lid 2) om tot het belastbare bedrag te komen.
  • In het vierde lid wordt uitgelegd wat men onder ‘jaar’ moet verstaan. In beginsel is dit het boekjaar, maar het is ook mogelijk dat het kalenderjaar gehanteerd wordt, wanneer belastingplichtige niet regelmatig boekhoudt met geregelde jaarlijkse afsluitingen. Het boekjaar telt in principe 12 maanden.
  • Wordt een dochtermaatschappij in de loop van een boekjaar onderdeel van een fiscale eenheid, dan geldt het gedeelte van het jaar waarin zij geen deel van de fiscale eenheid is, als een afzonderlijk boekjaar. Het overige deel van het jaar wordt ook als afzonderlijk boekjaar aangemerkt. De twee perioden kunnen als zelfstandige boekjaren betrokken worden in de verliesverrekeningsregeling van art. 20 Wet Vpb.
  • Het is overigens toegestaan dat binnenlands of buitenlands belastingplichtigen hun belastbare bedrag op verzoek berekenen in vreemde valuta, de zogenaamde functionele valuta (zie art. 7 lid 5 en 17 lid 1 Wet Vpb; de regeling is nader uitgewerkt in de ‘regeling functionele valuta’).

Wat is verliescompensatie?

  • Art. 20 t/m 21a Wet Vpb gaan over de wijze waarin een verlies verrekend kan worden met in andere jaren behaalde winsten. Door deze mogelijkheid worden jaarlijkse schommelingen in de belastinggrondslag enigszins verzacht. Er is zowel vooruitwenteling als terugwenteling mogelijk.
  • In art. 20 lid 1 Wet Vpb wordt een ‘verlies’ gedefinieerd als het negatieve bedrag dat voortvloeit uit de berekening van de belastbare winst (voor binnenlands belastingplichtigen) of van het Nederlands inkomen (voor buitenlands belastingplichtigen; zie het laatste hoofdstuk).
  • Verliezen komen slechts in aanmerking voor verrekening, als ze bij beschikking (op het aangiftebiljet) zijn vastgesteld. Dit volgt uit art. 20 lid 2 en 20b Wet Vpb. Vervolgens vindt verrekening plaats met de belastbare winsten van de drie voorafgaande en alle volgende jaren. Deze verrekening vindt volgens art. 20 lid 4 Wet Vpb plaats in de volgorde waarin de verliezen geleden zijn en de belastbare winsten genoten zijn. De verrekening begint dus bij het oudste jaar, daarna gaat men verder bij het op één na oudste jaar, enzovoort. Pas als de terugwenteling niet voldoende is om het verlies te verrekenen, komt vooruitwenteling aan de orde.
  • De terugwenteling zal leiden tot een vermindering van de aanslag van het betreffende jaar. Deze vermindering vindt op grond van art. 21 lid 1 Wet Vpb plaats bij een door de inspecteur genomen beschikking.
  • Op basis van art. 21 lid 3 Wet Vpb is onder omstandigheden een voorlopige teruggaaf mogelijk, deze wordt ook verleend bij voor bezwaar vatbare beschikking. Zie art. 3 Uitv. Besch. Wet Vpb voor nadere regels omtrent de voorlopige teruggaaf.

Wat is giftenaftrek?

  • Op grond van art. 16 Wet Vpb mogen giften gedaan aan levensbeschouwelijke, kerkelijke, charitatieve, culturele, wetenschappelijke en algemeen nut beogende instellingen in aftrek komen van de belastbare winst. Het betreft hier de niet-zakelijke giften, aangezien giften met zakelijk karakter al in aftrek komen op grond van art. 8 Wet Vpb en art. 3.8 Wet IB.
  • De giften zijn aftrekbaar voorzover zij gezamenlijk niet meer bedragen dan een vooraf bepaald bedrag. De aftrek bedraagt maximaal een bepaald percentage van de winst.

Wat is aftrek van de commissarisbeloning?

  • In art. 11 Wet Vpb worden beperkingen gesteld aan de aftrekbaarheid van de commissarisbeloning. Een commissaris is in dit verband een natuurlijke persoon die een aanmerkelijk belang (art. 4.6, 4.7 Wet IB) heeft in de vennootschap.
  • De aftrek van de winst wordt beperkt, omdat de wetgever inzag dat een commissarisbeloning het karakter van een winstuitdeling kan hebben.
  • De commissaris maakt deel uit van de (overigens niet bij alle vennootschappen verplichte) raad van commissarissen. Deze raad ziet toe op het bestuursbeleid en de algemene gang van zaken in de vennootschap en geeft het bestuur advies. De raad heeft tevens enkele specifieke bevoegdheden en taken, zoals het bijeenroepen van de algemene vergadering van aandeelhouders.
  • Fiscaal gezien wordt naar feitelijke omstandigheden bepaald of iemand commissaris is. Een persoon hoeft dus niet de titel commissaris te dragen, het uitvoeren van de taken en bevoegdheden van een commissaris is voldoende. Aan de andere kant is een commissaris die in feite de rol van bestuurder heeft, fiscaal gezien geen commissaris.

Waar gaat de heffing bij buitenlandse belastingplicht over?

  • In art. 17 lid 1 Wet Vpb staat dat buitenlandse belastingplichtigen naar het belastbare Nederlandse bedrag belast worden. Hieronder wordt het Nederlandse inkomen verstaan, verminderd met de te verrekenen verliezen.
  • Er zijn twee bronnen:
    • Art. 17 lid 3a en 17a Wet Vpb: de belastbare winst uit Nederlandse onderneming. Dit is het bedrag van de voordelen die worden behaald met behulp van een onderneming (of een deel daarvan) dat gedreven wordt door middel van een vaste inrichting in Nederland.

    • Art. 17 lid 3b Wet Vpb: het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang mits dit niet tot het ondernemingsvermogen behoort.

  • De definitie die van het begrip ‘vaste inrichting’ gegeven wordt in het Besluit voorkoming dubbele belasting luidt als volgt: ‘een duurzame inrichting van een onderneming met behulp waarvan de werkzaamheden van die onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend’. Vervolgens worden voorbeelden gegeven. Denk bijvoorbeeld aan een fabriek of filiaal. De definitie geldt slechts voor het Besluit, maar geeft wel een indicatie.

Bronnen en verder lezen

 

 

 

 

Fiscaal recht: uitgelichte chapter- en boeksamenvattingen

Fiscaal recht: uitgelichte chapter- en boeksamenvattingen

Samenvatting van Algemene wet inzake rijksbelastingen van De Blieck & van Amersfoort

Samenvatting van Algemene wet inzake rijksbelastingen van De Blieck & van Amersfoort

Samenvattingen en studiehulp bij Algemene wet inzake rijksbelastingen van De Blieck & van Amersfoort

  • Boeksamenvatting bij Algemene wet inzake rijksbelastingen van De Blieck & van Amersfoort is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • De verhouding tussen de algemene wet bestuursrecht en de AWR - Chapter 2
  • Bepalingen van algemene aard - Chapter 3
  • Verplichtingen van de belanghebbende - Chapter 4
  • Aanslagen en beschikkingen - Chapter 5
  • De algemene beginselen van behoorlijk bestuur en de vaststellingsovereenkomst - Chapter 6
  • Bezwaar en ambtshalve vermindering - Chapter 7

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Belastingrecht in Hoofdlijnen van Burgers e.a.

Samenvatting van Belastingrecht in Hoofdlijnen van Burgers e.a.

Samenvattingen en studiehulp bij Belastingrecht in Hoofdlijnen van Burgers e.a.

  • Boeksamenvatting bij Belastingrecht in Hoofdlijnen van Burgers e.a. is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Wat is het belastingrecht in Nederland? - Chapter 1
  • Hoe is de inkomstenbelasting geregeld in Nederland? - Chapter 2
  • Wat zijn de regels omtrent loonheffingen? - Chapter 3
  • Wat zijn de regels omtrent vennootschapsbelasing? - Chapter 4
  • Wat zijn de regels omtrent erfbelasting en schenkbelasting? - Chapter 5
  • Hoe wordt de omzetbelasting in Nederland vormgegeven? - Chapter 6
  • Hoe is het belastingrecht formeel geregeld? - Chapter 7
  • Wat zijn de Europese regels omtrent belastingen? - Chapter 8
  • Hoe is het belastingrecht internationaal geregeld? - Chapter 9
  • Belastingrecht in hoofdlijnen - Bressers - 7e druk - BulletPoints
  • Belastingrecht in hoofdlijnen - Bressers - 7e druk - TentamenTickets

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal Recht & Belastingrecht als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Advocaat & Jurist

Samenvatting van De kern van het ondernemingsrecht van Kroeze ea.

Samenvatting van De kern van het ondernemingsrecht van Kroeze ea.

Samenvattingen en studiehulp bij De kern van het ondernemingsrecht van Kroeze ea.

  • Boeksamenvatting bij De kern van het ondernemingsrecht van Kroeze ea. is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Wat voor ondernemingsvormen zijn er? - Chapter 1
  • Hoe worden de verschillende ondernemingen opgericht? - Chapter 2
  • Hoe worden ondernemingen toegerust met vermogen? - Chapter 3
  • Hoe werken aandeelhouderschap en het lidmaatschap? - Chapter 4
  • Hoe zit de interne organisatie van ondernemingen in elkaar? - Chapter 5
  • Wie kan ondernemingen vertegenwoordigen en wat zijn de regels? - Chapter 6
  • Hoe werkt de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid in ondernemingen? - Chapter 7
  • Hoe wordt de structuur en inrichting van een ondernemingsvorm gewijzigd? - Chapter 8
  • Wat is het concernrecht? - Chapter 9
  • Welke verschillen zijn er tussen Nederlandse en buitenlandse vormen van vennootschappen en hoe ontwikkelen ze zich? - Chapter 10
  • Bulletsamenvattingen per hoofdstuk bij de 5e druk van De kern van het ondernemingsrecht van Kroeze et al. - Chapter

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Elementair belastingrecht voor economen en bedrijfsjuristen van Stevens

Samenvatting van Elementair belastingrecht voor economen en bedrijfsjuristen van Stevens

Samenvattingen en studiehulp bij Elementair belastingrecht voor economen en bedrijfsjuristen van Stevens

  • Boeksamenvatting bij Elementair belastingrecht voor economen en bedrijfsjuristen van Stevens is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Wat zijn de economische aspecten van belastingheffing? - Chapter 1
  • Wat zijn de juridische aspecten van de belastingwetgeving? - Chapter 2
  • Hoe verloopt een gerechtelijke procedure ingeval van belastingzaken? - Chapter 3
  • Hoe ziet de structuur van de Wet op de inkomstenbelasting eruit? - Chapter 4
  • Wat zijn loonheffingen? - Chapter 5
  • Welke rol speelt de ondernemer in de inkomstenbelasting? - Chapter 6
  • Wat houdt de jaarwinst als onderdeel van de totale winst in? - Chapter 7
  • Wat zijn ondernemersfaciliteiten? - Chapter 8
  • Welke samenwerkingsvormen en omzettingen van rechtsvormen zijn mogelijk? - Chapter 9
  • Wat wordt bedoeld met overige werkzaamheden, periodieke uitkeringen, eigen woning en oudedagsvoorzieningen in box 1? - Chapter 10
  • Wat is een aanmerkelijkbelanghouder? - Chapter 11
  • Wie kwalificeren als beleggers in de inkomstenbelasting? - Chapter 12
  • Wat houdt de vennootschapsbelasting in? - Chapter 13
  • Welke speciale regelingen vinden we in de vennootschapsbelasting? - Chapter 14
  • Wat houden fusie en splitsing in? - Chapter 15
  • Wat houdt de belasting van vermogen in? - Chapter 16
  • Wat houdt de omzetbelasting in? - Chapter 17
  • Wat zijn de internationale elementen van belastingheffing? - Chapter 18
  • Wat zijn enkele Europese aspecten van belastingheffing? - Chapter 19

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Overheidsfinanciën van Kam ea.

Samenvatting van Overheidsfinanciën van Kam ea.

Samenvattingen en studiehulp bij Overheidsfinanciën van Kam ea.

  • Boeksamenvatting bij Overheidsfinanciën van Kam ea. is gedeeld op JoHo WorldSupporter is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Overheidsfinanciën - Chapter 1
  • Collectieve sector en economie - Chapter 2
  • Politieke economie - Chapter 3
  • Naar rationeler besluitvorming en meer marktwerking - Chapter 4
  • De begroting - Chapter 5
  • Stabilisatiefunctie - Chapter 6
  • Normen voor de overheidsfinanciën - Chapter 7
  • Allocatiefunctie: collectieve uitgaven - Chapter 8
  • Sociale zekerheid - Chapter 9
  • Gezondheidszorg - Chapter 10
  • Allocatiefunctie: collectieve ontvangsten - Chapter 11
  • Rijksbelastingen en sociale premies - Chapter 12
  • Verdelingsfunctie - Chapter 13
  • Gemeenten en provincies - Chapter 14
  • Europese Unie - Chapter 15

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Hoofdzaken belastingrecht van Marres ea.

Samenvatting van Hoofdzaken belastingrecht van Marres ea.

Samenvattingen en studiehulp bij Hoofdzaken belastingrecht van Marres ea.

  • Boeksamenvatting bij Hoofdzaken belastingrecht van Marres ea. is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Inleiding - chapter 0
  • Formeel Belastingrecht - chapter 1
  • De wet Inkomstenbelasting 2001 - chapter 2
  • Loonbelasting - chapter 3
  • Vennootschapsbelasting - chapter 4
  • Dividendbelasting - chapter 5
  • Internationaal en EU-belastingrecht - chapter 6
  • Omzetbelasting - chapter 7
  • Overige belastingen - chapter 8
  • De verhouding tussen de (vennootschappelijke) jaarrekeningen en de (fiscale) aangifte - chapter 9

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Inleiding Belastingheffing Ondernemingen en Particulieren van Rijkers

Samenvatting van Inleiding Belastingheffing Ondernemingen en Particulieren van Rijkers

Samenvattingen en studiehulp bij Inleiding Belastingheffing Ondernemingen en Particulieren van Rijkers

  • Boeksamenvatting bij Inleiding Belastingheffing Ondernemingen en Particulieren van Rijkers is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Fiscale geschiedenis van Nederland
  • De algemene aspecten - chapter 1
  • De arbeid - chapter 2
  • De startende ondernemer - chapter 3
  • De winstberekening - chapter 4
  • Van een VOF naar een BV - chapter 5
  • BV en het concern - chapter 6
  • De echtscheiding - chapter 7
  • Internationaal - chapter 8
  • Verkoop van het concern - chapter 9
  • Vermogensrendementsheffing - chapter 10
  • Erf- en schenkbelasting - chapter 11
  • De omzetbelasting - chapter 12
  • Formeel belastingrecht - chapter 13
  • Belastingrecht in de Europese Unie - chapter 14
  • Begrippenlijst

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Praktisch fiscaalrecht van Damen

Samenvatting van Praktisch fiscaalrecht van Damen

Samenvattingen en studiehulp bij Praktisch fiscaalrecht van Damen

  • Boeksamenvatting bij Praktisch fiscaalrecht van Damen is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Nederlands belastingrecht - chapter 1
  • Formeel belastingrecht - chapter 2
  • Wet inkomstenbelasting - chapter 3
  • Winst uit onderneming - chapter 4
  • Inkomen uit werk en woning - chapter 5
  • Aanmerkelijk belang - chapter 6
  • Inkomen uit sparen en beleggen - chapter 7
  • Wet loonbelasting - chapter 8
  • Vennootschapsbelasting - chapter 9
  • Wet omzetbelasting - chapter 10

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Wegwijs in de overdrachtsbelasting van Van Straaten

Samenvatting van Wegwijs in de overdrachtsbelasting van Van Straaten

Samenvattingen en studiehulp bij Wegwijs in de overdrachtsbelasting van Van Straaten

  • Boeksamenvatting bij Wegwijs in de overdrachtsbelasting van Van Straaten is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Belastbaar feit (algemeen) (art. 2 t/m 8 WBR) - Chapter 1
  • Het begrip ‘verkrijging’ (art. 2 t/m 8 WBR) - Chapter 2
  • Verkrijging van economische eigendom (art. 2, lid 2, WBR) - Chapter 3
  • Verhouding art. 2, lid 2 – art. 4, lid 1, onderdeel a, WBR - Chapter 4
  • Het voorwerp van de verkrijging - Chapter 5
  • Fictieve onroerende zaken (art. 4 WBR) - Chapter 6
  • Maatstaf van heffing (art. 9 t/m 13 en art. 52 WBR) - Chapter 7
  • De maatstaf bij verkrijging van een nieuw beperkt recht na afstand van het oude (art. 9, lid 2, WBR) - Chapter 8
  • Tarief en vrijstellingen (art. 14 en 15 WBR) - Chapter 9
  • Teruggave – kwijtschelding – ambtshalve vermindering (art. 19 WBR, art. 63 en 65 AWR) - Chapter 10
  • Btw bij verkrijging van onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen - Chapter 11

Naar de samenvatting

Meer lezen

Privaatrecht en overeenkomsten als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Wegwijs in de Successiewet van Martens & Sonneveldt

Samenvatting van Wegwijs in de Successiewet van Martens & Sonneveldt

Samenvattingen en studiehulp bij Wegwijs in de Successiewet van Martens & Sonneveldt

  • Boeksamenvatting bij Wegwijs in de Successiewet van Martens & Sonneveldt is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Wat is een belastbaar feit? - Chapter 1
  • Wanneer is er sprake van verkrijginging krachtens erfrecht? - Chapter 2
  • Hoe werkt verkrijginging krachtens schenking of gift? - Chapter 3
  • Hoe werkt waardering? - Chapter 4
  • Hoe werken tarieven en vrijstellingen? - Chapter 5
  • Wat voor formele bepalingen zijn er? - Chapter 6

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal Recht & Belastingrecht als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Advocaat & Jurist

Samenvatting van Wegwijs in de vennootschapsbelasting van Bouwman

Samenvatting van Wegwijs in de vennootschapsbelasting van Bouwman

Samenvattingen en studiehulp bij Wegwijs in de vennootschapsbelasting van Bouwman

  • Boeksamenvatting bij Wegwijs in de vennootschapsbelasting van Bouwman is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Inleiding in de Vennootschapsbelasting - Chapter 1
  • Subjectief belastingplichtigen - Chapter 2
  • De winst - Chapter 3
  • Aftrek van de commissarisbeloning - Chapter 4
  • De deelnemingsvrijstelling - Chapter 5
  • De bedrijfsfusie - Chapter 6
  • De juridische splitsing - Chapter 7
  • De juridische fusie - Chapter 8
  • De omzetting van rechtspersonen in een andere rechtsvorm - Chapter 9
  • De fiscale eenheid - Chapter 10
  • De verliescompensatie - Chapter 11
  • De giftenaftrek - Chapter 12
  • Het tarief - Chapter 13
  • De aanslag en aansprakelijkheid - Chapter 14
  • Het heffingsobject bij buitenlandse belastingplicht - Chapter 15

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Samenvatting van Wegwijs in het internationaal en Europees belastingrecht van Burgers ea.

Samenvatting van Wegwijs in het internationaal en Europees belastingrecht van Burgers ea.

Samenvattingen en studiehulp bij Wegwijs in het internationaal en Europees belastingrecht van Burgers ea.

  • Boeksamenvatting bij Wegwijs in het internationaal en Europees belastingrecht van Burgers ea. is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Hoofdstuk 1 Het vakgebied internationaal belastingrecht: een nadere toelichting op doel en inhoud
  • Hoofdstuk 2 Instrumenten ter voorkoming van dubbele belasting
  • Hoofdstuk 3 Belastingen naar het inkomen en vermogen : voorkomingsmethoden
  • Hoofdstuk 8 Het vakgebied Europees belastingrecht: een nadere toelichting op doel en inhoud
  • Hoofdstuk 9 Samenloop tussen internationaal en Europees belastingrecht
  • Hoofdstuk 10 Harmonisatiebepalingen op het gebied van de directe belastingen
  • Hoofdstuk 13 Onderling overleg en arbitrage

Naar de samenvatting

Meer lezen

Fiscaal recht en belastingsrecht als studie en kennisgebied

Werken en ontwikkelen binnen de advocatuur of juridische advisering in binnen- en buitenland

Hoe kan je online JoHo samenvattingen en studiehulp opzoeken?


Online JoHo samenvattingen en studiehulp opzoeken

Waar vind je bij JoHo de samenvattingen en studiehulp voor je studie?

  • Voor je JoHo samenvattingen en studie aantekeningen kun je tegenwoordig terecht op WorldSupporter.org. Daar vind je ook alle bijdragen en samenvattingen van alle andere WorldSupporters.
  • Voor je JoHo aanmelding, je JoHo verzekeringen en je contacten met JoHo kun je nog steeds terecht op JoHo.org

Hoe kan je samenvattingen en studiehulp zoeken en vinden

  • Aangezien vrijwel iedereen een eigen manier van kijken, navigeren en zoeken heeft, kan je via meerdere wegen bij je eindbestemming terechtkomen.
  • Zoek de weg die bij je past, en maak gebruik van de studiehulpmiddelen op de wijze die voor jou het beste resultaat geeft

Zoeken op WorldSupporter.org

Er zijn verschillende manieren om door de grote hoeveelheid samenvattingen, studiehulp en oefenexamens op JoHo WorldSupporter te navigeren.

  • Gebruik en volg je (studie)organisatie
    • door je eigen studentenorganisatie als startpunt te gebruiken, en te blijven volgen, ontdek een eenvoudig manier welke studiematerialen voor jou relevant zijn
    • deze optie is alleen beschikbaar via partnerorganisaties
  • Gebruik de zoekpagina's voor samenvattingen en studiehulp per studiegebied, vak of faculteit
  • Gebruik de verzamelpagina voor jouw studie of studierichting. Deze themapagina's vind je zowel voor internationale studies als voor Nederlandse studies
  • Controleer of volg auteurs of andere WorldSupporters
  • Gebruik het menu boven elke pagina om naar de belangrijkste thema pagina's voor samenvattingen te gaan
Uitgelichte studierichtingen en studentenorganisaties:
Uitgelichte zoekpagina's:

Zoeken via JoHo.org

Account- en zoekpagina's
  • Via je eigen accountpagina kan je zoeken op alles startpagina's en alle samenvattingentools
  • Via de zoekpagina kan je zoeken op boektitel, auteur, onderwerp en soort pagina
  • Via het hoofdmenu kan je bij het kopje 'studeren en samenvattingen zoeken' naar de meest gebruikte pagina's voor samenvattingen en studiehulp
Startpagina samenvattingen
  • Via de Startpagina samenvattingen krijg je een overzicht van alle studies en studiegebieden waar je samenvattingen en studiehulp (JoHo's) voor kunt vinden

Samenvattingen pagina's (toolshops)
Themapagina's
  • Via de specifieke themapagina's over de kennis- en studiegebieden kan je naar de achtergronden, studiehulpmiddelen, betrokken competentietools, en de gerelateerde activiteiten in het buitenland zoals betaald werk, stages en vrijwilligerswerk

Vragen en antwoorden (FAQ)
  • Via de FAQ-pagina krijg je antwoorden op vragen en antwoorden rond samenvattingen en studiehulp

 

Studievaardigheden & Stagecompetenties

Leren, studeren en studieresultaten: vragen en antwoorden over motivaties en vaardigheden
Wat is leren, studeren en kennis opnemen?

Wat is leren, studeren en kennis opnemen?

Wat betekent leren studeren?

    Wat is leren en kennis opnemen?

    • Leren bestaat voor een groot deel uit keuzes maken, veel oefenen en zo goed mogelijk voorbereiden.
    • De kennisopname-capaciteit van de mens neemt sterk af na 20 minuten. Zonder herhaling binnen enkele uren is zojuist opgedane kennis weer snel gedeeltelijk of zelfs helemaal verdwenen. Dus neem om de twintig minuten/half uur een minuut/paar minuten pauze. Laat je studieritme niet verstoren, ga dus niet ouwehoeren, maar loop bijvoorbeeld een kort rondje. Studeer je langer, let dan wel op, na 40 -50 minuten studeren neemt je opname capaciteit echt af en na anderhalf uur is je brein niet meer in staat tot goede verwerking.

    Wat is studeren?

    • Studeren is meer dan alleen het lezen van boeken. Ook het voorbereiden en volgen van colleges en werkgroepen, maken van schrijfopdrachten en tentamens horen erbij. Aankomende studenten en ook ouderejaars hebben nog wel eens moeite met het uitvoeren van één of meerdere van deze activiteiten en het behalen van goede resultaten op deze onderdelen. Dit kan zich op verschillende manieren uiten: in het niet gemotiveerd studeren, concentratieproblemen, inefficiënte tijdsindeling, uitstelgedrag bij het behalen van deadlines en tentamenvoorbereiding, faalangst en/of teveel volgens hetzelfde patroon, te oppervlakkig of te gedetailleerd studeren.
    • Herken je jezelf hierin? Dan ben je zeker niet de enige. Gelukkig kun je leren om beter met deze problemen om te gaan en zo je resultaten te verbeteren. Zo leer je steeds beter te prioriteren en keuzes te maken.
    • Studeren betekent dat je continu moet kiezen. Welk deel van de stof is belangrijk en welk deel niet; in welke volgorde ga je de stof bestuderen; ga je naar college of neem je liever het boek mee naar de bieb; ga je het uittreksel zelf schrijven of neem je een bestaand exemplaar; wanneer en hoeveel ga je oefenen met oude tentamens; hoeveel tijd besteed je aan je studie; is het antwoord A, B, C of D... Deze relatieve keuzestress zal je niet vreemd zijn.

    Wat is tentamen doen?

    • Na weken zweten, zwoegen en colleges voorbereiden komt de grote test, het tentamen. De bibliotheken zitten vol, de donderdagavond-borrel wordt slecht bezocht. Iedereen die een opleiding volgt, weet wat dit betekent, leren leren en nog eens leren onder het genot van vele bakjes koffie. Hoewel de leerstof van de studenten verschilt, zijn er grote overeenkomsten in de manier waarop stof getoetst wordt. Dit gebeurt eigenlijk per definitie in de vorm van een mondeling of schriftelijk examen waarbij de student moet slagen in het zelfstandig, actief dan wel passief, reproduceren van de bestudeerde boeken.
    • De twee meest gebruikte vormen van tentamens afnemen zijn de multiple choice-(MC)tentamens en de tentamens met open vragen. Het voordeel van open vragen is dat je je intellectuele ei prima kwijt kan in je eigen formuleringen. Het voordeel van het MC-tentamen is dat het goede antwoord er zeker bijstaat. Vooral dat laatste leent zich uitstekend voor het praktiseren van guerrilla-antwoord-technieken (waarmee wordt bedoeld dat er met minimale kennis maximale cijfers kunnen worden behaald).
    • Een tentamen kan eng zijn, er wordt gecheckt of je voldoet aan de norm en daarbij wil je natuurlijk een goed cijfer halen. Maar een tentamen kan ook juist motiverend werken. Je hebt niet voor niets zo hard gewerkt, eindelijk kan je laten zien wat je allemaal weet en kan. In beide gevallen moet je je zo goed mogelijk voorbereiden op het tentamen.
    Hoe neem je kennis op en train je je geheugen?

    Hoe neem je kennis op en train je je geheugen?


    Hoe neem je kennis op en train je je geheugen

    Hoe zit het met je capaciteit om kennis op te nemen?

    • De capaciteit van de mens om kennis op te nemen, neemt sterk af na 20 minuten. Zonder herhaling binnen enkele uren is zojuist opgedane kennis weer snel gedeeltelijk of zelfs helemaal verdwenen.
    • Dus neem om de twintig minuten/half uur een minuut/paar minuten pauze. Laat je studieritme niet verstoren. Ga dus niet ouwehoeren, maar loop bijvoorbeeld een kort rondje.
    • Studeer je langer, let dan wel op, na 40 -50 minuten studeren neemt je opname capaciteit echt af en na anderhalf uur is je brein niet meer in staat tot goede verwerking.

    Is het handig om zelf aantekeningen ergens bij te krabbelen?

    • Kleine letters lezen of zelf aantekeningen ergens bijkrabbelen: hoe zit het daar nu mee?
    • Onderzoek heeft uitgewezen dat je informatie die op een vreemde manier is weergeven, beter onthoudt. Psycholoog professor Daniel Oppenheimer van de Princeton University formuleert het zo in een van zijn artikelen in News at Princeton van de Princeton University: ‘Als iets moeilijk lijkt, zijn mensen meer geneigd om goed na te denken en hun best te doen.’
    • Hij spreekt in dit verband over een subjectief gevoel van moeilijkheid. Als slecht leesbare informatie mensen ertoe aanzet meer moeite doen om teksten te lezen en begrijpen, denken ze beter na. En dat bevordert de studieresultaten.
    • Maar mag je dan ook stellen dat hoe slechter leesbaar, hoe meer studierendement?
    • Moeten we met deze conclusie ertoe overgaan lesstof in boeken en op internetsites te presenteren in Times New Roman in lichte grijstinten en klein letterformaat? Dat is op zich een goed idee, volgens Oppenheimer, maar daar zit wel een grens aan. Het is niet de bedoeling dat het zo moeilijk wordt dat mensen geïrriteerd raken, stoppen met lezen en de moed opgeven om het later opnieuw te proberen.

    Hoe bevorder je de opname van kennis?

    • Probeer de stof uit te leggen aan iemand anders of spreek desnoods hardop tegen je laptop.
    • Hang memobriefjes op, op plekken waar je regelmatig komt. Bijvoorbeeld in de keuken of op het toilet.
    • Leer met een timer zoals bijvoorbeeld de pomodoro timer. Je hebt ook een pomodoro app. Je leert 25 minuten, daarna krijg je van de app 5 minuten pauze, om even op je telefoon te kijken of iets te eten of te drinken. Het gevaar van op je telefoon kijken is, teveel afleiding. Na 5 minuten hoor je de *pling* weer en weet je dat je weer 25 minuten non-stop moet leren. Je leert op deze manier veel beter.
    • Begin eens achteraan. Als je alles hebt geleerd en je wilt de stof nog een keer voor het tentamen doornemen, begin dan achteraan de stof!
    • Lees de sheets nog eens door en begin bij de laatste week. Je begint namelijk eigenlijk altijd vooraan met studeren en bent gaar aan het einde van de stof en onthoud dat dus slecht. Als je een keer andersom leert dan onthoud je die stof beter. 
    • Herhaal de stof binnen enkele uren!
    Hoe haal je studieresultaten en wat is jouw passende leerstijl?

    Hoe haal je studieresultaten en wat is jouw passende leerstijl?

    Wat zijn leerstijlen voor positieve studieresultaten?

    • Leer je vooral door middel van doen en concrete ervaringen? Functioneer je het beste wanneer je in het diepe wordt gegooid? Of ben je iemand die eerst nadenkt en vervolgens overgaat tot actie? Houd je van structuur? Leg je makkelijk verbanden tussen theoretische kennis en de praktijk? De manier van leren verschilt nogal van student tot student. Door je eigen leer- en denkstijl te leren kennen kun je ervoor zorgen dat je studeert op een manier die voor jou het meest effectief is.
    • Jan Vermunt, een Nederlandse psycholoog, heeft de opvattingen en het gedrag van studenten onderzocht betreffende hun manier van leren. Door de leeractiviteiten, studieopvattingen en studiemotieven van studenten te bestuderen is hij tot vier leerstijlen gekomen: een betekenisgerichte, een reproductiegerichte, een toepassingsgerichte en een ongerichte leerstijl.

    Betekenisgerichte leerstijl

    • Je zoekt naar verbanden in de studiestof, probeert zelf structuur aan te brengen en staat kritisch tegenover de te bestuderen stof. Zelfsturing neemt een centrale rol in: je bepaalt zelf hoe je leert en wat je belangrijk vindt. Voor jou betekent studeren het opbouwen van kennis en inzichten en komt het voort uit persoonlijke interesse.

    Reproductiegerichte leerstijl

    • Je bent gericht op het behalen van certificaten en het uittesten van eigen capaciteiten. Je verwerkt de studiestof stapsgewijs door het vaak uit je hoofd te leren, te herhalen en door gedetailleerd te werk te gaan. Voor jou staat studeren voor het opnemen van kennis.

    Toepassingsgerichte leerstijl

    • Je probeert je opgedane kennis concreet te verwerken door het in de praktijk zodanig toe te passen, om jezelf klaar te stomen voor het toekomstige beroep. Studeren is voor jou het leren gebruiken van de kennis.

    Ongerichte leerstijl

    • Je hebt moeite met zelfstudie en je hebt weinig houvast aan de aanwijzingen in de studiestof of van docenten. Onderwijs heeft een stimulerende functie voor jou en je leert het best in groepsverband. Je hebt de neiging om aan je studiekeuze te twijfelen en of je goed genoeg bent om je studie af te ronden. Voor jou betekent studeren het volgen van colleges.

    Hoe ontwikkel je een eigen leerstijl voor positieve studieresultaten?

    • Deze leerstijlen zijn een tool om je bewustwording van je eigen voorkeur van leren te stimuleren en om je leerresultaten te verbeteren. Deze tool helpt je ook leren de leerstijlen die je minder goed beheerst verder te ontplooien. Dan krijg je meer balans in je studiegedrag. Hieronder vind je enkele praktische tips om ook de andere leerstijlen eigen te maken. De praktische tips helpen je leren hoe je extra aandacht kunt besteden aan leeractiviteiten waarin je je minder goed thuis voelt.
    • De leerstijlen van Vermunt sluiten aan op de leerstijlen en -fasen van David Kolb, een Amerikaanse onderwijsdeskundige. De stijlen van Vermunt zijn specifiek gericht op studenten, terwijl de leerstijlen van Kolb ook wat breder te trekken zijn, bijvoorbeeld op situaties uit het dagelijkse leven. Als student gaat een groot deel van je dagelijkse bezigheden zitten in je studie. Door te achterhalen welke studiestijl de jouwe is, kun je ervoor zorgen dat je de studietijd volop benut en de studiestof eigen maakt. Daarnaast kunnen alledaagse situaties en uitdagingen, die in eerste instantie niks met je studie te maken hebben, je afleiden en belemmeren in je studie. Dit kun je voorkomen door een aantal praktische tips die hieronder volgen.

     ... leidt tot...

    Concrete ervaringen opdoen

     ... leidt tot...

    Experimenteren en actief toetsen

    DOENER

    WAARNEMER

    Observeren en reflecteren

    TOEPASSER

    NADENKER

     ... leidt tot...

    Vormen en formuleren van abstracte begrippen

    ... leidt tot...

     

    Kolb onderscheidt vier leerstijlen en -fasen.

    Deze vier leerfasen kunnen worden beschreven in termen van de volgende vaardigheden die bij die fasen horen:

    1. Concreet ervaren ('feeling')

    2. Waarnemen en reflecteren ('watching')

    3. Abstracte begripsvorming ('thinking')

    4. Actief experimenteren ('doing')

    • Kolb stelt dat deze leerfasen van elkaar afhankelijk zijn en dat deze logisch op elkaar volgen. Volgens hem vormen de fasen een cyclisch leerproces, die idealiter altijd in dezelfde volgorde (maar niet altijd vanuit hetzelfde beginpunt) wordt doorlopen. Maar dat is niet altijd het geval en het komt ook voor dat een fase overgeslagen wordt. Mensen hebben bovendien voorkeuren voor bepaalde fasen uit die cyclus: ze beginnen bij voorkeur in één bepaalde fase of besteden er de meeste tijd aan. Kolb ontdekte dat mensen geneigd zijn vooral die leerfase te ontwikkelen waar ze toch al 'sterk in zijn'. Hij pleitte er voor dat mensen ook aandacht besteden aan manieren van leren waarin ze minder goed zijn. De leercyclus kan dan meer volledig en evenwichtig doorlopen worden, waarbij elke fase de aandacht krijgt die ze verdiend. In een groep zorgt de diversiteit van bijdragen van de verschillende groepsleden er meestal voor dat dit het geval is.
    • Voorbeeld (bron: www.thesis.nl/kolb): Als je bijvoorbeeld voor het eerst een videorecorder moet bedienen, kun je op diverse manieren proberen uit te vinden hoe het ding werkt. Je kunt allerlei knoppen indrukken (experimenteren) en kijken wat er gebeurt (ervaring en waarschijnlijk ook reflectie). Je kunt ook nadenken over wat je weet over soortgelijke apparaten, bijvoorbeeld over bandrecorders, want die lijken qua bediening op een video (reflectie) en zo een idee krijgen over de bediening (begripsvorming) dat je toetst in de praktijk (experimenteren). Een andere mogelijkheid is dat je iemand vraagt om voor te doen hoe het apparaat bediend moet worden (ervaring), zodat je zelf een beeld over de bediening kan vormen (reflectie, begripsvorming) dat je vervolgens uitprobeert in de praktijk (experimenteren).
    • Bij een universitaire studie lag het accent tot voor kort vooral op overdenking en theorievorming. Je leert hoe dingen samenhangen en hoe je ze in een theoretisch kader kunt zien. Aan de andere fasen van de leercyclus, experimenteren en ervaren wordt niet altijd even veel aandacht besteed. Voor hbo-opleidingen is dit vaak omgekeerd. Door het jarenlang moeten werken volgens één bepaalde leerstijl verandert de eigen leerstijl. Hier staan een paar praktische tips om je studievaardigheden te ontplooien aan de hand van vier leerstijlen die corresponderen met de fasen in het model van Kolb (bron: www.leren.nl). Deze tips zijn ook op het model van Vermeulen te betrekken en helpen je om je studietijd te optimaliseren.

    1. Doener

    • Ga een directe ervaring opdoen.
    • Los een probleem op.
    • Spring in het diepe met een uitdagende taak.

    2. Waarnemer/Dromer

    • Maak vooraf een plan.
    • Neem de tijd voor lastige beslissingen.
    • Neem de tijd om je ervaringen te overdenken.

    3. Denker /Theoreticus

    • Zoek goed gestructureerde leermiddelen.
    • Zoek verbanden met kennis die je al hebt.
    • Zoek intellectuele uitdagingen.
    • Bestudeer theoretische concepten, modellen en systemen.

    4. Toepasser/Pragmaticus

    • Zoek naar verbanden tussen de leerstof en je werk.
    • Richt je op praktische zaken.
    • Zoek iemand die je iets kan demonstreren.

    Leerstijl

    Eigenschappen

    Je leert het beste van...

     

    Doener


    ’Wat is er nieuw? Ik ben voor alles in.’

     

    Je werkt doelgericht. Je kan je makkelijk aanpassen aan specifieke en concrete situaties. Je houdt van tastbare resultaten en van aanpakken.

     

    • directe en nieuwe ervaringen, dingen doen

    • veel afwisseling

    • het oplossen van problemen

    • in het diepe gegooid worden met een uitdagende taak

     

    Waarnemer


    ’Ik wil hier graag even over nadenken.'

    Je legt makkelijk verbanden en nadruk op concrete ervaringen. Je hebt een groot voorstellingsvermogen, goede verbeeldingskracht en fantasie waarmee je een concrete situatie vanuit verschillende uitgangspunten kunt bekijken. Je maakt gebruik van je creativiteit.

     

    • situaties wanneer je de mogelijkheid krijgt om eerst na te denken en dan pas te doen

    • activiteiten waar je gestimuleerd wordt (achteraf) na te denken over je acties

    • beslissingen nemen zonder limieten en tijdsduur

    • een visuele presentatie van de leerstof

     

    Denker


    'Hoe is dat met elkaar gerelateerd?'

    Je bent nauwkeurig en op zoek naar de logische samenhang tussen zaken. Je houdt van een abstracte en heldere benadering. Je probeert om vanuit theoretische modellen naar de werkelijkheid te redeneren.

    • gestructureerde situaties met duidelijke doelstellingen (congressen, colleges, boeken)

    • relaties leggen met verworven kennis en praktijk

    • theoretische concepten, modellen en systemen

    • gelegenheid om naar achtergronden te vragen

    • confrontatie met complexe vraagstukken (worden als uitdaging ervaren)

     

     

    Toepasser


    'Hoe kan ik dit toepassen in de praktijk?'

    Je bent gericht op probleemoplossingen en je wordt graag geconfronteerd met problemen waar één juiste oplossing voor gezocht kan worden. Je werkt met voorkeur doelgericht en planmatig.

    • duidelijke praktische voorbeelden

    • activiteiten waar:

    • een duidelijk verband is tussen leren en werken

    • je je kunt richten op praktische zaken

    • je de kans krijgt dingen uit te proberen en te oefenen onder begeleiding van een expert

    Hoe stimuleer je jezelf om goede studieprestaties te leveren?

    Hoe stimuleer je jezelf om goede studieprestaties te leveren?

    Hoe stimuleer je jezelf om goede studieprestaties te leveren?

    • Oefenen, oefenen en oefenen…
    • Laat via apps je social media blokkeren. Als je vrijwel geen tien minuten of uur zonder je mobiel kan, dan zijn er apps die je het mogelijk maken om gedurende een specifieke tijd geen last te hebben van je social media
    • Ga sporten om je hoofd leeg te maken en ga bewegen in plaats van alsmaar met je boek achter je bureau te zitten.
    • Leren in groepen kan helpen doordat je inzichten met  anderen kan delen. Leren in groepen kan motiverend werken (en uiteraard andersom als jij de enige bent die het niet of langzamer begrijpt).
    • Stel voor jezelf een beloning in het vooruitzicht, voor als je het tentamen hebt gehaald. Dit draagt bij aan de motivatie.
    • Je kan zelfs speciale muziek om te studeren opzetten, sommige types muziek kunnen leiden tot een productievere studie.
    Hoe lees en leer je de voorgeschreven literatuur voor een studievak?

    Hoe lees en leer je de voorgeschreven literatuur voor een studievak?

    Hoe lees en leer je de voorgeschreven literatuur voor een studievak?

    • Tijdens je studie krijg je aardig wat literatuur te verwerken. In het eerste jaar zijn de voorgeschreven boeken al een stuk dikker dan die op de middelbare school en gedurende de studie wordt dit alleen maar meer. 
    • Alles één keer lezen zal niet voldoende zijn en je hebt niet genoeg tijd om ieder boek zo vaak te leren dat je het uit je hoofd kent. Het kan dus geen kwaad om jezelf een structuur aan te leren waardoor je op een effectieve manier kunt studeren.
    • Omdat iedere student op een andere manier leert en informatie verwerkt is het belangrijk een manier te vinden die aansluit bij jouw studiebehoefte.

    Lezen in rondes

    • Zoals hierboven al staat: als je alles een keer doorkijkt zal er bij veruit de meeste studenten niet genoeg blijven hangen om het tentamen goed te kunnen maken.
    • Bij het lezen in rondes lees je een tekst, zoals de naam al zegt, in verschillende rondes, waarbij je steeds meer tijd neemt om de betekenis van de tekst tot je te nemen.
    • Door op deze manier de tekst te behandelen zorg je ervoor dat de stof beter blijft hangen.
    • Als je alleen simpelweg alles blijft herhalen loop je het risico het overzicht kwijt te raken.
    • Door gebruik te maken van het rondesysteem krijg je de structuur van de tekst in je hoofd waaraan je de informatie op kunt hangen. Dit is effectiever dan alle literatuur uit je hoofd te leren.

    Oriëntatieronde

    • In de eerste ronde kijk je alleen naar de structuur van de tekst.
    • Door de titel, tussenkopjes en tabellen te bekijken krijg je al een goed beeld van de grote lijn van de tekst.
    • Neem ook even de tijd om hier over na te denken en het verloop van de tekst te voorspellen, dit helpt je om in een volgende ronde makkelijker door de tekst heen te komen, je weet dan immers als waar de schrijver heen wilt.
    • Je kunt in deze ronde ook hier en daar een paar regels lezen om een beeld te krijgen van het moeilijkheidsniveau van de tekst en de kernargumenten.

    Intensieve ronde

    • In deze ronde ga je de tekst echt lezen. Het doel is hierbij om de tekst te begrijpen. Besteed dus extra aandacht aan de alinea's die de kern van de tekst samenvatten en de delen die je moeilijk te begrijpen vindt.
    • Je kunt hierbij ook belangrijke woorden onderstrepen en aantekeningen maken. Dit kan je helpen de tekst beter te onthouden door tijdens het lezen al wat meer nadruk te leggen bij deze belangrijke onderdelen. Let er wel op dat je dit op een overzichtelijke manier doet. Het onderstrepen en opschrijven levert op dat moment al winst op omdat je langer bij deze zinnen stilstaat, maar het zou handig zijn als je dit in een later stadium ook kunt gebruiken om te studeren voor het tentamen.
    • Onderstreep daarom niet teveel, maar alleen de kernwoorden van een alinea. Of zet een uitroepteken in de kantlijn langs een deel waar je wat extra nadruk op wilt leggen.
    • Let tijdens deze ronde ook op de manier van argumenteren die in de tekst gebruikt wordt.
    • Als de schrijver een bepaald standpunt inneemt zal hij argumenten aanvoeren om dit te onderbouwen. Herken deze argumenten en bepaal of gebruik wordt gemaakt van een logisch, feitelijk of subjectief argument. Op basis hiervan kun je de waarde van de tekst inschatten, dit kan van pas komen als later op het tentamen of bij een essay gevraagd wordt om het standpunt van de auteur te onderbouwen of te ontkrachten.
    • Als je van een tekst weet wat de stelling is, hoe de auteur hier over denkt en wat de belangrijkste argumenten zijn die hij hiervoor aanvoert heb je een vrij goed beeld van de tekst. Dit gaat echter alleen op voor betogende teksten, teksten die puur informerend zijn bedoeld lenen zich minder goed voor een argumentanalyse.

    Herhalingsronde

    • Nadat je de tekst intensief hebt gelezen is het belangrijk nog wat onderdelen te herhalen. Het doel van deze ronde is om de kerndelen wat extra uit te lichten. Ga dus niet de hele tekst nog eens doorlezen. Als het goed heb je hier al genoeg basiskennis van na de intensieve ronde. Als dit niet zo is kun je de vorige ronde nog eens herhalen, maar doe dit dan niet in plaats van de herhalingsronde.
    • Na de vorige ronde zul je een beeld hebben van welke alinea's essentieel zijn voor het begrip van de tekst. Lees deze delen nog eens extra aandachtig door. Als je aantekeningen of onderstrepingen hebt gemaakt bekijk je deze ook nog een keer. Delen die je bij de eerste lezing te moeilijk vind om te begrijpen kun je nu nog eens herhalen, dit keer langzaam en gericht op het volledig bevatten van de tekst.

    Testronde

    • Om na te gaan of je de tekst ook daadwerkelijk begrepen en onthouden hebt kun je jezelf testen na het lezen van een hoofdstuk of artikel. Misschien zijn er oefenvragen beschikbaar in het boek of van eerdere tentamens die je kunt beantwoorden. Als dat niet het geval is kun je voor jezelf de tekst kort samenvatten om te zien of je hier genoeg kennis voor hebt, ook kun je jezelf wat vragen stellen over de stof. Een andere optie is om de stof met studiegenoten te bespreken, zo kom je erachter of je beide dezelfde informatie uit de tekst hebt gehaald en de stof op dezelfde manier hebt geïnterpreteerd.

    Studeren

    • Als het tentamen voor de deur staat zul je geen tijd meer hebben om alle literatuur nog eens intensief door te gaan lezen. Als je dit tijdens het vak wel gedaan hebt door gebruik te maken van het rondesysteem is dat echter geen probleem. Tijdens het studeren kun je de aantekeningen die je gemaakt hebt nog eens goed doorlezen en uit je hoofd leren. Neem hierbij ook de tijd om begrippen en feiten te stampen. Hoe vaker je dit doet hoe meer ervan zal blijven hangen op en na het tentamen. Doe dit dus gerust een paar dagen achter elkaar en misschien de eerste keer al een paar weken voor het tentamen.

    Snellezen

    • Snellezen is een techniek waarbij je zo snel mogelijk een tekst probeert te lezen met een zo volledig mogelijk begrip van dat wat je gelezen hebt. De techniek is niet onomstreden: sommige snellezers beweren meer dan 4.000 woorden per minuut te kunnen lezen waarbij ze minimaal de helft onthouden. Slechts 50% van een tekst onthouden is echter erg weinig en dit geldt bovendien alleen voor geoefende snellezers. Mocht je toch in tijdnood komen, dan kun je altijd deze techniek toepassen, waarschijnlijk zul je hier meer aan hebben dan aan slechts de helft van de tekst lezen.
    • Door met een pen of je vinger de tekst te volgen die je aan het lezen bent, maak je het makkelijk voor je ogen om de tekst te volgen. Door de pen sneller te bewegen kun je het tempo opvoeren. Het is de bedoeling dat je niet je hoofd maar alleen je ogen beweegt, waardoor je sneller van zin naar zin kunt springen. De techniek zorgt ervoor dat je het 'subvocaliseren' onderdrukt. Dit wil zeggen dat je de woorden niet in je hoofd uitspreekt, maar alleen maar aan het lezen bent. Hierdoor heb je minder tijd per woord nodig. Door de snelheid waarmee je je pen of vinger langs de woorden beweegt te variëren kun je zoeken naar een tempo dat snel genoeg is om geen afleiding toe te laten, maar niet zo snel dat er niets blijft hangen.

    De kern lezen

    • Een variatie op snellezen is alleen de kern van een tekst lezen. Als een boek of artikel goed geschreven is staat de belangrijkste informatie de eerste en laatste zin van iedere alinea. Je kunt door de tekst heen gaan door alleen deze zinnen te lezen. Het stuk dat je dan overslaat is de argumenten voor de stellingen van de auteur of de uitleg van deze argumenten. Afhankelijk van je eigen begrip en de aard en moeilijkheidsgraad van de stof kan dit een groot gemis zijn. Gebruik dit daarom niet als volwaardig alternatief voor intensief lezen, maar alleen als je niet genoeg tijd hebt of als aanvulling.

    Verschillende leerstijlen - toegepast

    • Op welke manier je de stof het beste tot je kunt nemen is voor een groot deel afhankelijk van jouw voorkeuren en leerstijl. Kijk welke leerstijl bij jou hoort en volg onderstaande tips bij die leerstijl.

    Doener

    • Jij hebt het meeste baat bij een actieve leerstijl. Hier kun je vooral in de intensieve ronde in investeren door meer te doen dan alleen lezen. Aantekeningen maken, woorden onderstrepen of markeren of tijdens het lezen een samenvatting maken zorgt ervoor dat de tekst meer tot leven komt en je actiever kunt studeren. Nog beter is om jezelf aan het begin van ieder hoofdstuk of artikel een opdracht te geven. Doe eerst de oriëntatieronde en lees de introductie. Je hebt nu een goed beeld van waar de tekst over gaat. Op basis daarvan kun je jezelf een vraag geven om te beantwoorden of jezelf de opdracht geven om het hoofdargument van de tekst samen te vatten en daar verschillende onderbouwingen voor te vinden. Als je met deze opdracht aan de slag gaat, zul je waarschijnlijk met meer energie en resultaat door de stof heen gaan.

    Bezinner

    • Actief lezen is voor jou geen vereiste om de stof in je op te kunnen nemen. Met aandachtig lezen en gedisciplineerd studeren kun je de tekst goed bestuderen. Zorg er wel voor dat je je niet laat afleiden door je eigen gedachten. Blijf bij de tekst door bijvoorbeeld de druk op te voeren met de oefening van pagina x. Als het niet lukt om gedisciplineerd te studeren kun je een strakke planning maken voor de te leren stof. Spreek me jezelf af wanneer je iedere ronde moet hebben afgerond en aan de volgende begint. Ruim hier extra tijd in om over de stof na te kunnen denken. Je kunt bijvoorbeeld ieder kwartier de wekker zetten om jezelf toe te laten vijf minuten over de theorie na te denken. Na die vijf minuten gaat de wekker weer en moet je weer aan het werk.

    Denker

    • Tijdens het lezen kun je verbanden leggen met de stof voor andere vakken en andere delen van het boek. Na de oriëntatieronde kun je waarschijnlijk wel bedenken met welke andere auteurs raakvlakken zijn. Maak een schema waarin je deze theorieën opneemt en geef tijdens het intensieve lezen in dit schema aan waar de overeenkomsten en tegenstellingen tussen de theorieën liggen.

    Beslisser

    • Probeer je tijdens het lezen af te vragen in welke praktijksituaties deze stof van pas zou komen. Voor de meeste stof die wordt voorgeschreven voor de vakken die je volgt zal er een toepassingsmogelijkheid zijn in je latere professionele leven. Als je de oriëntatieronde gehad hebt en een goed beeld hebt van waar de tekst over gaat, kun je waarschijnlijk wel zo'n toepassing bedenken. Tijdens de intensieve ronde kun je dan bedenken hoe dit in zijn werk zou gaan en op welke manier je ieder deel van de stof in de praktijk kunt brengen. Door je bezig te houden met deze praktische mogelijkheid zul je de stof beter in je op kunnen nemen en ben je gemotiveerder om het hoofdstuk uit te krijgen. Mocht een onderwerp dusdanig abstract zijn dat je geen praktische toepassing kunt bedenken, volg dan de tips voor de doener.

    Bron: 123test

    Hoe kan je leren sneller te lezen, of te snellezen?

    Hoe kan je leren sneller te lezen, of te snellezen?

    Wat is snellezen?

    • Snellezen is een techniek waarbij je zo snel mogelijk een tekst probeert te lezen met een zo volledig mogelijk begrip van dat wat je gelezen hebt. De techniek is niet onomstreden: sommige snellezers beweren meer dan 4.000 woorden per minuut te kunnen lezen waarbij ze minimaal de helft onthouden. Slechts 50% van een tekst onthouden is echter erg weinig en dit geldt bovendien alleen voor geoefende snellezers.
    • Mocht je toch in tijdnood komen, dan kun je altijd deze techniek toepassen, waarschijnlijk zul je hier meer aan hebben dan aan slechts de helft van de tekst lezen.

    Hoe kan je leren snellezen?

    • Door met een pen of je vinger de tekst te volgen die je aan het lezen bent, maak je het makkelijk voor je ogen om de tekst te volgen. Door de pen sneller te bewegen kun je het tempo opvoeren. Het is de bedoeling dat je niet je hoofd, maar alleen je ogen beweegt, waardoor je sneller van zin naar zin kunt springen.
    • De techniek zorgt ervoor dat je het 'subvocaliseren' onderdrukt. Dit wil zeggen dat je de woorden niet in je hoofd uitspreekt, maar alleen maar aan het lezen bent. Hierdoor heb je minder tijd per woord nodig. Door de snelheid waarmee je je pen of vinger langs de woorden beweegt te variëren kun je zoeken naar een tempo dat snel genoeg is om geen afleiding toe te laten, maar niet zo snel dat er niets blijft hangen.
    Hoe krijg je een beter concentratievermogen?

    Hoe krijg je een beter concentratievermogen?

    Hoe bevorder je je concentratievermogen?

    Je concentratievermogen bevorderen door herkenning

    • Een jou onbekende geur of smaak gebruiken tijdens het studeren en die vlak voor je tentamen weer gebruiken kan je geheugen triggeren.
    • Dus bijzondere snacks een nieuwe aftershave of parfum gebruiken voor elk tentamen scheelt je mogelijk weer een tentamenpunt.

    Je concentratievermogen bevorderen door meditatie  

    • Diverse studies zouden hebben uitgewezen dat meditatie studenten helpt focussen en concentreren.
    • Daarnaast kan het studiestress verminderen.

    Moeilijke of makkelijke leesbare letters & teksten gebruiken

    • Grote letters en lettertypes als Verdana en Arial staan bekend als gemakkelijk leesbaar. Dat is dan ook de reden dat ze veel gebruikt worden op websites. Maar soms werkt moeizaam lezen beter. Dat Arial en Verdana prettig leesbaar zijn, komt omdat ze schreefloos zijn, dat wil zeggen dat er geen dwarsstreepjes zitten aan het uiteinde van de verticale en horizontale balken van de letters. Lettertypes die deze streepjes wel hebben zoals Times New Roman, Comic Sans MS en Boldoni, zijn dan ook niet populair bij websitebouwers.
    • Internetlezers scannen een tekst, zo is de achterliggende gedachte, ze lezen snel en zijn met een klik vertrokken als het ze even niet aanspreekt of niet snel genoeg te lezen is. Toch is er wat voor te zeggen om dat snelle scannen en lezen te vertragen.
    • Uit onderzoek aan de Princeton Universiteit in New Yersey blijkt dat lezers teksten in Times New Roman, Comic Sans MS en Boldoni, moeilijker te lezen vinden dan in Arial en Verdana. Hun theorie is als volgt: je zou denken dat hoe moeilijker leesbaar een tekst is, hoe lastiger het is de informatie tot je te nemen. Maar omdat er dan meer concentratie nodig is om de inhoud van een tekst in je op te nemen, krijg je tegelijk het idee dat de tekst moeilijker is geworden en dat je er dus meer moeite voor moet doen. Het tegendeel is echter waar en het gevolg is dan ook dat je de inhoud beter onthoud.

    Hoe beter en langer te concentreren?

    • Wees eerlijk tegen jezelf: je werkt elke dag effectief een uur of 5 en dat is voor een werkend iemand ook niet ongebruikelijk..
    • Maak gebruik van nieuwe geuren en smaken.
    • Studeer op verschillende plekken: het is gebleken dat je beter op verschillende plekken kunt studeren, daardoor kan je informatie beter opnemen.
    Hoe krijg je meer concentratie en meer focus?

    Hoe krijg je meer concentratie en meer focus?

    Hoe krijg je concentratie en focus?
    • Er zijn allerlei tips te vinden online over concentratie en focus, maar wat voor de een werkt, werkt juist averechts voor een ander. Ga dus vooral bij jezelf op ontdekkingstocht en ontdek wat jou helpt om jezelf te concentreren. Dit kan voor ieder mens weer anders zijn. Zo studeert de een graag met muziek op. Terwijl de ander juist volledige stilte nodig heeft.
    • Maar eerst... zet je notificaties uit! Okay, dit is echt een beetje een open deur, maar het helpt. Check de instellingen van je apps en zet je notificaties uit. Op die manier word je niet meer de hele dag getriggerd door appjes die binnenkomen of nieuwsupdates. Probeer het eens en ontdek of het jou ook helpt om bewust te kiezen voor focus en wanneer je even je mail en berichtjes checkt.
    • Maak dagelijks ruimte voor focus en concentratie. Kenniswerk vraagt focus en concentratie. Gun jezelf die tijd en het resultaat wat daaruit voortkomt. Het kan daarbij helpen om dan alle afleiding te beperkend. Zet je telefoon op vliegtuigstand en laat je mail ongeopend.
    • Ga een rondje wandelen. Denkprocessen en concentratie kunnen juist heel goed samengaan met een wandeling door de natuur. De beweging en de natuurlijke omgeving kunnen helpen om weer nieuwe linkjes te leggen.
    • Stel jezelf een haalbaar doel: bijvoorbeeld om in de komende anderhalf uur aan een project te werken. Door een doel te stellen (dit gestelde doel eventueel ook aan anderen te melden als dat voor jou helpt) en door een voor jou helpende setting te creëren (bijvoorbeeld een rustige omgeving, muziek, koffie) kun je ook met aandacht ergens aan werken.
    • Een ander aspect om te ontdekken bij jezelf is wanneer je welk soort werk het beste kunt doen. De meeste mensen geven aan dat ze best van zichzelf weten wanneer ze juist heel creatief en productief zijn op de dag of in de week. Als je type werk het toe laat, kun je je werkweek zo indelen dat je je taken plant op een moment dat dat voor jou ook het beste werkt. Als je als team samen werkt, kan het soms wat meer zoeken zijn naar de juiste timing van bijvoorbeeld een wekelijkse vergadering. Maar ga vooral zelf ook uit proberen wat voor jou het beste werkt!
    Hoe geef je een presentatie voor je studie of werk, en wat is de beste voorbereiding?

    Hoe geef je een presentatie voor je studie of werk, en wat is de beste voorbereiding?


    Het kan zijn dat je tijdens een werkgroep een presentatie moet houden. Dit kan een beetje spannend zijn en dat is maar goed ook, want met een beetje spanning in je lijf kan je een stuk beter presenteren. De goede voorbereiding kan je onzekerheid wegnemen.

    Hoe geef je een presentatie?

    Je geeft een presentatie aan een publiek, dit zijn in jouw geval waarschijnlijk je studiegenoten en een docent. Om je publiek te blijven boeien let je op de volgende punten:

    • De duur van de presentatie: de duur van je presentatie is vaak door de docent bepaald, maar wees in de dingen die je vertelt niet te langdradig.
    • De informatiedichtheid: omdat je vaak maar weinig tijd tot je beschikking hebt, beperk je je tot de hoofdzaken van je onderwerp.
    • De opbouw van de informatie: kondig van te voren aan wat je gaat vertellen. Gebruik veel structuuraanduiders en signaalwoorden, hierdoor is de presentatie gemakkelijk te volgen voor de luisteraar.
    • Aandacht: maak hier gebruik van het directe contact dat je hebt met het publiek. Las bijvoorbeeld even spreekpauzes in of verander van intonatie.

    De opbouw van een presentatie is: inleiding, kern en slot. Als voorbereiding op de presentatie probeer je al deze onderdelen in te vullen. Als je je informatie hebt verdeeld, kan je een spreekschema maken.

    Wat is een spreekschema?

    Een spreekschema is een soort spiekbriefje. Iedereen heeft zo zijn eigen manier voor het opstellen van een spreekschema. Hieronder staat een voorbeeld van een algemeen spreekschema.

    Dit spreekschema bestaat uit drie kolommen. De eerste kolom is de kolom 'Wanneer', hierin noteer je de tijd die je ongeveer per onderdeel nodig hebt. Dit voorkomt dat je over de tijdsgrens heen gaan. De kolom 'Wat' vormt de tweede kolom. Hierin noteer je steekwoorden van hetgeen dat je per onderdeel wilt vertellen. In de laatste kolom 'Hoe' schrijf je je eigen aanwijzingen door de manier waarop je gaat presenteren. Bijvoorbeeld of je een dia gaat tonen of een spreekpauze gaat inlassen.

    Een spreekschema is dus een perfect middel om op terug te vallen als je bijvoorbeeld een black-out krijgt. Schrijf je presentatie nooit helemaal uit, zo voorkom je dat je voor de zaal staat voor te lezen van een blaadje in plaats van presenteren.

    Tijd (wanneer)

    Aanpak/Opbouw (wat)

    Presentatie (hoe)

    10.00-10.04

    Toelichting structuur/programma: doel van de presentatie, uiteenzetting van het onderwerp, hoofdvragen

    Slide 1 & 2

    10.04-10.07

    Hoofdvraag 1

    Slide 3

    10.07-10.10

    Hoofdvraag 2

    Slide 4 & 5

    10.10-10.13

    Hoofdvraag 3

    Slide 6 & 7

    10.13-10.15

    Afsluiting: Samenvatting

    Slide 8

    Wat is een powerpoint bij een presentatie?

    Een PowerPoint dient jouw presentatie te ondersteunen en te verhelderen. Overdadig veel tekst of foto's kunnen rommelig overkomen en kan je daarom beter vermijden, bovendien leidt het af. Beperk je daarom tot kernbegrippen en gebruik niet te felle kleuren.

    Wat kan je doen als oefening voor een presentatie?

    Naast de inhoud van je presentatie is ook de manier van presenteren een belangrijke factor voor een effectieve presentatie. Oefen je presentatie daarom altijd met een groepje mensen, bij voorkeur geen medestudenten. Nadat je de presentatie hebt gegeven vraag je hen om jou feedback te geven op de presentatie. Dan weet je waar je extra op moet letten en kan je dit verbeteren voor de echte presentatie.

    Wat zijn beste tips voor het houden van een presentaies

    1. Blijf rustig. Spreek voor je gevoel langzaam en articuleer goed.
    2. Gebruik spreektaal en geen schrijftaal.
    3. Zoek oogcontact met mensen in je publiek.
    4. Je presentatie wordt een stuk dynamischer wanneer je rustig en regelmatig beweegt. Ben je echter erg zenuwachtig, ga dan achter een spreekstoel staan.
    5. Als je een PowerPoint gebruikt, kijk dan niet naar het projectiescherm maar naar de zaal.
    Hoe motiveer je jezelf voor je studie of opleiding?

    Hoe motiveer je jezelf voor je studie of opleiding?

    Planning

    • Als je problemen ervaart met je studiemotivatie ligt de oplossing vaak in het scheppen van voldoening. Door te blijven hangen in een studietempo dat achterblijft bij je verwachtingen creëer je een barrière voor jezelf om weer aan de slag te gaan. De studie wordt iets waar je tegenop ziet en dit creëert een vicieuze cirkel waarin jouw motivatie alsmaar lager wordt en je studieprestaties alsmaar minder.
    • De andere kant op geldt dezelfde vicieuze cirkel. Een positieve associatie met het studeren zorgt ervoor dat je met energie en plezier kunt werken en studeren. Hierdoor werk je sneller, vaker en beter en haal je de voldoening uit je studie die je voor je zag toen je er aan begon. Als je die positieve associatie nu niet hebt zal die ook niet vanzelf komen, dit is iets waar je aan moet werken.
    • Alleen het voornemen om morgen echt te beginnen is niet voldoende. Door een planning te maken zorg je ervoor dat je jezelf kunt afrekenen op het werk dat je wel of niet doet en weet je ook wanneer je moet werken en wanneer je dus rust kunt nemen zonder dat dit een schuldgevoel oplevert. Voor het maken van een goede planning is het belangrijk het hoofdstuk over timemanagement goed door te nemen en op te volgen. Dit behandelt de stappen die je moet nemen om tot een gedegen planning te komen die je helpt om al je studie-, persoonlijke en zakelijke doelen te halen.

    Tip 1: Stel doelen

    • Het hebben van concrete doelen tijdens je studie helpt om je de zin in te laten zien van je werk. Als je weet waarvoor je studeert is het makkelijker om gemotiveerd te blijven. In het hoofdstuk timemanagement wordt al ingegaan op de doelen op de relatief korte termijn (één jaar/semester), maar als je niet gemotiveerd bent voor je studie kan het probleem op de langere termijn liggen.
    • Misschien sluit je studie helemaal niet aan met jouw toekomstbeeld. Je zult zelf moeten nadenken over waar je jezelf ziet in de toekomst en welke studie daarbij past. Als je hier twijfels over hebt kun je het beste eens gaan praten met je studieadviseur of een studieloopbaanbegeleider. Zij kunnen je helpen om bij de studie uit te komen die aansluit bij jouw wensen.

    Tip 2: Plan realistisch

    • Als je bij het maken van een planning de lat voor jezelf te hoog legt, werk je jezelf vooral tegen. Een onrealistische planning zal ervoor zorgen dat je veel punten op je agenda niet kunt halen. Het gevolg hiervan is dat je vooral negatieve conclusies trekt uit je studieschema. Dit terwijl het doel van het maken van een planning juist is om positieve inzichten te krijgen (‘Yes, ik heb vandaag al mijn doelen gehaald!’).
    • Het niet voldoen aan je eigen planning kan ervoor zorgen dat je meer op gaat kijken tegen het studeren en het negatieve gevoel in stand houdt. Probeer je daarom bewust te zijn van het werk dat jij op één dag aan kunt, bijvoorbeeld door aan tijdschrijven te doen.

    Tip 3: Ontspan

    • Het is natuurlijk de bedoeling dat je door plezier en voldoening uit je studie te halen, hier de energie en motivatie vindt om door te studeren. Maar het is ook heel belangrijk om extra energie uit je vrije tijd te halen. Door je verplichtingen in te plannen, plan je automatisch ook deze vrije tijd in. Op de tijden dat je niets gepland hebt kun je namelijk ontspannen.
    • Dat je kunt ontspannen betekent natuurlijk niet dat er niets meer te doen is. Doordat je weet dat alles dat gedaan moet worden al ingepland is op een ander tijdstip kun je echter wel echt genieten van de welverdiende rust die je in je schema hebt gezet. Deze ontspanningstijd die je inplant hoeft niet te bestaan uit op de bank zitten en naar je gordijnen staren.
    • In het schema van Covey (hoofdstuk over timemanagement) zit in het midden een hartje, bedoelt voor activiteiten die niet direct bijdragen aan je doelen, maar wel zorgen voor energie en plezier. Deze activiteiten zijn ideaal om in te plannen bij wijze van ontspanning en een welkome afwisseling op het harde werk dat je hebt geleverd.

    Tip 4: Stof tot leven laten komen

    • Door extra tijd in te ruimen voor actievere manieren van studeren kun je de stof tot leven laten komen. Voor veel studenten werkt dit stimulerender dan alleen het lezen van het boek. Je zou ervoor kunnen kiezen over ieder hoofdstuk dat je leest een kort essay te schrijven waarin je de kernargumenten van het boek verdedigt of juist aanvalt.
    • Dit kost wat extra tijd, maar zorgt er wel voor dat je doelgericht aan het lezen bent en op een heel actieve manier op zoek moet naar informatie. Dit houdt je aandacht beter bij de stof en zal je ook motiveren om niet te stoppen met studeren voordat je je stelling onderbouwd hebt.

    Tip 5: Niet uitstellen

    • Het nadeel van het maken van een planning is dat je dan ook kunt achterlopen op die planning. Als je dan op dag één niets doet betekent dit dat je op dag twee dubbel werk moet verrichten. Omdat er natuurlijk altijd iets tussen kan komen waardoor je niet aan je werk toekomt is het belangrijk om uitlooptijd in te plannen waarmee je dit op kunt vangen, het is echter ook belangrijk om zo min mogelijk uit te stellen.
    • Door uit te stellen stapelt het werk zich op en wordt de drempel om de volgende dag wel te beginnen alleen maar hoger, de stapel werk waar je dan tegen op moet kijken is immers ook groter geworden.
    Hoe bestrijd je negatieve associaties met studeren?

    Hoe bestrijd je negatieve associaties met studeren?

    • Je kunt de negatieve associaties die je hebt met studeren bestrijden met positieve associaties. Positieve associaties die je oproept door goede studieresultaten te behalen met een gedisciplineerde en gestructureerde studieaanpak. Je kunt ze ook direct aanpakken.
    • Een geschikte methode hiervoor, die zich ook goed leent voor zelfcoaching, is Rationeel Emotieve Therapie (RET), ontwikkeld door Albert Ellis. RET gaat uit van het principe dat niet de situatie de aanleiding is voor een bepaald gevolg, maar de gedachten die jij zelf bij deze situatie hebt. Door deze gedachten te veranderen verander je ook het gevolg. De therapie gaat uit van een ABC methode: Aanleiding, de Bril waardoor je kijkt en de Consequentie.

    Stap 1. De aanleiding (“A”)

    • Waardoor wordt het gedrag of gevoel dat je juist probeert te voorkomen opgeroepen? Probeer dat te omschrijven.
    • Bijvoorbeeld: “Ik moet een essay schrijven.”

    Stap 2. De consequentie (“C”)

    • Wat is de consequentie van deze aanleiding? Benoem het ongewenste gedrag of gevoel dat er wordt opgeroepen.
    • Bijvoorbeeld: “Ik blijf het werk uitstellen en doe uiteindelijk niets”

    Stap 3. De bril (“B”)

    • Wat zijn de gedachten waarmee je C veroorzaakt? Beschrijf de interpretaties en vooral ook de evaluaties.
    • Bijvoorbeeld: “Ik kan dat essay toch niet maken, het is veel te moeilijk voor me.”

    Stap 4. De gewenste C

    • Bedenk hoe je graag zou reageren op de aanleiding die je omschreven hebt? Wat voor gevoel wil je dat dit bij je oproept en welk gedrag hoort hierbij? Kies wel een consequentie waarvan je weet dat deze haalbaar is.
    • Bijvoorbeeld: “Ik zou willen dat ik net als de anderen het essay zou maken.”

    Stap 5. Logisch redeneren

    • Stel de huidige consequentie die je ervaart ter discussie en beredeneer waarom deze irreëel zou zijn. Kijk logisch naar je eigen kunnen en hoe dit in verhouding staat met de gevoelens die je ervaart. Kloppen de gedachten die je hebt wel met de werkelijkheid?
    • Bijvoorbeeld: “Waarom zou ik dat niet kunnen? Ik ben al zo ver gekomen in mijn studie, ik heb de middelbare school gehaald en dit is echt niet het eerste essay dat ik moet schrijven. Laat ik mijn eerdere resultaten er eens bij pakken om te zien wat ik kan.”

    Stap 6. Vervang je bril

    • Bij de vorige stap heb je beredeneert waarom de bril die je op hebt niet de juiste is, vervang hem dan ook. Formuleer een positievere gedachte die beter overeenkomt met de werkelijkheid.
    • Bijvoorbeeld: “Ik heb al eerder werk van vergelijkbaar niveau moeten doen, toen lukte het, dus met dezelfde inzet kan ik het nu ook..”

    Stap 7. Ervaar

    • Probeer je nieuwe gedachten te ervaren door de bijbehorende situatie op te zoeken. Als dat niet kan, doe het dan in je hoofd.
    • Kijk door je nieuwe bril naar de aanleiding en ervaar hoe dit voelt.
    • Bijvoorbeeld: “Hé hé, dat geeft een voldaan gevoel!”

    Stap 8. Oefenen

    • Maak een oefenprogramma en voer het uit om de meer rationele en productieve denkwijze in je gedrag in te voeren. Investeer tijd en moeite in deze oefening. Gedachten die je al heel lang hebt gaan niet zomaar weg. Je kunt bijvoorbeeld beginnen met het maken van kleine opdrachten. Als het hierbij lukt om positief naar je werk te kijken kan het later met een groter essay waarschijnlijk ook wel.
    • Blijf in jezelf geloven. Succes!

     

     

    Wanneer kies je voor studiebegeleiding, bijles of een repetitor en hoe kies je de leraar of instelling?

    Wanneer kies je voor studiebegeleiding, bijles of een repetitor en hoe kies je de leraar of instelling?

    Wanneer neem je bijles of een repetitorles?

    • Een mogelijkheid om de slagingskans van studenten te vergroten, is het volgen van bijles. De meeste mensen leggen in eerste instantie een associatie tussen huiswerkbegeleiding in het basisonderwijs en op de middelbare school als het gaat om het volgen van bijles. Maar het is erg vanzelfsprekend om op hbo en universitair niveau hulp te gaan zoeken bij derden om uiteindelijk beter te kunnen presteren en goede studieresultaten te behalen.
    • Er zijn verschillende particuliere clubs of studieverenigingen die inhoudelijke cursussen aanbieden voor vakken van een specifieke studie en dat past vaak in het jasje van tentamenvoorbereiding. Dit kan op individuele basis, maar ook in groepsverband gebeuren. Deze clubs hebben repetitoren in dienst die de tentamenvoorbereiding verzorgen. Repetitoren zijn docenten, ouderejaars studenten of afgestudeerden, die bij grote en massale studies zoals Rechtsgeleerdheid of Psychologie studenten ondersteuning bieden.

    Hoe kies je een bijlesleraar of repetitor?

    • Je kunt bij je eigen onderwijsinstelling of studievereniging informeren wat er voor aanbod aan bijlessen is in het kader van jouw studie en in jouw omgeving.
    • De kosten kunnen oplopen van enkele tientjes per uur tot honderden euro's per uur, afhankelijk van de kwaliteit en reputatie van een repetitor en het volgen van bijles in groepsverband of één-op-één.

     Professionele begeleiding bij leren studeren

    • Het kan zijn dat het motivatieprobleem dat jij hebt niet is op te lossen met een strakke planning, eenstreng beloningssysteem en zelfcoaching. Je bent zeker niet de enige student die hier moeite mee heeft. Iedere universiteit of hogeschool is verplicht je hiervoor (individuele) studiebegeleiding aan te bieden. Bij je studieadviseur kun je informatie krijgen over de verschillende mogelijkheden die er zijn, hieronder geven we alvast een kort overzicht. In bijlage x vind je een lijst met websites van en groot aantal universiteiten en hogescholen waar je informatie kunt vinden over het begeleidings- en trainingsaanbod voor studenten van deze instellingen.

    Studiebegeleiding

    • Je studieadviseur kan altijd informatie en advies geven over de inrichting van je studie. Ook kan deze je doorverwijzen naar uitgebreidere begeleidingstrajecten of een specialist die meer tijd voor je heeft. Veel onderwijsinstellingen hebben ook studiebegeleiders en studieloopbaanbegeleiders in dienst. Hier kun je wat uitgebreider het gesprek mee aangaan als je studieproblemen hebt of je studiekeuze aan het heroverwegen bent.

    Begeleidingstrajecten

    • Vaak kun je als student gratis of tegen een kleine betaling trainingen en workshops volgen om je te begeleiden bij het bestrijden van je studieproblemen. Het aanbod hierin varieert per instelling. Wat vaak aangeboden wordt is faalangsttraining, een workshop timemanagement, mindmapping en een afstudeergroep. Informeer bij je studieadviseur of op de website in de bijlage naar de mogelijkheden.

    Studentenpsycholoog

    • Voor sommige problemen is individuele begeleiding de beste oplossing. De studentenpsycholoog kan je helpen door je persoonlijke of studieproblemen in één of meerdere gesprekken te bespreken en je gericht advies te geven om je problemen op te lossen.

     

     

    Studeren en stage  lopen in het buitenland

    Studeren en stage lopen in het buitenland: uitgelichte advieswijzers en keuzehulp
    Studeren in het buitenland: wat is het, waarom zou je het doen en waar kan je beste heen?

    Studeren in het buitenland: wat is het, waarom zou je het doen en waar kan je beste heen?


    Studeren in het buitenland

    Wat is een studie in het buitenland?

    • Studeren in het buitenland wil zeggen dat je een opleiding volgt in een ander land dan waar je normaal studeert of woont.
    • Dit kan voor een paar maanden zijn of voor een volledige bachelor- of masteropleiding.
    • Je kunt een uitwisselingsprogramma volgen of zelfstandig regelen dat je wordt toegelaten tot de onderwijsinstelling van jouw keuze

    Wat zijn de redenen om in het buitenland te gaan studeren?

    • Je doet ervaring op met het voor langere tijd in het buitenland wonen
    • Je krijgt de kans om jezelf te ontdekken zonder je vrienden en omgeving in Nederland
    • Je persoonlijkheid groeit op vlakken die in Nederland minder of niet aan bod komen
    • Je gaat een ander land en een andere cultuur leren kennen
    • Je krijgt een meer internationaal perspectief op het vlak van je studie of studiegebied
    • Je gaat je talen beter spreken en begrijpen
    • Je bouwt een internationaal netwerk op
    • Je CV krijgt er een niet onbelangrijke element bij
    • Je kan soms een specifiek vak of studiegebied alleen of beter in het buitenland doen

    Wat zijn de vaardigheden en motivaties die je nodig hebt als je in het buitenland wilt studeren?

    • Communiceren: je leert je weg vinden in gesprekken, presentaties en groepswerk in een andere taal.
    • Creatief zijn: je vindt je eigen manier om met nieuwe systemen, opdrachten en situaties om te gaan.
    • Durf hebben: je doet mee, stelt vragen en probeert dingen uit zonder te weten hoe het uitpakt.
    • Flexibiliteit: je past je aan andere lessen, regels en verwachtingen aan
    • Inleven: je probeert te begrijpen waarom anderen iets anders aanpakken dan jij gewend bent.
    • Omgevingsbewustzijn: je voelt aan hoe de sfeer en omgang in een nieuwe omgeving zijn en beweegt daarin mee.
    • Plannen: je verdeelt je tijd tussen studeren, reizen en het leven daar — vaak met minder vaste structuur dan thuis.
    • Samenwerken: je leert omgaan met andere gewoontes en manieren van denken in groepsopdrachten.
    • Zelfvertrouwen hebben: je merkt dat je ook in een ander land goed uit de voeten kunt en op jezelf kunt bouwen. Ook als het even anders gaat dan je denkt.

    Wat zijn de beste landen en locatie om te studeren in het buitenland?

    Wat zijn de risico's bij een studie in het buitenland, en wanneer ben je voldoende verzekerd?

    • Er kunnen meerdere redenen van toepassing zijn waarom je bij studeren in het buitenland een aparte verzekering nodig hebt, of in ieder geval je verzekerde situatie goed moet checken. Een aantal van die redenen:
      • Tijdens je verblijf in het buitenland kan het zijn dat je ook gaat werken en een vergoeding ontvangt, dan vervalt normaal gesproken de dekking van je Nederlandse zorgverzekering. Je hebt dan een speciale verzekering nodig om verzekerd te blijven voor ziekte en ongevallen.
      • Tijdens je verblijf in het buitenland bieden lokale onderwijsinstellingen en werkgevers doorgaans geen, of beperkte, aanvullende verzekeringen.
      • Tijdens je verblijf in het buitenland is kans op ongelukken is aanwezig omdat je bijvoorbeeld activiteiten doet waarmee je nog weinig ervaring hebt.
    • Een aantal gespecialiseerde verzekeringen biedt de beste mogelijkheden om goed verzekerd naar het buitenland te gaan. Lees meer bij studeren in het buitenland verzekeren 
    Stage in het buitenland: wat is het, waarom doen, wat heb je nodig, en wat zijn de beste landen?

    Stage in het buitenland: wat is het, waarom doen, wat heb je nodig, en wat zijn de beste landen?


    Stage in het buitenland lopen: wat, waarom, hoe, en welke landen en bestemmingen zijn geschikt?

    Wat is een stage in het buitenland?

    • Een stage in het buitenland wil zeggen dat je voor bepaalde tijd bij een buitenlandse organisatie gaat meewerken om te helpen en met name om er zelf van te leren.
    • Voor je werk krijg je in het algemeen geen vergoeding in de vorm van salaris, onkostenvergoeding of bijvoorbeeld kost en inwoning. Tenzij je in een sector aan de slag gaat waar je met je Nederlandse achtergrond van toegevoegde waarde kan zijn, en er voldoende budget aanwezig is bij de betrokken organisatie.

    Waarom zou je stage lopen in het buitenland?

    • Om ervaring op te doen in je eigen werkveld, of in de sector waar je later mogelijk wil werken.
    • Om jezelf in een andere omgeving aan het werk te zien.
    • Om ook eens in een ander werkgebied te kunnen werken, en te merken of dat bevalt.
    • Om als opstap te gebruiken voor een lokale baan met salaris.
    • Om anderen te helpen met jouw inzet en vaardigheden.
    • Om organisaties of doelstellingen te ondersteunen die jij belangrijk vindt in je leven.

    Wat heb je nodig als je in het buitenland stage wilt gaan lopen?

    Waar kan je het beste stage lopen in het buitenland?

    In hoeverre ben je verzekerd voor de risico's bij een stage in het buitenland?

    • Er kunnen meerdere redenen van toepassing zijn waarom je bij een stage in het buitenland een aparte verzekering nodig hebt, of in ieder geval je verzekerde situatie goed moet checken
      • Lokale organisaties bieden doorgaans geen, of zeer beperkte, verzekeringen.
      • De kans op ongelukken is aanwezig omdat je bijvoorbeeld werk doet waarmee je nog weinig ervaring hebt.
      • Tijdens je stage in het buitenland vervalt normaal gesproken de dekking van je Nederlandse zorgverzekering zodra je een vergoeding of salaris krijgt. Je hebt dan een speciale verzekering nodig om goed verzekerd te blijven voor ziekte en ongevallen.
      • Lees meer bij stage in het buitenland verzekeren
    Inpaklijst voor je stage of studie in het buitenland: wat zijn de meest meegenomen spullen?

    Inpaklijst voor je stage of studie in het buitenland: wat zijn de meest meegenomen spullen?


    PAKLIJST VOOR EEN STAGE, STUDIE OF TUSSENJAAR IN HET BUITENLAND

    Wat zijn de meest meegenomen artikelen tijdens een stage en studie of tussenjaar in het buitenland?

    • Wat je precies nodig hebt, hangt uiteraard af van je bestemming, je manier van reizen, de periode, je persoonlijke voorkeur en je persoonlijke omstandigheden.
    • Hieronder vind je alvast diverse tips en een paklijst, die is samengesteld naar aanleiding van de ervaringen van honderden stagiairs en studenten die naar het buitenland zijn gegaan.

    Checklist stage en studie: waarmee ga je op reis?

    0 - Bagagelabels - lees meer

    0 - Dagrugzak of day pack - lees meer

    0 - Inpakzakken - lees meer

    0 - Rolkoffer, reistas, travelpack, rugzak of wheel pack - lees meer

    0 - Transporthoes, vliegtuighoes of flightbag-  lees meer

    Meer over: pakken en inpakken voor je reis

    Checklist stage en studie: identificatie, geld en papieren

    0 - Alarmnummers van je alarmcentrales - lees meer

    0 - Benodigdheden voor internetbankieren - lees meer

    0 - Cash geld en lokale valuta: voor de momenten dat je niet kan of mag pinnen - lees meer

    0 - Creditcard - lees meer

    0 - Prepaid card of money card - lees meer

    0 - Kopie van je paspoort - lees meer

    0 - Paspoort en Identiteitskaart: check hoelang je paspoort nog geldig moet zijn - lees meer

    0 - Pinpas: met de juiste dekking - lees meer

    0 - Print of kopie van je E-tickets en vliegtickets - lees meer

    0 - Verzekering voor je reis, verblijf en je werkzaamheden tijdens je stage in het buitenland

    0 - Verzekeringsnummer of polisnummer van je reisverzekering - lees meer

    0 - Verzekeringsnummer of polisnummer van je zorgverzekering - lees meer

    Indien van toepassing:

    0 - Geldigheid vaccinaties en vaccinatiebewijs: check de geldigheid van je eerdere vaccinaties - lees meer

    0 - Medisch paspoort - lees meer

    0 -  Visum, visa of electronic travel authorization (ETA) - lees meer

    Meer over belangrijke papieren, documenten en geld meenemen op reis

    Checklist stage en studie: veilig blijven en beschermen tegen diefstal

    0 - Cijferslot(jes) - lees meer

    0 - Moneybelt of heuptasje voor onder je kleding  - lees meer

    Overwegen:

    0 - Hidden Pocket - lees meer

    0 - Kabelslot - lees meer

    0 - Reiskluis - voor als je telefoon of sieraden heel belangrijk zijn - lees meer

    0 - Geheime binnenzak van je broek of kleding - lees meer

    0 - BH tasje - lees meer

    Meer over spullen meenemen tegen diefstal en gevaar

    Checklist stage en studie: uiterlijk, verzorging en hygiëne

    0 - Deodorant of deo stick - lees meer

    0 - Douchemiddel, schuim, gel of zeep - lees meer

    0 - Floss of flosdraad - lees meer

    0 - Handdoek: bijvoorbeeld een dunne sneldrogende handdoek - lees meer

    0 - Shampoo of reisshampoo - lees meer

    0 - Tandenborstel of reistandenborstel - lees meer

    0 - Tandenborstelhouder of beschermer - lees meer

    0 - Tandpasta of reistube - lees meer

    0 - Toilettas of travel care bag - lees meer

    0 - WC-papier en/of papieren zakdoeken - lees meer

    Indien van toepassing:

    0 - Bril en brilkoker - lees meer

    0 - contactlenzen - lees meer

    0 - Lenzenvloeistof - lees meer

    0 - Inlegkruisjes - lees meer

    0 - Maandverband - lees meer

    0 - Menstruatiecup - lees meer

    0 - Scheerapparaat, scheermeshouder of scheerkwast - lees meer

    0 - Scheerolie of scheerschuim - lees meer

    0 - Scheermesjes of scheerkoppen - lees meer

    0 - Tampons - lees meer

    Overwegen:

    0 - Aftersun - lees meer

    0 - Borstel of kam - lees meer

    0 - Cool wrap - lees meer

    0 - Desinfect voor je handen - lees meer

    0 - Hamamdoek - lees meer

    0 - Make-up artikelen - lees meer

    0 - Nagelknipper en vijl - lees meer

    0 - Oordoppen tegen geluid of water-  lees meer

    0 - Papieren zakdoekjes - lees meer

    0 - Reisspiegel of spiegeltje - lees meer

    0 - Vochtige doekjes - lees meer

    0 - Washandje: is meteen ook een beschermend zakje voor kwetsbare spullen - lees meer

    0 - Wattenstaafjes: multifunctioneel - lees meer

    0 - Hervulbare flesjes en potjes: niet lekkende flesjes, die drukbestendig zijn en waar je je eigen middelen in kan doen - lees meer

    0 - Zonnebrandmiddelen en zonnebrandcrème - lees meer

    0 - Noodtoilet of wegwerptoilet - lees meer

    0 - Plaskoker of Plastuit - lees meer

    Meer over toiletartikelen meenemen op reis

    Checklist stage en studie: medicijnen en reisapotheek

    0 - Diarreeremmer - lees meer

    0 - Desinfectiemiddelen of jodium - lees meer

    0 - Koortsremmers - lees meer

    0 - Koortsthermometer - lees meer

    0 - Leukoplast - lees meer

    0 - Oral Rehydration Solution (ORS) - lees meer

    0 - Pijnmedicatie en pijnstillers - lees meer

    0 - Pleisters - wondpleisters - lees meer

    0 - Zonnebrandcrème - lees meer

    indien van toepassing:

    0 - Anti-conceptie en de pil - lees meer

    0 - Condooms - lees meer

    0 - Hoogteziekte medicijnen - lees meer

    0 - Kant-en-klare medische reiskit of EHBO set  - lees meer

    0 - Malariapillen - lees meer

    0 - Oordruppels - lees meer

    0 - Pillendoosje - lees meer

    0 - Pincet - lees meer

    0 - Reddingsdeken - lees meer

    0 - Reisziektetabletten of middelen tegen misselijkheid - lees meer

    0 - Slaapmiddel - lees meer

    0 - Steriele naalden - lees meer

    0 - Tea Tree oil - lees meer

    0 - Talkpoeder - lees meer

    0 - Verband en gaasjes

    0 - Vitamines en reisvitamines - lees meer

    Meer lezen over medicijnen meenemen op reis

    Checklist stage en studie: kleding en schoenen

    0 - Broekriem - lees meer

    0 - Jack, jas of regenjack -  lees meer

    0 - Lange broek of rok - lees meer over lange broek of jurk of reisrok

    0 - Ondergoed en onderkleding -  lees meer

    0 - Regenkleding en waterdichte kleding - lees meer

    0 - Shirt met lange mouwen- lees meer

    0 - Shirt met korte mouwen of T-shirt - lees meer

    0 - Short en korte broek - lees meer

    0 - Slaapkleding of pyjama - lees meer

    0 - Slippers - lees meer

    0 - Sneakers of sportschoenen - lees meer

    0 - Sokken - lees meer

    0 - Trui of sweater - lees meer

    0 - Zwemkleding, zwembroek of bikini - lees meer

    Indien van toepassing of overwegen:

    0 - Anti-bloedzuigersokken - lees meer

    0 - Bergschoenen - lees meer

    0 - Buff, bandana, polarbuff, scarf of sjaaltjes -  lees meer

    0 - Canvas schoenen en tropenschoenen - lees meer

    0 - Hoed, pet of cap - lees meer

    0 - Insecten- en mugwerende kleding - lees meer

    0 - Regenponcho met rugzakuitbouw - lees meer

    0 - Sandalen, travel sandals of teva's - lees meer

    0 - Sarong of pareo - lees meer

    0 - Sport BH - lees meer

    0 - Tropenkleding en kleding voor warm weer - lees meer

    0 - Waterschoentjes of zwemvinnen - lees meer

    Meer lezen over kleding en schoenen meenemen op reis

    Checklist stage en studie: communicatie en techniek

    0 - Adapter, omvormer of voltage converter - lees meer

    0 - Headsets - lees meer

    0 - Opladers en oplaadapparaten voor mobiel, camera of laptop - lees meer

    0 - Powerbank - lees meer

    0 - Telefoon, smartphone of mobiel - lees meer

    0 - Telefoonhoes - lees meer

    0 - Verbindingssnoertjes - lees meer

    0 - Wereldstekker of reisstekker - lees meer

    Indien van toepassing of overwegen:

    0 - Gps - lees meer

    0 - E-Reader - lees meer

    0 - Gitaar of muziekinstrument - lees meer

    0 - Laptop, computer of tablet - lees meer

    0 - Laptophoes en beschermhoes voor andere apparatuur - lees meer

    0 - Mifi router:  voor je internet op reis - lees meer

    0 - Oplaadbare batterijen en wegwerpbatterijen - lees meer

    0 - Silicagel of vochtvreters - lees meer

    0 - Speakers (mini) - lees meer

    0 - USB-kabel naar laptop - lees meer

    0 - Zonnepaneel voor op reis - lees meer

    Meer lezen over apparatuur meenemen op reis

    Checklist stage en studie: praktische zaken voor onderweg, outdoor en sport

    0 - Leesboek of e-reader: met bijvoorbeeld verhalen die zich afspelen op je reisbestemming - lees meer

    0 - Papier of notitieblokje: voor als je je telefoon niet wil, kan of mag gebruiken

    0 - Pennen: vaak nodig op belangrijke momenten - lees meer

    0 - Reiswasmiddel; voor je kleding - lees meer

    0 - Schaar of schaartje: voor bij je medische kit, je verzorging en praktische zaken - lees meer

    0 - Zakmes of multitool: niet in je handbagage doen als je gaat vliegen - lees meer

    Indien van toepassing of overwegen:

    0 - Kompas: die werkt zonder je telefoon - lees meer

    0 - Lonely Planet of (online) reisgids - lees meer

    0 - Ophang-, reparatiesetje: een klein setje met bijv. elastiek, punaises, paperclips, tape, touw, veiligheidsspelden voor noodgevallen - lees meer

    0 - Reiswasbakstopper - lees meer

    0 - Reiswaslijn: handig en multifunctioneel - lees meer

    0 - Snorkel en duikbril - lees meer

    0 - Sportuitrusting: van surfplank tot ski's  - lees meer

    0 - Tape: bijvoorbeeld klein rolletje duct tape of een wat uitgebreider ophang- en noodgevallensetje - lees meer

    0 - Tent en kampeerspullen - Tent en kampeerspullen

    0 - Touw of rolletje touw - lees meer

    0 - Verrekijkertje of monocular - lees meer

    0 - Verlichting - lees meer

    0 - Zaklamp: voor tochten en locaties waarbij je geen telefoon kan gebruiken - lees meer

    0 - Zonnebril - lees meer

    Meer lezen over praktische zaken, outdoor en sportspullen op reis

    Checklist stage en studie: bescherming tegen insecten en dieren op reis

    0 - Anti-muggen en insectenmiddel - lees meer

    0 - Anti-jeukmiddel na insectenbeten - lees meer

    Indien van toepassing of overwegen:

    0 - Anti-bloedzuigersokken - lees meer

    0 - Hondenafweerapparaat (dazer)- lees meer

    0 - Insecten- en mugwerende kleding - lees meer

    0 - Klamboe of muskietennet - lees meer

    0 - Klamboe bevestigingskit - lees meer

    0 - Tekentang of middel tegen een teek - lees meer

    0 - Uitzuigpompje - lees meer

    Meer lezen over anti-insectenmiddelen meenemen op reis

    Checklist stage en studie: eten, drinken en voeding op reis

    0 - Drinkfles, waterfles en water: - lees meer

    0 - Tussendoortje: Iets te eten voor onderweg - lees meer

    Indien van toepassing of overwegen:

    0 - Reisbord: lichtgewicht bordje voor bijvoorbeeld sappig fruit of je maaltijden - lees meer

    0 - Reisbestek - lees meer

    0 - Waterfilter of waterzuiveraar - lees meer

    0 - Koffiezet set voor op reis - lees meer

    Meer lezen over spullen meenemen voor je vocht en maaltijden onderweg

    Checklist stage en studie: relaxen, liggen en slapen op reis

    0 - Nekkussen - lees meer

    0 - Reiskussen en kussensloop - lees meer

    0 - Slaapmasker of oogmasker - lees meer

    Indien van toepassing of overwegen:

    0 - Laken - lees meer

    0 - Lakenzak - lees meer

    0 - Reishangmat - lees meer

    0 - Slaapzak - lees meer

    0 - Slaapzakhoes of compressiezak - lees meer

    0 - Slaapoordoppen - lees meer

    Meer lezen over spullen voor slapen en relaxen op reis

    Checklist stage en studie: handbagage op reis

    Welke spullen neem je mee als je gaat stage lopen met kinderen?

    • Denk dan aan het meenemen van spelletjes die je met die kinderen kan doen of een spelletjesboek, waarbij je even goed moet kijken of er geen Nederlandstalige hindernissen in staan, of dat bijvoorbeeld de plaatjes en voorbeelden te veel op Nederlandse kinderen zijn toegespitst.
    • Simpele zaken als een opblaasbal, een frisbee e.d.
    • Voldoende pennen.
    • Een goede schrijfmap met papier voor aantekeningen, tekeningen e.d.
    • Allerlei kleine handigheden die ook bij de ultieme meeneemlijst zijn genoemd en die met name gericht zijn op bestemmingen en locaties waar je enigszins van de bewoonde wereld bent afgesloten: zoals een reisnaaisetje, powerbank, zakmes, goed gevulde medicijntas.

    Welke spullen neem je mee bij studie en stage in de natuur of met dieren?

    Waar moet je aan denken als je gaat studeren of stage lopen in de tropen?

    • Een luchtig overhemd met lange mouwen: denk aan eerbied voor lokale gebruiken, bloedzuigers, muggen!
    • Tropenkleding ofwel luchtige, sneldrogende en sterke kleding waarin je rustig kunt zweten zonder dat je huid gaat irriteren, is een investering die lonend kan zijn. Is het ook nog muggen- en/of UV-werend, dan kan het je ook nog dengue, malaria of huidkanker besparen, in die gebieden waar dat van toepassing is. Neem anders gewoon je meest soepele katoenen kleding mee!

    Hoe maak je je keuzes?

    Wat is een verzekering voor studeren en studie in het buitenland, en waarom specifiek verzekeren als je onderwijs gaat volgen?

    Wat is een verzekering voor studeren en studie in het buitenland, en waarom specifiek verzekeren als je onderwijs gaat volgen?


    Studie en studeren in het buitenland verzekeren

    Wat is een verzekering voor studeren in het buitenland?

    • Een verzekering voor studeren in het buitenland wil zeggen dat je een verzekering afsluit die dekking blijft bieden tijdens je studie, je onderwijs en je bijbehorende werkzaamheden in het buitenland.
    • Een verzekering voor studeren in het buitenland wordt ook wel een studieverzekering genoemd, deze studieverzekering is specifiek voor als je lang naar het buitenland gaat om te leren, studeren of onderzoek te doen.

    Waarom een verzekering, en wanneer is een normale reisverzekering niet meer voldoende?

    • Er kunnen meerdere redenen van toepassing zijn waarom je bij een studie in het buitenland een aparte verzekering nodig hebt.
    • Tijdens je studie in het buitenland kan het zijn dat je ook avontuurlijke of risicovolle activiteiten gaat ondernemen, die niet onder de dekking van je normale verzekering vallen.
    • Tijdens je studie in het buitenland kan het zijn dat je ook betaald, of vrijwillig, gaat werken. Heb je voor vertrek geen verzekering afgesloten waarmee je mag werken, dan is er vanuit het buitenland geen zekerheid meer dat je alsnog een dekkende verzekering kan afsluiten.
    • Tijdens je studie in het buitenland kan het zijn dat de dekking van je Nederlandse basiszorgverzekering komt te vervallen. Dan moet je voor vertrek al een vervangende verzekering hebben afgesloten.
    • Tijdens je studie in het buitenland kan je ziek worden, of een ongeluk krijgen. In verschillende landen kunnen dan de zorgkosten boven het Nederlands tarief uitkomen. Wanneer je niet de juiste verzekering hebt afgesloten, zal je zelf de extra kosten moeten betalen.
    • Tijdens een langer verblijf in het buitenland kan het zijn dat je een keer tussendoor naar Nederland wil, en dan ook dekking in Nederland wil hebben.
    • Normale reisverzekeringen geven onvoldoende dekking als er door (studie)visa verstrekkers aanvullende eisen gesteld worden aan de manier waarop je jezelf verzekert, bijvoorbeeld als je naar de USA gaat en een J-1 visum aanvraagt.
    • Normale reisverzekeringen bieden in het algemeen alleen dekking voor reizen van een beperkt aantal dagen. Mocht jouw reis of verblijf in het buitenland het maximaal aantal dagen overschrijden dan betekent dat over het algemeen dat er achteraf voor de gehele reisperiode geen dekking meer is.
    • Normale reisverzekeringen bieden in het algemeen alleen dekking alleen voor recreatieve reizen zonder studie, stage of werkzaamheden. Mocht je andere dan recreatieve activiteiten gaan ondernemen dan betekent dat over het algemeen dat er achteraf voor de gehele reisperiode geen dekking meer is.

    Waar moet je op letten bij je verzekering als je gaat studeren in het buitenland?

    • dat je een verzekering hebt die geldig is in het gebied waar je onderwijs gaat volgen, reizen en activiteiten ondernemen.
    • dat je voldoende verzekerd bent voor de sporten en activiteiten die je gaat uitoefenen.
    • dat je verzekerd bent voor SOS-hulpverlening, en voor vervroegde terugkeer voor als er iets met jou, of je directe familie, gebeurt.
    • dat je medische kosten tot de kostprijs (wat het daadwerkelijk kost) hebt verzekerd, en niet alleen voor de standaard kosten. In de meeste landen zijn de zorgkosten hoger dan in Nederland.
    • dat je je bagage verzekert en voldoende voorzorgsmaatregelen neemt tegen diefstal of beschadiging.
    • dat je je goed verzekert tegen particuliere aansprakelijkheid, en liefst ook voor aansprakelijkheid tijdens mogelijk stage- of vrijwilligerswerkzaamheden.
    • dat je goed verzekerd bent bij ongevallen.
    • dat je je voor rechtsbijstand verzekert als daar direct aanleiding voor is, tenzij de dekking al automatisch in de verzekering is meegenomen.

    Welke verzekering heb je nodig voor een studie in het buitenland?

    Verzekeringen voor studie in het buitenland: advieswijzer en studieverzekeringen vergelijken

    Verzekeringen voor studie in het buitenland: advieswijzer en studieverzekeringen vergelijken


    Keuzehulp en advieswijzer voor verzekeringen bij een studie of opleiding in het buitenland

    Hoe werkt deze keuzehulp en advieswijzer?

    • Je vindt hier de adviezen op basis van de keuzehulp, en de vragen en antwoorden die je op deze, en de andere pagina's, kunt lezen en vinden.
    • Op de pagina's van de aangeraden verzekeringen vind je meer informatie over de specifieke verzekeringen zelf.

    Welke dekking adviseert JoHo bij een studie of opleiding in het buitenland?  

    JoHo adviseert iedereen om te zorgen dat:
    • ze een verzekering hebben die geldig is in het gebied waar ze gaan reizen en studeren.
    • ze voldoende verzekerd zijn voor de sporten en activiteiten die ze gaan uitoefenen.
    • ze verzekerd zijn voor SOS-hulpverlening en voor vervroegde terugkeer voor als er iets met hen gebeurt, of met de directe familie.
    • ze medische kosten tot de kostprijs (wat het daadwerkelijk kost) verzekeren, en niet alleen voor de standaardkosten. In de meeste landen zijn de zorgkosten hoger dan in Nederland.
    • ze hun bagage verzekeren of voldoende voorzorgmaatregelen nemen tegen diefstal of beschadiging.
    • ze zich goed verzekeren tegen aansprakelijkheid zowel voor, na, en tijdens de studie.
    • ze goed verzekerd zijn voor ongevallen.
    • ze zich alleen voor rechtsbijstand verzekeren als daar direct aanleiding voor is, tenzij de dekking al automatisch in de verzekering is meegenomen.

    Waar moet je extra op letten als je goed verzekerd wilt leren of studeren in het buitenland?

    Je medische kosten
    • Je kunt te maken krijgen met medische kosten die niet worden gedekt door je zorgverzekering omdat je in het buitenland zit of omdat je werkt of stage loopt.
    • Ga je naast je studie ook langer dan 3 maanden stage lopen of werken (met vergoeding) in één van de 'Verdragslanden ('eerste werkdag' landen)', dan vervalt vanaf je eerste werkdag de dekking van je Nederlandse zorgverzekering: o.a. Canada - Chili - Japan  - Tunesië - Turkije - Verenigde Staten - Zuid-Korea.
    Je aansprakelijkheid tijdens de studie
    • Je kunt aansprakelijk worden gesteld als jij schade toebrengt aan personen of aan goederen.
    Je studiewerkzaamheden en activiteiten
    • Ga je onderzoek doen in de zorg, met wilde dieren of bijvoorbeeld met gevaarlijke machines, of ga je (semi)professioneel sporten, kies dan een verzekering die daar rekening mee houdt.

    Studie of leren tot 90 dagen: welke verzekering kies je?

    Doorlopende verzekeringen
     

    De JoHo ISIS Continu verzekering  

    • budget optie met ook dekking voor veel avontuurlijke activiteiten.

    De Allianz doorlopende reisverzekering  

    • Standaard verzekering met uitbreidingsopties voor op de lange termijn.

    Aflopende gespecialiseerde verzekeringen
     

    De JoHo Special ISIS verzekering

    • voor beste prijs-kwaliteitverhouding en meest passende dekkingen.

    De OOM studeren in het buitenland verzekering

    • voor studie en cursussen in risicovolle sectoren als medische zorg en dierenverzorging (relatief strenge verzekeraar, en wat minder snelle repatriëring naar NL).

    Studeren of leren langer dan 90 dagen: welke verzekering kies je?

    De JoHo Special ISIS verzekering

    • voor beste prijs-kwaliteitverhouding en meest passende dekkingen.

    De OOM studeren in het buitenland verzekering

    • voor studie en cursussen in risicovolle sectoren als medische zorg en dierenverzorging (relatief strenge verzekeraar, en wat minder snelle repatriëring naar NL).

    Studeren of leren langer dan 4 jaar: welke verzekering kies je?

    De JoHo Special ISIS verzekering

    • voor beste prijs-kwaliteitverhouding en meest passende dekkingen.
    • let op: je zult na de maximale looptijd van 4 jaar dan moeten overstappen op een andere verzekering, of je kiest direct voor een van de onderstaande opties.

    De Working Nomad ISIS verzekering

    • de unieke doorlopende verzekering voor iedereen die meerdere jaren (tot maximaal 10 jaar!) in het buitenland onderzoek doet, studeert of werkt zonder Nederlandse zorgverzekering en zich lokaal willen (kunnen) settelen zonder zich definitief te vestigen in dat land.

    De OOM studeren in het buitenland verzekering

    • de maximale looptijd van deze verzekering is 5 jaar 
    • voor studie en cursussen in risicovolle sectoren als medische zorg en dierenverzorging
    • houd wel rekening met een relatief strenge (medische) acceptatie en beperkte dekking voor medische repatriëring naar Nederland na een ernstig ongeval of ziekte.

    Vraag advies aan

    • mochten bovenstaande opties voor jou niet van toepassing zijn of heb je nog specifieke vragen, vraag dan advies aan
    • je kunt vrijblijvend gebruik maken van het adviesformulier en geef goed aan wat je gaat doen, voor hoe lang en wat jouw specifieke vragen zijn

    Studeren of leren in de VS met een J1-visum: welke verzekering kies je?

    JoHo Special verzekering

    • voor beste prijs-kwaliteitverhouding en meest passende dekkingen.

    De OOM studeren in het buitenland verzekering

    • voor studie en cursussen in risicovolle sectoren als medische zorg en dierenverzorging (relatief strenge verzekeraar, en wat minder snelle repatriëring naar NL).
    Let op
    • In vrijwel alle gevallen volstaat een van de bovenstaande verzekeringen, maar de eisen die aan de verzekering gesteld worden kunnen afhankelijk van de lokale overheid of je bemiddelingsorganisatie verschillen. Check dus goed welke eisen voor jou van toepassing zijn.

    Studeren of leren in combinatie met semi-professioneel sporten: welke verzekering kies je?

    De OOM studeren in het buitenland verzekering 

    • de enige optie waarbij (semi)professioneel sporten niet is uitgesloten van de dekking voor ziektekosten en SOS.

    Onderzoek doen of en PhD in het buitenland: welke verzekering kies je?

    Zie PhD en onderzoek in het buitenland verzekeren

    Studie, cursus of training annuleren: welke verzekering kies je?

    De ISIS Aflopende Annuleringsverzekering voor stageprogramma's

    • wanneer je bijvoorbeeld niet kan vertrekken vanwege ziekte, of niet behaalde tentamens, of door andere onvoorziene omstandigheden, dan kan je met een annuleringsverzekering de kosten terugkrijgen van je geboekte reis- en studieprogramma.

     

    Tags op JoHo.org

    Relaties van het thema: fiscaal recht
    Onderliggende termen en onderwerpen
    Coördinerende termen en onderwerpen

    Verbindingen op WorldSupporter.org

    Relaties van het thema: fiscaal recht
    Samenvattingen voor fiscaal recht op JoHo WorldSupporter: uitgelicht
    Boeksamenvatting bij Wegwijs in de Successiewet - Martens & Sonneveldt - 18e druk - Summary of study book
    Wat is een belastbaar feit? - Chapter 1   Wat is de aard van de heffing? De meest voorkomende...
    BulletPointsamenvatting bij druk 2016/2017 van Elementair belastingrecht voor economen en bedrijfsjuristen van Stevens e.a. - Summary of study book
    Wat zijn de economische aspecten van belastingheffing? Ch.1 Collectieve goederen zijn goederen die voor de...
    Samenvatting bij Belastingrecht in Hoofdlijnen - Burgers et al. - 10e druk - Summary of study book
    Hoe zijn belastingen in Nederland geregeld? - Chapter 1 Wat is de oorsprong van de belastingen in...
    Samenvatting bij Algemene wet inzake rijksbelastingen - de Blieck & van Amersfoort - 10e druk - Summary of study book
    De verhouding tussen de algemene wet bestuursrecht en de AWR - Chapter 2 Codificatie en unificatie van het...
    Boeksamenvatting bij druk 2016/2017 van Elementair belastingrecht voor economen en bedrijfsjuristen van Stevens e.a. - Summary of study book
    Wat zijn de economische aspecten van belastingheffing? - Chapter 1 1.1 Wat houdt de belastingleer in?...
    Boeksamenvatting bij de 3e druk van Recht, orde en vrijheid. Een historische inleiding in de rechtsfilosofie van Maris en Jacob - Summary of study book
    Welke stromingen kent de rechtsfilosofie? - Chapter 1 1.1 Rechtsstelsels Verschillende rechtsstelsels...
    Samenvatting bij Praktisch fiscaalrecht - Damen - 4e druk - Summary of study book
    Praktisch fiscaalrecht - Damen - 4e druk - Boeksamenvatting H. 1 Nederlands belastingrecht Inleiding...
    Samenvatting bij Overheidsfinanciën - Kam et al. - 13e druk - Summary of study book
    Overheidsfinanciën - Chapter 1 1.1 Inleiding De uiteindelijke beslissingsmacht over...
    Boeksamenvatting bij de 18e druk van Wegwijs in de overdrachtsbelasting van Van Straaten e.a. - Summary of study book
    Wanneer is iets een (algemeen) belastbaar feit (art. 2 t/m 8 WBR)? - Chapter 1 Wat is de hoofdregel?...
    Samenvatting bij Wegwijs in de vennootschapsbelasting - Bouwman - 13e druk - Summary of study book
    Inleiding in de Vennootschapsbelasting - Chapter 1 De Nederlandse vennootschapsbelasting wordt geheven op...
    Oefenvragen, tests en oude tentamens met antwoorden voor fiscaal recht op JoHo WorldSupporter: uitgelicht
    TentamenTests bij de 5e druk van De kern van het ondernemingsrecht van Kroeze e.a. - Study test and exam questions
    Wat voor ondernemingsvormen zijn er? - TentamenTest 1 Open vragen bij hoofdstuk 1 Casus I De heer van...
    TentamenTickets en TentamenTips voor de inleidende vakken belastingrecht en fiscaal recht - Study exam tip
    TentamenTickets: Tips & Tricks bij het volgen van het onderwijs en voorbereiden op de tentamens Bij het vak...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 8 - Study test and exam questions
    Open vragen Vraag 1 (30 punten) Paul heeft in 2010 deelgenomen aan het televisieprogramma ‘De Gouden...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 9 - Study test and exam questions
    Vragen Vraag 1 Welke stelling is juist? De loonbelasting die werkgevers op het loon inhouden is een...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 2017 (1) - Study test and exam questions
    Vragen Meerkeuzevragen Vraag 1 Adolin werkt voor de stichting De Kholins. Deze stichting stelt...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 2017 (2) - Study test and exam questions
    Vragen Vraag 1 Kasper heeft veel geld verdiend als ondernemer in de speelautomatenbranche. De winst...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 1 - Study test and exam questions
    Meerkeuzevragen Vraag 1 Jochem en Sybren zijn ongehuwd en wonen sinds kort samen in een groot...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 2016 - Study test and exam questions
    Meerkeuzevragen Vraag 1 De ondernemer geniet winst uit onderneming in box 1; de belegger valt onder de...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 2 - Study test and exam questions
    Meerkeuzevragen Vraag 1 Met betrekking tot het fiscale inkomensbegrip in de inkomstenbelasting is één...
    Belastingrecht - UL - Oefententamen 3 - Study test and exam questions
    Meerkeuzevragen Vraag 1 Welke van onderstaande omstandigheden is niet relevant bij het vaststellen van...
    Aantekeningen, artikelen en studiehulp voor fiscaal recht op JoHo WorldSupporter: uitgelicht
    What is fiscal law? - Study definition
    Fiscal law focuses on the legal framework surrounding a government's ability to raise and spend money. It encompasses:...
    What is tax law? - Study definition
    Tax law is a complex and ever-evolving field that governs the legal aspects of how governments collect taxes from...
    Automatisch contracteren: De automatische rechtshandeling - artikel - Summary of scientific article
    Automatisch contracteren: De automatische rechtshandeling Centraal in dit artikel staat de vraag hoe met...
    Hoorcollegeaantekeningen 2016/2017: Belastingrecht - Universiteit Leiden - Summary of notes
    Hoorcollege week 1 Belastingen in het algemeen Om te...
    Hoorcollege- en werkgroepaantekeningen 2015/2016: Belastingrecht - Universiteit Leiden - Summary of notes
    Deze aantekeningen zijn gebaseerd op het vak Belastingrecht van het jaar 2015-2016....
    Studiegidsen en assortimentwijzers voor fiscaal recht op JoHo WorldSupporter: uitgelicht
    Samenvattingen: de beste studieboeken voor belastingrecht en fiscaal recht samengevat - Study guide for summaries
    Samenvattingen en studiehulp bij Belastingrecht en fiscaal recht: Inhoudsopgave Samenvatting bij het boek:...
    Studiegids bij Boekhouden Geboekstaafd van Broerse e.a. - Study guide for summaries
    Studiegids met samenvattingen en studiehulp voor: Boektitel: Boekhouden Geboekstaafd Auteurs: Broerse e.a. Druk:...
    Studiegids bij Belastingrecht in Hoofdlijnen van Burgers e.a. - Study guide for summaries
    Studiegids met samenvattingen en studiehulp voor: Boektitel: Belastingrecht in Hoofdlijnen Auteurs: Burgers e.a....
    Samenvattingen: startpagina voor fiscaal recht en internationaal belastingrecht - Study guide for summaries
    Samenvattingen en studiehulp voor fiscaal recht en internationaal belastingrecht Waar gaat de pagina over?...
    Samenvattingen: startpagina's per studiegebied van recht en bestuur - Study guide for summaries
    Samenvattingen en studiehulp per studiegebied voor recht en bestuur Waar gaat de pagina over? Inhoud: informatie...
    Samenvattingen: startpagina voor recht en bestuur - Study guide for summaries
    Samenvattingen en studiehulp voor recht en bestuur Waar gaat de pagina over? Inhoud: informatie en...
    Summaries: home page for law and administration - Study guide for summaries
    Summaries for law and administration What is this page about? Content: information and assortment pointers for...
    Studietips en activiteiten voor fiscaal recht op JoHo WorldSupporter: uitgelicht
    Hersenkraker Belastingrecht - Welke Nederlandse belasting is geen directe belasting?
    Welke Nederlandse belasting is geen directe belasting? A) Inkomstenbelasting B) Vennootschapsbelasting C) Schenk- en erfbelasting D) Omzetbelasting...
    Organisaties en sectoren op JoHo WorldSupporter
    EILN - European Immigration Lawyers Network
    European Immigration Lawyers Network (EILN) brings together knowledge and information for businesses and individuals...
    Taxand - international tax advice
    Taxand is the world’s largest independent organisation of tax experts with more than 700 tax partners in over 50...

     

    Pagina's op JoHo.org

    Relaties van het thema: fiscaal recht

    Wegwijzer


    Samenvattingen en studiehulp voor: fiscaal recht

    Studie in het buitenland op het gebied van: fiscaal recht

    Competenties en vaardigheden op het gebied van: fiscaal recht?

    Organisaties en werkgevers op het gebied van: fiscaal recht?

    Stages op het gebied van fiscaal recht?

    Vrijwilligerswerk op het gebied van fiscaal recht?

    Werken op het gebied van fiscaal recht?

    JoHo Worldsupporter doelstellingen gerelateerd aan fiscaal recht?

    • Zie de doelstellingen van JoHo WorldSupporter voor: het versterken van begrip voor andere culturen en personen, het stimuleren van tolerantie in de wereld om je heen, het wereldwijd delen van kennis en knowhow, en het stimuleren van persoonlijke ontwikkeling in binnen- en buitenland
    Samenvattingen en studiehulp: per studie en vakgebied
    Samenvattingen en studiehulp voor internationale, bestuurskundige en beleidskundige opleidingen
    Opleidingen en studierichtingen: startpagina's
    Academische vaardigheden opdoen in binnen- en buitenland

    Academische vaardigheden opdoen in binnen- en buitenland

    Academische vaardigheden en onderzoeksvaardigheden in binnen- en buitenland van studie, stage tot onderzoek doen INHOUD Vragen en antwoorden over academische en onderzoeksvaardigheden: o.a. Wat zijn de uitgelichte vragen over kennis en wetenschap? Wat is analytisch denken, hypothese opstellen en uitvoeren van de wetenschappelijke methode? Wat is analyse, onderzoek en waarheid? Vragen en antwoorden over studiehulp en samenvattingen voor academische vaardigheden...... lees verder op de pagina
    Bedrijfskunde en organisatie studeren en stage in het buitenland

    Bedrijfskunde en organisatie studeren en stage in het buitenland

    Bedrijfskunde, business en organisatie in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud Vragen o.a. Wat betekent bedrijfseconomie? Wat is international business? Wat is bedrijfskunde en organisatiewetenschap? Wat is het verschil tussen accountancy en boekhouden? Wat is marketing? Wat is micro- en macro-economie, internationale economie. fiscale economie en econometrie Verdiepen en studeren: Waar vind je samenvattingen en studiehulp...... lees verder op de pagina
    Communicatie en marketing studeren en stage in het buitenland

    Communicatie en marketing studeren en stage in het buitenland

    communicatie kind computer oma buitenland
    Communicatie en marketing in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud Vragen: o.a Wat is communicatie binnen een organisatie? Wat is het vakgebied communicatie? Wat is marketing? Verdiepen en studeren: Waar vind je samenvattingen en studiehulp voor communicatie en kennisoverdracht? Waar vind je samenvattingen en studiehulp voor bedrijfskunde en marketingopleidingen? Vaardigheden en competenties versterken: Hoe kan je...... lees verder op de pagina
    Economie en bedrijfseconomie studeren en stage in het buitenland

    Economie en bedrijfseconomie studeren en stage in het buitenland

    Bedrijfseconomie en economische wetenschappen in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud Wat betekent bedrijfseconomie? Wat betekent economie? Wat is international business? Wat is bedrijfskunde en organisatiewetenschap? Wat is het verschil tussen accountancy en boekhouden? Wat is marketing? Wat is micro- en macro-economie, internationale economie. fiscale economie en econometrie Studiehulp en samenvattingen Samenvattingen en studiehulp voor bedrijfskunde...... lees verder op de pagina
    Psychologie en menselijk gedrag studeren en stage in het buitenland

    Psychologie en menselijk gedrag studeren en stage in het buitenland

    Gedrag, mens en psychologie in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud Vragen: o.a. Wat is psychologie en wat is de wetenschap van de psychologie? Wat zijn mens- en gedragswetenschappen als psychologie en antropologie? Wat is antropologie, culturele antropologie en volkenkunde? Wat zijn mens- en gedragswetenschappen als psychologie en antropologie? Wat is antropologie of culturele antropologie en...... lees verder op de pagina
    Geneeskunde en gezondheidszorg studeren en stage in het buitenland

    Geneeskunde en gezondheidszorg studeren en stage in het buitenland

    Geneeskunde, gezondheid en zorg in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud: o.a Wat is ziekte, wat is gezondheid en wat is gezondheidszorg? Wat is geneeskunde studeren? Hoe zitten de deelgebieden in elkaar: allergie, chirurgie, dermatologie, farmacologie, fysiotherapie, gynaecologie, keel- neus- en oorheelkunde, kindergeneeskunde, neurologie, oncologie, preventieve zorg, psychiatrie, sociale geneeskunde en verpleegkunde? Studiehulp en samenvattingen gebruiken...... lees verder op de pagina
    ICT, logistiek en techniek studeren en stagelopen in het buitenland

    ICT, logistiek en techniek studeren en stagelopen in het buitenland

    Bouw, ict, logistiek en techniek in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud: o.a Wat is ICT en IT Wat is informatie? Wat is logistiek en techniek? Wat is een informatiesysteem en hoe wordt dat opgebouwd? Wat is ICT-recht en intellectueel eigendomsrecht? Hoe zit het ict-recht in elkaar, en wat zijn de deelgebieden? Samenvattingen en studiehulp Waar...... lees verder op de pagina
    Internationale organisaties en internationale betrekkingen studeren en stage in het buitenland

    Internationale organisaties en internationale betrekkingen studeren en stage in het buitenland

    Internationale organisaties en internationale betrekkingen in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud o.a Wat is een internationale organisatie? Wat is politiek en internationale politiek? Waar vind je samenvattingen en studiehulp voor politicologie, internationale studies en internationale betrekkingen? Wat zijn de uitgelichte boek- en chaptersamenvattingen voor mensenrechten en rechten van de mens? In welke landen en met...... lees verder op de pagina
    Politiek en politicologie studeren en stage in het buitenland

    Politiek en politicologie studeren en stage in het buitenland

    Politiek in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud Wat is democratie? Wat is politiek en internationale politiek? Hoe ziet de politiek er in Nederland normaal gesproken uit? Waar vind je samenvattingen en studiehulp voor politicologie, internationale studies en internationale betrekkingen? Wat zijn de uitgelichte boek- en chaptersamenvattingen voor mensenrechten en rechten van de mens? In welke...... lees verder op de pagina
    Maatschappij en cultuur studeren en stage in het buitenland

    Maatschappij en cultuur studeren en stage in het buitenland

    Maatschappij en cultuur in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Geschiedenis - Maatschappelijke dienstverlening - Muziek - Kunst - Sociologie - Spiritualiteit Inhoud o.a. Wat is antropologie of culturele antropologie en volkenkunde? Wat is filosofie? Wat is sociologie en wat zijn sociale wetenschappen? Wat leer en bestudeer je bij algemene sociale wetenschappen (ASW)? Samenvattingen en studiehulp Samenvattingen...... lees verder op de pagina
    Natuur en milieu studeren en stage in het buitenland

    Natuur en milieu studeren en stage in het buitenland

    Duurzaamheid, natuur en milieu in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud Vragen: o.a. Wat is het milieu? Wat is milieubescherming, en wat doet een milieubeschermer? Wat is de natuur? Wat is de definitie van natuur? Wat betekent duurzaamheid voor mens en milieu, en waar gaat duurzaamheid over? Wat is duurzaamheid? Studiehulp en samenvattingen gebruiken Waar vind...... lees verder op de pagina
    Onderwijs en pedagogiek studeren en stage in het buitenland

    Onderwijs en pedagogiek studeren en stage in het buitenland

    Onderwijs, opvoeding en pedagogiek in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Algemene Pedagogiek - Gezinspedagogiek - Jeugdzorg - Klinische pedagogiek Onderwijskunde - Ontwikkeling Orthopedagogiek PABO - Pedagogische Wetenschappen Inhoud: o.a. Wat is pedagogiek? Wat is orthopedagogiek? Wat is onderwijskunde? Wat is didactiek? Samenvattingen en studiehulp Waar vind je de samenvattingen en studiehulp voor onderwijs en onderwijskunde? Waar...... lees verder op de pagina
    Recht en bestuur studeren en stage in het buitenland

    Recht en bestuur studeren en stage in het buitenland

    Recht, bestuur en juridische zaken in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Inhoud o.a.: Wat is recht, wat zijn normen, wat zijn waarde, wat zijn de belangrijkste juridische definities en omschrijvingen? Wat is rechten studeren of een juridische opleiding volgen: waarom, waar en wat daarna? Wat is bestuurskunde studeren? Studiehulp en samenvattingen Samenvattingen en studiehulp voor bestuurskunde...... lees verder op de pagina
    Sport en toerisme studeren en stage in het buitenland

    Sport en toerisme studeren en stage in het buitenland

    Sport, toerisme en vrije tijd in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen Sport - Beweging - Leisure - Events Inhoud Vragen: o.a. Wat is toerisme? Wat is vrijetijdsmanagement? Wat zijn bewegingswetenschappen? Wat is sportpsychologie? Verdiepen en studeren: Waar vind je de uitgelichte samenvattingen en studiehulp voor sport, toerisme en vrije tijd? Waar vind je de samenvattingen voor...... lees verder op de pagina
    Wetenschap studeren, onderzoek doen en stage in het buitenland

    Wetenschap studeren, onderzoek doen en stage in het buitenland

    Onderzoek doen en wetenschap bedrijven in binnen- en buitenland: van studie, stage tot promotie Analyse - Logica - Methoden - Statistiek - Wetenschapstudie - Wetenschapsfilosofie Inhoud: o.a Wat is onderzoek doen, en wat is onderzoeken? Wat is wetenschap, en hoe voer je wetenschappelijk onderzoek uit? Wat is analyseren? Wat is filisofie? Wat is statistiek, en wat zijn methoden? Waar vind...... lees verder op de pagina
    Studiekeuze maken en master kiezen

    Studiekeuze maken en master kiezen

    Studie, master of cursus zoeken en kiezen voor je opleiding en toekomst Van motivatie, plezier, specialisatie, talent en toekomstperspectief naar zingeving of zelfinzicht Inhoud : o.a Wat is talent en wat zijn talenten? Wat zijn de stappen die je kan nemen als je een studie, een master, een cursus of een opleiding wil kiezen? Welke studies kan je doen: Wat...... lees verder op de pagina
    Opleidingen en studierichtingen kiezen in binnen- en buitenland

    Opleidingen en studierichtingen kiezen in binnen- en buitenland

    Studeren en kennis opdoen voor opleiding, ontplooiing of werkzaamheden Inhoud o.a. Communicatie & Marketing: o.a. cross culturele communicatie, media, social media en vormgeving Gezondheid & Zorg: o.a. geneeskunde, fysiotherapie en verpleegkunde Maatschappij & Cultuur: o.a sociale dienstverlenig, kunst, sociologie en interdisciplinaire studies Mens & Gedrag: o.a. antropologie, psychologie en gedragstudies Natuur & Milieu: o.a. agrarische studies, biologie en milieuwetenschappen Onderwijs...... lees verder op de pagina

    Naar het buitenland

    Wat speelt er nog meer als je naar het het buitenland gaat in het kader van fiscaal recht

    JoHo WorldSupporter.org: Internationale stage vacatures
    Work as legal assistant in Mauritius at a law company focusing on international trade and commercial law
    Work as legal assistant in Mauritius at a law company focusing on international trade and commercial law. Applicants must be fluent in English, writing and speaking....
    Juridische stage op Aruba, Bonaire of Curaçao
    Studeer je rechten op HBO WO niveau en heb je zin in een zonnige uitdaging? Doe je juridische stage op Aruba, Bonaire of Curaçao bij een kantoor dat juridische diensten...
    International traineeship for law students and young lawyers to gain legal work experience
    International traineeship for law students and young lawyers to gain legal work experience. Twice a year you can apply for a trainee position at more than a...
    JoHo: betaald werk, vrijwilligerswerk en stages in het buitenland per werkveld en vakgebied
    JoHo: thema's en startpagina's rond studie en kennis in binnen- en buitenland
    Academische vaardigheden opdoen in binnen- en buitenland

    Academische vaardigheden opdoen in binnen- en buitenland

    Academische vaardigheden en onderzoeksvaardigheden in binnen- en buitenland van studie, stage tot onderzoek doen INHOUD Vragen en antwoorden over academische en onderzoeksvaardigheden: o.a. Wat zijn de uitgelichte vragen over kennis en wetenschap? Wat is analytisch denken, hypothese opstellen en uitvoeren van de wetenschappelijke methode? Wat is analyse, onderzoek en waarheid? Vragen en antwoorden over studiehulp en samenvattingen voor academische vaardigheden...... lees verder op de pagina
    Afstudeeronderzoek doen en stageverslagen maken in binnen- of buitenland

    Afstudeeronderzoek doen en stageverslagen maken in binnen- of buitenland

    Afstudeeronderzoek doen en stageverslag schrijven in nederland of in het buitenland Onderzoek opstellen - Onderzoek uitvoeren - Onderzoeks- of stageverslag maken Afstudeerproject kiezen - Eindverslag inleveren - Scriptie schrijven Inhoud o.a. Hoe stel je het onderzoeksvoorstel op, en hoe maak je een opzet voor een afstudeerscriptie? Hoe ga je om met movitatie, planning en studiebegeleiding tijdens je scriptie? Afstudeeronderzoek en...... lees verder op de pagina
    Naar school gaan in het buitenland en studeren aan een High School of College
    Kennis overdragen, feiten uitwisselen en boodschappen overbrengen bij studie, stage en werk

    Kennis overdragen, feiten uitwisselen en boodschappen overbrengen bij studie, stage en werk

    Feiten uitwisselen, kennis overdragen, boodschappen overbrengen, begrip kweken en betrokkenheid versterken Argumentatie - Communicatie - Overtuigingskracht - Redenatie - Tekstgebruik - Schrijfvaardigheden inhoud: o.a. Wat is communiceren? Wat is mondelinge, schriftelijke en non-verbale communicatie? Wat is argumenteren en wat is het nut van argumentatie? Studiehulp en samenvattingen Waar vind je de samenvattingen en studiehulp voor tekstgebruik? Waar vind je de...... lees verder op de pagina
    Opleidingen en studierichtingen kiezen in binnen- en buitenland

    Opleidingen en studierichtingen kiezen in binnen- en buitenland

    Studeren en kennis opdoen voor opleiding, ontplooiing of werkzaamheden Inhoud o.a. Communicatie & Marketing: o.a. cross culturele communicatie, media, social media en vormgeving Gezondheid & Zorg: o.a. geneeskunde, fysiotherapie en verpleegkunde Maatschappij & Cultuur: o.a sociale dienstverlenig, kunst, sociologie en interdisciplinaire studies Mens & Gedrag: o.a. antropologie, psychologie en gedragstudies Natuur & Milieu: o.a. agrarische studies, biologie en milieuwetenschappen Onderwijs...... lees verder op de pagina
    Kamer huren in het buitenland of appartement regelen voor studie of stage in het buitenland
    Stage in het buitenland en vacatures voor stagelopen in het buitenland
    Studeren in het buitenland en onderzoek in het buitenland

    Studeren in het buitenland en onderzoek in het buitenland

    Studeren of onderzoek doen aan een hogeschool of universiteit in het buitenland: vragen en antwoorden Inhoud Vragen over verkennen van een studie in het buitenland: Wat zijn de 100 blunders die je kunt voorkomen als je gaat studeren in het buitenland? Wat zijn de 25 belangrijkste vragen en aspecten die komen kijken bij een studie in het buitenland? Welk land...... lees verder op de pagina
    Studiekeuze maken en master kiezen

    Studiekeuze maken en master kiezen

    Studie, master of cursus zoeken en kiezen voor je opleiding en toekomst Van motivatie, plezier, specialisatie, talent en toekomstperspectief naar zingeving of zelfinzicht Inhoud : o.a Wat is talent en wat zijn talenten? Wat zijn de stappen die je kan nemen als je een studie, een master, een cursus of een opleiding wil kiezen? Welke studies kan je doen: Wat...... lees verder op de pagina
    Taal gebruiken en teksten schrijven voor studie, stage of werk

    Taal gebruiken en teksten schrijven voor studie, stage of werk

    Taal en tekstgebruik bij studie en werk in binnen- en buitenland Beschrijven - Beoordelen - Begrijpen - Beheersen Inhoud: o.a. Wat is communiceren? Wat is argumenteren en wat is het nut van argumentatie? Wat is een scriptie, paper of essay schrijven? Studiehulp en samenvattingen Waar vind je de samenvattingen en studiehulp voor tekstgebruik? Waar vind je de samenvattingen en studiehulp...... lees verder op de pagina
    Taalcursus in het buitenland doen en talen leren van Chinees tot Spaans
    Tussenjaar in het buitenland doen of reizen tijdens een Gap Year

    Tussenjaar in het buitenland doen of reizen tijdens een Gap Year

    Inhoud Backpacken - Rond de wereld reizen - Talen leren in het buitenland - Tijdelijk werken - Toekomstbeeld toetsen - Trainingen volgen - Trips maken - Vrijwilligerswerk doen - Werkervaring opdoen - Zelfinzicht versterken Tussenjaar of Gap Year Wat is een tussenjaar of Gap Year in het buitenland? Wat is een werkvakantie in het buitenland of een Working Holiday? Wat...... lees verder op de pagina
    Studie en kennis opdoen in binnen- en buitenland

    Studie en kennis opdoen in binnen- en buitenland

    Leren, studeren en kennis opdoen voor meer weten en wijzer handelen Competentie - Leervaardigheid - Opleiding - Samenvattingen - Stage in buitenland - Studie in buitenland - Studiehulp - Studiekeuze - Taalcursus in buitenland - Tussenjaar in buitenland Inhoud: o.a. Wat zijn de start- en themapagina's voor kennis en wetenschap, opleidingen en studierichtingen, studievaardigheden en tentamens halen en kennisoverdracht en...... lees verder op de pagina
    JoHo: pagina topic

    Samenvattingen voor fiscaal recht of stagelopen in het buitenland.

    JoHo: pagina type

       Tags & Trefwoorden

      Wat is het doel van een 'Tags & Trefwoorden' pagina?
      1. Verzamelpunt vormen voor specifiek onderwerp of een specifieke activiteit
      2. Basisinformatie geven over het betrokken onderwerp of de specifiek activiteit, en de mogelijkheden aangeven om verder te navigeren op de verschillende JoHo websites
      Wat vind je wel op een 'Tags & Trefwoorden' pagina?
      • Geselecteerde informatie rond de betrokken tag
      • Geautomatiseerde informatie die aan de tag is gekoppeld vanuit JoHo.org
      • Geautomatiseerde informatie vanuit JoHo WorldSupporter.org (de websites voor en door Wereldsupporters)
      Wat vind je niet op een 'Tags & Trefwoorden' pagina?
      • Op deze pagina's vind je geen aanvraagformulieren of concrete informatie over de betrokken JoHo services. Wel vind je de ingang naar de services en producten

       

         

          JoHo: pagina delen
          Account - Bereikbaarheid - Contact - Dienstenwijzer - Gegevens - Vacatures - Zoeken