Psychologische Test & Intelligentietest maken en interpreteren

 

Psychologische tests doorlopen, duiden en relativeren

 

Assessment - grafologisch onderzoek - Intelligentietest - Persoonlijkheidstest

JoHo: crossroads uit bundel

  Themapagina

Inhoud: psychologische tests, persoonlijkheidstests en intelligentietests

Psychologische Tests & Persoonlijkheidstests

  • Wat houdt een psychologische test in en wat is een persoonlijkheidstest bij een sollicitatie of persoonlijk onderzoek?
  • Wat is een psychologische test voor het verkrijgen van een baan of stage?
  • Wanneer krijg je een psychologische test of een assessment bij je sollicitatie?
  • Wat zijn veelgebruikte persoonlijkheidtests en psychologische tests en wat kan je ermee?
  • Wat houdt een grafologisch onderzoek in bij een psychologische test, assessment of een persoonlijkheidsonderzoek?
  • Wat is de waarde van een psychologische test of een assessment voor een organisatie?
  • Wat zijn de tips van de testafnemers voor de voorbereiding op een psychologische test?
  • Wat zijn de aandachtspunten bij het invullen en analyseren van je persoonlijkheidtest en psychologische test , waar moet je rekening mee houden?

Psychologische Tests &Liiteratuur

  • Welke soorten psychologische testen zijn er?
  • Waar vinden persoonlijkheidstesten hun oorsprong?
  • Wat zijn probleemoplossingsstrategieën en wat is intelligentie?
  • Wat is intelligentie?
  • Hoe kan intelligentie worden gemeten?
  • Hoe werkt het leerproces, het geheugen en intelligentie?

Lees verder voor antwoorden, inspiratie, inzichten en oplossingen

 

Wat houdt een psychologische test in en wat is een persoonlijkheidstest bij een sollicitatie of persoonlijk onderzoek?

Wat houdt een psychologische test in en wat is een persoonlijkheidstest bij een sollicitatie of persoonlijk onderzoek?

Wat houdt een psychologische test in?

  • Psychologische tests zijn ontwikkeld om op een betrouwbare manier de psychologische kenmerken meetbaar te maken. Doel van psychologische tests in de werving en selectie is om inzicht te krijgen in bijvoorbeeld persoonlijkheid, intelligentieniveau en capaciteiten van de sollicitant en daarmee inzicht te krijgen in de geschiktheid van de persoon voor de desbetreffende positie. De test of tests behoren van te voren in de advertentie te zijn aangekondigd.
  • De test bestaat uit enkele oefeningen die binnen een bepaalde tijd moet worden uitgevoerd. Een test kan tien minuten duren, maar kan ook in totaal twee uur duren. Het inzetten van tests wordt vaak in combinatie met een interview gedaan, dat wordt afgenomen door een psycholoog. Een interview tijdens een assessmentdag komt overeen met een sollicitatiegesprek, alleen wordt er meer gericht op de persoonlijkheid en gaat de psycholoog meer de diepte in. Deze stelt op grond van alle onderdelen die je hebt doorlopen een rapport op. Samen neem je aan het eind van de dag de resultaten door en kan hij of jij nog vragen stellen.
  • Over het algemeen worden bij een psychologisch onderzoek drie verschillende soorten tests afgenomen: kennis- en intelligentietests, persoonlijkheids- of beroepsgerichte prestatietests en algemene ontwikkelings- en schoolkennistests.

Wat is een persoonlijkheidstest ?

  • Bij de persoonlijkheidstest worden je persoonlijkheidskenmerken gemeten, zoals openheid, flexibel vermogen, dominantie, enzovoorts.
  • Verder onderzoekt men belangstelling/interesses en specifiek beroepsgerichte eigenschappen, zoals commerciële vaardigheden en organisatietalent, of communicatieve vaardigheden.
  • Bij dit soort tests geef je op een vragenlijst aan in hoeverre een bepaalde uitspraak op je van toepassing is. Jouw algemene kennis wordt bijvoorbeeld getest aan de hand van het schrijven van een opstel. Het schriftelijke gedeelte duurt meestal een hele dag en wordt middels het invullen van formulieren afgenomen.

Wat gebeurd er in het gesprek met de psycholoog of adviseur?

  • In een gesprek met de psycholoog of adviseur worden de schriftelijke tests doorgenomen en wordt aandacht geschonken aan het werk dat je in de betreffende functie zult gaan verrichten, aan je belangstelling, je achtergronden en je motivatie voor de functie
Wat is persoonlijkheidspsychologie, persoonlijkheid en 'human development'?

Wat is persoonlijkheidspsychologie, persoonlijkheid en 'human development'?


Wat is persoonlijkheidspsychologie?

  • De meeste mensen hebben een idee over wat persoonlijkheid inhoudt; er wordt vaak naar verwezen wanneer er over sociale vaardigheden of het meest dominante kenmerk van een persoon wordt gepraat. In de persoonlijkheidspsychologie gaat de definitie echter veel verder.
  • Doordat de definitie vele aspecten heeft, wordt de complexiteit van de menselijke persoonlijkheid hierin gereflecteerd. Persoonlijkheidskenmerken zijn in het algemeen relatief stabiel. De reactie op een soortgelijke situatie kan verschillen tussen personen; in dat geval wordt er gekeken naar individuele verschillen. Een reactie van een persoon kan echter ook veranderen, afhankelijk van de situatie; dit is coherentie in de manier waarop het gedrag verandert. Ook zulke veranderingen kunnen veel vertellen over persoonlijkheid.
  • Het doel van persoonlijkheidspsychologie is om gedrag te beschrijven en voorspellen en daarnaast om aspecten van de persoonlijkheid te begrijpen en verklaren.

Wat is persoonlijkheid?

Persoonlijkheid definiëren is niet gemakkelijk, omdat niet alleen individuele verschillen een rol spelen, maar ook interactie met de omgeving en de psychologische aspecten die onderliggend zijn aan gedachten, gevoel en gedrag. De definitie van het begrip omvat dus de volgende aspecten:

  • Persoonlijkheid is continu, stabiel en coherent;

  • Persoonlijkheid komt op vele manieren tot uiting: van observeerbaar gedrag tot innerlijke gedachten en gevoelens;

  • Persoonlijkheid is georganiseerd;

  • Persoonlijkheid is een voorspeller voor sociaal gedrag;

  • Persoonlijkheid is een psychologisch concept, maar is ook verbonden met biologische kenmerken van een individu.

Wat is de gedachte achter persoonlijkheid?

  • Hoewel persoonlijkheidspsychologie een relatief jong veld is, werd er in de Griekse Oudheid al nagedacht over vragen die gerelateerd zijn aan het veld. Zo postuleerde Hippocrates over verschillende typen basistemperament gerelateerd aan biologische kenmerken, terwijl Aristoteles stelde dat de hersenen de zetel van de rationele geest zijn. Later stelde Descartes dat de mens verdeeld is in een lichaam en een geest: een dualistisch perspectief. In de 18e eeuw ontwikkelde Freud de theorie dat het onbewuste, in plaats van de ratio, bepalend is voor de menselijke aard. Er zijn diverse theorieën over persoonlijkheid, die ieder nadruk leggen op andere aspecten. De huidige visie is dat alle aspecten een rol spelen en dat de theorieën ieder een ander niveau van analyse reflecteren.

Verder verdiepen

Wat zijn veelgebruikte persoonlijkheidtests en psychologische tests en wat kan je ermee?
Wat is een psychologische test voor het verkrijgen van een baan of stage?

Wat is een psychologische test voor het verkrijgen van een baan of stage?

Wat is een psychologische test voor het verkrijgen van een baan of stage?

  • Als onderdeel van de selectieprocedure, meestal voor of na het eerste gesprek, bestaat de mogelijkheid dat je een test moet maken.
  • Doorgaans is dit van tevoren in de advertentie vermeld.
  • Behalve tijdsbesparing zijn er voor de werkgever meer voordelen verbonden aan het gebruik van tests. Een sollicitant die net iets beter is toegerust dan een ander, kan voor een bedrijf in enkele jaren tijd een aanzienlijk groter rendement opleveren. Een test die zo'n werknemer kan selecteren, is dus van groot belang. Bovendien kost het een bedrijf veel geld en moeite om een niet of minder functionerende arbeidskracht te trainen of te vervangen.
  • Je dient je te beseffen dat deze tests slechts een onderdeel van de selectieprocedure zijn. Samen met andere onderdelen, zoals de sollicitatiebrief, het curriculum vitae, de selectiegesprekken en eventuele referenties, geeft een test een totaalbeeld.
  • Het meest gangbaar is de psychologische test. Deze kan, wanneer het meerdere tests betreffen, gedurende één of meer dagen in een gespecialiseerd assessmentbureau worden afgenomen.

Inloggen-> of eerst aansluiten bij JoHo -> verder lezen -> tools gebruiken

Wat zijn de tips van de testafnemers voor de voorbereiding op een psychologische test?
Wat houdt een grafologisch onderzoek in bij een psychologische test, assessment of een persoonlijkheidsonderzoek?

Wat houdt een grafologisch onderzoek in bij een psychologische test, assessment of een persoonlijkheidsonderzoek?

 

  • Het grafologisch of handschriftonderzoek is een methode die eventueel nog ter aanvulling uitgevoerd kan worden. Het is echter een omstreden middel en wordt weinig toegepast. Wanneer in een advertentie om een handgeschreven brief wordt gevraagd, bestaat de kans dat men een grafologisch onderzoek doet. De ervaring leert echter dat men meestal slechts benieuwd is naar het handschrift, is dat netjes of niet, heeft het 'karakter'? Personeelschefs vertrouwen bij het bekijken van een handschrift maar al te vaak op hun intuïtie.
  • Een grafoloog onderzoekt slechts het handschrift, hij bekijkt de brief niet inhoudelijk. Hij kijkt naar on- en regelmatigheden, bekijkt krullen en halen, kijkt of en hoe de letters met elkaar in verbinding staan en hoe het papier is gevuld. De wetenschappelijke analyse van de kenmerken van een handschrift gaat ervan uit dat zich in het schrift het karakter en de eigenschappen van de schrijver manifesteren. Het handschrift bevat zogezegd, naast aanwijzingen over enkele kenmerkende eigenschappen, inzicht in de mens in zijn totaliteit en onderscheidt zich in dat opzicht van de psychologische test die 'slechts' karaktereigenschappen kan toetsen. Grafologische rapporten zeggen hoofdzakelijk iets over de rijpheid van de persoonlijkheid, de harmonie van het karakter, emoties, wil, gevoel van eigenwaarde, energie, doorzettingsvermogen en humor. De betrouwbaarheid van de grafologische test ligt tussen de 70 en 90%. Voor de analyse van een handschrift heeft de grafoloog minstens één tot twee bladzijden handgeschreven tekst nodig. Een verdere voorwaarde is dat het schrift een bepaald ontwikkelingsniveau heeft bereikt, dus afwijkt van het 'schoolhandschrift'. Kenmerken waarop grafologen letten zijn: schrijfbeweging, ritme, regelmatigheid, wijdte, richting, druk van het schrift, boven- en onderlengtes, vereenvoudigingen en versieringen (van het schoolhandschrift), verbindingen van de op- en neerhalen en de vlakverdeling op het papier.
  • De grafoloog komt met een vergelijkbaar rapport als het verslag naar aanleiding van de psychologische test. Aan het onderzoek mag slechts ondersteunende waarde worden toegekend.
Persoonlijkheidstest, psychologische test en assessments: vragen en antwoorden

Persoonlijkheidstest, psychologische test en assessments: vragen en antwoorden

Wat houdt een psychologische test in en wat is een persoonlijkheidstest bij een sollicitatie of persoonlijk onderzoek?

Wat houdt een psychologische test in en wat is een persoonlijkheidstest bij een sollicitatie of persoonlijk onderzoek?

Wat houdt een psychologische test in?

  • Psychologische tests zijn ontwikkeld om op een betrouwbare manier de psychologische kenmerken meetbaar te maken. Doel van psychologische tests in de werving en selectie is om inzicht te krijgen in bijvoorbeeld persoonlijkheid, intelligentieniveau en capaciteiten van de sollicitant en daarmee inzicht te krijgen in de geschiktheid van de persoon voor de desbetreffende positie. De test of tests behoren van te voren in de advertentie te zijn aangekondigd.
  • De test bestaat uit enkele oefeningen die binnen een bepaalde tijd moet worden uitgevoerd. Een test kan tien minuten duren, maar kan ook in totaal twee uur duren. Het inzetten van tests wordt vaak in combinatie met een interview gedaan, dat wordt afgenomen door een psycholoog. Een interview tijdens een assessmentdag komt overeen met een sollicitatiegesprek, alleen wordt er meer gericht op de persoonlijkheid en gaat de psycholoog meer de diepte in. Deze stelt op grond van alle onderdelen die je hebt doorlopen een rapport op. Samen neem je aan het eind van de dag de resultaten door en kan hij of jij nog vragen stellen.
  • Over het algemeen worden bij een psychologisch onderzoek drie verschillende soorten tests afgenomen: kennis- en intelligentietests, persoonlijkheids- of beroepsgerichte prestatietests en algemene ontwikkelings- en schoolkennistests.

Wat is een persoonlijkheidstest ?

  • Bij de persoonlijkheidstest worden je persoonlijkheidskenmerken gemeten, zoals openheid, flexibel vermogen, dominantie, enzovoorts.
  • Verder onderzoekt men belangstelling/interesses en specifiek beroepsgerichte eigenschappen, zoals commerciële vaardigheden en organisatietalent, of communicatieve vaardigheden.
  • Bij dit soort tests geef je op een vragenlijst aan in hoeverre een bepaalde uitspraak op je van toepassing is. Jouw algemene kennis wordt bijvoorbeeld getest aan de hand van het schrijven van een opstel. Het schriftelijke gedeelte duurt meestal een hele dag en wordt middels het invullen van formulieren afgenomen.

Wat gebeurd er in het gesprek met de psycholoog of adviseur?

  • In een gesprek met de psycholoog of adviseur worden de schriftelijke tests doorgenomen en wordt aandacht geschonken aan het werk dat je in de betreffende functie zult gaan verrichten, aan je belangstelling, je achtergronden en je motivatie voor de functie
Wat is een intelligentietest?

Wat is een intelligentietest?

Wat is een intelligentietest?

  • Een intelligentietest behoort vrijwel altijd tot een van de onderdelen van het onderzoek de uitslag van deze test is als een van de beste voorspellers van toekomstig functioneren gebleken.
  • Bij deze test toetst men onder andere taalvaardigheid, abstract denken, logisch denken en het vermogen tot ontwikkelen en toepassen van probleemoplossende strategieën.
Wat is een psychologische test voor het verkrijgen van een baan of stage?

Wat is een psychologische test voor het verkrijgen van een baan of stage?

Wat is een psychologische test voor het verkrijgen van een baan of stage?

  • Als onderdeel van de selectieprocedure, meestal voor of na het eerste gesprek, bestaat de mogelijkheid dat je een test moet maken.
  • Doorgaans is dit van tevoren in de advertentie vermeld.
  • Behalve tijdsbesparing zijn er voor de werkgever meer voordelen verbonden aan het gebruik van tests. Een sollicitant die net iets beter is toegerust dan een ander, kan voor een bedrijf in enkele jaren tijd een aanzienlijk groter rendement opleveren. Een test die zo'n werknemer kan selecteren, is dus van groot belang. Bovendien kost het een bedrijf veel geld en moeite om een niet of minder functionerende arbeidskracht te trainen of te vervangen.
  • Je dient je te beseffen dat deze tests slechts een onderdeel van de selectieprocedure zijn. Samen met andere onderdelen, zoals de sollicitatiebrief, het curriculum vitae, de selectiegesprekken en eventuele referenties, geeft een test een totaalbeeld.
  • Het meest gangbaar is de psychologische test. Deze kan, wanneer het meerdere tests betreffen, gedurende één of meer dagen in een gespecialiseerd assessmentbureau worden afgenomen.

Inloggen-> of eerst aansluiten bij JoHo -> verder lezen -> tools gebruiken

Wat houdt een grafologisch onderzoek in bij een psychologische test, assessment of een persoonlijkheidsonderzoek?

Wat houdt een grafologisch onderzoek in bij een psychologische test, assessment of een persoonlijkheidsonderzoek?

 

  • Het grafologisch of handschriftonderzoek is een methode die eventueel nog ter aanvulling uitgevoerd kan worden. Het is echter een omstreden middel en wordt weinig toegepast. Wanneer in een advertentie om een handgeschreven brief wordt gevraagd, bestaat de kans dat men een grafologisch onderzoek doet. De ervaring leert echter dat men meestal slechts benieuwd is naar het handschrift, is dat netjes of niet, heeft het 'karakter'? Personeelschefs vertrouwen bij het bekijken van een handschrift maar al te vaak op hun intuïtie.
  • Een grafoloog onderzoekt slechts het handschrift, hij bekijkt de brief niet inhoudelijk. Hij kijkt naar on- en regelmatigheden, bekijkt krullen en halen, kijkt of en hoe de letters met elkaar in verbinding staan en hoe het papier is gevuld. De wetenschappelijke analyse van de kenmerken van een handschrift gaat ervan uit dat zich in het schrift het karakter en de eigenschappen van de schrijver manifesteren. Het handschrift bevat zogezegd, naast aanwijzingen over enkele kenmerkende eigenschappen, inzicht in de mens in zijn totaliteit en onderscheidt zich in dat opzicht van de psychologische test die 'slechts' karaktereigenschappen kan toetsen. Grafologische rapporten zeggen hoofdzakelijk iets over de rijpheid van de persoonlijkheid, de harmonie van het karakter, emoties, wil, gevoel van eigenwaarde, energie, doorzettingsvermogen en humor. De betrouwbaarheid van de grafologische test ligt tussen de 70 en 90%. Voor de analyse van een handschrift heeft de grafoloog minstens één tot twee bladzijden handgeschreven tekst nodig. Een verdere voorwaarde is dat het schrift een bepaald ontwikkelingsniveau heeft bereikt, dus afwijkt van het 'schoolhandschrift'. Kenmerken waarop grafologen letten zijn: schrijfbeweging, ritme, regelmatigheid, wijdte, richting, druk van het schrift, boven- en onderlengtes, vereenvoudigingen en versieringen (van het schoolhandschrift), verbindingen van de op- en neerhalen en de vlakverdeling op het papier.
  • De grafoloog komt met een vergelijkbaar rapport als het verslag naar aanleiding van de psychologische test. Aan het onderzoek mag slechts ondersteunende waarde worden toegekend.
Wanneer krijg je een psychologische test of een assessment bij je sollicitatie?

Wanneer krijg je een psychologische test of een assessment bij je sollicitatie?

Een psychologische test of een assessment bij je sollicitatie?

  • Als onderdeel van de selectieprocedure, meestal voor of na het eerste gesprek, bestaat de mogelijkheid dat je een test moet maken.
  • Doorgaans is dit van tevoren in de vacature of tijdens het sollicitatieproces vermeld.
  • Je dient je te beseffen dat deze tests slechts een onderdeel van de selectieprocedure zijn. Samen met andere onderdelen, zoals de sollicitatiebrief, het curriculum vitae, de selectiegesprekken en eventuele referenties, geeft een test een totaalbeeld.
  • Het meest gangbaar is de psychologische test. Deze kan, wanneer het meerdere tests betreffen, gedurende één of meer dagen in een gespecialiseerd assessmentbureau worden afgenomen. In de werving en selectie wordt dan van een assessment gesproken.
  • Verder kun je worden onderworpen aan een arbeidsproef, kan een antecedentenonderzoek ingesteld worden en is het mogelijk dat een grafologisch onderzoek wordt uitgevoerd.
Wat zijn voorbeelden van de assessment center methode en hoe werken ze?

Wat zijn voorbeelden van de assessment center methode en hoe werken ze?

: Twee voorbeelden van een assessment methode

Postmap

  • Je moet een postmap afhandelen en daaruit de prioriteiten destilleren, je moet een vergadering voorbereiden, een memorandum opstellen of een brief dicteren.
  • Ook is het mogelijk dat je gedrag in een groep wordt getoetst, vaak gebeurt dat in de vorm van een rollenspel.
  • Je moet bijvoorbeeld een conflict tussen twee medewerkers oplossen, een slechtnieuwsgesprek voeren, onderhandelen of een klacht afhandelen.
  • Je tegenspelers zijn acteurs of mededeelnemers.

Videotest

  • De assessment center methode is een dure en tijdrovende methode , en bovendien moeilijk te standaardiseren, voor iedere sollicitant is de gesimuleerde situatie anders. Daarom maakt men tegenwoordig veelvuldig gebruik van de videotest. Dit is een gestandaardiseerde test - iedere sollicitant wordt met dezelfde situaties geconfronteerd – die geflmd wordt en slechts een half uur in beslag neemt.
  • Op deze manier worden je communicatieve vaardigheden beoordeeld en kunnen veel van je gedragingen aan de orde komen, afhankelijk van de functie, te denken valt aan leidinggeven, empathie, onderhandelen en assertiviteit.
  • De taak van een manager bestaat bijvoorbeeld uit het motiveren van mensen.
  • Een leidinggevende functionaris beïnvloedt zijn personeel actief om een bepaald gedrag te bewerkstelligen en in een commerciële functie moet een koper actief worden beïnvloed om daadwerkelijk tot de koop over te gaan.
  • Daarnaast neemt de camera ook non-verbale communicatie waar.
  • Denk bijvoorbeeld aan gezichtsuitdrukkingen die boosheid, irritatie of enthousiasme uitstralen, of aan eigenaardige gewoonten van mensen tijdens een gesprek die de aandacht doen verslappen.
  • Deze non-verbale elementen wegen mee met de beoordeling.
  • Door dit gedrag vooraf te testen, kan het risico worden verminderd dat iemand in de praktijk niet tegen zijn taak opgewassen blijkt te zijn.
  • Het gedrag dat iemand laat zien in de videotest moet verder vooral worden gezien als een aanvulling, het geeft kleur aan andere informatie uit een psychologische test en de gesprekken.
  • Je moet bijvoorbeeld schriftelijk of mondeling commentaar geven bij een op video gepresenteerde situatie, gespeeld door professionele acteurs en actrices.
  • Na iedere scène krijg je enkele minuten de tijd om te reageren. Recht voor je staat een monitor, rechts naast je een videorecorder en links van je een camera die feilloos je reacties registreert.
  • De volgende denkbeeldige situatie kan je bijvoorbeeld worden aangeboden via een videorecorder.
    • Een kennis van je geeft wekelijks een lokaal advertentieblad uit. Als eigenaar van een zaak in elektronica heeft hij daar zelf ook baat bij. Jij maakt puzzels voor een puzzeltijdschrift. Je kennis heeft je gevraagd om een puzzelhoek in zijn advertentieblad te verzorgen. Je bent op zijn verzoek ingegaan. Het kostte je twee uur, maar je deed het voor niets omdat je het leuk vond. Je wilt het wel vaker doen, maar dan tegen de normale uurvergoeding voor dat soort zaken van €50,- , alles inbegrepen. Een week later komt je kennis bij je langs en vraagt of je elke week zo'n puzzelhoek wil verzorgen, hij heeft zulke leuke reacties gehad en het kost je waarschijnlijk vrijwel geen tijd en als je je naam erbij zet, is dat meteen reclame voor jou, zo stelt hij. Hoe pak je deze zaak aan?
  • De video-opnamen die zijn gemaakt, worden eventueel aan je werkgever getoond. Je mag de band altijd zien en deze mag niet worden gebruikt voor derden. Eventueel kun je eisen dat de band direct na gebruik wordt vernietigd. Een videotest biedt voordelen voor beide partijen. Worden er bij een bepaalde kandidaat zwakke plekken ontdekt, maar is hij verder prima geschikt voor de functie, dan wordt de opdrachtgever hierover geïnformeerd. Bij aanstelling van de kandidaat kan hier dan rekening mee worden gehouden. De eventuele leerpunten/tekortkomingen kunnen via praktische trainingen worden aangepakt. Uiteindelijk is niemand perfect! Oefenen met een geleende videocamera is goed mogelijk.
Wat is een assessment center methode voor je werk of sollicitatie?

Wat is een assessment center methode voor je werk of sollicitatie?

Wat is een assessment center methode?

  • Regelmatig wordt als aanvulling op de psychologische test gebruik gemaakt van de assessment center methode, een arbeidsproef.
  • Dit geldt voor allerlei functies en met name voor managementfuncties.
  • Een assessment center is een simulatie van een werksituatie, je wordt in een situatie geplaatst waarin de werkelijkheid wordt nagebootst.
  • Bedrijven krijgen een goed totaalbeeld van sollicitanten door hen in de meest verschillende situaties te observeren. Door gebruik te maken van de assessment center methode kan een voorspelling gemaakt worden van het toekomstig gedrag van de potentiële nieuwe medewerker. 
  • Een groep van ongeveer acht sollicitanten wordt met een aantal observatoren één à twee dagdelen bij elkaar gezet. Men houdt zich bezig met rollenspelen en schijnvergaderingen, hierbij wordt het gedrag van de kandidaten nauwlettend in de gaten gehouden en beoordeeld door observanten, een psycholoog en soms toekomstige collega's: wie neemt de initiatieven, wie durft creatief te zijn, wie doet zijn mond te weinig of juist teveel open, enzovoorts.
Wat zijn veelgebruikte persoonlijkheidtests en psychologische tests en wat kan je ermee?
Waar moet je aan denken als je van tests en andere tools gebruik maakt om persoonlijkheid te testen?

Waar moet je aan denken als je van tests en andere tools gebruik maakt om persoonlijkheid te testen?

Waar moet je aan denken als je van persoonlijkheidstests en andere tools gebruik maakt?

  • De praktijk en de ontwikkeling van mensen is niet echt in een wetenschappelijk of computer gestuurd systeem te vatten. Tests zijn gebaseerd op bepaalde aannames, vaste informatie en beperken zich tot de grote lijn omdat er ander geen systeem van gemaakt kan worden. Als studie- of beroepskeuze tests echt goed zouden werken dan zou de wereld er heel anders uit zien.
  • Er is geen enkele studie- of beroepskeuze test die rekening houdt met de cultuur van een bedrijf of organisatie terwijl dat uiteindelijk van doorslaggevend belang kan zijn.
  • Er is geen enkele studiekeuze test die rekening houdt met alle verschillende mogelijkheden op de arbeidsmarkt of jouw ontwikkeling op latere leeftijd.
  • Dus houd er rekening mee dat je de ervaringen met tests stevig relativeert en alleen gebruikt om je eigen onderzoek mee aan te vullen. Laat het niet leidend zijn.

 

Wat zijn de meest gangbare psychologische tests die je bij een sollicitatie kunt tegenkomen en hoe kom je er doorheen?
Wat zijn de aandachtspunten bij het invullen en analyseren van je persoonlijkheidtest en psychologische test, waar moet je rekening mee houden?
Wat zijn de tips van de testafnemers voor de voorbereiding op een psychologische test?
Wat is de waarde van een psychologische test of een assessment voor een organisatie?

Wat is de waarde van een psychologische test of een assessment voor een organisatie?

Wat is de waarde van een psychologische test of een assessment voor een organisatie?

  • De waarde van een psychologische test word soms in twijfel getrokken.
  • De kosten voor de werkgever zijn onevenredig hoog, de kwaliteit van de vragen en de voorspellende waarde van de tests worden betwist. Wat iemand op papier zegt te zullen doen, kan in de praktijk heel anders uitpakken.
  • Daarbij komt dat de tests, doordat er momenteel zoveel oefenmateriaal en cursussen voorhanden zijn, aan objectiviteit hebben ingeboet.
  • Het maken van een psychologische test is trouwens nooit verplicht, maar weigering kan toch worden geïnterpreteerd als een terugtrekking uit de sollicitatieprocedure.
Wat zijn voorbeelden van sollicitatie opdrachten en assessment centers in de marketing- en communicatiesector?
Welke tests en tools kan je gebruiken voor je zelfkennis, persoonlijkheid en het voorhouden van een spiegel
Psychologie en gedrag: begrippen, definities en inzichten

Psychologie en gedrag: begrippen, definities en inzichten

Wat zijn mens- en gedragswetenschappen als psychologie en antropologie?

Wat zijn mens- en gedragswetenschappen als psychologie en antropologie?

Wat zijn de kernvragen van mens- en gedragswetenschappen als psychologie en antropologie

  • Bij mens- en gedragswetenschappen staat de mens centraal. De psyche van de mens is hierbij van groot belang, maar ook de geestelijke, fysieke en sociaaleconomische ontwikkeling van de mens.
  • Hieronder vind je een overzicht van de deelgebieden van mens- en gedragswetenschappen om op te oriënteren en uit te kiezen. Zo kun je je bekwamen in de psychologie, maar bijvoorbeeld ook in filosofie of ontwikkelingssamenwerking.
  • Centrale vragen die worden behandeld in  mens- en gedragswetenschappen zijn onder andere:
    • Waarom denken, voelen en gedragen mensen zich zoals ze doen?
    • Wat zijn de verbanden tussen gedrag en mentale processen?
    • Hebben gedrag en mentale processen een genetische en evolutionaire basis of zijn ze gevormd door opvoeding en omgeving?
    • Hoe leren mensen?
    • Hoe diagnosticeer je of iemand een stoornis heeft?
    • Hoe gedragen groepen zich, bijvoorbeeld op de werkvloer?

Waarom zijn mens- en gedragswetenschappen relevant?

  • mens- en gedragswetenschappen hebben als doel om gedrag van de mens te begrijpen.
  • Dit is dagelijks van toepassing: een conflict dat ontstaat tussen vrienden, je neefje dat leert lopen, een opvliegende collega, je oma die steeds vergeetachtiger wordt etc.
  • mens- en gedragswetenschappen worden daarom niet alleen gebruikt door psychologen, psychiaters, pedagogen en andere gedragswetenschappers, maar door iedereen die geïnteresseerd is in menselijk gedrag.
  • Ook wordt het gebruikt door mensen die een bepaald doel willen bereiken, bijvoorbeeld managers, ondernemers, reclamemakers, docenten, rechercheurs en mensen die in de zorg werken.
Wat is psychologie studeren en gedrag bestuderen?

Wat is psychologie studeren en gedrag bestuderen?

Welke vakken en wetenschappen bestuderen de geest?

  • Cognitieve psychologie is de wetenschap die bestudeert hoe de hersenen informatie verwerken. Hierbij wordt gekeken naar hoe we externe informatie tot ons nemen, hoe we het interpreteren en hoe we het gebruiken.
  • Persoonlijkheidsleer kijkt naar de processen die persoonlijkheid beïnvloeden, waarbij persoonlijkheidspsychologen de invloed van cultuur, leren, biologie en cognitie onderzoeken.
  • Psychopathologie gaat over het ontstaan, de ontwikkeling en de behandeling van mentale stoornissen.

Welke vakken en wetenschappen bestuderen gedrag?

  • De biologische psychologie en neuropsychologie leggen de link tussen de hersenen en het gedrag en omvatten kennis van de hersenen.
  • De gezondheidspsychologie bestudeert ziektepatronen, hoe we tegen ziektes aankijken, de gevolgen van stress en het verband tussen onze emoties en de biologische processen in ons lichaam.
  • De klinische psychologie is de toepassing van psychologie om psychische problemen te diagnosticeren en aan te pakken.
  • De sociale psychologie probeert de diepere betekenis te achterhalen van mentale processen die ten grondslag liggen aan sociaal gedrag. (Sociale) psychologie onderscheidt zich van bijvoorbeeld filosofie, sociologie en antropologie door de methode van onderzoek (scientific method) waarin ze de theorieën testen op bewijs. Dit betekent dat theorieën testbaar moeten zijn.
  • Arbeids- en organisatiepsychologie richt zich op het toepassen van psychologische theorieën, principes en onderzoek op de werksituatie.
  • Criminologie is de wetenschap van het bestuderen van het gedrag dat door de wetgever strafbaar is gesteld. Door middel van kennis wordt gezocht naar de meest effectieve en menselijke manier van aanpak van criminaliteit. Bij de criminologie wordt multidisciplinair gekeken: rechten, sociologie, psychologie, biologie en meer.
  • De filosofie stelt fundamentele vragen, deze zijn radicaal en veelomvattend, ze richten zich op de grondbeginselen waarbinnen het menselijk bestaan zich voltrekt.

Welke vakken en wetenschappen bestuderen hoe iemand leert?

  • Ontwikkelingspsychologie omschrijft en verklaart veranderingen in de gedachten, het gedrag, de redenering en het functioneren van een persoon onder invloed van de biologische, individuele en omgevingsfactoren. Ontwikkelingspsychologen bestuderen de ontwikkeling van kinderen en de ontwikkeling van alle mensen gedurende het hele leven vanuit verschillende perspectieven.
  • De pedagogiek helpt reflecteren over opvoedings- en ontwikkelingsdoelen om zo opvoeding en onderwijs te verbeteren en ondersteunen. De pedagogiek bekijkt hoe het belang van het kind het beste gediend kan worden. In veel opzichten lijken de pedagogiek en psychologie op elkaar. Zowel psychologie als pedagogiek richten zich op de opvoeding en ontwikkeling van kinderen. Er zijn wel een aantal verschillen. Het verschil tussen psychologie en pedagogiek; de psychologie richt zich alleen op de ontwikkeling van en de interactie met het kind. Pedagogiek gebruikt perspectieven uit verschillende disciplines, waaronder de psychologie, maar ook bijvoorbeeld geneeskundige perspectieven. Daarnaast legt de psychologie de nadruk op beschrijving en verklaring van ontwikkeling. De pedagogiek is vooral gericht op de praktische toepassing van de verkregen kennis; hoe moet je iets dan in de praktijk aanpakken.
  • Onderwijskunde is breder dan de meeste mensen denken, het richt zich op leren en instructie binnen een variatie aan contexten, onder andere binnen scholen.
  • Het bestuderen van de gevolgen van kindermishandeling analyseert de gevolgen van agressie, fysiek pijn doen en verwaarlozing van een jong kind.

Verder lezen

Wat is psychologie?

Wat is psychologie?

Wat is psychologie?

  • De psychologie is de wetenschap van het gedrag en de geest. Bij gedrag draait het om observeerbare acties van mensen en dieren, en bij de geest (mind) hebben we het over alle menselijke subjectieve ervaringen zoals het geheugen, de gevoelens en de dromen van de mens, maar ook alle onbewuste kennis en gewoontes die invloed hebben op het bewuste gedrag van mensen.
  • Wetenschap wordt ook wel gedefinieerd als 'pogingen om door middel van systematische verzameling van observeerbare data, en de logische analyse daarvan, antwoorden te vinden op vragen'.
  • De mens is het enige wezen dat zijn acties, gevoelens, dromen en gedachten kan overdenken. Deze mogelijkheid tot reflecteren heeft geleid tot het ontstaan van de psychologie als wetenschap.
  • De belangrijkste vraag die we onszelf binnen de psychologie stellen is: “waarom denken, voelen en gedragen mensen zich zoals ze doen?” De geest is niet direct observeerbaar en daarom is men in de psychologie vaak aangewezen op het interpreteren van observeerbare gedragingen om data te verzamelen. Die data worden vervolgens vaak gebruikt om conclusies over de geest te trekken.
Wat is psychiatrie?

Wat is psychiatrie?

    Wat behoort tot de psychiatrie?

    • Psychiaters zijn bezig met de oppervlakte, met datgene wat men aan een patiënt kan zien en horen.
    • Symptomen behorende tot het domein van de psychiater kunnen psychische oorzaken hebben, maar het is evenzeer mogelijk dat zij kunnen worden teruggevoerd op lichamelijke ziekten (bv. Depressie veroorzaakt door hypothyreoïdie). Omgekeerd kunnen psychische factoren stoornissen veroorzaken op lichamelijke vlak: anorexia nervosa.
    • Psychiatrie heeft dus overlapping met andere specialismen, maar de nadruk ligt op psychische symptomen of psychische oorzaken.

    Wat behoort niet tot de psychiatrie?

    • Diepgaande beschouwingen en speculaties over wat er achter en onder psychische klachten zit, spelen in de dagelijkse praktijk van de psychiatrie geen rol van betekenis. Ook geeft de psychiatrie geen diepe inzichten in de psyche of in de samenhang tussen lichaam en geest.
    • Door bestudering van de psychiatrie krijgt men weliswaar meer oog voor de structuur van psychische processen en wat daarin mis kan gaan, maar verwerft men niet automatisch meer zelfkennis.
    Wat is antropologie of culturele antropologie en volkenkunde?

    Wat is antropologie of culturele antropologie en volkenkunde?

    Wat is antropologie?

    • Antropologie is de studie naar de menselijke soort en haar directe voorouders, een vergelijkende en holistische wetenschap. Het bestudeert de menselijke diversiteit in tijd en ruimte, het geheel van de menselijke gesteldheid: biologie, taal, samenleving en cultuur; heden, verleden en toekomst. Meer lezen: Cultural Anthropology: Appreciating Cultural Diversity van Kottak

    Wat is culturele antropologie?

    • Culturele antropologie (ofwel volkenkunde, etnologie, sociale antropologie , sociaal-culturele antropologie) is dat onderdeel van de antropologie dat het die het sociale gedrag, het economische gedrag en de religie bevolkingsgroepen bestudeert.
    Wat is biopsychologie en wat is neuropsychologie?

    Wat is biopsychologie en wat is neuropsychologie?

    Wat is neuropsychologie?

    • De neuropsychologie bestudeert de relatie tussen het brein en gedrag door middel van de biologische achtergrond. Vanuit de neurochirurgie, psychometrie, statistiek en beeldvorming van het functionerende brein samen is de noodzaak van de richting neuropsychologie ontstaan. In de neuropsychologie zijn er twee hypotheses: 1) de breinhypothese en 2) de neuronhypothese. De breinhypothese houdt in dat het brein de bron is van gedrag. De neuronhypothese houdt in dat het neuron de bouwsteen van het brein is.

    Wat is biopsychologie?

    • De biologische psychologie is de toepassing van principes uit de biologie op de bestudering van het gedrag van mensen en dieren.
    • Biopsychologie en neuropsychologie zijn overlappende studiegebieden, het belangrijkste verschil is dat in neuropsychologie vaak de focus ligt op mensen met stoornissen in het zenuwstelsel, terwijl in biopsychologie het verband tussen brein en gedrag op een bredere manier wordt onderzocht en ook dieren zoals ratten en muizen worden gebruikt in experimenten om het gedrag te bestuderen.

    Meer lezen

    Wat is human resource management (HRM)?

    Wat is human resource management (HRM)?

    • De meest gehanteerde definitie van HRM in de literatuur is van Storey (2000): “HRM is een specifieke benadering van personeelsbeleid, die ernaar streeft competitief voordeel te halen en te behouden door het op een strategische wijze inzetten van sterk betrokken en bekwame medewerkers, en hierbij gebruikmaakt van een scala aan personeelstechnieken”.
    • Recentelijk is ook de term talentmanagement belangrijk. Hierbij gaat het om “het strategisch management van de stroom van talent door de organisatie, met als doel verzekeren dat het nodige talent wordt aangetrokken, behouden, ontwikkeld en gemotiveerd om te werken richting de strategische doelstellingen van de organisatie” (Effron & Ort, 2010; McCauley & Wakefield, 2006).

    Bronnen en meer lezen

    Wat is organisatiepsychologie en wat is arbeidspsychologie?

    Wat is organisatiepsychologie en wat is arbeidspsychologie?

    Wat is organisatiepsychologie?

    • In de organisatiepsychologie gaat het om de relatie tussen de werknemer en de sociale werkomgeving. De relatie met de organisatie als geheel, de onderdelen van de organisatie,  waar onderdelene waarbinnen men werkt en het werken met collega's
    • Organisatiepsychologie kan ook gezien worden als een combinatie van vaardigheden en kennis die toegepast kan worden op verschillende aspecten van het leven en niet alleen op het werk. Zo zijn organisatiepsychologen onlangs begonnen met het onderzoek naar een groene maatschappij, met name groene bedrijven. Een ander voorbeeld van een aspect waar organisatiepsychologie op toegepast kan worden is armoede (Conte & Landy)

    Wat is arbeidspsychologie?

    • In de arbeidspsychologie gaat het om de relatie tussen kenmerken van het werk en het functioneren van werknemers, en dan met name hoe werknemer en werkgever zich daarij voelen
    • Bijvoorbeeld de werkdruk, de arbeidsethos, de mate van zelfstandig beslissingen kunnen nemen, de mate van verantwoordelijkheid nemen, de verantwoordelijkheid die men wel of niet aan kan.

    Wat is personeelspsychologie?

    • Bij personeelspsychologie gaat het om de relatie tussen de motivatie en prestatie van een medewerker in een organisatie .
    • Bijvoorbeeld door het trainen van medewerkers, door het inzicht geven in de persoonlijke ontwikkeling of stagnering of bijvoorbeeld door specifieke werving en selectie.

    Wat is sociale psychologie?

    Bronnen en verdiepen

    Wat is persoonlijkheidspsychologie, persoonlijkheid en 'human development'?

    Wat is persoonlijkheidspsychologie, persoonlijkheid en 'human development'?


    Wat is persoonlijkheidspsychologie?

    • De meeste mensen hebben een idee over wat persoonlijkheid inhoudt; er wordt vaak naar verwezen wanneer er over sociale vaardigheden of het meest dominante kenmerk van een persoon wordt gepraat. In de persoonlijkheidspsychologie gaat de definitie echter veel verder.
    • Doordat de definitie vele aspecten heeft, wordt de complexiteit van de menselijke persoonlijkheid hierin gereflecteerd. Persoonlijkheidskenmerken zijn in het algemeen relatief stabiel. De reactie op een soortgelijke situatie kan verschillen tussen personen; in dat geval wordt er gekeken naar individuele verschillen. Een reactie van een persoon kan echter ook veranderen, afhankelijk van de situatie; dit is coherentie in de manier waarop het gedrag verandert. Ook zulke veranderingen kunnen veel vertellen over persoonlijkheid.
    • Het doel van persoonlijkheidspsychologie is om gedrag te beschrijven en voorspellen en daarnaast om aspecten van de persoonlijkheid te begrijpen en verklaren.

    Wat is persoonlijkheid?

    Persoonlijkheid definiëren is niet gemakkelijk, omdat niet alleen individuele verschillen een rol spelen, maar ook interactie met de omgeving en de psychologische aspecten die onderliggend zijn aan gedachten, gevoel en gedrag. De definitie van het begrip omvat dus de volgende aspecten:

    • Persoonlijkheid is continu, stabiel en coherent;

    • Persoonlijkheid komt op vele manieren tot uiting: van observeerbaar gedrag tot innerlijke gedachten en gevoelens;

    • Persoonlijkheid is georganiseerd;

    • Persoonlijkheid is een voorspeller voor sociaal gedrag;

    • Persoonlijkheid is een psychologisch concept, maar is ook verbonden met biologische kenmerken van een individu.

    Wat is de gedachte achter persoonlijkheid?

    • Hoewel persoonlijkheidspsychologie een relatief jong veld is, werd er in de Griekse Oudheid al nagedacht over vragen die gerelateerd zijn aan het veld. Zo postuleerde Hippocrates over verschillende typen basistemperament gerelateerd aan biologische kenmerken, terwijl Aristoteles stelde dat de hersenen de zetel van de rationele geest zijn. Later stelde Descartes dat de mens verdeeld is in een lichaam en een geest: een dualistisch perspectief. In de 18e eeuw ontwikkelde Freud de theorie dat het onbewuste, in plaats van de ratio, bepalend is voor de menselijke aard. Er zijn diverse theorieën over persoonlijkheid, die ieder nadruk leggen op andere aspecten. De huidige visie is dat alle aspecten een rol spelen en dat de theorieën ieder een ander niveau van analyse reflecteren.

    Verder verdiepen

    Wat is sociale psychologie, en wat zijn de belangrijkste definities en omschrijvingen binnen de sociale psychologie?

    Wat is sociale psychologie, en wat zijn de belangrijkste definities en omschrijvingen binnen de sociale psychologie?

    Wat is sociale psychologie?

    • Sociale psychologie is de tak van psychologie die tracht de aard en oorzaken van gedrag en gedachten van individuen in sociale situaties op wetenschappelijke wijze te verklaren.
    • Sociale psychologie past de wetenschappelijke waarden en methodes toe bij het onderzoeken. Sociaal gedrag en gedachten kunnen namelijk niet betrouwbaar met het gezonde verstand of intuïtie verklaard worden. Deze zijn namelijk door vooroordelen beïnvloed. Wetenschap refereert naar een reeks waarden en meerdere methodes die gebruikt kunnen worden om een breed scala aan onderwerpen te onderzoeken. Vier van de belangrijkste kernwaarden zijn:
      • Nauwkeurigheid (‘accuracy’). Een toezegging tot het verzamelen en evalueren van informatie over de wereld (inclusief sociaal gedrag en -denken) op een manier die zo zorgvuldig, nauwkeurig en foutloos mogelijk is.
      • Objectiviteit (‘objectivity). Een toezegging tot het verwerven en evalueren van zulke informatie op een manier die vrij van bias en zo humaan mogelijk is.
      • Scepticisme (‘skepticism’). Een toezegging tot het accepteren van bevindingen als accuraat enkel als ze herhaaldelijk zijn geverifieerd.
      • Onbevangenheid (‘open-mindedness’). Een toezegging tot het veranderen van je visie, zelfs als er sterk aan wordt vastgehouden, als bestaand bewijs suggereert dat deze visie onnauwkeurig is.
    • Deze waarden zijn belangrijk omdat de mens geen perfecte informatieverwerkingsmachine is. Zo is bijvoorbeeld een veelgemaakte denkfout of illusie de planning fallacy, de sterke neiging om te geloven dat plannen minder tijd zullen innemen, dan dat ze in werkelijkheid doen.

    Sociale psychologie focust op het gedrag van individuen

    • In de sociale psychologie wordt er vooral gekeken naar het gedrag van individuen, en hoe dit gedrag door allerlei factoren beïnvloed wordt. Zo is het belangrijk om te kijken naar in welke mate individueel gedrag beïnvloed wordt door de groep, door cultuur, en door emoties en stemming. Er is steeds meer aandacht voor hoe factoren als cultuur en etniciteit invloed hebben op de vorming van het individuele gedrag.

    Sociale psychologie probeert de oorzaken van sociaal gedrag te begrijpen

    • Sociale psychologen zijn – zoals hierboven ook al aangegeven – geïnteresseerd in de oorzaken die van invloed zijn op het sociale gedrag en denken van het individu in de sociale omgeving.
    • Hierbij spelen de volgende kenmerken een rol: acties en karakteristieken van andere personen; cognitieve processen zoals herinneringen en interpretaties; omgevingsvariabelen zoals het weer of een bepaalde geur; de culturele context met haar bijbehorende normen en waarden; en ten slotte biologische en genetische factoren.
    • Biologische factoren worden vooral benadrukt door psychologen die zich bezighouden met evolutionaire psychologie, een tak van de psychologie die stelt dat soorten subject zijn van biologische evolutie. Interessant hierbij is het onderscheid tussen de effecten die evolutie heeft op mannen en vrouwen.

    De zoektocht naar basisprincipes in een veranderende sociale wereld

    • Een kerndoel van wetenschap is het ontwikkelen van basisprincipes die nauwkeurig zijn, ongeacht waar of wanneer ze getest of toegepast worden. Sociale psychologen ontwikkelen geen wiskundige formules, maar zoeken naar de basisprincipes die het sociale leven leiden. Hoewel ze erkennen dat culturen erg verschillen en dat de sociale wereld constant verandert, zoeken ze naar basisprincipes die waarachtig zullen in de tijd en in verschillende culturen.

    Wat zijn kenmerken van de moderne sociale psychologie?

    • De sociale psychologie is continu in beweging en aan het veranderen. Een aantal veranderingen die zijn ontstaan in de loop van de tijd worden hieronder beschreven.

    Cognitie en gedrag: twee zijden van dezelfde sociale munt

    • Tegenwoordig zijn sociale psychologen overtuigd van het idee dat het sociale gedrag niet los gezien kan worden van de sociale gedachten (cognitie). Gedrag (hoe mensen zich in sociale situaties gedragen) en gedachten (hoe mensen over zichzelf en anderen denken) beïnvloeden elkaar continu op complexe wijze.

    De rol van emotie in de sociale kant van het leven

    • Sociale psychologen zijn altijd geïnteresseerd in emoties en gemoedstoestanden; ze spelen immers een belangrijke rol in meerdere aspecten van het sociale leven. Onderzoek heeft bijvoorbeeld aangetoond dat positieve stemmingen onze neiging tot het helpen van anderen verhogen.

    Het belang van sociale relaties voor het welzijn

    • De invloed van relaties op ons sociale leven is groot, vandaar de grote interesse van sociale psychologen in het begrijpen van de sociale aard van relaties. Relaties zijn onze sociale banden met andere personen, variërend van oppervlakkige kennissen tot intense lange termijn relaties zoals een huwelijk of levenslange vriendschappen.

    Sociale neurowetenschap: de kruising van sociale psychologie en hersenonderzoek

    • De moderne sociale psychologie is tegenwoordig eclectisch van aard en dat komt tot uiting in het gebruik van zeer verschillende onderzoeksmethodes. Zo zijn sociale psychologen zich in de afgelopen jaren steeds meer gaan interesseren voor de neurowetenschappen om hiermee sociaal gedrag en gedachten te kunnen verklaren. In de sociale neurowetenschap worden neurale en biologische oorzaken voor sociale processen nader onderzocht. Neurowetenschappers bestuderen bijvoorbeeld gebeurtenissen in de hersenen, andere neurale activiteiten, en zelfs veranderingen in het immuunsysteem om te bepalen hoe deze zich verhouden tot belangrijke sociale processen. Hiervoor gebruiken ze bijvoorbeeld MRI en andere hersenscans.

    De rol van impliciete (onbewuste) processen

    • Een ander nieuw belangrijk thema van de moderne sociale psychologie is onderzoek naar de rol van impliciete (onbewuste) processen op sociaal gedrag en denken. Vaak worden gedragingen en gedachten beïnvloed door factoren waar men zich niet van bewust is. Een belangrijke kanttekening hierbij is dat onderzoek naar impliciete processen zich op een grensgebied van de sociale psychologie bevindt.

    Volledig rekening houden met sociale diversiteit

    • Tegenwoordig is men in de sociale psychologie overtuigd van het feit dat culturele en etnische factoren van grote invloed zijn op sociale gedragingen en gedachten. Dit multicultureel perspectief heeft geleid tot belangrijke veranderingen in de focus van het sociaalpsychologische onderzoek. De nadruk ging meer liggen op de etnische en culturele verschillen bij zeer uiteenlopende sociale processen. Het herkennen van de verschillen is van groot belang.

    Welke onderzoeksmethoden worden er in de sociale psychologie gebruikt?

    • Sociale psychologen trachten antwoorden te krijgen op vragen over sociaal gedrag en denken met behulp van verschillende methodes van onderzoek.

    Systematische observatie: het beschrijven van de wereld om ons heen

    Een belangrijke onderzoeksmethode voor het bestuderen van sociaal gedrag is systematische observatie, waarbij gedrag systematisch geobserveerd en geregistreerd wordt. Bij naturalistische observatie wordt het gedrag onderzocht in de omgeving waar het normaal voorkomt. Een andere methode is het afnemen van vragenlijsten waarbij een groot aantal mensen vragen worden gesteld over hun houding en gedrag. De ondervraagde personen moeten dan wel een goede representatie zijn van de grotere populatie mensen, waarover men uiteindelijk iets wil kunnen concluderen.

    Correlatie: de zoektocht naar relaties

    • In de correlationele statistiek worden twee of meer variabelen systematisch geobserveerd om te kunnen bepalen of een verandering in de ene variabele gepaard gaat met een verandering in de andere variabele.
    • Onderzocht wordt dus of de variabelen aan elkaar gerelateerd zijn. De methode van onderzoek waarbij correlaties onderzocht worden is bruikbaar als het gaat om het maken van accurate voorspellingen. Het bestaan van correlaties tussen variabelen houdt echter niet vanzelf in dat er ook een oorzakelijk verband bestaat. Dit is een tekortkoming van deze methode van onderzoek. Ook als het gaat om het geven van een verklaring schiet de methode tekort. Daarom geven veel onderzoekers de voorkeur aan andere vormen van onderzoek zoals de experimentele methode waarmee onderzoekers een verklaring hopen te geven voor relaties.

    De experimentele methode: kennis door systematische interventie

    • Bij de experimentele methode wordt kennis verkregen door systematische interventie. In deze methode van onderzoek worden een of meer factoren (de afhankelijke variabelen) systematisch veranderd om te kunnen bepalen of deze veranderingen een effect hebben op zekere aspecten van gedrag (de afhankelijke variabelen). De onafhankelijke variabele is de variabele die systematisch veranderd wordt in een experiment. De afhankelijke variabele is de variabele die gemeten wordt in het experiment.
    • Bij de sociale psychologie wordt in de experimentele methode de aanwezigheid of kracht van een variabele, waarvan men vermoedt dat deze op het sociale gedrag of denken van invloed is, systematisch veranderd. Vervolgens worden de effecten van deze veranderingen (als er veranderingen zijn) zorgvuldig gemeten. Belangrijke voorwaarde voor het verkrijgen van valide gegevens is dat de deelnemers random (ze hebben evenveel kans) aan de experimentele condities worden toegewezen.
    • Een andere belangrijke voorwaarde voor succesvolle onderzoeksresultaten is het constant houden van alle andere variabelen (buiten de onafhankelijke) die mogelijk ook van invloed kunnen zijn op het gedrag of denken van het individu. De externe validiteit is ook een punt van aandacht bij de experimentele methode. Omdat onderzoek in een onnatuurlijke setting (onderzoeksruimte) plaats vindt, moet men zich afvragen of de bevindingen gegeneraliseerd kunnen worden naar de sociale situaties in het echte leven en of ze gegeneraliseerd kunnen worden naar mensen die niet mee hebben gedaan aan het onderzoek.
    • Verder kan de experimentele methode soms niet worden gebruikt uit praktische of ethische overwegingen.

    Verder denkgoed over causaliteit: de rol van mediërende variabelen

    • Een indirecte en bemiddelende variabele (mediërende variabele) is een variabele die wordt beïnvloed door een onafhankelijke variabele en vervolgens zelf een afhankelijke variabele beïnvloedt. Mediërende variabelen helpen uit te leggen waarom of hoe specifieke variabelen op een bepaalde manier sociaal gedrag of gedachtes beïnvloeden.

    Meta-analyse: het beoordelen van de verzamelde kennis

    • Belangrijk is dat onderzoeken herhaald worden. Pas als onderzoeksresultaten bevestigd worden door meerdere onderzoeken (door verschillende onderzoekers in verschillende onderzoekssituaties) kan men deze echt vertrouwen. Meta-analyses worden toegepast voor het combineren van onderzoekgegevens van onafhankelijke onderzoeken, om te kunnen bepalen of specifieke variabelen (of interacties tussen variabelen) significante effecten hebben door alle studies heen.

    Wat is de rol van theorie in sociale psychologie?

    • In de sociale psychologie, net als in andere wetenschappen, wil men niet alleen bepaalde zaken beschrijven maar is men op zoek naar verklaringen. Om verklaringen te kunnen geven worden theorieën opgesteld.
    • Theorieën zijn uiteenzettingen van mogelijke verklaringen voor bepaalde gebeurtenissen of processen. Theorieën spelen een belangrijke rol in de sociale psychologie.
    • De procedure bij het opstellen van een theorie verloopt als volgt: allereerst wordt op basis van bestaande bewijzen een theorie voorgesteld. Deze theorie helpt bestaande gegevens te organiseren en maakt voorspellingen over observeerbare gebeurtenissen. Deze voorspellingen worden hypotheses genoemd en worden nader onderzocht. Als de resultaten overeenkomen met de theorie groeit het vertrouwen in de accuraatheid. Uiteindelijk wordt de theorie geaccepteerd als kloppend of afgewezen als niet kloppend.
    • Bewijs vinden voor een theorie betekent nooit dat onderzoek hierna afgesloten kan worden. Het staat altijd open voor nader onderzoek en kan meer of minder onderbouwd worden. Tot slot: onderzoek is er nooit op uit om een theorie te bewijzen maar om bewijsmateriaal te vinden die relevant is voor een theorie.

    Hoe wordt er een balans gevonden tussen de zoektocht naar kennis en de rechten van individuen?

    • Sociale psychologen zijn vaak terughoudend in het vertellen van de echte reden van het onderzoek aan de deelnemers, omdat dat het gedrag van de deelnemers hierdoor beïnvloed zou kunnen worden. Dit wordt deceptie genoemd. Deceptie roept ethische vragen op. Er moeten daarom twee procedures gevolgd worden om de gevaren van deceptie te verkleinen:
      • Allereerst de procedure van geïnformeerde toestemming (informed consent). Dit houdt in dat de deelnemers zoveel mogelijk informatie over het onderzoek krijgen voor ze beslissen wel of niet mee te doen.
      • Ten tweede is ‘debriefing’ van groot belang. Dit houdt in dat achteraf het doel van het onderzoek heel goed duidelijk gemaakt wordt en dat eventuele misleidingen of achtergehouden informatie onthuld wordt.
    Hoe ontstaan psychologische mythes?

    Hoe ontstaan psychologische mythes?


    Introductie

    • De populaire psychologie is een enorme bron van informatie over menselijk gedrag. Veel van deze informatie is correct, maar helaas bevat de populaire psychologie ook veel misinformatie die wetenschappelijke bevindingen tegenspreekt. Deze misinformatie wordt ook wel psychomythologie genoemd.
    • Veel van de dagelijks gebruikte psychologie bevat zogenaamde fireside inducties: assumpties over gedrag uitsluitend gebaseerd op onze intuïties. En dat is een van de redenen waarom mensen zo gemakkelijk verleid worden door de psychomythologie, namelijk omdat het overeenkomt met onze intuïties en eerste indrukken.
    • Als algemene regel moet echter gehanteerd worden dat als eerste wetenschappelijke bevindingen worden geraadpleegd wanneer het gaat om het controleren van een wetenschappelijke uitspraak. De neiging om onze eigen intuïties te vertrouwen moet worden afgeleerd wanneer het gaat om het evalueren van de wetenschap.

    Waarom moet er aandacht worden besteed aan de psychomythologie?

    • Er zijn drie redenen waarom het belangrijk is om kennis te hebben over de psychomythologie.
    • Zo kunnen psychologische mythes direct schadelijke gevolgen hebben, bijvoorbeeld wanneer ouders geloven dat fysieke straffen een goede opvoedingsmethode zijn.
    • Psychologische mythes hebben ook indirecte gevolgen, bijvoorbeeld wanneer iemand veel geld uitgeeft aan zelfhelftapes om af te vallen en daardoor op wetenschappelijk gebaseerde diëten misloopt.
    • Tot slot kan het accepteren van psychologische mythes het kritisch denken op allerlei gebieden beïnvloeden. Het betreft immers een gebrek aan het kunnen onderscheiden tussen feit en fictie.

    Hoe ontstaan psychologische mythes?

    Psychologische mythes kunnen op veel verschillende manieren ontstaan, hier worden er een aantal genoemd:

    • Door middel van verbale communicatie. Naarmate een uitspraak vaker wordt gehoord, gaat men deze eerder geloven. Zoals de uitspraak “opposites attract”.
    • Een wens voor gemakkelijke antwoorden en snelle oplossingen. Mensen hebben een voorkeur voor technieken die beloven niet mis te kunnen gaan en pijnloos het gedrag te kunnen veranderen. Zoals cursussen die snel lezen zouden moeten verbeteren, terwijl het menselijk oog maar een bepaalde hoeveelheid woorden per minuut kan lezen.

    • Selectieve perceptie en geheugen. Mensen interpreteren de wereld op een manier die overeenkomt met de al bestaande overtuigingen. Naïef realisme betreft de assumptie die mensen maken wanneer zij geloven dat ze de wereld waarnemen precies zoals die is. Naïef realisme maakt het lastiger om psychologische mythes te herkennen. Een voorbeeld van selectieve perceptie is de neiging van mensen om te focussen op herinneringswaardige gebeurtenissen (zoals een volle maan en iemands rare gedrag) en de neiging om minder interessante gebeurtenissen te vergeten (zoals het ontbreken van een volle maan en iemands rare gedrag). Dit leidt tot illusoire correlatie: de perceptie dat twee statistisch onverbonden gebeurtenissen aan elkaar verbonden zijn.

    • Het afleiden van causatie uit correlatie. Een correlatie tussen A en B kan drie verklaringen hebben: A veroorzaakt B, B veroorzaakt A, of C veroorzaakt A en B. Dit wordt ook wel het derde variabele probleem genoemd, omdat C een derde variabele is die zowel A als B kan veroorzaken, terwijl deze variabele wellicht nooit door de onderzoekers is gemeten.

    • Post Hoc, Ergo Propter Hoc. Veel mensen maken de aanname dat als A voorafgaat aan B, dat A de oorzaak moet zijn van B. Dit is niet altijd juist.

    • Te maken hebben met een niet-representatieve steekproef. Met name psychotherapeuten hebben hier mee te maken, omdat zij vaak te maken hebben met mensen met problemen die hun problemen niet zelf kunnen oplossen. Dat betekent echter niet dat alle mensen met diezelfde problemen die nooit zelf zullen kunnen oplossen.

    • Redenering op basis van representativiteit, ook wel representativiteitheuristiek genoemd. Mensen gebruiken de mate waarmee twee dingen representatief van elkaar zijn om te beoordelen hoe overeenkomstig zij zijn. Maar niet alle dingen die in eerste instantie op elkaar lijken, zijn ook daadwerkelijk hetzelfde.

    • Misleiding door de media. De media portretteert psychologische fenomenen vaak sensationeler dan zij werkelijk zijn.

    • Het overdrijven van de waarheid.

    • Terminologische verwarringen. Sommige psychologische termen kunnen gemakkelijk verkeerd worden geïnterpreteerd. Zoals het woord schizofrenie dat letterlijk gespleten geest betekent, waardoor mensen vaak geloven dat het mensen met meerdere persoonlijkheden betreft. Dat is natuurlijk onjuist.

    Spreuken, uitspraken, quotes en tips rond authenticiteit, jezelf zijn, talent, kwaliteit en zelfinzicht

    Spreuken, uitspraken, quotes en tips rond authenticiteit, jezelf zijn, talent, kwaliteit en zelfinzicht

    Wat is wijsheid rond authenticiteit, jezelf zijn en zelfinzicht?

     

    "Een wijs man zoekt het in zichzelf, de dwaas zoekt het in anderen"
        "Elke waarheid heeft vier hoeken. Als leraar zal ik je een hoek geven, het is aan jou om de andere drie te vinden"

    Confucius (685–758)

    "Iedereen is uniek. Iedereen heeft een aantal unieke kwaliteiten en talenten. Ook heeft iedereen zijn eigen unieke persoonlijke stijl, zeg maar de karaktereigenschappen die maken wie je bent. Authenticiteit is eigenlijk niets anders dan hier gehoor aan geven en je niet anders voor te hoeven doen dan wie je echt bent: Jezelf, gebruikmakend van al jouw unieke kwaliteiten en talenten. Toch is dit makkelijker gezegd dan gedaan. Veel mensen nemen namelijk een rol aan, omdat “dit zo hoort” of om hun eigen onzekerheid te verbergen. Vaak gaat dit ten koste van hun eigen unieke ik. Dit kost vaak veel, erg veel, energie. Door te ontdekken wat je kwaliteiten en talenten zijn, en ze te gebruiken, kun je eindelijk gaan leven wie je eigenlijk bent, met veel meer gemak."

    Patrick Schriel

    "Je kunt tegenwoordig zoveel worden, dat ik maar gewoon blijf wie ik ben"

    Loesje

    'To be authentic is to be true to oneself and one's innermost possibilities and limitations. Living authentically begins with the recognition of one's personal vulnerability and mortality and with the acknowlegdement of the ultimate uncertainty of all that is known'

    Emmy van Deurzen

    Wie iets echt wil doen, vindt altijd een weg; wie iets niet wil doen, vindt altijd een excuus.

    Constance Baker Motley (1921-2005)

    Beoordeel mensen niet naar wat zij zijn, maar naar wat zij willen worden.

    Fjodor Dostojewski (1821-1881)

     

    Wat is wijsheid rond talent, mogelijkheden en kwaliteiten

     

    Het begrijpen van je eigen denken,is het einde van al je smart.
    Krishnamurti (1895-1986)
     
    De grootste ontdekking van mijn generatie is dat een mens zijn leven kan veranderen, door zijn gedachten te veranderen.
    William James (1842-1910)
     
    Je bent wat je bent en waar je bent door je gedachten. Je kan veranderen wat je bent en waar je bent, door je gedachten te veranderen.
    Zig Ziglar (1926-2012)
     
    Je bent wat je gewoon bent te doen. Voortreffelijkheid is een gewoonte.
    Aristoteles (384-322 v.C )
     
    Beoordeel mensen niet naar wat zij zijn, maar naar wat zij willen worden.
    Fjodor Dostojewski (1821-1881)
     
    De gedachte manifesteert zich in het woord, het woord manifesteert zich in de daad, de daad ontwikkelt zich tot een gewoonte, en de gewoonte verhardt zich tot een karakter.
    Sla dus acht op de gedachte en waar ze u brengt, en laat haar voortkomen uit liefde ontstaan uit begaanheid met alle wezens. Zoals de schaduw het lichaam volgt, zo worden wij wat we denken.
    Boeddha (623–543 vC)

     

    Wat kan je doen om je authenticiteit en zelfbewustzijn te ontwikkelen of zingeving te vinden: vragen en antwoorden

    Wat kan je doen om je authenticiteit en zelfbewustzijn te ontwikkelen of zingeving te vinden: vragen en antwoorden

    Hoe kan je een goed oordeel vormen over je eigenschappen, talenten en aanleg?

    Hoe kan je een goed oordeel vormen over je eigenschappen, talenten en aanleg?

    Hoe kan je een goed oordeel vormen over je eigenschappen en talenten?

    • Oordeel niet te snel. De ervaring is dat je veel zaken pas positief gaat ervaren als je er goed in bent geworden of als de omstandigheden ook bijdragen aan een positieve ervaring.
    • Oordeel op grond van verschillende achtergronden: probeer om ervaringen op te doen in verschillende omgevingen en onder verschillende omstandigheden om zo een beter beeld te krijgen. Voorbeeld: of je het leuk vindt om anderen iets te leren kan je aflezen aan je ervaringen als bijlesgever maar ook aan je ervaringen als oppas bij de kinderen van de buren.
    • Oordeel in grote lijnen. Als je positieve ervaringen hebt als zeilkampleider, jeugdtrainer of horeca-coördinator dan kan het zijn dat je plezier gaat beleven aan leidinggeven aan een groep medewerkers. Dus dat bijvoorbeeld management bij je kan passen of een coördinerende functie. Maar als je tijdens je eerste grotere coördinerende functie merkt dat onder stress werken of bijvoorbeeld oudere collega’s aansturen je echt niet meevalt, dan zegt dat nog weinig over je ervaringen na een aantal jaar op latere leeftijd. Probeer dus ook je ervaringen langs een soort tijdlijn te leggen. Ervaringen hoeven niet consequent te zijn.
    • Probeer er rekening mee te houden dat je sommige zaken echt nog niet kan weten, tenzij je er jarenlang mee bezig bent geweest.
    • Check of gebruik ook eens de JoHo competentie- en contentietools!
    Hoe creëer je een goed beeld van jezelf voor je studie, stage, reis of carrièrekeuze?

    Hoe creëer je een goed beeld van jezelf voor je studie, stage, reis of carrièrekeuze?

    Een beeld creëren van jezelf voor je studie, stage, reis of carrièrekeuze:

    • Zet activiteiten waar jij actief in bent geweest op een rijtje, zoals banen - bijbanen - zomerbanen - vakanties - reiservaringen - groepsactiviteiten - familiebijeenkomsten - commissie - vrijwilligerswerk - etc.
    • Probeer daarachter te zetten welke vaardigheden of eigenschappen je daarvoor nodig had.
    • Probeer ook aan te geven welke vaardigheden of eigenschappen je daar hebt verbeterd.
    • Probeer ook aan te geven of je heb gemerkt dat je ergens plezier in had of er naar verloop van tijd plezier in hebt gekregen.
    • Probeer ook aan te geven of je hebt gemerkt dat je in sommige zaken weinig tot geen plezier had en, iets moeilijker, probeer aan te geven waaraan dat mogelijk heeft gelegen (een vervelende collega kan een werkervaring flink negatief beïnvloeden en slecht weer tijdens een strandvakantie draagt in het algemeen ook niet bij aan de vakantievreugde).
    Hoe ben je eerlijk naar jezelf?

    Hoe ben je eerlijk naar jezelf?

    Hoe ben je eerlijk naar jezelf?

    • Probeer zo eerlijk mogelijk over jezelf te zijn, iets wat niet altijd meevalt.

    • Iedereen heeft er last van dat jezelf voor de gek houden in deze samenleving vaak een handige strategie is om je keuzes te maken, om vooruit te komen of om te voorkomen dat je last krijgt van allerlei ingewikkelde zaken die, als je er echt over na gaat denken onoplosbaar, uitzichtloos of zinloos lijken te worden.

    • Probeer bij het eerlijk zijn niet rekening te houden met de omgeving, de toekomst, het verleden etc. Probeer het terug te brengen tot iets kleins; de vraag 'wat vind ik van leren?' is heel groot maar door het terug te brengen naar kleine leerervaringen zoals de voetbaltraining die je graag volgt, de les geschiedenis die je inspireert of de les wiskunde waarbij je in slaap valt, krijg je een beter beeld.

    • Probeer vergelijkingen te maken met zaken die dicht in de buurt zitten. Bij de vraag 'wat vind ik van werken in groepsverband' kan je je ervaringen in de klas naast ervaringen leggen in je vriendengroep, je familie of het team waarmee je hebt gewerkt tijdens je eerste of laatste baan.

    • Probeer je negatieve en positieve ervaringen/gevoelens met betrekking tot dezelfde eigenschap of vaardigheden naast elkaar te zetten. Stel je denkt na over je doorzettingsvermogen of behoefte aan afzien, kijk dan eens naar al die zaken die je nooit hebt afgemaakt of waar je balend mee bent doorgegaan en zet die af tegen zaken die je moeiteloos hebt afgerond en waar je juist energie van hebt gekregen of waarbij je de pijn van het afzien niet als negatief hebt ervaren.

    • Moeilijk maar uitdagend is om te kijken of je er ook achter kan komen waarom je vergelijkbare zaken toch op heel verschillende wijze kan ervaren.

    Hoe wordt je positiever en wat kan je doen om je optimisme te versterken?

    Hoe wordt je positiever en wat kan je doen om je optimisme te versterken?

    1. 'Wat als alles goed gaat?'

    • als je iemand bent die altijd van het negatieve scenario uit gaat, als je merkt dat je in de neiging schiet om bij een nieuw project alle beren op de weg te gaan benoemen en op de rem te staan, oefen dan eens in het je inbeelden hoe het zou zijn als alles goed gaat.
      • Wat gebeurd er als iedereen meewerkt, als het geheel soepeltjes verloopt?
      • Hoe voel jij je daarbij?

    Door jezelf actief te trainen in het – ook – visualiseren van de situatie waarin alles goed loopt – kun je ook meer ervaren hoe het is om te vertrouwen op de situatie, jezelf en anderen.

    Als verdieping kun je onderzoeken of er aspecten zijn die belangrijk zijn om te ondervangen:

    • Wat is er nodig om vertrouwen te hebben in een goede afloop van het project?
    • Zijn er bepaalde checks of acties nodig?
    • Is een bepaalde afstemming gewenst?

    2. Lessen uit de positieve psychologie

    • Omring jezelf met positief ingestelde mensen en bronnen. Let niet teveel op 'het nieuws' (dat vaak negatief geladen is)
    • Neem het leven zo licht mogelijk op, neem jezelf en situaties niet te serieus als dat niet nodig is. Probeer de humor ergens van in te zien, of gebruik iets humoristisch om uit een negatieve denkspriraal te komen
    • Probeer je problemen vanuit een ander perspectief te bekijken. Het zogenaamde 'omdenken' is vrijwel in alle situaties wel mogelijk, maar je moet er in het begin wel wat moeite voor doen, daarna gaat het vanzelf
    • Neem de tijd, vecht niet te hard tegen de negatieve gedachten, tijd heelt vaak ook negativiteit
    • Maak contact met anderen, ook al kost dat mentale moeite... laat je direct of indirect helpen
    • Wordt actief, leer iets nieuws
    • Ga naar buiten, de natuur werkt in het algemeen positief en onstpannend op je in; ook natuur dicht bij je in de buurt
    • Dus .. behandel jezelf zoals je een vriend zou behandelen stel je een mooie toekomst voor, focus op de positieve aspecten van ervaringen en situaties, houd een open geest en 'vergeef' jezelf en anderen

    3. Dankbaarheidsoefeningen

    • Wetenschappelijk onderzoek heeft gevonden dat het regelmatig beoefenen van dankbaarheidsoefeningen flink kan bijdragen aan je geluksgevoel.

    4. Gebruik positieve en versterkende gedachten

    • De meeste mensen hebben een sterke, geïnternaliseerde kritische stem. Om hier ook positieve gedachten tegenover te stellen, wordt ook wel gewerkt met positieve versterkende gedachten die je regelmatig moet herhalen. Deze gedachten worden affirmaties genoemd en werken versterkend in situaties waarin je iets graag wilt hebben of wilt zijn

    5. Rationeel Emotieve Therapie (RET) techniek toepassen

    • Je kunt de negatieve associaties die je hebt met studeren bestrijden met de positieve associaties die je oproept door goede studieresultaten te behalen met een gedisciplineerde en gestructureerde studieaanpak. Je kunt ze ook direct aanpakken. Een geschikte methode hiervoor, die zich ook goed leent voor zelfcoaching, is Rationeel Emotieve Therapie (RET), ontwikkeld door Albert Ellis. RET gaat uit van het principe dat niet de situatie de aanleiding is voor een bepaald gevolg, maar de gedachten die jij zelf bij deze situatie hebt. Door deze gedachten te veranderen verander je ook het gevolg. De therapie gaat uit van een ABC methode: Aanleiding, de Bril waardoor je kijkt en de Consequentie.

    Stap 1. De aanleiding (“A”)

    • Waardoor wordt het gedrag of gevoel dat je juist probeert te voorkomen opgeroepen? Probeer dat te omschrijven. Bijvoorbeeld: “Ik moet een essay schrijven.”

    Stap 2. De consequentie (“C”)

    • Wat is de consequentie van deze aanleiding? Benoem het ongewenste gedrag of gevoel dat er wordt opgeroepen. Bijvoorbeeld: “Ik blijf het werk uitstellen en doe uiteindelijk niets”

    Stap 3. De bril (“B”)

    • Wat zijn de gedachten waarmee je C veroorzaakt? Beschrijf de interpretaties, maar vooral ook de evaluaties. Bijvoorbeeld: “Ik kan dat essay toch niet maken, het is veel te moeilijk voor me.”

    Stap 4. De gewenste C

    • Bedenk hoe je graag zou reageren op de aanleiding die je omschreven hebt? Wat voor gevoel wil je dat dit bij je oproept en welk gedrag hoort hierbij? Kies wel een consequentie waarvan je weet dat deze haalbaar is. Bijvoorbeeld: “Ik zou willen dat ik net als de anderen het essay zou maken.”

    Stap 5. Logisch redeneren

    • Stel de huidige consequentie die je ervaart ter discussie en beredeneer waarom deze irreëel zou zijn. Kijk logisch naar je eigen kunnen en hoe dit in verhouding staat met de gevoelens die je ervaart. Kloppen de gedachten die je hebt wel met de werkelijkheid?

    • Bijvoorbeeld: “Waarom zou ik dat niet kunnen? Ik ben al zo ver gekomen in mijn studie, ik heb de middelbare school gehaald en dit is echt niet het eerste essay dat ik moet schrijven. Laat ik mijn eerdere resultaten er eens bij pakken om te zien wat ik kan”

    Stap 6. Vervang je bril

    • Bij de vorige stap heb je beredeneert waarom de bril die je op hebt niet de juiste is, vervang hem dan ook. Formuleer een positievere gedachte die beter overeenkomt met de werkelijkheid.

    • Bijvoorbeeld: “Ik heb al eerder werk van vergelijkbaar niveau moeten doen, toen lukte het, dus met dezelfde inzet kan ik het nu ook.”

    Stap 7. Ervaar

    • Probeer je nieuwe gedachten te ervaren door de bijbehorende situatie op te zoeken (als dat niet kan, doe het dan in je hoofd). Kijk door je nieuwe bril naar de aanleiding en ervaar hoe dit voelt. Bijvoorbeeld: “Hé hé, dat geeft een voldaan gevoel!”

    Stap 8. Oefenen

    • Maak een oefenprogramma en voer het uit om de meer rationele en productieve denkwijze in je gedrag in te voeren.

    • Investeer tijd en moeite in deze oefening: gedachten die je al heel lang hebt gaan niet zomaar weg. Je kunt bijvoorbeeld beginnen met het maken van kleine opdrachten. Als het hierbij lukt om positief naar je werk te kijken, kan het later met een groter essay waarschijnlijk ook wel.

    Hoe ga je om met de mening van een ander over je kwaliteiten of competenties?

    Hoe ga je om met de mening van een ander over je kwaliteiten of competenties?

    Hoe ga je om met de mening van een ander over jou en over je kwaliteiten?

    • Vraag vooral ook eens de mening van anderen die jou goed kennen en probeer hun mening een plek te geven in je proces naar meer zelfkennis.
    • Let er echter op dat je ook weer niet teveel waarde hecht aan de mening van een ander. De kans dat die ander zichzelf zo goed kent dat zijn mening over jou ook heel veel waarde heeft, is erg klein.
    • Gebruik de meningen van anderen dus wel maar relativeer de waarde.
    Wat kan je doen om je zelfinzicht en zelfkennis te versterken of verbeteren?
    Wat kan je doen om je zelfvertrouwen en zelfwaardering te versterken?
    Waarom besta je, wie wil je zijn, wat zijn je drijfveren en wat kan je doen?
    Waarom is het zo moeilijk om erachter te komen wat je leuk vindt?

    Waarom is het zo moeilijk om erachter te komen wat je leuk vindt?

    Waarom is het nu zo moeilijk om erachter te komen wat je leuk vindt?

    • Iets leuk vinden heeft deels te maken met jouw eigen keuze om iets leuk te vinden, en deels om het ook leuk te maken. Daarnaast speelt mee dat je je er bewust van moet zijn, achter die keuzes moet gaan staan en eerlijk naar jezelf en je omgeving moet proberen te blijven.

    Keuzes maken is moeilijk

    • We hebben allemaal last van het feit dat keuzes maken makkelijker is gezegd dan gedaan. Keuzes hebben consequenties, keuzes lijken soms onbereikbaar ("wie voor een dubbeltje is geboren, wordt nooit een kwartje"), keuzes zijn moeilijk los te koppelen van de situatie waar je je nu in bevindt en keuzes zijn heel moeilijk eerlijk te maken.
    • Eerlijk zijn naar jezelf valt vaak echt niet mee.

    Keuzes kunnen vergaande conseqenties hebben

    • Iets echt leuk vinden, kan vergaande consequenties hebben voor jezelf of je omgeving. Een baan in het buitenland, een nieuwe vriendengroep, een andere relatie, het zijn allemaal zaken waar je vaak eigenlijk niet aan wilt denken. Ze uitspreken is al lastig, laat staan ze uitvoeren .. dan is het toch makkelijker om het gewoon weg te drukken of er voor weg te lopen.

    Kiezen voor veiligheid is makkelijker

    • Kiezen voor veiligheid en wat je kent, is makkelijker dan kiezen voor dat wat je nog niet kent. Vaak zal je door voorwaarden te koppelen aan bepaalde keuzes het voor jezelf makkelijker maken om voor de veilige bekende weg te kiezen.
    Wat vind jij nu leuk en hoe kom je achter ‘je passie'?

    Wat vind jij nu leuk en hoe kom je achter ‘je passie'?

    Doe wat je leuk vindt... maar wat vind je nu leuk en hoe kom je achter ‘je passie'?

    • Nog los van de vraag of een passie wel echt bestaat, is het wel een handige houvast bij vragen over wat je nu leuk vindt en wat leuk vinden dan wel is.
    • Een zogenaamde passie kan je komen aanwaaien, daar rol je soms in zonder dat je het door hebt. Je kunt er ook wat meer moeite voor doen, door het op te zoeken en je er zo in te laten rollen. Je eerste biertje of wijntje smaakt vaak heel anders dan je honderdste of je laatste.
    • Moeilijker wordt het als je er meer moeite voor moet gaan doen en het niet vanzelf gaat. Zeker als je verwachtingspatroon vanaf het begin heel hoog is en je continu naar je kennis of buurman blijft kijken die zo gepassioneerd praat over zijn hobby, werk of studie. Het kan dan steeds moeilijker worden om erachter te komen wat jouw passie is of wat jij nu echt leuk vindt.
    • Check en gebruik de JoHo competentietools
    Wat wil je? Wat kan je? Wat zou je moeten willen? Wat is jouw weg naar jouw visie en strategie voor het leven?

    Wat wil je? Wat kan je? Wat zou je moeten willen? Wat is jouw weg naar jouw visie en strategie voor het leven?

    Welke weg kies jij zelf, wat is jouw weg naar je eigen 'business plan', je missie, visie en strategie?

        • Het is niet voor niets dat vrijwel elk bedrijf en vrijwel elke organisatie veel tijd stopt in het bepalen van de eigen missie, visie en strategie.
        • Het is niet altijd makkelijk en zelfs over de uitleg van termen lijkt niemand het eens te zijn maar eigenlijk doet het niet zoveel ter zake. Bijna alle wegen leiden hier tot meer en soms voldoende zelfinzicht.
        • Dus ook voor jou kan het een handige kapstok zijn om je zelfonderzoek mee af te sluiten.
        • Hier vind je de kapstok waar al miljoenen organisaties gebruik van maken en die nu is toegepast op jou als individu. Misschien niet makkelijk maar ook organisaties doen er soms jaren over en stellen ook regelmatig hun missie of visie bij.

        Log in en lees hieronder verder

          Waar moet je aan denken als je van tests en andere tools gebruik maakt om persoonlijkheid te testen?

          Waar moet je aan denken als je van tests en andere tools gebruik maakt om persoonlijkheid te testen?

          Waar moet je aan denken als je van persoonlijkheidstests en andere tools gebruik maakt?

          • De praktijk en de ontwikkeling van mensen is niet echt in een wetenschappelijk of computer gestuurd systeem te vatten. Tests zijn gebaseerd op bepaalde aannames, vaste informatie en beperken zich tot de grote lijn omdat er ander geen systeem van gemaakt kan worden. Als studie- of beroepskeuze tests echt goed zouden werken dan zou de wereld er heel anders uit zien.
          • Er is geen enkele studie- of beroepskeuze test die rekening houdt met de cultuur van een bedrijf of organisatie terwijl dat uiteindelijk van doorslaggevend belang kan zijn.
          • Er is geen enkele studiekeuze test die rekening houdt met alle verschillende mogelijkheden op de arbeidsmarkt of jouw ontwikkeling op latere leeftijd.
          • Dus houd er rekening mee dat je de ervaringen met tests stevig relativeert en alleen gebruikt om je eigen onderzoek mee aan te vullen. Laat het niet leidend zijn.

           

          Welke tests en tools kan je gebruiken voor je zelfkennis, persoonlijkheid en het voorhouden van een spiegel
          Wie en wat kan je helpen bij het zoeken naar wat je wil, wat je nu echt leuk vindt?

          Wie en wat kan je helpen bij het zoeken naar wat je wil, wat je nu echt leuk vindt?

          Wat kan je helpen bij het zoeken naar wat je wil, wat je nu echt leuk vindt?

          • Neem de tijd, schrijf zaken op, leg het weer weg en pak het de volgende dag, de volgende maand of het volgende jaar weer op.
          • Laat je negativiteit even varen. Bijna iedereen heeft bij tijd en wijle meer en minder last van negativiteit, maar in dit proces moet je echt je best doen om het zo ver mogelijk weg te stoppen.
          • Gebruik de lijsten met eigenschappen en vaardigheden en maak drie lijstjes: één met de voor jou 25 belangrijkste, de 10 belangrijkste en de 3 belangrijkste.
          • Kijk om je heen, lees verhalen van anderen die op zoek zijn naar hun drijfveren, verdiep je in de arbeidsmarkt en andere zaken die zin (kunnen) geven aan je bestaan.
          • Denk eens na over een sabbatical, een tussenjaar, wat zou je dan het liefste willen doen, met wie, waar en hoe en als dat juist de vraag is, neem dan de volgende stap in overweging.
          • Probeer op een rustig moment op een rustige lokatie rustig na te denken over je mogelijkheden zonder daarbij alle beperkingen die er nu zijn op te roepen of beperkingen die er mogelijk nog gaan komen. Denk leeftijdloos, relatieloos, baanloos, etc. Laat je onzekerheden los en durf een keer te dromen. Het maakt in dit geval niet uit dat je droom uiteindelijk toch nooit bereikbaar is, maar het helpt je om meer achter je ultieme drijfveren te komen. Lukt het je niet om groots te dromen, zoek het dan dichter bij huis en maak het kleiner.
          • Probeer uit te zoeken waar je dromen vandaan komen, ga op zoek naar je eerlijkheid. Komt je droom niet voort uit het afstand willen nemen van je ouders of is het er juist van jongs af aan ingepompt? Waarom denk je dat je droomt wat je droomt?
          • Maak een tekening van al je wensen, schrijf een essay, plak foto's op een board (je eigen moodboard), kies wat bij je past.

          Psychologische tests, assessments en intelligentie: uitgelichte chapter- en boeksamenvattingen

          Psychologische tests, assessments en intelligentie: uitgelichte chapter- en boeksamenvattingen

          Welke soorten psychologische testen zijn er?

          Welke soorten psychologische testen zijn er?

          Aannames over testen

          Psychologische trekken en staten bestaan

          Een belangrijke aanname voor psychologische testen is dat wat gemeten wordt, namelijk psychologische trekken en staten, ook daadwerkelijk bestaan. Een trek is een onderscheidbaar, relatief stabiele manier waarop een individu verschilt van een ander. Trekken kunnen geobserveerd worden door een steekproef van gedrag te onderzoeken. Een staat is ook een kenmerk dat mensen van elkaar onderscheidt, maar is in tegenstelling tot een trek tijdelijk van aard. Psychologische trekken zijn psychologische kenmerken die bijvoorbeeld cognitieve capaciteiten, persoonlijkheid of attitudes beschrijven. Er zijn zeer veel woorden die trekken beschrijven en de kans is aanwezig dat er nog nieuwe bij zullen komen. Er bestaat enige controverse over de aard van psychologische kenmerken. Zijn ze fysiek van aard of zijn het slechts constructen? Hier wordt aangenomen dat het constructen zijn, wetenschappelijke concepten die gedrag kunnen beschrijven of uitleggen. Constructen zelf zijn niet observeerbaar, maar ze leiden wel tot overt gedrag; observeerbare acties of het product daarvan. Hieronder vallen ook test gerelateerde responsies. Psychologische trekken zijn relatief stabiel, maar de situatie waarin het gedrag zich voordoet speelt ook een rol. Hoe een bepaalde trek tot uitdrukking komt hangt af van de situatie. Ook is de context belangrijk om vast te stellen hoe een gedraging geïnterpreteerd moet worden; er moet bijvoorbeeld bekeken worden of het gedrag gepast is in de gegeven situatie. Ook de vergelijkingsgroep is belangrijk. Of iemand als verlegen of als erg verlegen wordt gezien, hangt er van af hoe verlegen andere, vergelijkbare mensen in dezelfde situatie zou zijn. Wat als vergelijkingsgroep wordt gebruikt (bijvoorbeeld mensen van dezelfde sekse of mensen van dezelfde leeftijd) is dus belangrijk voor de interpretatie van de mate waarin een trek aanwezig is.

          Psychologische trekken en staten kunnen gemeten worden

          Een tweede aanname is dat deze kenmerken ook meetbaar gemaakt kunnen worden. De eerste stap hierin is het definiëren van de trekken die je wilt meten. Welke gedragingen vind je kenmerkend voor een bepaalde trek, zoals agressie? Als deze gedragingen gedefinieerd zijn, kunnen er testitems uit gecreëerd worden. Naar welke specifieke gedragingen ga je vragen om de trek te meten? Op een intelligentietest kun je bijvoorbeeld iemands kennis meten of zijn sociaal beslissingsvermogen. Welke items neem je, en moeten die allemaal even zwaar wegen? Antwoorden op deze vragen worden gevormd op basis van veel verschillende factoren, waaronder technische en maatschappelijke overwegingen. Na de testafname moeten de responsies gescoord en geïnterpreteerd worden. Dit gebeurt vaak door cumulatieve scoring, waarbij het aantal responsies dat in een bepaalde richting gegeven wordt opgeteld wordt. Het idee is dat als iemand vaak in overeenstemming met een bepaalde trek antwoordt, de kans groot is dat hij die trek bezit.

          Responsies op een test reflecteren gedrag in het dagelijks leven

          Het idee van een test is dat het gedrag dat de testafnemer wil meten nagebootst wordt en op die manier gemeten kan worden. Daarom zouden testresultaten toekomstig gedrag moeten kunnen voorspellen of gedrag uit het verleden kunnen uitleggen (zoals in rechtszaken).

          Testen hebben sterke en zwakke punten

          Het is essentieel dat de testafnemers de testen kennen en op de hoogte zijn van de beperkingen. Ze weten hoe de testen ontwikkeld zijn, in welke omstandigheden ze afgenomen kunnen worden, hoe en bij wie dat moet gebeuren en hoe de resultaten geïnterpreteerd moeten worden. Ze kennen de beperkingen van de test en weten hoe ze die eventueel kunnen compenseren.

          Testen bevatten een bepaalde mate van error

          ‘Error’ is de mate waarin factoren die niet zijn meegenomen in het onderzoek invloed hebben op de resultaten. In iedere test is sprake van error en men moet zich altijd afvragen in welke mate de resultaten erdoor vertekend zijn. Errorvariantie is de component van de resultaten die aan error toe te schrijven zijn. Error kan door veel verschillende factoren veroorzaakt worden. Error kan voortkomen uit de persoon die de test ondergaat, bijvoorbeeld als hij slecht geslapen heeft, of uit de persoon die de test afneemt, bijvoorbeeld of hij zich aan het protocol houdt. Ook de gebruikte instrumenten kunnen error veroorzaken. Volgens de klassieke of de ware scoretheorie heeft iedereen een ware, niet-vertekende score die hij zou krijgen als er geen error was.

          Testen kunnen op eerlijke en niet vertekende wijze afgenomen worden

          Een test moet zo eerlijk mogelijk zijn. Regelmatig ontstaat er discussie over rechtvaardigheid van de test, bijvoorbeeld als de test bij een andere groep wordt afgenomen dan waarvoor hij was ontwikkeld. Controverse is vaak politiek van aard. Men vraagt zich niet zozeer af of de test (het instrument) eerlijk is, maar wat de maatschappij wil bereiken met een test en wat de gedachte erachter precies is.

          Testen is zinvol voor de maatschappij

          Testen is van essentieel belang voor de maatschappij. Zonder zouden we bijvoorbeeld niet kunnen bepalen of iemand geschikt is voor een bepaalde taak en zouden we niet kunnen diagnosticeren.

          Kenmerken van een goede test

          Of een test goed is hangt af van allerlei kenmerken, waaronder de technische criteria van validiteit en betrouwbaarheid.

          Betrouwbaarheid

          Een meetinstrument is betrouwbaar als hij consistent hetzelfde resultaat geeft als je herhaaldelijk hetzelfde meet. Stel dat instrument A voortdurend hetzelfde resultaat krijgt; dat maakt hem betrouwbaar. Instrument C krijgt de hele tijd verschillende resultaten en is dat dus niet. Instrument B krijgt de hele tijd een verkeerd resultaat, maar daarin is hij wel consistent. Hij geeft bijvoorbeeld standaard drie punten te hoog aan. Omdat hij consistent is in zijn meting, is hij niettemin betrouwbaar.

          Validiteit

          Een test is valide als hij meet wat hij moet meten. Instrument B, hoewel consistent, kreeg steeds een verkeerd resultaat en is dus niet valide. Bij controversiële onderwerpen is validiteit meer discutabel. Wanneer is een intelligentietest bijvoorbeeld valide? Welke definitie van intelligentie moet dan aangehouden worden? Bij het meten van validiteit wordt gekeken naar de testitems: dekken zij bijvoorbeeld de gehele lading van het gemeten construct? Ook wordt gekeken naar de interpretatie van de testscores: zeggen zij bijvoorbeeld echt iets over het construct? Vragen over de validiteit van een test worden in het hele proces dat de test ondergaat gesteld. In hoofdstuk 6 wordt het concept validiteit uitvoeriger behandeld.

          Overige criteria

          Een test moet verder makkelijk te gebruiken en van nut zijn voor de persoon die de test afneemt of voor de maatschappij als geheel. Een voor de hand liggend maar belangrijk criterium is dat de test aansluit op wat jij wilt gaan meten en op welke manier je dat wilt doen. Wat is het doel van de test, hoe is het construct gedefinieerd en voor wie is de test bedoeld? Of de test aansluit bij jouw doelen kun je onderzoeken door er standaardwerken, handleidingen of reviews op na te slaan. Een ander criterium is of er richtlijnen gepubliceerd zijn met betrekking tot het gebruik van de test. Soms stellen richtlijnen dat er naast de test in kwestie nog andere testen toegepast moeten worden. Vaak wordt in dergelijke richtlijnen ook vastgesteld of de test voldoet aan vastgestelde standaards, bijvoorbeeld aan de Daubert-standaards in de rechtsgang. Een derde criterium is al eerder genoemd, namelijk betrouwbaarheid. Of een test betrouwbaar is kun je ook weer afleiden uit eerdere publicaties en handleidingen. Ook kun je het meten door test-hertest betrouwbaarheidsmetingen, waarbij je kijkt of je bij herhaaldelijke metingen hetzelfde resultaat krijgt. Dit kan problematisch zijn. In de BPS moet een kind bijvoorbeeld aangeven hoe hij zijn ouders beschouwt. Als je dezelfde test later nog eens afneemt en je krijgt andere resultaten, dan kan dat zijn omdat de test niet betrouwbaar is, maar het kan natuurlijk ook zijn dat de mening van het kind veranderd is. Betrouwbaarheid kan dus niet altijd gemeten worden. Validiteit is ook een criterium. Ook dit kan lastig zijn om vast te stellen. Vaak wordt er gekeken welke combinatie van instrumenten het beste meet wat er gemeten moet worden. Een volgend criterium is hoe kosteneffectief een test is. Is het de moeite waard om een kostbare test af te nemen? In de Tweede Wereldoorlog werd bijvoorbeeld overgegaan op groepsintelligentietesten, omdat individuele testen simpelweg niet zinvol en erg duur waren. Tenslotte is het van belang welke conclusies er uit testen getrokken kunnen worden. Zal het afdoende antwoord geven op de onderzoeksvraag? En zullen de resultaten algemeen geldig zijn? Of resultaten generaliseerbaar zijn, hangt af van de populatie op basis waarvan de test ontwikkeld is, voor welke groepen de test begrijpelijk is en hoe hij afgenomen wordt.

          Evaluatie van testscores: normen

          Testen en assessment met normreferenties kun je definiëren als het evalueren van testscores door die te vergelijken met scores van andere personen die de test gemaakt hebben. Op deze manier wordt er relatieve betekenis toegekend aan een score. Een norm is een standaard, verwachte gedraging. De term normen wordt in de psychometrie gebruikt om de testresultaten aan te geven die gebruikt worden om individuele scores aan af te meten. Normen dienen als vergelijkingsmateriaal. Een normatieve steekproef is de groep mensen wiens testscores worden gebruikt als normen. Dit kan een brede groep zijn (de Nederlandse bevolking) of een heel smalle (vrouwen tussen de 20-25 met een bepaalde vorm van reuma van een ziekenhuisafdeling). De scores van deze groep zijn allemaal typisch en representatief voor de populatie die onderwerp van onderzoek is.

          Normeren

          Normeren is het vaststellen van een norm. Bij rasnormering, wat vroeger legaal was, werden voor verschillende rassen verschillende normen gesteld. Een minderheidsgroep moest bijvoorbeeld beter scoren voordat hij werd aangenomen voor een baan. Het op formele wijze vaststellen van normen kan behoorlijk duur uitpakken. Daarom zijn er gebruikersnormen, ook wel programmanormen genoemd, die bestaan uit descriptieve statistieken (gegevens) over een bepaalde groep mensen. Als er geen gebruik gemaakt wordt van dergelijke normen, moeten normen vastgesteld worden via formele standaardisatie.

          Standaardisatie

          Standaardisatie of test standaardisatie is het afnemen van een test bij een representatieve steekproef teneinde standaard normen vast te stellen aan de hand waarvan latere testscores geëvalueerd kunnen worden. Je kunt ook meeteenheden standaardiseren, zoals vaststellen wanneer iets een ‘een glas’ alcohol genoemd kan worden. Definities kunnen ook gestandaardiseerd worden; bijvoorbeeld bij het vaststellen van de definitie van de term agressie. Dan zijn er nog standaardscores, namelijk z-scores (zie hoofdstuk 3). Deze zijn niet hetzelfde als gestandaardiseerde scores, die naar een schaal met een willekeurig gemiddelde en standaardafwijking overgezet zijn. Een gestandaardiseerde test is volgens de traditionele definitie een test met specifiek geformuleerde gestandaardiseerde test- en scoringsprocedures en gestandaardiseerde normen. Tegenwoordig wordt de term ook wel gebruikt voor een test met alleen gestandaardiseerde normreferenties. Hoe gaat het standaardiseren van normreferenties precies in zijn werk?

          Steekproeftrekken voor standaardiseren

          Om een test te kunnen standaardiseren, moet je dus een normgroep hebben. Die kan bestaan uit de complete populatie van mensen voor wie de test ontwikkeld is. Als die populatie echter groot is, kan het onmogelijk, onpraktisch of te duur zijn om dat te doen. Dan wordt er een steekproef genomen, een deel van een populatie die representatief is voor die populatie. Dit proces wordt steekproeftrekking genoemd. De steekproef is meestal groter dan één persoon, omdat de kans op error afneemt naarmate de steekproef groter wordt. Soms kan het wenselijk zijn om alle subgroepen (strata) in een populatie in gelijke proporties voor te laten komen in de steekproef. Als 80% van de populatie christen is en religie is belangrijk voor het gemeten construct, is het handig om een steekproef te hebben waarvan eveneens 80% christen is. Een op die manier ontstane steekproef wordt een gestratificeerde steekproef genoemd. Als ieder lid van de populatie een even grote kans heeft om in de steekproef terecht te komen, wordt de steekproef een aselecte (willekeurige) gestratificeerde steekproef genoemd. Soms worden bepaalde groepen juist uitgesloten van de steekproef. Bij het nemen van een normatieve steekproef voor een intelligentietest worden bijvoorbeeld mensen uitgesloten die de taal niet volledig meester zijn of die een lichamelijk of ernstig psychiatrisch probleem hebben. Als we willekeurig een steekproef nemen waarvan we denken dat die wel representatief zal zijn, wordt dat een doelgerichte steekproef genoemd. Een voorbeeld is het openen van één winkel, om aan de hand van het functioneren daarvan te bepalen of andere winkels nationaal succes zullen hebben. Bij een incidentele steekproef, ook wel gemakssteekproef genoemd, bestaat de steekproef uit een groep mensen die het gemakkelijkst beschikbaar is. Psychologiestudenten zijn bijvoorbeeld vaak lid van een steekproef omdat zij het eerst voor handen zijn. Het is mogelijk dat een doelgerichte of incidentele steekproef niettemin niet representatief is en dat de resultaten niet generaliseerbaar zijn. Onderzoekers moeten dus altijd een afweging maken tussen wat praktisch is en wat de ideale testsituatie is.

          Vaststellen van normen voor gestandaardiseerde testen

          Nadat de steekproef is getrokken, wordt de test afgenomen. Hierbij wordt een standaard set van instructies vastgesteld betreffende de omstandigheden waaronder de test afgenomen moet worden. Als de test later nog eens afgenomen wordt, worden dezelfde omstandigheden gecreëerd. Op die manier kunnen eventuele verschillen met de normatieve steekproef niet veroorzaakt zijn door de omstandigheden waarin de test afgenomen is. Als de test is afgenomen, beschrijft de onderzoeker in een publicatie op welke manier zijn steekproef representatief was, hoe hij die genomen heeft, welke data verzameld zijn en welke conclusies daaruit getrokken kunnen worden. In de praktijk blijkt dat testontwikkelaars terughoudend zijn in het beschrijven van de tekortkomingen van de normatieve steekproef. Daarom moet een testgebruiker altijd kritisch zijn bij het bepalen of de normatieve steekproef voldoende representatief is om te gebruiken als normgroep. Soms wordt voor een gestandaardiseerde test later opnieuw normatieve informatie verzameld, bijvoorbeeld omdat de oorspronkelijke standaardisatiesteekproef belangrijke subgroepen uitsloot. Een standaardisatiesteekproef is dan de aanvankelijke steekproef die gebruikt wordt om de test te standaardiseren. Een normatieve steekproef kan ook op een later tijdstip genomen worden.

          Verschillende typen normen

          Percentiele normen

          Eén norm aan de hand waarvan je score geëvalueerd kan worden is het percentiel waarop je score viel. Een percentiel is een uitdrukking van het percentage mensen dat onder een bepaalde score vielen op een test. Een score die valt op het 15de percentiel betekent dat 15% van de mensen lager scoorde dan dat punt. Een voordeel van percentiele normen is dat ze makkelijk berekenbaar zijn. Een nadeel is dat de verschillen tussen scores in het midden van de verdeling veel groter lijken dan die aan de uiteinden van de verdeling. Een andere, gerelateerde manier waarop je een score kan evalueren is door te kijken naar het percentage correct, de proportie antwoorden op een test die goed beantwoord werden.

          Ontwikkelingsnormen

          Ontwikkelingsnormen zijn normen die gebaseerd zijn op iedere vaardigheid die verandert over de tijd. Welke kenmerken zou je moeten bezitten in een bepaalde ontwikkelingsfase? Leeftijdsnormen en klasnormen vallen hieronder. Piaget heeft bijvoorbeeld veel normen vastgesteld betreffende de vaardigheden die op bepaalde leeftijden beheerst moeten worden. Bij leeftijdequivalente scores, ook wel leeftijdsnormen genoemd, wordt een prestatie vergeleken met de prestatie die normaal is voor iedere leeftijdsgroep. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij de Stanford-Binet intelligentietest. Hierbij wordt de ‘mentale leeftijd’ van een kind berekend: bij welke leeftijdsnormen sluit zijn prestatie het beste aan? Het probleem van dit concept is dat de mentale leeftijd nog niets zegt over andere mentale leeftijden (een kind kan bijvoorbeeld qua intelligentie ouder zijn dan zijn werkelijke leeftijd, maar jonger qua sociale vaardigheden). Het is dus een misleidend concept en wordt niet veel meer gebruikt. Bij klas (grade) normen worden individuele prestaties vergeleken met de prestatie die normaal is voor kinderen in een bepaalde klas. Als iemand op een bepaalde test hetzelfde scoort als de gemiddelde persoon uit groep 6, wil dit nog niet zeggen dat hij dezelfde capaciteiten heeft als de gemiddelde persoon uit groep 6. Je weet niet op welke items hij goed en op welke slecht scoorde. Een ander nadeel van klasnormen is dat ze alleen van toepassing zijn op schoolkinderen.

          Nationale en plaatselijke normen

          Als individuele scores worden vergeleken met die van een normatieve steekproef die op alle belangrijke terreinen representatief is voor het hele land, is er sprake van nationale normen. De normatieve steekproef moet representatief zijn, bijvoorbeeld in termen van etniciteit, leeftijd en locatie. Op welke terreinen de steekproef precies gelijk moet zijn aan de populatie hangt af van het doel van het onderzoek. Als je educatieonderzoek doet moet je normatieve steekproef representatieve scholing hebben. Testontwikkelaars zijn geneigd om snel te beweren dat hun standaardisatie steekproef nationaal representatief was. Testgebruikers doen er goed aan om te bekijken hoe representatief dat is.

          Bij lokale normen wordt een individuele score vergeleken met de scores van een plaatselijke populatie. Dit kan bijvoorbeeld zinvol zijn als een lokale bevolking op een bepaald punt verschilt van de nationale bevolking. Iemand kan in zijn eigen plaats bijvoorbeeld relatief eigenwijs zijn, maar doordat de hele plaats in het algemeen relatief meegaand is, valt dat in het niet bij de nationale normen.

          Nationale ankernormen

          Als je twee verschillende testen die hetzelfde meten met elkaar wilt vergelijken moet je twee testen hebben met dezelfde scoringsprocedure. Je kunt echter ook een equivalentietabel gebruiken, waarin staat welke scores aan elkaar gelijk staan. Dit worden nationale ankernormen genoemd. Vanwege technische overwegingen kunnen de testen niettemin nooit als volledig aan elkaar gelijk worden beschouwd. Om te bepalen welke scores gelijk zijn, wordt gebruik gemaakt van de equipercentiele methode. Hierbij wordt gekeken naar welke scores horen bij welk percentiel. Als het 96ste percentiel op de ene test 5 is en het 96ste percentiel op de andere test 10, dan staan de scores 5 en 10 aan elkaar gelijk. Strikt genomen moet één steekproef beide testen maken om ankernormen vast te kunnen stellen.

          Subgroep normen

          Op basis van de criteria waarop aanvankelijk een normatieve steekproef genomen werd, kan de steekproef in subgroepen verdeeld worden. Voor elk van die subgroepen kunnen dan eigen normen worden berekend; de subgroep normen. Een testgebruiker kan dan zelf bepalen welke normreferentie hij het meest zeggend vindt.

          Vaste referentiegroep scoringssysteem

          Bij een scoringssysteem met vaste referentiegroep vormen de scores van één groep testmakers de basis voor het later berekenen van scores. De beroemde SAT-test maakt gebruik van een dergelijk systeem. De referentiegroep wordt eens in de zoveel tijd vervangen door een nieuwe. De scores worden steeds aangepast aan de moeilijkheid van de test. Ieder nieuw item op een nieuwe versie van de test wordt onderworpen aan een procedure (‘ankering’) om de scores in vaste referentiegroepscores te veranderen. Vaak gebruiken instellingen hun eigen vaste referentiegroepen. Zo vergelijkt een school de SAT-scores van een klas van dit jaar met die de klas van vorig jaar.

          Criteriumreferentie evaluatie

          Een individuele testscore kun je dus evalueren door hem te vergelijken met de resultaten van een normgroep. Een andere manier om scores te evalueren is door ze af te meten aan een bepaald criterium; een standaard waarop een beslissing of beoordeling gebaseerd kan worden. Testen die gebruik maken van dergelijke evaluatiemethoden, vallen onder testen en assessment met criteriumreferentie. Dit wordt ook wel testen en assessment met domein- of inhoudreferentie genoemd. Een criterium is een vaste standaard die onafhankelijk is van de scores van anderen. Je haalt bijvoorbeeld alleen je rijbewijs als je aan alle punten van het CBR voldoet, ongeacht hoe andere mensen gereden hebben. Testen die gebruik maken van criteriumreferenties richten zich vaak op het leren van vaardigheden. Ze zetten een criterium vanaf welk punt iemand de vaardigheden goed genoeg kent. Als die criteriumscore 85% is, maakt het niet uit of iemand een score van 84% of van 20% heeft; hij is in beide gevallen afgewezen. Kritiek op criteriumreferentie is dat belangrijke informatie over hoe iemand scoort ten opzichte van anderen verloren gaat. Ook is deze evaluatiemethode niet geschikt om extreme scorers te identificeren; daarvoor zijn normreferenties zinniger. Criteriumreferentie deelt alle mensen in twee groepen in: mensen die wel voldoen aan het criterium en mensen die dat niet doen. Criteriumreferentie en normreferentie sluiten elkaar overigens niet uit.

          Waar vinden persoonlijkheidstesten hun oorsprong?
          Study guide with Testtheorie: Inleiding in de theorie van de psychologische test en zijn toepassingen by Drenth and Sijtsma

          Study guide with Testtheorie: Inleiding in de theorie van de psychologische test en zijn toepassingen by Drenth and Sijtsma

          Study guide with Testtheorie: Inleiding in de theorie van de psychologische test en zijn toepassingen

          Online summaries and study assistance with the Testtheorie: Inleiding in de theorie van de psychologische test en zijn toepassingen by Drenth & Sijtsma

          Prints & Pickup with Cognition: Exploring the Science of the Mind

          • Nederlandse printsamenvatting bij Cognition: Exploring the Science of the Mind
          • Pre-order and pickup or use the postal service

          Related content on joho.org

          Persoonlijkheid, psychologische test en loopbaankeuzes: uitgelichte chapter- en boeksamenvattingen
          De 24 vaardigheden voor een zinvolle en succesvolle werk- en leefomgeving

          De 24 vaardigheden voor een zinvolle en succesvolle werk- en leefomgeving

          Activiteiten als backpacken, betaald werken, stagelopen en vrijwilligerswerk in het buitenland verzekeren: startpagina's

          Activiteiten als backpacken, betaald werken, stagelopen en vrijwilligerswerk in het buitenland verzekeren: startpagina's

               

          Partnerselectie: Stage in het buitenland I

          Partnerselectie: Stage in het buitenland I

          Werken, stagelopen en vrijwilligerswerk in binnen- en buitenland per activiteit en functie: startpagina's

          JoHo zoekt medewerkers die willen meebouwen aan een tolerantere wereld

          Werken, jezelf ontwikkelen en een ander helpen?

          JoHo zoekt medewerkers, op verschillend niveau, die willen meebouwen aan een betere wereld en aan een zichzelf vernieuwende organisatie

          Vacatures en mogelijkheden voor vast werk en open sollicitaties

          Vacatures en mogelijkheden voor tijdelijk werk en bijbanen

          Vacatures en mogelijkheden voor stages en ervaringsplaatsen

          Aanmelden bij JoHo om gebruik te maken van alle teksten en tools
           

          Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

          The world of JoHo footer met landenkaart

          JoHo: crossroads uit selectie
          Werk & Ontwikkeling: thema's en startpagina's

          Werk & Ontwikkeling: thema's en startpagina's

          Sollicitatie & Sollicitatieprocedure: startpagina's en thema's

          Sollicitatie & Sollicitatieprocedure: startpagina's en thema's

          Competenties en vaardigheden ontwikkelen in binnen- en buitenland: uitgelichte thema's

          Competenties en vaardigheden ontwikkelen in binnen- en buitenland: uitgelichte thema's

          JoHo: paginawijzer

          Thema's

          Wat vind je op een JoHo Themapagina?

          • Geselecteerde informatie en toegang tot de JoHo tools rond een of meerdere onderwerpen
          • Geautomatiseerde infomatie die aan het thema is gekoppeld

          Crossroad: volgen

          • Via een beperkt aantal geselecteerde webpagina's kan je verder reizen op de JoHo website

          Crossroad: kiezen

          • Via alle aan het chapter verbonden webpagina's kan je verder lezen in een volgend hoofdstuk of tekstonderdeel.

          Footprints: bewaren

          • Je kunt deze pagina bewaren in je persoonlijke lijsten zoals: je eigen paginabundel, je to-do-list, je checklist of bijvoorbeeld je meeneem(pack)lijst. Je vindt jouw persoonlijke lijsten onderaan vrijwel elke webpagina of op je userpage.
          • Dit is een service voor JoHo donateurs en abonnees.

          Abonnement: nemen

          • Hier kun je naar de pagina om je aan te sluiten bij JoHo, JoHo te steunen en zo zelf en volledig gebruik maken van alle teksten en tools.

          Hoe is de pagina op gebouwd

          • Een JoHo Themapagina pagina is opgezet aan de hand van 10 fases rond een bepaalde thema: statussen
          • De status van een thema kan je inzetten bij de belangrijke en minder belangrijke processen rond het thema van de pagina. Zoals keuzes maken, orienteren, voorbereiden, vaardigheden verbeteren, kennis vergroten, gerelateerd werk zoeken of zin geven.
          • Bij elke status vind je unieke of gerelateerde informatie van de JoHo website, die geautomatiseerd of handmatig wordt geplaatst.
          • Een belangrijk deel van de informatie is exclusief beschikbaar voor abonnees. Door in te loggen als abonnee wordt de informatie automatisch zichtbaar. Let wel, niet elke status zal evenveel content bevatten, en de content zal in beweging blijven.
          • De statussen:
          1. Start
          2. Oriëntatie : startpunt bepalen ->bijvoorbeeld: wat is je vraag of wat is het proces dat je gaat starten
          3. Selectie: verkennen en verzamelen van info en keuzehulp
          4. Afweging: opties bekijken en vergelijken -> bijvoorbeeld: alternatieven zoeken
          5. Competentie: verbeteren en competenties -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te slagen?
          6. Voorbereiding: voorbereiden & oefeningen -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te oefenen of je voor te bereiden?
          7. Inspiratie: vastleggen &  lessen -> bijvoorbeeld: wat leer je en heb je geleerd?
          8. Ervaring: vooruithelpen & hulp -> hoe kan je jezelf nuttig maken?
          9. Beslissing: Uitvoeren en tot resultaat brengen -> bijvoorbeeld wat ga je kopen of kiezen?
          10. Evaluatie: Terugkijken en verder gaan -> bijvoorbeeld: wat komt hierna?
            JoHo: footprints achterlaten
            JoHo: pagina delen

            The world of JoHo footer met landenkaart

            JoHo: Bereikbaarheid - Concept – FAQ - Gegevens - Winkelwagen - Zoeken