Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland

 

Bedrijfseconomie en economische wetenschappen in binnen- en buitenland: van studie, stage tot onderzoek doen

 

Inhoud

  • Wat betekent bedrijfseconomie?
  • Wat betekent economie?
  • Wat is international business?
  • Wat is bedrijfskunde en organisatiewetenschap?
  • Wat is het verschil tussen accountancy en boekhouden?
  • Wat is marketing?
  • Wat is micro- en macro-economie, internationale economie. fiscale economie en econometrie

Studiehulp en samenvattingen

  • Samenvattingen en studiehulp voor bedrijfskunde en marketing
  • Samenvattingen en studiehulp voor communicatie en marketing
  • Studierichtingen en kennisthema's: accountancy, boekhouding, bedrijfseconomie, financiele administratie, international business management, personeelszaken
  • Studievaardigheden voor bedrijfskunde, business, economie en marketing
  • Studievaardigheden voor statistiek

Competenties en vaardigheden

  • Bedrijfskundige en economische vaardigheden: van analyseren tot ondernemen en van communiceren tot leidinggeven

Buitenland

  • Studeren in het buitenland
  • Stage in het buitenland
  • Werken in het buitenland

Lees verder voor antwoorden, inspiratie, inzichten en oplossingen

JoHo: crossroads uit bundel

  Themapagina

Wat is economie?

Wat is economie?

Wat betekent economie?

  • Economie betekent alle productie en ruilhandelactiviteiten die plaatsvinden: al het kopen en verkopen. Omdat middelen schaars zijn, wordt bestudeerd hoe mensen beslissingen maken, hoe mensen met elkaar omgaan en welke krachten en trends de economie beïnvloeden. 

Wat is macro-economie?

  • Macro-economie betreft de economie van een gehele maatschappij, in het bijzonder fenomenen zoals inflatie, werkeloosheid en economische groei.

Wat is micro-economie?

  • Micro-economie betreft hoe een gezin of bedrijf beslissingen maakt en zich gedraagt in specifieke markten.

Wat is fiscale economie?

  • Fiscale economie betreft economie die samenhangt met belastingen.

Wat is Internationale economie?

  • Internationale economie betreft de interacties tussen economische machten in de wereldeconomie

Wat is bedrijfseconomie?

  • Bedrijfseconomie betreft het economisch handelen van productieorganisaties, waarbij arbeid en kapitaal worden ingezet om ondernemingsdoelen na te streven.

 

Wat is micro- en macro-economie, internationale economie. fiscale economie en econometrie?

Wat is micro- en macro-economie, internationale economie. fiscale economie en econometrie?

Wat is micro-economie?

  •  Micro-economie bestudeert het economisch gedrag van individuele economische eenheden zoals producenten en consumenten en de markten die deze eenheden omvatten. Micro-economie probeert het (i.c. economische) gedrag van mensen te verklaren en te voorspellen. Daarnaast gaat het over de verdeling van schaarse goederen. De vraag die hierbij vaak gesteld wordt is hoe kan iemand, met de schaarse middelen die er zijn, zo goed mogelijk in zijn behoefte voorzien.

Wat is macro-economie?

  • Economische principes worden ontwikkeld op twee niveaus: micro- en macro-niveau. Micro-economie houdt zich bezig met keuzes die individuele consumenten, gezinnen en bedrijven maken. Macro-economie houdt zich bezig met het grote plaatje van de economie: de overheid, de huishoudens en de bedrijvensector. 
  • Macro-economie bestudeert de werking van de economie als geheel, en nationale economie in het bijzonder, teneinde economische gebeurtenissen te verklaren en economische politiek te verbeteren. Zo worden binnen de macro-economie bijvoorbeeld verbanden bestudeerd tussen de totale consumptie, de totale productie, de totale werkloosheid en het nationaal inkomen.
  • Bron en verder verdiepen: Macroeconomics (Mankiw).

Wat is internationale economie?

  • De internationale financiële markten spelen een steeds grotere rol in de wereld. Monetaire en macro-economische verhoudingen tussen landen bepalen voor een belangrijk deel de internationale financiële ontwikkelingen.
  • Bron en verder verdiepen: International Finance (Eun, Resnick & Sabherwal)

Wat is econometrie?

  • Econometrie is de toepassing van statistische methoden op economische data.

Wat is fiscale economie?

  • De fiscale economie is de tak van economie die zich bezighoudt met belastingen en alles wat daarmee samenhangt.
  • Het begrip fiscale economie kan vanuit verschillende invalshoeken worden benaderd. Vanuit de ondernemer bekeken is de fiscus een kostenpost die een sterke invloed heeft op de beslissingen van de ondernemer. 
Wat is het verschil tussen micro-economie en macro-economie, en waarom bestaat micro-economie?

Wat is het verschil tussen micro-economie en macro-economie, en waarom bestaat micro-economie?


Wat is het verschil tussen micro- en macro-economie?

  • Definitie: Micro-economie bestudeert het economisch gedrag van individuele economische eenheden zoals producenten en consumenten en de markten die deze eenheden omvatten.
  • Definitie: Macro-economie bestudeert het economisch gedrag van samengestelde economische eenheden (meestal landen of nog grotere eenheden) en werkt met samengestelde economische variabelen zoals economische groei, interest en werkloosheid.
  • Uit deze definities blijkt dat micro en macro economie elkaar aanvullen: de grotere eenheden zijn opgebouwd uit de kleinere en het gedrag van de kleinere eenheden wordt mede bepaald door grotere eenheden. Denk hierbij aan de invloed die vakbonden, werkgeversorganisaties, consumentenbonden en nationale staten hebben op individuele consumenten of fabrikanten.
  • Micro-economie probeert het (i.c. economische) gedrag van mensen te verklaren en te voorspellen. Daarnaast gaat het over de verdeling van schaarse goederen. De vraag die hierbij vaak gesteld wordt is hoe kan iemand, met de schaarse middelen die er zijn, zo goed mogelijk in zijn behoefte voorzien. Om te komen tot meer dan een beschrijving van unieke gebeurtenissen, worden daarbij vooral theorieën gebruikt. Een theorie is een systeem van regels en veronderstellingen om gebeurtenissen in de praktijk te verklaren. Aangezien zich steeds nieuwe situaties voordoen, zal men de theorieën blijven verbeteren. Micro-economische theorieën nemen vaak de vorm aan van modellen.
  • Definitie: Een model is een mathematische weergave van een element uit de praktijk, met behulp van een theorie geconstrueerd, zodat relevante aspecten gekwantificeerd kunnen worden.
  • Let wel, een model geeft enkel bepaalde aspecten van de praktijk weer, het is dus een abstractie. Een model kan alleen iets voorspellen indien de voorwaarde wordt aangenomen, dat alle niet in het model weergegeven aspecten geen invloed of altijd dezelfde invloed hebben op de uitkomst (de zgn. ceteris paribus-clausule).
  • Daarnaast wordt er in de micro economie gekeken naar een wisselwerking tussen theorie en praktijk. Hier komen de begrippen positieve en normatieve aspecten aan de orde
  • Definitie: Positieve aspecten van wetenschap beschrijven hoe elementen in de praktijk samenhangen.
  • Definitie: Normatieve aspecten van wetenschap beschrijven welke samenhangen van elementen in de praktijk wenselijk zijn.
  • Over de wenselijkheid van bepaalde situaties in de werkelijkheid (geen inflatie, 100% werkgelegenheid, de dictatuur van het proletariaat, optimalisatie van de winst van mijn bedrijf, een zo hoog mogelijk rendement op mijn investering) kan de micro-economie geen uitspraken doen. Wel kan, door het verduidelijken van bepaalde samenhangen, het maken van keuzes worden vereenvoudigd.

Welke groepen zijn te onderscheiden in de micro-economische theorie en praktijk?

  • De individuele economische factoren die de micro-economie bestudeerd vallen in twee groepen uiteen: aanbieders en afnemers. In de praktijk vervult iedereen in de loop der tijd beide rollen, maar voor de theorie wordt enkel het moment van aanbieden en het moment van afnemen beschouwd.
  • Definitie: Een markt is een samentrekking van aanbieders en afnemers, die door hun interacties en mogelijke interacties de prijs van een product bepaalt.
  • Definitie: Een industrie omvat alle aanbieders van eenzelfde product.
  • Definitie: Een markt met volkomen concurrentie is er een met vele aanbieders en afnemers van gelijkwaardige producten. Hierbij hebben individuele aanbieders of afnemers geen enkele invloed op de prijs.
  • Definitie: Arbitrage is het kopen van een product tegen een lage prijs en dit goed doorverkopen voor een hogere prijs op een andere locatie.
  • De prijs die in een markt met volkomen concurrentie ontstaat, noemen we de marktprijs. De marktprijs fluctueert hevig, doordat bedrijven met elkaar concurreren. Op markten met minder concurrentie kunnen gelijkwaardige producten tegen verschillende prijzen worden aangeboden. De marktprijs van een product is dan de gemiddelde prijs. Wanneer bepaalde goederen op de ene locatie duurder zijn dan op de andere locatie kan er arbitrage optreden. Deze arbitrage zal doorgaan, tot het moment dat er geen significant verschil in prijs meer is tussen de twee locaties.
  • Definitie: Een markt zonder concurrentie is een markt waarin één aanbieder de prijs bepaald. Er is hier sprake van een monopolistische markt. (Bijvoorbeeld de diamantenmarkt).
  • Definitie: Een kartel is een groep aanbieders van gelijkwaardige producten die een onderlinge prijs- of leveringsafspraak hebben gemaakt. (Bijvoorbeeld de OPEC, een kartel van olieproducerende landen).
  • De marktgrootte geeft aan welke aanbieders en afnemers tot een bepaalde markt gerekend worden, zowel geografisch als ook per productcategorie.
  • De markt voor onroerend goed is bijvoorbeeld sterk geografisch bepaald: Een vierkante meter kantoorruimte in het WTC in Amsterdam wordt op een andere markt verhandeld dan een vierkante meter kantoorruimte in Zwolle of Roermond.
  • Andere producten zoals aardolie kennen een wereldmarkt: hun prijs is overal op de wereld ongeveer gelijk (omdat het anders winstgevend zou worden het product van de ene naar de andere markt te brengen).
  • Het bepalen van de marktgrootte is vaak erg belangrijk om precieze concurrentieverhoudingen te begrijpen en om beslissingen te nemen met betrekking tot het beleid van een bedrijf.

Wat zijn reële en nominale prijzen?

  • Bij het vergelijken van de prijs van een bepaald goed op verschillende tijdstippen, moeten prijzen gemeten worden aan het algemene prijsniveau op die tijdstippen om zo reële in plaats van nominale prijzen te krijgen.
  • Definitie: Reële prijzen zijn prijzen aangepast aan inflatie
  • Definitie: Nominale prijzen zijn absolute prijzen, niet aangepast aan inflatie
  • Om de inflatie te bepalen gebruiken we prijsindexcijfers:
  • Definitie: De consumenten prijs index (CPI) meet het gezamenlijk prijsniveau van consumentengoederen
  • Definitie: De producenten prijs index (PPI) meet het gezamenlijk prijsniveau van grondstoffen, halffabricaten en productiefactoren

Bronnen

 

Wat is internationale economie en waarom bestaat het?

Wat is internationale economie en waarom bestaat het?

Wat zijn de kernvragen van internationale economie?

  • Internationale economie is de studie van interacties in de wereldeconomie. Kernvragen die aan de orde zijn bij internationale economie zijn:
    • Hoe worden internationale bedrijven beïnvloed door de wereldeconomie?
    • Wat is het effect van hun investerings- en marktstrategieën op de kapitaalmarkt en de structuur van de wereldeconomie?
    • Welke effecten heeft economische globalisering op de prijs van producten, productiehoeveelheden, investeringen in R&D, reclame budget, enzovoorts?

Waarom is internationale economie relevant?

  • Als internationaal econoom werk je vooral aan vraagstukken over de voortschrijdende internationalisering van de economie. Je gaat bijvoorbeeld werken op de beleidsafdeling van een internationaal opererend bedrijf, of de Wereldbank. Je kunt ook in aanmerking komen voor een PhD positie en een carrière maken in de wetenschappelijke wereld.
  • Kennis van internationale economie is essentieel wanneer je werkzaam bent in de internationale handel, de financiële wereld, bij de overheid of supranationale organisaties.
Wat is bedrijfskunde en organisatiewetenschap?

Wat is bedrijfskunde en organisatiewetenschap?

  • Bij bedrijfs- en organisatiestudies wordt vanuit verschillende vakgebieden gekeken hoe een organisatie handelt, welke oorzaken er aan ten grondslag liggen en hoe de organisatie effectief aangestuurd kan worden.
  • Het vakgebied omvat twee aspecten:
  1. Het descriptieve aspect: een analyse van de handelswijze, inclusief oorzaak/gevolg relaties.
  2. Het prescriptieve aspect: een aanbeveling van bedrijfsstructuur en manier van handelen.
  • Organisatiekunde is pragmatisch, d.w.z. theoretisch onderbouwd, maar voornamelijk praktijkgericht en toepasbaar. Men kan spreken over een interdisciplinaire benadering, omdat vanuit verschillende vakgebieden een nieuwe benadering tot stand wordt gebracht (in tegenstelling tot een multidisciplinaire benadering).
  • Organisatiekunde streeft overzicht over de hele organisatie na en staat haaks op specialisme. Door de groeiende invloed van diverse macro-economische factoren op bedrijven is namelijk de behoefte ontstaan voor overzicht en visie over het geheel. Het vak Bedrijfskunde komt overeen met Organisatiekunde, Bedrijfsorganisatie, Organisatieleer, Management en Organisatie, Organisatie en Management of Management.
  • Wiki definitie: "Bedrijfskunde is het vakgebied dat zich bezighoudt met de organisatie en marktomgeving van bedrijven. Het jonge vakgebied maakt gebruik van inzichten uit andere disciplines zoals bedrijfseconomie, economie, psychologie en sociologie. Bovendien is het sterk op de praktijk gericht; veel inzichten worden ontleend aan de praktijk en aangewend om de strategie en organisatie van bedrijven en andere organisaties aan te passen"
Economie en economische wetenschappen: uitgelichte boeksamenvattingen

Economie en economische wetenschappen: uitgelichte boeksamenvattingen

Boeksamenvatting bij Consumer Behavior van Hoyer e.a.

Boeksamenvatting bij Consumer Behavior van Hoyer e.a.

Samenvattingen en studiehulp bij Consumer Behavior van Hoyer e.a.

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Hoofdstuk 1: Het begrijpen van consumentengedrag
  • Hoofdstuk 2: Motivatie, bekwaamheid en kansen
  • Hoofdstuk 3: Blootstelling, aandacht en perceptie
  • Hoofdstuk 4: Kennis en begrip
  • Hoofdstuk 5: Attitudes gebaseerd op veel inspanning
  • Hoofdstuk 6: Attitudes gebaseerd op weinig inspanning
  • Hoofdstuk 7: Geheugen
  • Hoofdstuk 8: Probleemherkenning en informatie zoeken
  • Hoofdstuk 9: Schatten en beslissen met veel inspanning
  • Hoofdstuk 10: Schatten en beslissen met weinig inspanning
  • Hoofdstuk 11: Processen na de beslissing
  • Hoofdstuk 12: Diversiteit van consumenten
  • Hoofdstuk 13: Sociale klasse en huishouden
  • Hoofdstuk 14: Psychografie: Waarden, persoonlijkheid, levensstijl
  • Hoofdstuk 15: Sociale invloeden
  • Hoofdstuk 16: Gedrag en gevolgen
  • Hoofdstuk 17: Symbolisch consumentengedrag
  • Hoofdstuk 18: Ethiek en verantwoordelijkheid

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfseconomie & Economische wetenschappen als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij Economic Methodology: Understanding Economics as a Science van Boumans & Davis

Boeksamenvatting bij Economic Methodology: Understanding Economics as a Science van Boumans & Davis

Samenvattingen en studiehulp bij Economic Methodology: Understanding Economics as a Science van Boumans & Davis

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Inleiding economische methodologie
  • 1. Het beeld van de wetenschap
  • 2. Methoden van een positieve economie
  • 3. De ontdekkingslogica van Popper
  • 4. Lakatos en Kuhn
  • 5. De sociologie van wetenschappelijke kennis
  • 6. Postmodernisme, Pluralisme en Retorica
  • 7. Waardeoordelen in de economie

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfseconomie & Economische wetenschappen als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Onderzoeker of wetenschapper

 

Boeksamenvatting bij Economics van Taylor & Mankiw

Boeksamenvatting bij Economics van Taylor & Mankiw

Samenvattingen en studiehulp bij Economics van Taylor & Mankiw

  • Boeksamenvatting bij Economics van Taylor & Mankiw is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Hoofdstuk 1: De tien beginselen van de economie
  • Hoofdstuk 2: denken als een econoom
  • Hoofdstuk 3: de marktwerking van vraag en aanbod
  • Hoofdstuk 4: elasticiteit
  • Hoofdstuk 5: de theorie van consumentenkeuze
  • Hoofdstuk 6: bedrijven in competitieve markten
  • Hoofdstuk 7: consumenten, producenten, en de efficiëntie in de markt
  • Hoofdstuk 8: aanbod, vraag en overheidsbeleid
  • Hoofdstuk 9: het belastingstelsel en de kosten van belastingheffing
  • Hoofdstuk 10: publieke goederen, algemene middelen, en merit goederen
  • Hoofdstuk 11: externaliteiten en marktfalen
  • Hoofdstuk 12: informatie en gedragseconomie
  • Hoofdstuk 13: productiebeslissingen van bedrijven
  • Hoofdstuk 14: marktstructuren 1: monopolie
  • Hoofdstuk 15: marktstructuren 2: monopolistische concurrentie
  • Hoofdstuk 16: marktstructuren 3: oligopolie
  • Hoofdstuk 17: de arbeidsmarkt
  • Hoofdstuk 18: inkomensongelijkheid en armoede
  • Hoofdstuk 19: de onderlinge afhankelijkheid en de voordelen die ontstaan door handel
  • Hoofdstuk 20: het meten van het inkomen van een natie
  • Hoofdstuk 21: het meten van de kosten van het levensonderhoud
  • Hoofdstuk 22: groei en productie
  • Hoofdstuk 23: werkeloosheid
  • Hoofdstuk 24: besparingen, investeringen en het financiële systeem
  • Hoofdstuk 25: de basiselementen van finance
  • Hoofdstuk 26: het monetair systeem
  • Hoofdstuk 27: geldgroei en inflatie
  • Hoofdstuk 28: de macro-economie van een open economie: de basisconcepten
  • Hoofdstuk 29: een macro-economische theorie van de open economie
  • Hoofdstuk 30: de business-cyclus
  • Hoofdstuk 31: keynesiaanse economie en het IS-LM model
  • Hoofdstuk 32: geaggregeerde vraag en geaggregeerd aanbod
  • Hoofdstuk 33: de invloed van monetair en fiscaal beleid op de geaggregeerde vraag
  • Hoofdstuk 34: de korte termijn afweging tussen inflatie en werkeloosheid
  • Hoofdstuk 35: aanbodkant-beleidsvoering
  • Hoofdstuk 36: gemeenschappelijke muntzones en de Europese Monetaire Unie
  • Hoofdstuk 37: de financiële crisis en de soevereine schuld

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfsorganisatie en Economie eigendom als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als manager of adviseur

Boeksamenvatting bij Essentials of economics van Brue

Boeksamenvatting bij Essentials of economics van Brue

Samenvattingen en studiehulp bij Boeksamenvatting bij Essentials of economics van Brue

Boeksamenvatting bij Essentials of economics van Brue is gedeeld op JoHo WorldSupporter is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Hoofdstuk 1: Economie is keuzes maken in schaarste
  • Hoofdstuk 2: De markt en de circular flow
  • Hoofdstuk 3: Vraag en aanbod resulteert in een marktevenwicht
  • Hoofdstuk 4: Elasticiteit van vraag en aanbod
  • Hoofdstuk 5: Falen van de markt: publieke goederen en externe invloeden.
  • Hoofdstuk 6: Bedrijven en hun kosten
  • Hoofdstuk 7: volledig vrije mededinging
  • Hoofdstuk 8: Monopolie
  • Hoofdstuk 9: monopolistische concurrentie en oligopolie
  • Hoofdstuk 10: BNP en economische groei
  • Hoofdstuk 11: business cycles, werkloosheid en inflatie
  • Hoofdstuk 12: geaggregeerde vraag en geaggregeerd aanbod
  • Hoofdstuk 13: Fiscaal beleid, tekorten en leningen.
  • Hoofdstuk 14: Geld, banken en financiële instituties
  • Hoofdstuk 15: Rentevoeten en monetair beleid
  • Hoofdstuk 16: Internationale handel en wisselkoersen

Naar de samenvatting

Samenvattingen en studiehulp gebruiken: Boeksamenvatting bij Essentials of economics van Brue

Meer lezen

Bedrijfseconomie en Economische wetenschappen als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen binnen het management of organisatie-advies

Boeksamenvatting bij Fundamentals of Corporate Finance van Berk & Demarzo

Boeksamenvatting bij Fundamentals of Corporate Finance van Berk & Demarzo

Samenvattingen en studiehulp bij Fundamentals of Corporate Finance van Berk & Demarzo

  • Boeksamenvatting bij Fundamentals of Corporate Finance van Berk & Demarzo is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Chapter A – Introduction
  • Chapter B – Financial Statement Analysis
  • Chapter C – Time value of money: An introduction
  • Chapter D – Valuing cash flow streams
  • Chapter E – Interest Rates
  • Chapter F – Bonds
  • Chapter G – Investment decision Rules
  • Chapter H – Capital Budgeting
  • Chapter I – Stock valuation
  • Chapter J – Risk and Return
  • Chapter K – Equity Risk Premium
  • Chapter L – The Cost of Capital

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfsorganisatie en Economie als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen binnen Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij Fundamentals of Corporate Finance van Brealey

Boeksamenvatting bij Fundamentals of Corporate Finance van Brealey

Samenvattingen en studiehulp bij Fundamentals of Corporate Finance van Brealey

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Hoofdstuk 1 Doel en bestuur van de onderneming
  • Hoofdstuk 2 Financiële markten en instituties
  • Hoofdstuk 8 Netto contante waarde en andere investeringscriteria
  • Hoofdstuk 9 Verdisconteerde kasstroom-analyse voor het maken van investeringsbeslissingen
  • Hoofdstuk 10 Project Analyse
  • Hoofdstuk 11 Risico, rendement en de ‘opportunity cost of capital’
  • Hoofdstuk 12 Risico, rendement en kapitaal budgettering
  • Hoofdstuk 13 WACC en bedrijfswaardering
  • Hoofdstuk 14 Introductie in Corporate Financing
  • Hoofdstuk 15 Eigen vermogen

Naar de samenvatting

Meer lezen

Financieel Managemen en Financiele Administratie als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen binnen Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij Fundamentals of Corporate Finance van Hillier e.a.

Boeksamenvatting bij Fundamentals of Corporate Finance van Hillier e.a.

Samenvattingen en studiehulp bij Fundamentals of Corporate Finance van Hillier e.a.

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Chapter 1. Introduction to Corporate Finance
  • Chapter 2. Corporate Governance
  • Chapter 3. Financial Statement Analysis and Long-Term Planning
  • Chapter 4. Discounted Cash Flow Valuation
  • Chapter 6. Net present Value and Other Investment Rules
  • Chapter 7. Making Capital Investment Decisions
  • Chapter 8. Risk Analysis, Real Options, and Capital Budgeting
  • Chapter 9. Risk and Return: Lessons from Market History
  • Chapter 10. Risk and Return: The Capital Asset Pricing Model
  • Chapter 12. Risk, Cost of Capital, and Capital Budgeting
  • Chapter 13. Corporate Financing Decisions and Efficient Capital Markets

Naar de samenvatting

Meer lezen

Financieel Managemen en Financiele Administratie als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen binnen Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij Institutionele economie: een optiek op organisatie– en sturingsvraagstukken van Hazeu

Boeksamenvatting bij Institutionele economie: een optiek op organisatie– en sturingsvraagstukken van Hazeu

Samenvattingen en studiehulp bij Institutionele economie: een optiek op organisatie– en sturingsvraagstukken van Hazeu

  • Boeksamenvatting bij Institutionele economie: een optiek op organisatie– en sturingsvraagstukken van Hazeu is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Keuzewijzer voor samenvattingen van Institutionele economie: een optiek op organisatie– en sturingsvraagstukken - Hazeu - 2e druk
  • Inleiding tot Institutionele economie: een optiek op organisatie– en sturingsvraagstukken - Chapter 1
  • Wat zijn neoklassieke en institutionele economieën? - Chapter 2
  • Wat is het transactiekostenconcept? - Chapter 3
  • Wat is de nieuwe institutionele economie? - Chapter 4
  • Welke toepassingen zijn er op macroniveau en in de publieke sector? - Chapter 5
  • Conclusie van Institutionele economie: een optiek op organisatie– en sturingsvraagstukken - Chapter 6

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfsorganisatie & Economie als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij International Economics and Business Nations and Firms in the Global Economy van Beugelsdijk et al.

Boeksamenvatting bij International Economics and Business Nations and Firms in the Global Economy van Beugelsdijk et al.

Samenvattingen en studiehulp bij International Economics and Business Nations and Firms in the Global Economy van Beugelsdijk et al.

Boeksamenvatting bij International Economics and Business Nations and Firms in the Global Economy van Beugelsdijk et al. is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Economic globalisation – what, how and when? - Chapter 1
  • What is the importance of correct data? - Chapter 2
  • What are International trade-drivers and constraints? - Chapter 3
  • What are some other insights on international trade? - Chapter 4
  • What constitutes trade impediments? - Chapter 5
  • How to deal with distance in international trade? - Chapter 6
  • What is international management? - Chapter 7
  • What are exchange rates? - Chapter 8
  • What are currency Crises? - Chapter 9
  • What are the benefits of capital mobility? - Chapter 10
  • What are financial crises? - Chapter 11
  • How did the European financial crisis impact the global economy and how can tax systems stimulate financial stability? - Chapter 12
  • Can globalization lead to growth? - Chapter 13
  • Does globalization equal inequality? - Chapter 14

Naar de samenvatting

Samenvattingen en studiehulp gebruiken: Boeksamenvatting bij International Economics and Business Nations and Firms in the Global Economy van Beugelsdijk et al.

Meer lezen

International Business en Internationale zaken als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen binnen het management of organisatie-advies

Boeksamenvatting bij International Economics van Pugel

Boeksamenvatting bij International Economics van Pugel

Samenvattingen en studiehulp bij International Economics van Pugel

Boeksamenvatting bij International Economics van Pugel is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Deel A: Introductie
  • Deel B: Een overzicht van de wereldhandel
  • Deel C: Arbeidsproductiviteit en comparatief voordeel: Het model van Ricardo
  • Deel D: Grondstoffen, comparatief voordeel en inkomensverdeling
  • Deel E: Het Standaard Handels Model
  • Deel F: Schaaleconomieën, imperfecte concurrentie en internationale handel
  • Deel G: Internationale factormobiliteit
  • Deel H: Instrumenten van handelspolitiek
  • Deel I: De politieke economie van handelsregulering
  • Deel J: Handelsbeleid in ontwikkelingslanden
  • Deel K: Controversen over handelsbeleid
  • Deel L: De Nationale Rekening en de betalingsbalans

Naar de samenvatting

Samenvattingen en studiehulp gebruiken: Boeksamenvatting bij International Economics van Pugel

Meer lezen

International Business en Internationale zaken als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen binnen het management of organisatie-advies

Boeksamenvatting bij Macroeconomics, a European Perspective van Blanchard et al.

Boeksamenvatting bij Macroeconomics, a European Perspective van Blanchard et al.

Samenvattingen en studiehulp bij Macroeconomics, a European Perspective van Blanchard et al

Boeksamenvatting bij Macroeconomics, a European Perspective van Blanchard et al. is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Chapter 1: The world economy
  • Chapter 2: Macroeconomics in general
  • Chapter 3: The goods market
  • Chapter 4: The financial market / money market
  • Chapter 5: The IS-LM relation
  • Chapter 6: The IS-LM model
  • Chapter 7: Output, interest rate & exchange rate
  • Chapter 8: The labour market
  • Chapter 9: The AS-AD model
  • Chapter 10: The natural rate of unemployment and the Philips curve
  • Chapter 11: Inflation and money growth
  • Chapter 12: Exchange rate regimes
  • Chapter 13: Growth in the economy
  • Chapter 14: Capital and output
  • Chapter 15: Technological progress
  • Chapter 16: Financial markets and expectations
  • Chapter 17: Expectations, consumption and investment
  • Chapter 18: Expectations, output and policy
  • Chapter 19: The euro at fourteen
  • Chapter 20: The crisis
  • Chapter 21: High debt
  • Chapter 22: Policy and policy makers
  • Chapter 23: Monetary and fiscal policy rules and constraints

Naar de samenvatting

Samenvattingen en studiehulp gebruiken: Boeksamenvatting bij Macroeconomics, a European Perspective van Blanchard et al.

Meer lezen

International Business en Internationale zaken als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als manager of organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij Macroeconomics van Mankiw

Boeksamenvatting bij Macroeconomics van Mankiw

Samenvattingen en studiehulp bij Macroeconomics van Mankiw

  • Boeksamenvatting bij Macroeconomics van Mankiw is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Macro-economie - chapter 1
  • Macro-economische termen - chapter 2
  • Het Nationaal Inkomen - chapter 3
  • Het Monetaire Systeem - chapter 4
  • Inflatie - chapter 5
  • Open economie - chapter 6
  • Werkloosheid - chapter 7
  • Economische groei I: Accumulatie van kapitaal en bevolkingsgroei - chapter 8
  • Economische groei 2: Technologie, Empirie en beleid - chapter 9
  • Introductie op economische fluctuaties - chapter 10
  • Het IS-LM model van Keynes - chapter 11
  • Toepassingen van het IS-LM model - chapter 12
  • Het Mundell-Fleming model - chapter 13
  • Geaggregeerde aanbod - chapter 14
  • Een dynamisch model van geaggregeerd aanbod en geaggregeerde levering - chapter 15
  • Understanding Consumer Behavior - chapter 16
  • The Theory of Investment - chapter 17
  • Alternative Perspectives on Stabilization Policy - chapter 18
  • Government Debt and Budget Deficits - chapter 19
  • The Financial System: Opportunities and Dangers - chapter 20

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfsorganisatie en Economie eigendom als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als manager of adviseur

Boeksamenvatting bij Macro-economische ontwikkelingen en bedrijfsomgeving van Marijs & Hulleman

Boeksamenvatting bij Macro-economische ontwikkelingen en bedrijfsomgeving van Marijs & Hulleman

Samenvattingen en studiehulp bij Macro-economische ontwikkelingen en bedrijfsomgeving van Marijs & Hulleman

  • Boeksamenvatting bij Macro-economische ontwikkelingen en bedrijfsomgeving van Marijs & Hulleman is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Algemene economie en omgevingsfactoren - chapter 1
  • Productie - chapter 2
  • Productie-elementen - chapter 3
  • Uitgaven - chapter 4
  • Inkomen - chapter 5
  • Collectieve sector - chapter 6
  • Economische cyclus en macrogegevens - chapter 7
  • Prijsstijging en koopkracht - chapter 8
  • Conjunctuur - chapter 9
  • Langetermijngroei - chapter 10
  • Nederlandse economie - chapter 11
  • Conjunctuurgevoeligheid - chapter 12
  • Macro-economie en ondernemingsbeleid - chapter 13

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfseconomie en Economische wetenschappen als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als manager of adviseur

Boeksamenvatting bij Microeconomics: Consumer and Firms van Goolsbee

Boeksamenvatting bij Microeconomics: Consumer and Firms van Goolsbee

Samenvattingen en studiehulp bij Microeconomics: Consumer and Firms van Goolsbee

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Introduction to microeconomics - Chapter 1
  • How do you use a supply and demand model? - Chapter 2
  • How to do a market analysis? - Chapter 3
  • Why is consumer behavior useful? - Chapter 4
  • Which factors influence demand? - Chapter 5
  • What is the production behavior model? - Chapter 6
  • What are the different types of costs? - Chapter 7
  • What is perfect competition? - Chapter 8
  • What is market power? - Chapter 9
  • What is general equilibrium? - Chapter 14
  • Microeconomics: consumer and firms - Goolsbee - 1st edition - BulletPoints

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfseconomie & Economische wetenschappen als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij Microeconomics van Pindyck & Rubinfeld

Boeksamenvatting bij Microeconomics van Pindyck & Rubinfeld

Samenvattingen en studiehulp bij Microeconomics van Pindyck & Rubinfeld

  • Boeksamenvatting bij Microeconomics van Pindyck & Rubinfeld is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Hoofdstuk 1: Micro- en macro-economie
  • Hoofdstuk 2: De basisprincipes van vraag en aanbod
  • Hoofdstuk 3: Het gedrag van de consument
  • Hoofdstuk 4: Individuele vraag en marktvraag
  • Hoofdstuk 5: Consumentengedrag en onzekerheid
  • Hoofdstuk 6: Productie
  • Hoofdstuk 7: Productiekosten
  • Hoofdstuk 8: Winstmaximalisatie en concurrentieaanbod
  • Hoofdstuk 9: Analyse van competitieve markten
  • Hoofdstuk 10: Marktmacht
  • Hoofdstuk 11: Prijsbepaling
  • Hoofdstuk 12: Oligopolisten
  • Hoofdstuk 13: Speltheorie
  • Hoofdstuk 14: Productiefactoren
  • Hoofdstuk 15: Investeringstijd
  • Hoofdstuk 16: Efficiëntie en evenwicht
  • Hoofdstuk 17: Asymmetrische Informatie in de markt
  • Hoofdstuk 18: Externe factoren en overheidsgoederen

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfsorganisatie en Economie eigendom als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als manager of adviseur

Boeksamenvatting bij Principles of marketing engineering van Lilien e.a.

Boeksamenvatting bij Principles of marketing engineering van Lilien e.a.

Samenvattingen en studiehulp bij Principles of marketing engineering van Lilien e.a.

  • Boeksamenvatting bij Principles of marketing engineering van Lilien e.a. is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Wat houdt segmenteren en targeting in? - Chapter 3
  • Wat voor strategie ligt achter positionering? - Chapter 4

Naar de samenvatting

Meer lezen

Communicatie & Marketing als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Communicatiemedewerker & Marketingmedewerker

Boeksamenvatting bij Principles of Microeconomics van McDowell e.a.

Boeksamenvatting bij Principles of Microeconomics van McDowell e.a.

Samenvattingen en studiehulp bij Principles of Microeconomics van McDowell e.a.

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Hoe kunnen we als econoom denken? - Chapter 1
  • Hoe werken markten, specialisatie, en economische efficiëntie? - Chapter 2
  • Hoe werken markten, aanbod, vraag en elasticiteit? - Chapter 3
  • Hoe werkt de vraagzijde van de markt? - Chapter 4
  • Hoe werkt de kostenzijde van de markt? - Chapter 5
  • Hoe werkt economische efficiëntie? - Chapter 6
  • Hoe werkt de “onzichtbare hand”? - Chapter 7
  • Hoe werkt imperfecte competitie en wat zijn de gevolgen van marktmacht? - Chapter 8
  • Wat is de rol van speltheorie in de economie? - Chapter 9
  • Hoe werkt speltheorie in de praktijk? - Chapter 10
  • Hoe werken externaliteiten en eigendomsrechten? - Chapter 11
  • Wat is de rol van informatie in de economie? - Chapter 12
  • Hoe werkt de arbeidsmarkt? - Chapter 13
  • Wat is de rol van de overheid in de markteconomie? - Chapter 14
  • Wat zijn de micro funderingen voor een macro economische crisis? - Chapter 15
  • Hoe werkt de macro-economie? - Chapter 16
  • >Hoe werkt het bruto binnenlands product (BBP)? - Chapter 17
  • Hoe werken prijsniveaus en inflatie? - Chapter 18
  • Wat is de relatie tussen lonen en werkloosheid op de arbeidsmarkt? - Chapter 19
  • Hoe werken economische groei, productiviteit, en de levensstandaard? - Chapter 20
  • Hoe werken de kapitaalmarkten? - Chapter 21
  • Hoe werken economische fluctuaties op de korte termijn? - Chapter 22
  • Hoe werken geld en rentepercentages? - Chapter 23
  • Wat is het IS-LM Model? - Chapter 24
  • Wat is de rol van fiscaal beleid in het stabiliseren van de economie? - Chapter 25
  • Wat is de rol van monetair beleid in het stabiliseren van de economie? - Chapter 26
  • Hoe werken geaggregeerde vraag, aanbod, en inflatie? - Chapter 27
  • Wat is de relatie tussen verwachtingen en inflatiebeleid? - Chapter 28
  • Hoe werkt de internationale economie? - Chapter 29
  • Principles of Economics - McDowell e.a. - BulletPoints

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfseconomie & Economische wetenschappen als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij Recht en efficiëntie: Een inleiding in de economische analyse van het recht van Van Velthoven & Van Wijck

Boeksamenvatting bij Recht en efficiëntie: Een inleiding in de economische analyse van het recht van Van Velthoven & Van Wijck

Samenvattingen en studiehulp bij Recht en efficiëntie: Een inleiding in de economische analyse van het recht van Van Velthoven & Van Wijck

Boeksamenvatting bij Recht en efficiëntie: Een inleiding in de economische analyse van het recht van Van Velthoven & Van Wijck is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Wat is rechtseconomie? - Chapter 1
  • Wat is welvaart, hoe werken markten en wat is de invloed van de overheid? - Chapter 2
  • Eigendomsrechten - Chapter 3
  • Overeenkomsten - Chapter 4
  • Onrechtmatige daad - Chapter 5
  • Geschillenbeslechting - Chapter 6
  • Onvolledige mededinging, het monopolie - Chapter 7
  • Milieurecht - Chapter 8
  • Sociale zekerheid - Chapter 9
  • Misdaad en straf - Chapter 10

Naar de samenvatting

Samenvattingen en studiehulp gebruiken: Boeksamenvatting bij Recht en efficiëntie: Een inleiding in de economische analyse van het recht van Van Velthoven & Van Wijck

Meer lezen

Fiscaal Recht en Belastingrecht als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als advocaat of jurist

Boeksamenvatting bij Sports Economics van Downward

Boeksamenvatting bij Sports Economics van Downward

Samenvattingen en studiehulp bij Sports Economics van Downward

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • Chapter 1 - Economics of sport
  • Chapter 2 - Nature, organization and economic significance of sport
  • Chapter 7 - The professional sports market
  • Chapter 8 - Outcome uncertainty
  • Chapter 9 - Professional sports leagues and cross-subsidization
  • Chapter 10 - Attendance and broadcasting of professional team sports
  • Chapter 11 - The professional team sports labor market
  • Chapter 12 - Infrastructure and sports events

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfseconomie & Economische wetenschappen als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Manager & Organisatie-adviseur

Boeksamenvatting bij The Economics of Imperfect Labor Markets van Boeri & Van Ours

Boeksamenvatting bij The Economics of Imperfect Labor Markets van Boeri & Van Ours

Samenvattingen en studiehulp bij The Economics of Imperfect Labor Markets van Boeri & Van Ours.

  • Economie en bedrijfseconomie studeren in binnen- en buitenland is gedeeld op JoHo WorldSupporter

Inhoudsopgave

  • What are some key definitions related to the labor market? - Chapter 1
  • What is the importance of minimum wages in the labor market? - Chapter 2
  • What is the benefit of collective bargaining for the labor market? - Chapter 3
  • What are causes en effects of discrimination in the labor market? - Chapter 4
  • What are different perspectives on working hours? - Chapter 5
  • What are the requirements for early retirement? - Chapter 6
  • Which family policies can be considered concerning the labor market? - Chapter 7
  • Why is it important to invest in education in the endowment of human capita? - Chapter 8
  • What are the causes en effects of migration on the labor market? - Chapter 9
  • Why is employment protection of the workforce important? - Chapter 10
  • What are benefits from unemployment? - Chapter 11
  • Active labor market policies - Chapter 12
  • When and why are payroll taxes applied? - Chapter 13

Naar de samenvatting

Meer lezen

Bedrijfsorganisatie & Economie als studie en kennisgebied

Werken en jezelf ontwikkelen als Manager en Organisatie-adviseur

 

Bedrijfsorganisatie en economie: begrippen en definities

Bedrijfsorganisatie en economie: begrippen en definities

Wat is economie?

Wat is economie?

Wat betekent economie?

  • Economie betekent alle productie en ruilhandelactiviteiten die plaatsvinden: al het kopen en verkopen. Omdat middelen schaars zijn, wordt bestudeerd hoe mensen beslissingen maken, hoe mensen met elkaar omgaan en welke krachten en trends de economie beïnvloeden. 

Wat is macro-economie?

  • Macro-economie betreft de economie van een gehele maatschappij, in het bijzonder fenomenen zoals inflatie, werkeloosheid en economische groei.

Wat is micro-economie?

  • Micro-economie betreft hoe een gezin of bedrijf beslissingen maakt en zich gedraagt in specifieke markten.

Wat is fiscale economie?

  • Fiscale economie betreft economie die samenhangt met belastingen.

Wat is Internationale economie?

  • Internationale economie betreft de interacties tussen economische machten in de wereldeconomie

Wat is bedrijfseconomie?

  • Bedrijfseconomie betreft het economisch handelen van productieorganisaties, waarbij arbeid en kapitaal worden ingezet om ondernemingsdoelen na te streven.

 

Wat is het verschil tussen accountancy en boekhouden?

Wat is het verschil tussen accountancy en boekhouden?

 

Wat is het verschil tussen boekhouden en accounting?

  • Een boekhouder legt veranderingen vast in het eigen vermogen, de bezittingen en de schulden van een bedrijf.
  • Bij bedrijven van meer dan 50 werknemers, een omzet van meer dan 8,8 miljoen of ingewikkelde financiële transacties wordt meestal een accountant ingeschakeld.
  • Handelingen die door een accountant worden gedaan, zijn bijvoorbeeld de boekhouding controleren, periodieke uitgaven en inkomsten verwerken, jaarrekeningen opstellen, budgetten met resultaten vergelijken en belastingvoordelen in kaart brengen.

Welke financiële overzichten kun je opstellen?

  • De boekhouding in het algemeen geeft veranderingen weer in het eigen vermogen, de bezittingen en de schulden.
  • In financiële dagboeken worden dagelijks alle financiële gebeurtenissen geregistreerd, bijvoorbeeld in een kasboek, verkoopboek etc.
  • Het grootboek houdt voor elke balanspost afzonderlijk een overzicht (grootboekrekening) bij van de financiële feiten. Debet (schulden) en credit (bezittingen) moeten in het grootboek gelijke bedragen zijn.
  • De jaarrekening bestaat uit een balans, resultatenrekening en een toelichting en geeft externe verslaglegging onder andere voor de fiscus over het vermogen en het resultaat alsmede omtrent de solvabiliteit en de liquiditeit van het bedrijf. De jaarrekening is het financiële gedeelte van het jaarverslag en valt meestal onder de verantwoordelijkheid van een accountant.
  • De balans geeft de financiële situatie van een bedrijf weer, met aan de linkerkant de activa (bezittingen) en aan de rechterkant de passiva (bronnen waarmee een bedrijf is opgebouwd). De passiva bestaan uit vreemd vermogen (schulden) en eigen vermogen (activa min de schulden).
  • De winst- en verliesrekening of resultatenrekening geeft de opbrengsten en kosten van een bepaalde periode weer, meestal een jaar.
  • Het kasstroomoverzicht is niet wettelijk verplicht maar wordt door de grote ondernemingen meestal wel opgenomen als extra vorm van verslaglegging. Het geeft objectief de mutaties binnen de liquide middelen (direct te gebruiken financiële middelen) over een jaar weer.

Meer lezen:

Wat is het verschil tussen enkel en dubbel boekhouden?

  • Bij enkel boekhouden worden financiële dagboeken bijgehouden en wordt direct hieruit de jaarrekening afgeleid.
  • Bij dubbel boekhouden wordt naast financiële dagboeken een grootboek bijgehouden, waaruit de jaarrekening wordt afgeleid.
  • Het is wettelijk verplicht dat de interne boekhouding binnen bedrijven, die wordt gebruikt door aandeelhouders en werknemers, overeenkomt met externe verslaglegging voor de fiscus en overige belanghebbende organisaties.
Wat is het verschil tussen micro-economie en macro-economie, en waarom bestaat micro-economie?

Wat is het verschil tussen micro-economie en macro-economie, en waarom bestaat micro-economie?


Wat is het verschil tussen micro- en macro-economie?

  • Definitie: Micro-economie bestudeert het economisch gedrag van individuele economische eenheden zoals producenten en consumenten en de markten die deze eenheden omvatten.
  • Definitie: Macro-economie bestudeert het economisch gedrag van samengestelde economische eenheden (meestal landen of nog grotere eenheden) en werkt met samengestelde economische variabelen zoals economische groei, interest en werkloosheid.
  • Uit deze definities blijkt dat micro en macro economie elkaar aanvullen: de grotere eenheden zijn opgebouwd uit de kleinere en het gedrag van de kleinere eenheden wordt mede bepaald door grotere eenheden. Denk hierbij aan de invloed die vakbonden, werkgeversorganisaties, consumentenbonden en nationale staten hebben op individuele consumenten of fabrikanten.
  • Micro-economie probeert het (i.c. economische) gedrag van mensen te verklaren en te voorspellen. Daarnaast gaat het over de verdeling van schaarse goederen. De vraag die hierbij vaak gesteld wordt is hoe kan iemand, met de schaarse middelen die er zijn, zo goed mogelijk in zijn behoefte voorzien. Om te komen tot meer dan een beschrijving van unieke gebeurtenissen, worden daarbij vooral theorieën gebruikt. Een theorie is een systeem van regels en veronderstellingen om gebeurtenissen in de praktijk te verklaren. Aangezien zich steeds nieuwe situaties voordoen, zal men de theorieën blijven verbeteren. Micro-economische theorieën nemen vaak de vorm aan van modellen.
  • Definitie: Een model is een mathematische weergave van een element uit de praktijk, met behulp van een theorie geconstrueerd, zodat relevante aspecten gekwantificeerd kunnen worden.
  • Let wel, een model geeft enkel bepaalde aspecten van de praktijk weer, het is dus een abstractie. Een model kan alleen iets voorspellen indien de voorwaarde wordt aangenomen, dat alle niet in het model weergegeven aspecten geen invloed of altijd dezelfde invloed hebben op de uitkomst (de zgn. ceteris paribus-clausule).
  • Daarnaast wordt er in de micro economie gekeken naar een wisselwerking tussen theorie en praktijk. Hier komen de begrippen positieve en normatieve aspecten aan de orde
  • Definitie: Positieve aspecten van wetenschap beschrijven hoe elementen in de praktijk samenhangen.
  • Definitie: Normatieve aspecten van wetenschap beschrijven welke samenhangen van elementen in de praktijk wenselijk zijn.
  • Over de wenselijkheid van bepaalde situaties in de werkelijkheid (geen inflatie, 100% werkgelegenheid, de dictatuur van het proletariaat, optimalisatie van de winst van mijn bedrijf, een zo hoog mogelijk rendement op mijn investering) kan de micro-economie geen uitspraken doen. Wel kan, door het verduidelijken van bepaalde samenhangen, het maken van keuzes worden vereenvoudigd.

Welke groepen zijn te onderscheiden in de micro-economische theorie en praktijk?

  • De individuele economische factoren die de micro-economie bestudeerd vallen in twee groepen uiteen: aanbieders en afnemers. In de praktijk vervult iedereen in de loop der tijd beide rollen, maar voor de theorie wordt enkel het moment van aanbieden en het moment van afnemen beschouwd.
  • Definitie: Een markt is een samentrekking van aanbieders en afnemers, die door hun interacties en mogelijke interacties de prijs van een product bepaalt.
  • Definitie: Een industrie omvat alle aanbieders van eenzelfde product.
  • Definitie: Een markt met volkomen concurrentie is er een met vele aanbieders en afnemers van gelijkwaardige producten. Hierbij hebben individuele aanbieders of afnemers geen enkele invloed op de prijs.
  • Definitie: Arbitrage is het kopen van een product tegen een lage prijs en dit goed doorverkopen voor een hogere prijs op een andere locatie.
  • De prijs die in een markt met volkomen concurrentie ontstaat, noemen we de marktprijs. De marktprijs fluctueert hevig, doordat bedrijven met elkaar concurreren. Op markten met minder concurrentie kunnen gelijkwaardige producten tegen verschillende prijzen worden aangeboden. De marktprijs van een product is dan de gemiddelde prijs. Wanneer bepaalde goederen op de ene locatie duurder zijn dan op de andere locatie kan er arbitrage optreden. Deze arbitrage zal doorgaan, tot het moment dat er geen significant verschil in prijs meer is tussen de twee locaties.
  • Definitie: Een markt zonder concurrentie is een markt waarin één aanbieder de prijs bepaald. Er is hier sprake van een monopolistische markt. (Bijvoorbeeld de diamantenmarkt).
  • Definitie: Een kartel is een groep aanbieders van gelijkwaardige producten die een onderlinge prijs- of leveringsafspraak hebben gemaakt. (Bijvoorbeeld de OPEC, een kartel van olieproducerende landen).
  • De marktgrootte geeft aan welke aanbieders en afnemers tot een bepaalde markt gerekend worden, zowel geografisch als ook per productcategorie.
  • De markt voor onroerend goed is bijvoorbeeld sterk geografisch bepaald: Een vierkante meter kantoorruimte in het WTC in Amsterdam wordt op een andere markt verhandeld dan een vierkante meter kantoorruimte in Zwolle of Roermond.
  • Andere producten zoals aardolie kennen een wereldmarkt: hun prijs is overal op de wereld ongeveer gelijk (omdat het anders winstgevend zou worden het product van de ene naar de andere markt te brengen).
  • Het bepalen van de marktgrootte is vaak erg belangrijk om precieze concurrentieverhoudingen te begrijpen en om beslissingen te nemen met betrekking tot het beleid van een bedrijf.

Wat zijn reële en nominale prijzen?

  • Bij het vergelijken van de prijs van een bepaald goed op verschillende tijdstippen, moeten prijzen gemeten worden aan het algemene prijsniveau op die tijdstippen om zo reële in plaats van nominale prijzen te krijgen.
  • Definitie: Reële prijzen zijn prijzen aangepast aan inflatie
  • Definitie: Nominale prijzen zijn absolute prijzen, niet aangepast aan inflatie
  • Om de inflatie te bepalen gebruiken we prijsindexcijfers:
  • Definitie: De consumenten prijs index (CPI) meet het gezamenlijk prijsniveau van consumentengoederen
  • Definitie: De producenten prijs index (PPI) meet het gezamenlijk prijsniveau van grondstoffen, halffabricaten en productiefactoren

Bronnen

 

Wat is human resource management (HRM)?

Wat is human resource management (HRM)?

  • De meest gehanteerde definitie van HRM in de literatuur is van Storey (2000): “HRM is een specifieke benadering van personeelsbeleid, die ernaar streeft competitief voordeel te halen en te behouden door het op een strategische wijze inzetten van sterk betrokken en bekwame medewerkers, en hierbij gebruikmaakt van een scala aan personeelstechnieken”.
  • Recentelijk is ook de term talentmanagement belangrijk. Hierbij gaat het om “het strategisch management van de stroom van talent door de organisatie, met als doel verzekeren dat het nodige talent wordt aangetrokken, behouden, ontwikkeld en gemotiveerd om te werken richting de strategische doelstellingen van de organisatie” (Effron & Ort, 2010; McCauley & Wakefield, 2006).

Bronnen en meer lezen

Wat is micro- en macro-economie, internationale economie. fiscale economie en econometrie?

Wat is micro- en macro-economie, internationale economie. fiscale economie en econometrie?

Wat is micro-economie?

  •  Micro-economie bestudeert het economisch gedrag van individuele economische eenheden zoals producenten en consumenten en de markten die deze eenheden omvatten. Micro-economie probeert het (i.c. economische) gedrag van mensen te verklaren en te voorspellen. Daarnaast gaat het over de verdeling van schaarse goederen. De vraag die hierbij vaak gesteld wordt is hoe kan iemand, met de schaarse middelen die er zijn, zo goed mogelijk in zijn behoefte voorzien.

Wat is macro-economie?

  • Economische principes worden ontwikkeld op twee niveaus: micro- en macro-niveau. Micro-economie houdt zich bezig met keuzes die individuele consumenten, gezinnen en bedrijven maken. Macro-economie houdt zich bezig met het grote plaatje van de economie: de overheid, de huishoudens en de bedrijvensector. 
  • Macro-economie bestudeert de werking van de economie als geheel, en nationale economie in het bijzonder, teneinde economische gebeurtenissen te verklaren en economische politiek te verbeteren. Zo worden binnen de macro-economie bijvoorbeeld verbanden bestudeerd tussen de totale consumptie, de totale productie, de totale werkloosheid en het nationaal inkomen.
  • Bron en verder verdiepen: Macroeconomics (Mankiw).

Wat is internationale economie?

  • De internationale financiële markten spelen een steeds grotere rol in de wereld. Monetaire en macro-economische verhoudingen tussen landen bepalen voor een belangrijk deel de internationale financiële ontwikkelingen.
  • Bron en verder verdiepen: International Finance (Eun, Resnick & Sabherwal)

Wat is econometrie?

  • Econometrie is de toepassing van statistische methoden op economische data.

Wat is fiscale economie?

  • De fiscale economie is de tak van economie die zich bezighoudt met belastingen en alles wat daarmee samenhangt.
  • Het begrip fiscale economie kan vanuit verschillende invalshoeken worden benaderd. Vanuit de ondernemer bekeken is de fiscus een kostenpost die een sterke invloed heeft op de beslissingen van de ondernemer. 
Wat is omzetbelasting (BTW)?

Wat is omzetbelasting (BTW)?

 

  • De wet op de omzetbelasting 1968 heeft het karakter van een algemene verbruiksbelasting. Omdat deze belasting niet rechtstreeks bij de verbruiker, maar van de ondernemer wordt geheven, wordt de omzetbelasting een algemene indirecte verbruiksbelasting genoemd.
  • De wetgever gaat ervan uit dat de ondernemer de belasting in zijn prijzen doorberekent. Op deze wijze wordt dan indirect toch het verbruik belast. De algemene verbruiksbelasting of bijzondere verbruiksbelasting zou ook van de verbruiker zelf rechtstreeks kunnen worden geheven. In dat geval is er sprake van een directe verbruiksbelasting. In Nederland komt deze heffingsvariant niet voor.
  • Wel wordt bij invoer van buiten de Europese Unie de belasting van de verbruiker geheven in gevallen waarin hij de goederen zelf invoert, maar dat is niet voldoende om de hele heffing om die reden te kunnen typeren als een directe verbruiksbelasting.

Systemen van omzetbelasting

  • In het kader van de harmonisatie van belastingen in de EU hebben de lidstaten zich verplicht de omzetbelasting te heffen volgens het systeem van de belasting over de toegevoegde waarde en wel volgens de methode van aftrek van voorbelasting volgens het kasstelvariant.
  • Het belangrijkste motief voor deze keuze was dat deze methode technisch het beste resultaat heeft als men een verbruiksbelasting op de consumptieve bestedingen wil heffen. Een bijkomend voordeel hierbij is dat de lidstaten een zekere mate van vrijheid behouden op het gebied van tarieven en van enkele vrijstellingen. In Nederland is dit systeem van omzetbelasting op 1 januari 1969 in werking getreden door het van kracht worden van de Wet op de omzetbelasting 1968.
  • Er zijn nog meer voordelen op te noemen. De interne neutraliteit is in dit systeem gewaarborgd, doordat de belasting steeds evenredig is aan de prijs. Ook extern is neutraliteit mogelijk. Doordat in elke schakel de belasting die op een goed rust nauwkeurig bekend is, kan door middel van restitutie van deze belasting worden bereikt dat het product geheel belastingvrij is (en ook zonder fiscale subsidie) het land verlaat. Het is ook mogelijk dat over ingevoerde goederen precies evenveel belasting wordt geheven als bij vervaardiging in het binnenland geheven wordt. Verdere voordelen zijn het ontbreken van een uit fiscaal motief ingegeven integratie-impuls in de productieketen (het aantal transacties is niet van invloed op de uiteindelijke belastingdruk) en een verminderde kans op fraude door betere controlemogelijkheden die geboden worden door het systeem van de gefractioneerde heffing (er wordt op verschillende punten in de keten gecontroleerd).
  • De belangrijkste nadelen zijn het grote aantal belastingplichten (alle ondernemers) en de eventuele administratieve problemen voor (voornamelijk) kleine ondernemers.

Het belastbare feit

  • Het is de bedoeling dat de omzetbelasting drukt op de binnenlandse consumptie. Dit is het bestemmingslandbeginsel. Het maakt daarbij niet uit of de geconsumeerde goederen in het land zelf zijn voortgebracht of uit een ander land afkomstig zijn. Voor beide typen consumptiegoederen moet de belastingdruk even hoog zijn.
  • Tot 31 december 1992 was het bereiken van een dergelijke gelijke belastingdruk een behoorlijke uitdaging vanwege het bestaan van interne grenzen binnen de Europese Unie.
  • Door middel van de leuze ‘Europa 1992’ werd ernaar gestreefd alle fysieke binnengrensbelemmeringen per 31 december 1192 op te heffen. Dit hield in dat ook het bestaande systeem van heffing van omzetbelasting bij in- en uitvoer moest worden aangepast.
  • Bij de aankoop van goederen (nieuwe vervoersmiddelen uitgezonderd) die door particulieren en daarmee gelijkgestelden personen (onder andere vrijgestelde ondernemers) uit een andere lidstaat worden meegenomen naar hun eigen land, geldt vanaf 1 januari 1993 het oorsprongslandbeginsel.
  • De gekochte goederen kunnen door de koper worden meegenomen naar zijn eigen land zonder dat er omzetbelasting over de invoer wordt geheven. De omzetbelasting van het land van aankoop blijft dus op deze goederen rusten en de opbrengst komt ook dit land ten goede. Buurlanden hebben er daarom belang bij ter voorkoming van concurrentieverstoring hun tarieven onderling op elkaar af te stemmen. Deze vrije invoerregeling geldt echter uitdrukkelijk niet voor ondernemers.
  • Voor ondernemers blijft het bestemmingsbeginsel gelden. Wanneer zij goederen importeren uit een andere lidstaat, dan is er sprake van een ‘intracommunautaire verwerving’. Voor de leverancier is er sprake van een ‘intracommunautaire levering’. De intracommunautaire levering geschiedt tegen het 0%-tarief. De goederen verlaten het land dus geheel geschoond van omzetbelasting. De afnemer dient de intracommunautaire verwerving als belastbaar feit aan te merken is daarover omzetbelasting verschuldigd. De aldus door hem verschuldigde omzetbelasting is tegelijkertijd aan te merken als voordruk. Als de voordruk geheel aftrekbaar is, dan hoeft er per saldo dus geen belasting te worden voldaan. Wanneer de goederen zijn betrokken van of geleverd aan een ander land dat geen EU-lidstaat is, dan is er geen sprake van een communautaire verwerving of communautaire levering, maar van invoer of uitvoer. Ook bij uitvoer geldt het 0%-tarief. Bij invoer geldt het ‘binnenlandse’ tarief.

Tarieven

  • Bij de omzetbelasting kent men drie tarieven.
  • Er is een algemeen tarief van 21%, een verlaagd tarief van 9% en een zogenoemd nultarief.
  • Daarnaast kent de wet de reeds meermalen genoemde mogelijkheid van vrijstelling. Het verlaagde tarief van 9% bevat met name alle voedingsmiddelen (eet- en drinkwaren) voor menselijke consumptie, met uitzondering van alcoholhoudende dranken. Verder vallen geneesmiddelen, boeken, het openbaar vervoer en diverse andere zaken onder het verlaagde 9% tarief. Het nultarief is onder meer van toepassing op de levering van zeeschepen en luchtvaartuigen en op het internationale vervoer van personen met deze vervoermiddelen. In een aantal gevallen is de levering van goederen en het verrichten van diensten vrijgesteld van de heffing van omzetbelasting. Zie art. 11 Wet OB. In dat geval behoeft de ondernemer geen omzetbelasting te voldoen, maar hij kan ook – behalve in de genoemde gevallen in art. 15 lid 2 Wet OB – de aan hem in rekening gebrachte omzetbelasting niet aftrekken. Er ontstaat dan in principe cumulatie van omzetbelasting.
  • De belangrijkste vrijstellingen zijn onder meer bepaalde leveringen van onroerende zaken en vele gevallen van verhuur van onroerende zaken en de meeste diensten in de sector van de geneeskundige verzorging
Wat is vennootschapsbelasting?

Wat is vennootschapsbelasting?

  • Anders dan de naam doet vermoeden, is de vennootschapsbelasting niet slechts een belastingheffing over de winsten van de vennootschappen.
  • Sommige vennootschappen, zoals een vennootschap onder firma, worden niet zelfstandig in de belastingheffing betrokken. Deze vennootschap is fiscaal transparant. Dit betekent dat de winst toegerekend aan de achterliggende participanten. Als de achterliggende participanten van dat samenwerkingsverband natuurlijke personen zijn, dan worden die natuurlijke personen direct in de inkomstenbelasting belast. Indien dat samenwerkingsverband een onderneming drijft, zijn deze natuurlijke personen meestal IB-ondernemer. De winst van het samenwerkingsverband wordt direct toegerekend aan die natuurlijke personen en zij worden daarvoor in de inkomstenbelasting belast.
  • Aan de andere kant zijn sommige rechtsvormen die geen vennootschap zijn, toch onderworpen aan de vennootschapsbelasting.Voorbeelden zijn onder meer een coöperatie of een stichting die een onderneming drijft. Een gemeenschappelijk kenmerk van belastingplichtigen in de vennootschapsbelasting is dat de winst van het lichaam niet direct toevloeit aan de achterliggende (natuurlijke) personen, omdat zij op een zekere afstand staan van het lichaam. Het gevolg is dat het lichaam, zoals een besloten vennootschap (bv), zelfstandig in de vennootschapsbelasting wordt betrokken voor de behaalde winst en niet de aandeelhouders.
  • De vennootschapsbelasting in Nederland wordt gekenmerkt door het klassieke stelsel.

Wat houdt het klassieke stelsel in?

  • Het klassieke stelsel gaat uit van een zelfstandige belastingplicht van de rechtspersoon. De winst van de rechtspersoon moet worden bepaald ongeacht de uitdelingen aan de aandeelhouders.
  • In artikel 10 Wet VPB staat een omschrijving van het klassieke stelsel. Bij de bepaling van de winst komen de middellijke en onmiddellijke die vallen onder artikel 9 Wet VPB niet in aanmerking. Omdat de uitdelingen van winst bij de aandeelhouders opnieuw worden belast, ontstaat over de uitgekeerde winst economisch gezien dubbele heffing.
  • Een voordeel van het klassieke stelsel is de eenvoud van de uitvoering. Het stelsel houdt in dat het lichaam zelfstandig over zijn winst belasting moet betalen, ongeacht de vraag of de winst al dan niet aan de aandeelhouders wordt uitgekeerd.
  • Dit is in concernverband echter een probleem. Vaak is de aandeelhouder zelf ook een NV of BV. Om dubbele belastingheffing te voorkomen in concernverband, is de deelnemingsvrijstelling in het leven geroepen. Op grond hiervan blijven de deelnemingsresultaten bij de moedervennootschap onbelast. Een nadeel van het klassieke stelsel is bijvoorbeeld de relatief zware belastingdruk op dividenden door de economische dubbele heffing op de uitgedeelde winsten.

Wat houdt het stelsel van volledige integratie in?

  • Bij toepassing van het stelsel van volledige integratie wordt de verlengstukwinstgedachte doorgevoerd. De winsten van de vennootschap worden toegerekend aan de aandeelhouders. Het maakt niet uit of deze winsten echt uitgedeeld zijn. De aandeelhouder betaalt over de hem toegerekende winst belasting. De vennootschap wordt daarvoor niet belast. De toepassing van de verlengstukwinstgedachte beperkt zich meestal tot de daadwerkelijke uitgekeerde winsten.
  • Volledige integratie kan ertoe leiden dat de aandeelhouder belasting moet gaan betalen over vennootschapswinsten die nog niet aan hem zijn uitgekeerd. Toepassing van de verlengstukgedachte op de daadwerkelijke uitgedeelde winst houdt in dat de vennootschap deze uitgedeelde winst als aftrekpost in haar fiscale resultaat mag verwerken.
  • De verlengstukgedachte is in de geldende vennootschapsbelasting op bepaalde terreinen terug te vinden. Een voorbeeld betreft de coöperatieregeling (art. 9, lid 1 onderdeel g, Wet VPB).

Wat houdt het verrekeningsstelsel in?

  • Bij toepassing van het verrekeningsstelsel heeft de rechtspersoon geen eigen zelfstandige belastingplicht. De vennootschap is slechts een verlengstuk van de aandeelhouders.
  • Bij toepassing van het stelsel van volledige integratie dient de heffing van vennootschapsbelasting bij de vennootschap zelf achterwege te blijven en alleen bij de aandeelhouder plaats te vinden (winstaftrekmethode).
  • In het verrekeningsstelsel wordt bij de vennootschap wel vennootschapsbelasting geheven, maar deze belasting fungeert de facto als een verrekenbare voorheffing die verrekend kan worden met de inkomstenbelasting die de aandeelhouder over het brutodividend moet betalen. De verrekenbare vennootschapsbelasting is een synoniem voor tax credit (belastingverrekeningsmethode).

Wat valt op bij de cijfermatige vergelijking van de diverse stelsels?

  • In een voorbeeld ter vergelijking van de diverse genoemde stelsels zal worden uitgegaan van een vennootschapswinst van €1000. De hele winst zal hier worden uitgedeeld. Het primaire dividend wordt gesteld op €200, het VPB-tarief op 25% en het IB-tarief op 50%. Het is duidelijk dat door de verlaging van de inkomstenbelasting op dividend, de verschillen in de uitkomsten van de verschillende stelsels naar elkaar toe kruipen.

Wat is de rechtsgrond van de vennootschapsbelasting?

  • Voor velen ontleent de vennootschapsbelasting haar rechtsgrond simpelweg aan het gegeven dat ze bestaat.
  • Tijdens het Besluit 1942 werd de vennootschapsbelasting gezien als een belasting die de lichamen op dezelfde manier moest belasten als de inkomstenbelasting de natuurlijke personen belastte. Als vanzelfsprekend werd aan rechtspersonen een zelfstandig draagkracht, en dus tevens een zelfstandige belastingplicht, toegekend.
  • In de wet VPB wordt meer ruimte gegeven aan de gedachte dat een lichaam functioneert als verlengstuk van natuurlijke personen. Het besef groeide dat uitsluitend mensen van vlees en bloed draagkracht hebben. Het is namelijk onmogelijk de belastingdruk af te wentelen op een rechtspersoon, omdat in de een of andere vorm deze belasting toch via het prijsmechanisme door natuurlijke personen gedragen zal worden.
  • De huidige vennootschapsbelasting steunt vooral op het neutraliteitsprincipe. Dit beginsel houdt in dat economische activiteiten moeten worden belast, ongeacht de rechtsvorm waarin zij worden uitgeoefend.
  • Ondernemersactiviteiten zouden idealiter, ongeacht hun rechtsvorm, door een ondernemingsbelasting moeten worden belast. Omdat bij invoering van de wet een dergelijke rechtsvormneutrale ondernemingsbelasting niet bestond (of kon worden ontwikkeld), dan wel niet zinvol werd geacht, moest anderszins evenwicht worden gecreëerd tussen ondernemers die wel en niet onder de inkomstenbelasting vallen. Hierdoor was invoering van een vennootschapsbelasting vereist. Deze moest voorkomen dat er voor aandelenvennootschappen een belastingvrij veld zou ontstaan dat natuurlijke personen de mogelijkheid zou bieden om hun ondernemingsactiviteiten in een (belastingvrije) rechtspersoon te stoppen. Het gevolg hiervan zou dan zijn dat aandelenvennootschappen de inkomstenbelasting konden ontlopen.
  • De omschrijving van de heffingsgrondslag en de hoogte van het tarief zouden op basis van het neutraliteitsprincipe zodanig moeten zijn, dat tussen de gecombineerde VPB/IB-belastingdruk van de VPB-ondernemers een globaal evenwicht zou ontstaan.
  • De grote vlucht in de BV-vorm maakt duidelijk dat een dergelijk globaal evenwicht in de praktijk niet is bereikt. Het verlagen van het toptarief van de inkomstenbelasting in de IB 2001 was mede gericht op een herstel van het globaal evenwicht. Door de nadien doorgevoerde stelselmatige tariefverlaging van de vennootschapsbelasting heeft de oude problematiek weer de kop opgestoken.
  • Door middel van invoering van de MKB-winstvrijstelling in de inkomstenbelasting sinds 2007 is geprobeerd om het globale evenwicht weer te herstellen.
  • De vennootschaptsbelasting vervult een steunfunctie, in die zin dat ook stichtingen en verenigingen die een onderneming drijven op basis van hun bedrijvigheid onder de venootschapsbelasting zijn gebracht.

Wat is het belastingsubject?

  • Als subjectief belastingplichtige lichamen kent de Wet VPB zowel binnenlandse als buitenlandse belastingplichtigen.
  • Beide begrippen hebben een eigen omschrijving voor het belastingobject. Het verschil tussen binnenlandse en buitenlandse belastingplichtigen is afhankelijk van de vestigingsplaats van het belastingplichtige lichaam. De binnenlandse belastingplichtigen hebben in beginsel een belastingplicht op basis van het wereldinkomen. De buitenlandse belastingplichtigen zijn slechts belastingplichtig op grond van het binnenlands inkomen.
  • In art. 4 AWR staat dat de feitelijke omstandigheden bepalen waar de vestigingsplaats is. Heeft de oprichting van het lichaam echter plaatsgevonden naar Nederlands recht, dan wordt – behoudens specifieke uitzonderingen – het lichaam geacht in Nederland gevestigd te zijn. Dit blijkt uit art. 2 lid 4 Wet VPB.

In welke categorieën kunnen binnenlandse belastingplichtigen worden verdeeld?

  • De binnenlandse belastingplichtigen moeten worden verdeeld in twee categorieën. Er zijn onbeperkt (binnenlands) belastingplichtige lichamen en er zijn beperkt (binnenlands) belastingplichtige lichamen.
  • Als onbeperkt belastingplichtigen worden aangemerkt:
    • Naamloze vennootschappen, besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, open commanditaire vennootschappen en andere vennootschappen, waarvan het kapitaal geheel of voor een gedeelte in aandelen is verdeeld (kapitaalvennootschappen);
    • Coöperaties;
    • Onderlinge waarborgmaatschappijen;
    • Woningbouwlichamen.
  • Voor de kring van onbeperkt belastingplichtigen geldt krachtens wetfictie dat zij een onderneming drijven met behulp van hun gehele vermogen. Zie hier art. 2 lid 5 Wet VPB. Hun vermogen kan dus uitsluitend ondernemingsvermogen zijn.
  • Als beperkt belastingplichtigen worden in de Wet VPB genoemd:
    • Privaatrechtelijke rechtspersonen, die hierboven niet genoemd zijn;
    • Verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid;
    • Ondernemingen van publiekrechtelijke rechtspersonen of lichamen gecontroleerd door publiekrechtelijke rechtspersonen.
  • Voor de categorie beperkt belastingplichtigen lichamen geldt dat zij slecht subjectief belastingplichtig zijn, indien en voor zover zij een onderneming drijven. Voor de vraag wat hieronder moet worden verstaan, is het (materiële) ondernemingsbegrip van de inkomstenbelasting bepalend.
  • De belastingplicht van stichting en verenigingen vervalt niet door de omstandigheid dat bij de stichting of vereniging het winstoogmerk ontbreekt. Zij zijn ook belastingplichtig indien en voor zover zij een onderneming drijven. Onder het drijven van een onderneming wordt mede verstaan een uiterlijk daarmee overeenkomende werkzaamheid. Hiervan is sprake als in concurrentie wordt getreden met ondernemingen waarvan de winsten onderworpen zijn aan de belastingheffing. Zie art. 4 Wet VPB.
  • Een aparte, in de Wet VPB opgenomen, categorie binnenlandse belastingplichtige lichamen betreft de binnen Nederland gevestigde fondsen voor gemene rekening. Ook de open commanditaire vennootschap (art. 3, lid 3 onderdeel c, AWR) is aan de vennootschapsbelasting onderworpen. In art. 5 Wet VPB is een aantal subjectieve vrijstellingen opgenomen voor natuurschoonlichamen en lichamen met een sociale functie.

Wie kwalificeren als buitenlandse belastingplichtigen?

  • In het buitenland gevestigde verenigingen (en andere rechtspersonen), open commanditaire vennootschappen en andere niet rechtspersoonlijkheid bezittende vennootschappen met een in aandelen verdeeld kapitaal zijn als buitenlandse belastingplichtigen aangemerkt volgens artikel 3 Wet VPB, als ze Nederlands inkomen genieten. Voor de invulling van het begrip Nederlands inkomen verwijst de vennootschapsbelasting naar de begripsinvulling voor de inkomstenbelasting. Zie hiervoor artikel 17, 17a en 18 Wet VPB.

Wat is het belastingobject?

  • Ook de vennootschapsbelasting maakt onderscheid tussen het belastingobject van binnenlandse en buitenlandse belastingplichtigen.

Wat is de heffingsgrondslag voor de binnenlandse belastingplichtigen?

  • De binnenlandse lichamen zijn belastingplichtig naar het belastbare bedrag. Eerst moet er winst vastgesteld zijn. Van de winst worden de aftrekbare giften afgetrokken. Dan is er nog de belastbare winst. Van de belastbare winst gaan de te verrekenen verliezen af zodat er onder de streep een belastbaar bedrag overblijft.
  • Het fiscale winstbegrip van de vennootschapsbelasting komt overeen met dat van de inkomstenbelasting (zie art. 8 Wet VPB). Voor de vennootschapsbelasting geldt dat voor de belastingplichtige het boekjaar niet behoeft samen te vallen met het kalenderjaar (art. 7, lid 4, en art. 17, lid 2, Wet VPB. Ter berekening van de belastbare winst wordt de winst verminderd met de aftrekbare giften (zie art. 16 Wet VPB).

Wat is de heffingsgrondslag voor buitenlandse belastingplichtigen?

  • Artikel 17 Wet VPB geeft aan dat de buitenlandse belastingplichtige wordt belast naar het belastbare Nederlandse bedrag. Het gaat hier om het Nederlands inkomen verminderd met de verliezen uit Nederlands inkomen. Het binnenlands inkomen bestaat uit de Nederlandse bronnen van inkomen. Het gaat om de belastbare winst uit een in Nederland gedreven onderneming of vaste inrichting. Ook kan het gaan om het belastbaar inkomen uit een aanmerkelijk belang in een in Nederland gevestigde vennootschap. Tot een in Nederland gedreven onderneming wordt ook de exploitatie van Nederlandse onroerende zaken gerekend.

Wat houdt de verliescompensatie in?

  • De verliescompensatie is geregeld in artikel 20 Wet VPB. Ze verloopt in hoofdzaak hetzelfde als voor de inkomstenbelasting. Ook voor de VPB geldt dat verliezen uit onderneming de negen volgende jaren compensabel zijn (voorwaartse verliesverrekening). Anders dan voor de verliesverrekening in box 1 van de inkomstenbelasting het geval is, kent de vennootschapsbelasting een achterwaartse verliesverrekening van maar één jaar. In de inkomstenbelasting is dit een termijn van drie jaar. Voorwaarde is dat het verlies bij beschikking door de inspecteur is vastgesteld. Tot 2007 golden ruimere verliesverrekeningstermijnen.
  • De wetgever heeft de handel in verlies-BV's aan banden gelegd door middel van art. 20a Wet VPB. Dit betreft een antimisbruikbepaling en wordt ook wel het regime voor de verliesverrekeningsbeperking genoemd. Deze beperking geldt niet in bonafide gevallen. Op de toepassing van de regel gelden twee belangrijke uitzonderingen:
    • bepaalde wijzigingen in de kring van aandeelhouders doen de verliesverrekeningsblokkade niet in werking treden (de aandeelhouderstoets);
    • de verliesverrekeningsblokkade treedt niet in werking bij een gewone voortzetting van de ondernemersactiviteiten (de activiteitentoets).

Welke rol speelt het kwalitatief winstbegrip en de totale winst in de vennootschapsbelasting?

  • Uitgangspunt voor de winstbepaling vormt het winstbegrip van de inkomstenbelasting. Artikel 8 Wet VPB vermeldt na een verwijzing naar de relevante artikelen uit de inkomstenbelasting het voorbehoud in artikel 3.65 IB 2001. Daarbij is expliciet vermeld dat de bepalingen betreffende de oudedagsreserve niet van toepassing zijn. Eigenlijk is die vermelding overbodig, omdat dit al voortvloeit uit het karakter van de vennootschapsbelasting die als zodanig geen betrekking heeft op natuurlijke personen.
  • Ook voor de vennootschapsbelasting geldt voor de gemengde kosten een aftrekbeperking (73,5%). Bovendien zijn deze niet als winstuitdeling aan te merken. In art. 8, lid 5, Wet VP is ten aanzien van deze kosten een keuzemogelijkheid neergelegd.
  • In art. 9 en 10 Wet VPB is bepaald wat bedoeld wordt met winstgerelateerde kosten en uitdelingen. Dit onderscheid is van groot belang voor het vaststellen van de heffingsgrondslag. Dividenden zijn niet aftrekbaar. Dit geldt ook voor statutaire winstuitkeringen die niet in art. 9 zijn vermeld. In dit artikel staat expliciet welke uitkeringen uit de winst aftrekbaar zijn.
  • Rentekosten behoren tot de kosten van de onderneming en zijn in beginsel aftrekbaar. Er gelden echter belangrijke uitzonderingen, de renteaftrekbeperkingen. Rente op eigen vermogen is niet aftrekbaar, maar rente dat op vreemd vermogen moet worden betaald kan wel in aftrek worden gebracht. Het bedrijfsleven probeert daarom zoveel mogelijk gebruik te maken van vermogen dat in economische zin lijkt op eigen vermogen, maar in juridische zin als vreemd vermogen geldt. Deze leningen worden 'hybride leningen' genoemd. De rechter heeft als hoofdregel vastgesteld dat de juridische vorm van de geldverstrekking bepalend is voor de fiscale gevolgen. Hierop zijn drie uitzonderingen van toepassing (zie HR 27 januari 1988, BNB 1988/217). Als er sprake is van de volgende leningen, volgt de fiscaliteit de juridische kwalificatie van een geldlening niet:
    • de schijnlening;
    • de bodemloze-putlening;
    • de deelnemerschapslening.
  • Wanneer fiscaalrechtelijk en civielrechtelijk is vastgesteld dat er sprake is van een lening, moet vervolgens worden beoordeeld of de betaalde rente zakelijk is.
  • Naast de aftrekbeperkingen die door de rechter zijn aangebracht, kennen we vier wettelijke aftrekbeperkingen met een specifieker karakter:
    • de antiwinstdrainageregeling (art. 10a Wet VPB);
    • afbetrekbeperkingen voor renteloze en laagrentende leningen met lange looptijd (art. 10b Wet VPB);
    • de deelnemingsrente (art. 13l Wet VPB);
    • de renteaftrekbeperking voor overnameschulden (art. 15ad Wet VPB).

Wat is het tarief?

  • Op 1 januari 2007 werd in de vennootschapsbelasting een drastische tariefverlaging tot 25,5% doorgevoerd. Sinds 2011 is het 25,5% verlaagd tot 25%. Daarnaast wordt er verlaagd tarief gehanteerd (veelal aangeduid als de MKB-schijf). Sinds 2009 loopt de MKB-schijf tot een winst van €200.000 en bedraagt het tarief 20%.

Wat houdt de leer van het globale evenwicht in?

  • Er mogen geen belastingvrije velden bestaan. Dit komt niet ten goede aan een evenwichtige belastingheffing. De ervaring leert dat ter voorkoming van een vlucht uit de eenmanszaak of vennootschap onder de firma naar de bv, de inkomstenbelasting van natuurlijke personen samengaan met een belasting naar de winst van de bv. Dit is vooral het geval in landen waar de eerstgenoemde belasting relatief zwaar drukt. De belasting naar de winst van de bv moet op haar beurt samengaan met een belasting naar de winst van de onderlinge verzekeringsmaatschappij en coöperatie. Tevens moeten concurrerende stichtingen en verenigingen in het heffingsmechanisme worden betrokken. Bovendien is inmiddels het wetsvoorstel Modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen aangenomen. Dit betekent dat overheidsonderneming in de vennootschapsbelasting die economische activiteiten ontplooien op een markt waarin ook private ondernemingen opereren, vanaf 1 januari 2016 in de vennootschapsbelastingheffing worden betrokken.
  • De wetgever moet een neutrale houding ten opzichte van de juridische vormgeving van de onderneming innemen: er moet sprake zijn van een globaal evenwicht. Ter beoordeling hiervan moet gelet worden op de volgende aandachtspunten:
    • juiste onderlinge afstemming van de belastingtarieven;
    • juiste afgrenzing van het object van belastingheffing;
    • juiste bepaling van het moment van winstneming.
  • Bij de invoering van de IB 2001 werd een globaal evenwicht gecreërd tussen de inkomstenbelasting- en de vennootschapbelastingsfeer.

Hoe verhouden de commerciële en fiscale winst zich tot elkaar?

  • De wijzen waarop de winst van de vennootschap (de commerciële winst) verdeeld zal worden, wordt beheerst door het vennootschapsrecht. De vennootschapsbelasting is hierop slechts van invloed voor zover deze de voor uitdeling beschikbare winst verkleint.
  • Voor de commerciële winst is de vennootschapsbelasting een kostenpost. Voor de fiscale winst is de vennootschapsbelasting een onttrekking die niet aftrekbaar is.
  • Dit verschil in kwalificatie komt ook tot uitdrukking in de verwerking van de winstuitdelingen aan anderen dan de aandeelhouders. Winstgerelateerde beloningen zijn commercieel gezien bedrijfskosten.
  • Fiscaal worden de winstuitkeringen die voor de bepaling van de winst in aftrek kunnen worden gebracht expliciet vermeld in artikel 9 Wet VPB.
  • De winstuitkeringen aan de oprichters en aandeelhouders (dividend) zijn evenwel per definitie niet aftrekbaar op grond van het klassieke stelsel. Overigens pleegt men deze commercieel ook niet tot de kosten te rekenen.
  • Vergelijkbaar met winstuitkeringen aan oprichters en aandeelhouders (dividend) zijn de kosten van de hybride lening fiscaal niet aftrekbaar gesteld. Dit is ook niet mogelijk voor rente in antiwinstdrainageconstructies.
Wat zijn de proefbalans en saldibalans?

Wat zijn de proefbalans en saldibalans?

  • Met de proefbalans checken we of het grootboek wel echt in balans is, zoals zou moeten. De totalen van de debet en de creditzijde moeten overeenkomen. Een proefbalans wordt meestal periodiek opgesteld. Dit kan aan het einde van de maand zijn of van een kwartaal.
  • Op de proefbalans worden de rekeningen in de volgorde van rekeningnummers opgesteld. Achter de namen van de rekeningen zijn twee kolommen vrij. Dit zijn de debetzijde en de creditzijde. In de debetkolom zetten we het totaal van alle gedebiteerde bedragen bij de goede rekening. In de creditkolom doen we hetzelfde.
  • Op de proefbalans moeten ook de debet en creditzijde gelijk zijn. Dit hoeft nog niet perse te betekenen dat de proefbalans helemaal geen fouten bevat. Het kan altijd nog zo zijn dat er per ongeluk een bedrag op de verkeerde rekeningen is gedebiteerd of gecrediteerd.
  • De saldibalans is een balans waarop we van elke grootboekrekening het saldo vermelden. Als een saldo debet staat in het grootboek, komt hij ook debet op de saldibalans. Dit geldt ook voor een saldo die credit staat in het grootboek, deze komt op zijn beurt weer credit op de saldibalans. Ook de totalen van de credit en debetzijde van de saldibalans moeten overeenkomen met elkaar.
  • De resultatenrekening en de eindbalans kunnen we opstellen aan de hand van de saldibalans. Alle overzichten bij elkaar vormen samen de kolommenbalans.

 

Studiehulp en hulpmiddelen voor accountancy, balansbepaling en boekhouden 

De proefbalans en de saldibalans

 

In welke landen en met welke werkzaamheden kan je via JoHo in het buitenland werken, stagelopen of vrijwilligerswerk doen bij een klantenservice of in de sales?

In welke landen en met welke werkzaamheden kan je via JoHo in het buitenland werken, stagelopen of vrijwilligerswerk doen bij een klantenservice of in de sales?

Hier vind je een selectie uit de JoHo Vacatureservice voor werk bij een klantenservice of in de sales. Klik op het land en ga naar het vacaturegedeelte op de landenpagina om de vacature en de bijbehorende organisatie te bekijken.

 

Argentinië

  • Geniet van het bruisende leven dat Buenos Aires je te bieden heeft terwijl je overdag werkzaam bent als technische helpdesk-medewerk(st)er binnen een meertalig bedrijf. (b)

Australië

  • Ga aan de slag als reisagent en assisteer klanten bij alle zaken waar zij tegenaan lopen voor en tijdens hun reis. (b)

Bulgarije

  • Verschillende callcenters, o.a. in Sofia en Veliko Turnovo zoeken regelmatig callcenter medewerkers die Nederlands spreken. (b)

Canada

  • Ga werken als reisagent en bezorg klanten een relaxte vakantie. (b)

Curaçao

  • Ben je commercieel én dienstverlenend ingesteld? Ga dan aan de slag in de customerservice bij een internationale speler op het gebied van toerisme. (b)

Filipijnen

  • Ben jij klantvriendelijk en heb je goede communicatieve vaardigheden? Ga aan de slag als callcentermedewerker binnen een internationaal team. (b)

Griekenland

  • Work at the frontdesk of a diving school on Crete. Welcome guests, advise customers on the available activities and answer their questions. (b)

Marokko

  • Nederlandstalige medewerkers gezocht voor een klantenservice in Rabat en Casablanca. (b)

Nederland

  • Native speaker of German, French or Danish and looking for a job in the Netherlands? This international company with several locations in the Netherlands is looking for international callcenter agents. (b)

Nieuw-Zeeland

  • Ga aan de slag bij een hostel in Auckland en help bij alle receptie gerelateerde werkzaamheden, zoals reserveringen maken en klanten te woord staan. (s)
  • Vind fulltime werk in Nieuw-Zeeland als klantenservice medewerker. Er zijn mogelijkheden bij verschillende bedrijven in Auckland, Waikato en Wellington. (b)

Portugal

  • Ondersteun de klantenservice van verschillende organisaties in Lissabon. (b)

Spanje

  • Wil jij het verschil maken tussen een rampvakantie en een die vlekkeloos verloopt? Ga dan nu aan de slag bij een alarmcentrale in Barcelona en help mensen op weg bij pech, ziekte of ongeval. (b)

Turkije

  • Ga werken in een callcenter in bijvoorbeeld Antalya of Istanbul waar aan afwisselende projecten wordt gewerkt. (b)
  • Scherp je verkoop- en klantenservicevaardigheden aan in een flexibele helpdesk- of sales job. (b)

Zuid-Afrika

  • Toe aan een nieuwe internationale stap in jouw carrière? In Zuid-Afrika kun je na een training aan de slag als Customer Service Centre Agent. Er zijn mogelijkheden voor een langere periode op niveau conform Nederlands salaris. (b) 
  • Nederlands sprekende Help Desk Agent in Johannesburg gezocht. (b)
  • Spreek jij meerdere talen? Ga dan aan de slag als klantenservice-medewerker voor het maken van internationale vluchtreserveringen. (b)

Verenigde Staten

  • Ga werken in een internationaal team als callcentermedewerker. (b)

Legenda

b = betaald werk

v = vrijwilligerswerk

s = stage

 

Meer landen & regio's 

 

In welke landen en met welke werkzaamheden kan je via JoHo werken, stagelopen of vrijwilligerswerk doen bij maatschappelijke instellingen en in de culturele sector?

In welke landen en met welke werkzaamheden kan je via JoHo werken, stagelopen of vrijwilligerswerk doen bij maatschappelijke instellingen en in de culturele sector?

Hier vind je een selectie uit de JoHo Vacatureservice voor werk bij maatschappelijke instellingen en in de culturele sector in het buitenland. Klik op het land en ga naar het vacaturegedeelte op de landenpagina om de vacature en de bijbehorende organisatie te bekijken.

 

Albanië

  • Assisteer kinderen en jongeren op een creatieve manier met huiswerk en activiteiten bij een gemeenschapscentrum. (v)

Bolivia

  • Deel je kennis over de inzet van muziek, dans en kunst als therapie met een stichting die werkt aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van jongeren. (b)

Bonaire

  • Draag bij aan het behoud van de cultuur en geschiedenis van Bonaire door in een cultuurhistorisch museum op het eiland aan de slag te gaan. Je kan onder andere tours, culturele evenementen en uitwisselingsprojecten organiseren. (v)
  • Ga als stagiair dans of acrobatiek aan de slag met jongeren die op het eiland gaan performen tijdens festivals. (s)

Canada

  • Ga als vrijwilliger aan de slag op een school in de Canadese indianengemeenschap in de provincie Ontario. Geef les op het gebied van muziek en drama en help bij een theateropvoering. (v)

Chili

  • Doe ervaring op als media stagiair(e) bij een vrijwilligersorganisatie die zich inzet voor de armste buurten van Santiago. (s)

China

  • Loop stage bij een organisatie die mensen op zoveel mogelijk manieren kennis wil laten maken met Beijing. Van fietstochten door de hutongs, tot taalcursussen Chinees, en kookworkshops. (s)
  • Wil jij echt iets betekenen voor de Tibetaanse bevolking? Werk dan mee bij een non-profit organisatie die het sociale en economische welzijn van de plaatselijke nomaden verbetert. (v)
  • Ga aan de slag in een tehuis voor kinderen van gedetineerden. Terwijl hun ouders in de gevangenis zitten worden deze kinderen hier opgevangen. Je kan Engelse les geven, samen met de kinderen sporten en donateurs rondleiden. (v)

Costa Rica

  • Oefen je Spaans door vrijwilligerswerk te gaan doen bij een liefdadigheidsinstelling. (v)

Frankrijk

  • Werk mee in een opvangtehuis voor vluchtelingen. Ondersteun bij onderwijs, help in een vluchtelingencafé of bied ondersteuning bij asielaanvragen en alfabetiseringswerk in de buitenwijken van Parijs. (v)

Gambia

  • Organiseer sportactiviteiten en/of help mee met het bedenken van creatieve activiteiten voor jongeren. (v)
  • Help mee met de dagelijkse activiteiten bij een jongerencentrum in een vissersdorp. (s)

Ghana

  • Zet je met het hele gezin in voor een sociaal of educatief vrijwilligersproject. (v)
  • Fotografeer en film voor een non-profit organisatie de activiteiten van vrijwilligers en de ontwikkelingen van projecten in de bouw en het onderwijs, zodat hun donateurs op de hoogte blijven. (v)

Guatemala

  • Help bij een project dat kinderen met een hazenlip weer op gewicht wil brengen in een lokaal ziekenhuis. (v)
  • Zorg voor internationaal brand-awareness van handgemaakte producten door Maya-vrouwen met deze uitdagende marketing stage bij een fairtrade winkel. (s)
  • Ben je professioneel ontwerper en spreek je Spaans? Ontwerp als vrijwilliger een trendy collectie van sieraden en accessoires met een Latin-touch voor de internationale fairtrade markt. (v)

Indonesië

  • Ga aan de slag in een kinderopvang of begeleid straatkinderen en vluchtelingen binnen een sociaal project. (v)
  • Help bij het verder ontwikkelen van de artistieke vaardigheden van de Papoea's. Het gaat om gedetailleerd houtsnijwerk, kleurige schilderijen en van boombast gemaakte beschilderde doeken. (v)

Israel en de Palestijnse gebieden

  • Werk mee in een verzorgingstehuis of verpleeghuis. Je zult er onder andere eten geven, koffie/thee verzorgen, bedden opmaken, aankleden maar bovenal aandacht geven aan de bewoners. (b)
  • Doe mee met een programma in Jeruzalem dat probeert om Israëliërs en Palestijnen dichter bij elkaar te brengen. (v)

Laos

  • Wil jij kinderen goed leren lezen? Lever je bijdrage aan een leesproject voor Laotiaanse kinderen en geef begeleiding en tools aan docenten. (v)

Malawi

  • Help mee op een kinderspeelplaats en begeleid bij educatief spelen. (v)

Myanmar (Burma)

  • Help de lokale bevolking op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg en veiligheid door te gaan werken voor een grote ontwikkelingsorganisatie. (b)

Nicaragua

  • Wil je je op een creatieve manier inzetten voor kansarme kinderen in Ticuantepe? Ga dan aan de slag door lessen te geven in dans, circus en kunst en stimuleer zo hun ontwikkeling. (v)

Pakistan

  • Ga werken bij een opvangtehuis voor gehandicapten en minder bedeelden in Karachi. (v)

Peru

  • Draag een steentje bij aan de ontwikkeling van de leefomgeving van de lokale bevolking door aan de slag te gaan bij een liefdadigheidsinstelling. (v)
  • Kom kinderen helpen in lokale scholen, buurthuizen en opvangshuizen. (v)

Roemenië

  • Met diverse projecten kan je hulp bieden aan kinderen uit arme gezinnen, ouderen of daklozen in Boekarest, Sibiu of Cluj-Napoca.

Tanzania

  • Geef lessen Nederlandse Taal en Cultuur op verschillende locaties in Tanzania. (b)
  • Help mee bij een empowerment project voor vrouwen, die hun eigen inkomen genereren door het maken en verkopen van sieraden. (v)
  • Help bij een organisatie op Zanzibar die op een creatieve manier de problemen rondom afval en werkloosheid wil tegengaan. (v)

Zuid-Afrika

  • Lever je bijdrage aan een wereld zonder armoede door te werken voor een ontwikkelingsorganisatie die de lokale bevolking ondersteunt op verschillende gebieden. (b)
  • Kom mee helpen bij een sociaal project waar je straatkinderen en vluchtelingen kan helpen. (v)
  • Ondersteun een project in Kaapstad dat zich richt op het onwikkelen van sportprogramma's voor mensen met een handicap. (v)

Verenigde Staten

  • Help bij sociale projecten met maatschappelijk achtergestelde groepen door de hele V.S. (v)

Vietnam

  • Draag jouw steentje bij door het geven van (Engelse) lessen en het doen van spelletjes met de kinderen in een kindertehuis. (v)

Legenda

b = betaald werk

v = vrijwilligerswerk

s = stage

 

Meer landen & regio's 

 

Welke vaardigheden en competenties ontwikkel je met Macro-economie?

Welke vaardigheden en competenties ontwikkel je met Macro-economie?

Analyseren

  • In de macro-economie ben je bezig om de economische groei op de korte en lange termijn te analyseren aan de hand van de theorie van de bepaling van productie, werkloosheid, inflatie, rentevoeten, wisselkoersen, en andere variabelen; 
  • Je leert hulpmiddelen van economische analyse te beheersen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van modellen voor de korte-, middellange- en lange termijn;
  • Meer weten? Lees meer over analyseren.

Omgevingsbewustzijn

  • Als macro-econoom volg je sociaal-economische ontwikkelingen en benut deze kennis ten behoeve van je vakgebied. 
  • Je leert hiermee welke factoren de welvaart in een volkshuishouding als geheel bepalen;
  • Meer weten? Lees meer over omgevingsbewustzijn.

Oordeel vormen

  • In de macro-economie gebruik je macro-economische modellen en hun voorspellingen om te helpen bij de ontwikkeling en evaluatie van economisch beleid en business strategie.
  • Zo leer je zelfstandig een mening vormen die je kunt onderbouwen.
  • Meer weten? Lees meer over oordeel vormen.

Visie hebben

  • Je plaatst jouw visie op de economie in een ruimere context en in een langetermijn-perspectief van je eigen werkterrein, vakgebied en/of organisatie(-onderdeel). Je schat het belang in van juridische, politieke en maatschappelijke ontwikkelingen, je onderkent trends en kunt deze tevens naar strategische keuzen en acties voor de (het) organisatie(onderdeel) vertalen.
  • Door je werk als macro-econoom ontwikkel je een toekomstbeeld en kun je deze ook uitdragen. Je leert afstand te nemen van de dagelijkse praktijk en feiten, trends en toekomstige ontwikkelingen te onderkennen.
  • Meer weten? Lees meer over visie hebben.

Meer info

Welke vaardigheden en competenties ontwikkel je met Micro-economie?

Welke vaardigheden en competenties ontwikkel je met Micro-economie?

Analyseren

  • In de micro-economie ben je continu bezig om concepten en inzichten van de micro-economie toe te passen op concrete keuzesituaties voor consumenten en producenten;
  • Daarmee oefen je te analyseren en leer je problemen te signaleren, verbanden tussen gegevens te zien, gegronde conclusies te kunnen trekken en consequenties te kunnen inschatten.
  • Meer weten? Lees meer over analyseren.

Omgevingsbewustzijn

  • Als micro-econoom volg je sociaal-economische ontwikkelingen en benut deze kennis ten behoeve van je vakgebied. 
  • Je leert hiermee te bepalen hoe de keuzes van consumenten en producenten afhankelijk zijn van de context, bijvoorbeeld de mededingingssituatie op de markt of overheidsbeleid;
  • Meer weten? Lees meer over omgevingsbewustzijn

Oordeel vormen

  • In de micro-economie kom je op basis van beschikbare informatie tot realistische, onderbouwde en bruikbare conclusies over mogelijke alternatieve handelwijzen, zoals het beoordelen van de effectiviteit van (overheids)maatregelen om de werking van markten te bevorderen.
  • Zo leer je zelfstandig een mening vormen die je kunt onderbouwen.
  • Meer weten? Lees meer over oordeel vormen.

Visie hebben

  • Je plaatst jouw visie op de economie in een ruimere context en in een langetermijn-perspectief van je eigen werkterrein, vakgebied en/of organisatie(-onderdeel). Je schat het belang in van juridische, politieke en maatschappelijke ontwikkelingen, je onderkent trends en kunt deze tevens naar strategische keuzen en acties voor de (het) organisatie(onderdeel) vertalen.
  • Door je werk als micro-econoom ontwikkel je een toekomstbeeld en kun je deze ook uitdragen. Je leert afstand te nemen van de dagelijkse praktijk en feiten, trends en toekomstige ontwikkelingen te onderkennen.
  • Meer weten? Lees meer over visie hebben.

Meer info

De 24 vaardigheden voor een zinvolle en succesvolle werk- en leefomgeving

De 24 vaardigheden voor een zinvolle en succesvolle werk- en leefomgeving

Studievaardigheden opdoen en studieresultaten halen: startpagina's

Studievaardigheden opdoen en studieresultaten halen: startpagina's

Activiteiten als backpacken, betaald werken, stagelopen en vrijwilligerswerk in het buitenland verzekeren: startpagina's

Activiteiten als backpacken, betaald werken, stagelopen en vrijwilligerswerk in het buitenland verzekeren: startpagina's

     

Partnerselectie: Stage in het buitenland I

Partnerselectie: Stage in het buitenland I

Werk, vrijwilligerswerk en stage binnen bedrijven en economische instellingen in binnen- en buitenland: startpagina's

Werk, vrijwilligerswerk en stage binnen bedrijven en economische instellingen in binnen- en buitenland: startpagina's

Werken, stagelopen en vrijwilligerswerk in binnen- en buitenland per activiteit en functie: startpagina's

JoHo zoekt medewerkers die willen meebouwen aan een tolerantere wereld

Werken, jezelf ontwikkelen en een ander helpen?

JoHo zoekt medewerkers, op verschillend niveau, die willen meebouwen aan een betere wereld en aan een zichzelf vernieuwende organisatie

Vacatures en mogelijkheden voor vast werk en open sollicitaties

Vacatures en mogelijkheden voor tijdelijk werk en bijbanen

Vacatures en mogelijkheden voor stages en ervaringsplaatsen

Aanmelden bij JoHo om gebruik te maken van alle teksten en tools
 

Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

The world of JoHo footer met landenkaart

JoHo: crossroads uit selectie
Bedrijf en economie bestuderen: vakken en studiegebieden

Bedrijf en economie bestuderen: vakken en studiegebieden

JoHo WorldSupporter: crossroads
JoHo: paginawijzer

Thema's

Wat vind je op een JoHo Themapagina?

  • Geselecteerde informatie en toegang tot de JoHo tools rond een of meerdere onderwerpen
  • Geautomatiseerde infomatie die aan het thema is gekoppeld

Crossroad: volgen

  • Via een beperkt aantal geselecteerde webpagina's kan je verder reizen op de JoHo website

Crossroad: kiezen

  • Via alle aan het chapter verbonden webpagina's kan je verder lezen in een volgend hoofdstuk of tekstonderdeel.

Footprints: bewaren

  • Je kunt deze pagina bewaren in je persoonlijke lijsten zoals: je eigen paginabundel, je to-do-list, je checklist of bijvoorbeeld je meeneem(pack)lijst. Je vindt jouw persoonlijke lijsten onderaan vrijwel elke webpagina of op je userpage.
  • Dit is een service voor JoHo donateurs en abonnees.

Abonnement: nemen

  • Hier kun je naar de pagina om je aan te sluiten bij JoHo, JoHo te steunen en zo zelf en volledig gebruik maken van alle teksten en tools.

Hoe is de pagina op gebouwd

  • Een JoHo Themapagina pagina is opgezet aan de hand van 10 fases rond een bepaalde thema: statussen
  • De status van een thema kan je inzetten bij de belangrijke en minder belangrijke processen rond het thema van de pagina. Zoals keuzes maken, orienteren, voorbereiden, vaardigheden verbeteren, kennis vergroten, gerelateerd werk zoeken of zin geven.
  • Bij elke status vind je unieke of gerelateerde informatie van de JoHo website, die geautomatiseerd of handmatig wordt geplaatst.
  • Een belangrijk deel van de informatie is exclusief beschikbaar voor abonnees. Door in te loggen als abonnee wordt de informatie automatisch zichtbaar. Let wel, niet elke status zal evenveel content bevatten, en de content zal in beweging blijven.
  • De statussen:
  1. Start
  2. Oriëntatie : startpunt bepalen ->bijvoorbeeld: wat is je vraag of wat is het proces dat je gaat starten
  3. Selectie: verkennen en verzamelen van info en keuzehulp
  4. Afweging: opties bekijken en vergelijken -> bijvoorbeeld: alternatieven zoeken
  5. Competentie: verbeteren en competenties -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te slagen?
  6. Voorbereiding: voorbereiden & oefeningen -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te oefenen of je voor te bereiden?
  7. Inspiratie: vastleggen &  lessen -> bijvoorbeeld: wat leer je en heb je geleerd?
  8. Ervaring: vooruithelpen & hulp -> hoe kan je jezelf nuttig maken?
  9. Beslissing: Uitvoeren en tot resultaat brengen -> bijvoorbeeld wat ga je kopen of kiezen?
  10. Evaluatie: Terugkijken en verder gaan -> bijvoorbeeld: wat komt hierna?
    JoHo: footprints achterlaten
    JoHo: pagina delen

    The world of JoHo footer met landenkaart

    JoHo: Bereikbaarheid - Concept – FAQ - Gegevens - Winkelwagen - Zoeken