Argumentatie & Logica - van cliché tot redenering

 

Argumentatie gebruiken en logica aantonen

 

Leren argumenteren - Clichés vermijden - Logische gevolgen trekken 

Overtuigend redeneren - Consistent reageren

JoHo: crossroads uit bundel
Inloggen of aansluiten om alle teksten te kunnen zien en alle tools te kunnen gebruiken

Ben je ingelogd als JoHo donateur dan krijg je op deze pagina toegang tot meer gerelateerde informatie.

Ben je ingelogd als abonnee dan zie je alle gerelateerde informatie.

Log in als je nog niet bent ingelogd.

  Themapagina

1 - Start

Proces: starten en beseffen

  • Wat: Wat is je hoofdvraag, welk keuzezeproces wil je starten?
  • Hoe: Keuzebesef, het besef dat je een beslissing moet gaan maken
  • Actie: Verkennen, Vergelijken, Verdiepen, Voorbereiden, Vervolgen

 

1 - Start & Besef 6 - Voorbereiding & Controle           
2 - Inhoud & Oriëntatie 7 - Inspiratie & Samenwerking
3 - Verkenning & Selectie  8 - Ervaring & Oefening      
4 - Vergelijking & Afweging    9 - Beslissing & Tevredenheid    
5 - Verdieping & Verbetering  10 - Evaluatie & Vervolg 

 

2 - Oriëntatie & Introductie

Proces 2 : Oriënteren & Introduceren

  • Wat: je inlezen in je onderwerp, vraag of proces
  • Hoe: keuze-acceptatie, de acceptatie van de onzekerheid dat je nog niet kunt kiezen
  • Waarmee: definities en betekenis van het onderwerp doorgronden , feitelijke kennis opdoen, omgevingsinformatie lezen

 

Wat is argumenteren?

Wat is argumenteren?

  • In het Engels is een ‘argument’ ook wel een woordenwisseling of ruzie, maar dat is niet wat met argumentatie bedoeld wordt.
  • Waar het bij argumentatie om gaat is het type argument dat wordt gedefinieerd in de sketch ‘Argument Clinic’ van Monty Python, waarin een cliënt een kliniek binnen komt en betaalt voor een argument. Als hij eindelijk de juiste kamer heeft gevonden om een argument te krijgen, ontkent de persoon in de kamer die hem een argument moet geven gewoon alles wat er gezegd wordt. De cliënt klaagt dat ontkenning iets anders is dan een argument. Hij zegt: een argument is een aaneengekoppelde serie van standpunten om tot een conclusie te komen.
  • De definitie van een argument die dan ook wel eens wordt aangehouden is: een argument is een aaneengekoppelde serie van zinnen, standpunten en proposities (ook wel premissen) die bedoeld zijn om reden te geven aan een andere zin, standpunt of propositie (oftewel de conclusie). Een argument hoeft echter niet altijd een conclusie te bewijzen.
  • Uit deze definitie blijkt waar argumenten uit bestaan en wat het doel van argumenteren is.
  • Er zijn veel verschillende soorten redenen: om iets uit te leggen, om iets te rectificeren of om reden te geven aan waarom iemand iets doet. Ze worden dus ook gebruikt in een verscheidenheid aan dagelijkse situaties: om erachter te komen waarom je computer is gecrasht, waarom je vriendin boos is, op welke politieke partij je moet stemmen, welke studie je moet doen, etc.
  • Argumenten hebben dus niet maar één doel. Rechtvaardiging en uitleg zijn voorbeelden van verschillend gebruik van argumenten.

 

    Deductieve en inductieve argumenten

    • Goede argumenten kunnen zowel deductief als inductief zijn.
    • Waar bij deductie de conclusie logisch onvermijdelijk volgt uit de aannames, is bij inductie de conclusie niet onvermijdelijk, maar waarschijnlijk.
    • Om er achter te komen of een argument deductief of inductief is, is het belangrijk om goed te lezen. Wanneer er bijvoorbeeld gezegd wordt: ‘Het kan gaan regenen’, dan zeggen we eigenlijk dat regen een mogelijkheid is. Het is inductief. Als we zeggen: ‘Er is regen op komst’, dan is er geen andere mogelijkheid dan dat het snel zal gaan regenen. Dan is het dus deductief.

    Deductieve argumenten

    • Na woorden als ‘omdat’, ‘aangezien’ of ‘dit wordt verklaard door’, volgt vaak een premisse. Een dergelijk premisse komt dan na de conclusie. Je kunt bijvoorbeeld beweren dat je verdrietig bent, omdat je partner je verjaardag is vergeten.
      • De premisse in een goed deductief argument bewijst de conclusie die getrokken wordt.
      • Bij deductief redeneren is validiteit erg belangrijk. Een argument wordt valide genoemd wanneer het niet mogelijk is dat de premisse waar is en de conclusie onwaar is.
      • Een voorbeeld:Premisse: ‘Jan was voorzitter voordat Piet voorzitter was en Klaas was voorzitter na Piet. Conclusie: ‘Jan was voorzitter voordat Piet voorzitter was’. Het is in dit voorbeeld onmogelijk dat de premisse klopt en dat de getrokken conclusie niet waar is. De premisse van een goed deductief argument bewijst dus de conclusie. Er is daarom sprake van een valide argument. Als de premisse van een valide argument waar is, wordt het argument gegrond (‘sound’) genoemd.

    Inductieve argumenten

    • De premisse van een inductief argument bewijst de conclusie niet, maar ondersteunt de conclusie.
    • Er is bij een inductief argument dus geen sprake van een alles-of-niets principe, zoals bij een deductief argument. Ondersteuning voor een conclusie wordt door inductief argument geleverd in gradaties.
    • Een voorbeeld is dat de dader van een moord wordt gezocht. Er is een vrouw vermoord en van haar man wordt geweten dat hij haar herhaaldelijk heeft bedreigd. Dit is zeker geen bewijs voor het feit dat hij haar heeft vermoord en ondersteunt de claim ook niet dat hij haar heeft vermoord. Als zijn vingerafdrukken worden gevonden op het moordwapen, dan is dit nog steeds geen bewijs voor de claim dat hij haar heeft vermoord, maar dit gegeven geeft wel meer steun voor de claim dat hij haar om het leven heeft gebracht.
      • Hoe meer een premisse de conclusie van een inductief argument steunt, des te sterker het argument is.
      • Hoe minder een premisse de conclusie van een inductief argument steun, des te zwakker het argument is

    Waar komt het naar voren?

    Gerelateerde studies

    • Rechtsgeleerdheid
    • Geneeskunde
    • Wiskunde en natuurkunde
    • Informatica

    Gerelateerde vakken

    • Academische vaardigheden
    • Scriptie schrijven en onderzoek doen
      Wat voor soorten argumenten zijn er?

      Wat voor soorten argumenten zijn er?

      Goede argumenten kunnen zowel deductief als inductief zijn.

      Deductieve argumenten

      Na woorden als ‘omdat’, ‘aangezien’ of ‘dit wordt verklaard door’, volgt vaak een premisse. Een dergelijk premisse komt dan na de conclusie. Je kunt bijvoorbeeld beweren dat je verdrietig bent, omdat je partner je verjaardag is vergeten. Argumenten kunnen deductief of inductief zijn.

      • De premisse in een goed deductief argument bewijst de conclusie die getrokken wordt.

      • Bij deductief redeneren is validiteit erg belangrijk. Een argument wordt valide genoemd wanneer het niet mogelijk is dat de premisse waar is en de conclusie onwaar is.

      Een voorbeeld:

      Premisse: ‘Jan was voorzitter voordat Piet voorzitter was en Klaas was voorzitter na Piet. Conclusie: ‘Jan was voorzitter voordat Piet voorzitter was’. Het is in dit voorbeeld onmogelijk dat de premisse klopt en dat de getrokken conclusie niet waar is. De premisse van een goed deductief argument bewijst dus de conclusie. Er is daarom sprake van een valide argument. Als de premisse van een valide argument waar is, wordt het argument gegrond (‘sound’) genoemd.

      Inductieve argumenten

      De premisse van een inductief argument bewijst de conclusie niet, maar ondersteunt de conclusie. Er is bij een inductief argument dus geen sprake van een alles-of-niets principe, zoals bij een deductief argument. Ondersteuning voor een conclusie wordt door inductief argument geleverd in gradaties. Een voorbeeld is dat de dader van een moord wordt gezocht. Er is een vrouw vermoord en van haar man wordt geweten dat hij haar herhaaldelijk heeft bedreigd. Dit is zeker geen bewijs voor het feit dat hij haar heeft vermoord en ondersteunt de claim ook niet dat hij haar heeft vermoord. Als zijn vingerafdrukken worden gevonden op het moordwapen, dan is dit nog steeds geen bewijs voor de claim dat hij haar heeft vermoord, maar dit gegeven geeft wel meer steun voor de claim dat hij haar om het leven heeft gebracht.

      • Hoe meer een premisse de conclusie van een inductief argument steunt, des te sterker het argument is.

      • Hoe minder een premisse de conclusie van een inductief argument steun, des te zwakker het argument is.

      Om er achter te komen of een argument deductief of inductief is, is het belangrijk om goed te lezen. Wanneer er bijvoorbeeld gezegd wordt: ‘Het kan gaan regenen’, dan zeggen we eigenlijk dat regen een mogelijkheid is. Het is inductief. Als we zeggen: ‘Er is regen op komst’, dan is er geen andere mogelijkheid dan dat het snel zal gaan regenen. Dan is het dus deductief.

      Uitgelichte abonneechapters over welke soorten argumenten er zijn:

      3 - Verzameling & Selectie

      Proces 3 - Verzamelen & Selecteren

      • Wat: Selecteren van de basisinformatie om je keuzes te kunnen maken.
      • Hoe: Keuzestress, het inzicht in de verschillende keuzes.
      • Waarmee: Belangrijke vragen en antwoorden zoeken, productoverzichten bekijken, advies inwinnen.

       

      Argumenten

      • Argumenten zijn overal om ons heen: in reclames, de politiek, morele en religieuze debatten, op school en in je persoonlijke leven als je beslissingen maakt over je carrière, financiën en relaties. Deze aspecten van ons leven kunnen we niet begrijpen zonder dat we argumenten begrijpen.
      • We zien argumenten als een middel en om dat middel te begrijpen moeten we weten waar het voor wordt gebruikt, waar het uit bestaat en welke vormen ze aan kunnen nemen. We moeten de doelen, materialen en vormen van argumenten begrijpen.
      • Argumenten kunnen helpen om iemand anders in jouw uitspraak te doen geloven. Soms gaat het om feiten, soms om meningen. Vaak wil je mensen een goede reden geven waarom ze hun gedachten moeten veranderen. Dan wil je niet alleen dat de ander in je conclusie gelooft, maar ook dat hij deze conclusie gerechtvaardigd vindt. Wanneer het gaat om onpersoonlijke normatieve rechtvaardiging gaat het erom dat je een goede reden vindt (normatief) en dat iedereen deze reden zou accepteren (onpersoonlijk). Het doel is om te laten zien dat er een reden is om de conclusie te geloven, ongeacht om wie het gaat.
      • Andere argumenten zijn gericht naar specifieke personen. Het doel is dan om te laten zien dat deze specifieke personen reden hebben om de conclusie te geloven. Dit wordt persoonlijke rechtvaardiging genoemd.

      De basisstructuur van argumenten

      • De basisstructuur van argumenten bestaat uit twee premissen en een conclusie:
        • Premisse 1: Socrates is een mens.
        • Premisse 2: Alle mensen zijn sterfelijk
        • Conclusie: Dus: Socrates is sterfelijk.
      • De standaardvorm helpt om te zien dat hetzelfde argument op verschillende manieren gepresenteerd kan worden. De volgende drie zinnen geven allemaal aan wat er in het argument hierboven ook staat: ‘Socrates is sterfelijk, aangezien alle mensen sterfelijk zijn en Socrates een mens is’, ‘Alle mensen zijn sterfelijk, dus Socrates is sterfelijk omdat hij een mens is’ en ‘Alle mensen zijn sterfelijk en Socratesnis een mens, dus Socrates zal ook sterfelijk zijn’. Daarnaast verduidelijkt presentatie in de standaardvorm wat de premissen zijn en wat de conclusie is.

      Check ook de JoHo competentietool: Overtuigend zijn: leren of versterken

      Hoe wordt argumentatie ingezet bij het overtuigen?
      Wat is (het nut van) argumentatie?

      Wat is (het nut van) argumentatie?

      • In het Engels is een ‘argument’ ook wel een woordenwisseling of ruzie, maar dat is niet wat met argumentatie bedoeld wordt. Waar het bij argumentatie om gaat is het type argument dat wordt gedefinieerd in de sketch ‘Argument Clinic’ van Monty Python, waarin een cliënt een kliniek binnen komt en betaalt voor een argument. Als hij eindelijk de juiste kamer heeft gevonden om een argument te krijgen, ontkent de persoon in de kamer die hem een argument moet geven gewoon alles wat er gezegd wordt.
      • De cliënt klaagt dat ontkenning iets anders is dan een argument. Hij zegt: een argument is een aaneengekoppelde serie van standpunten om tot een conclusie te komen.
      • De definitie van een argument die dan ook wel eens wordt aangehouden is: een argument is een aaneengekoppelde serie van zinnen, standpunten en proposities (ook wel premissen) die bedoeld zijn om reden te geven aan een andere zin, standpunt of propositie (oftewel de conclusie). Een argument hoeft echter niet altijd een conclusie te bewijzen.
      • Uit deze definitie blijkt waar argumenten uit bestaan en wat het doel van argumenteren is.
      • Er zijn veel verschillende soorten redenen: om iets uit te leggen, om iets te rectificeren of om reden te geven aan waarom iemand iets doet. Ze worden dus ook gebruikt in een verscheidenheid aan dagelijkse situaties: om erachter te komen waarom je computer is gecrasht, waarom je vriendin boos is, op welke politieke partij je moet stemmen, welke studie je moet doen, etc.
      • Argumenten hebben dus niet maar één doel. Rechtvaardiging en uitleg zijn voorbeelden van verschillend gebruik van argumenten.

      Uitgelichte abonneechapters over het nut van argumentatie en argumentatieleer:

      4 - Vergelijking & Afweging

      Proces 4 - Vergelijken & Afwegen

      • Wat: Je keuzeproces starten
      • Hoe: Keuzevergelijking, alternatieven afwegen
      • Waarmee: Vergelijkbare en alternatieve onderwerpen bekijken, aanverwante producten en services zoeken

      Hoe wordt argumentatie ontleed en bekritiseerd?

      Hoe wordt argumentatie ontleed en bekritiseerd?

      Hoe wordt argumentatie ontleed en bekritiseerd?

      • Argumenten bestaan uit stellingen, maar zijn iets anders dan slechts een opsomming van stellingen. De stellingen moeten gepresenteerd worden als reden voor de volgende stelling. Dit doe je door het toevoegen van het woord ‘dus’ (therefore), wat een conclusie aangeeft. Het woord dus wordt daarom een conclusion marker genoemd. Er zijn ook andere conclusie markers, zoals dus, daarvoor, daardoor, dan en vandaar. Het woord aangezien (since) geeft een reden aan en wordt daarom een reason marker genoemd. Andere reason markers zijn omdat, want, aangezien, als, terwijl en in zoverre. De conclusie en reden markers samen heten argument markers.
      • Het is niet mogelijk om een argument te identificeren door alleen naar de argument markers te kijken, omdat de woorden die duiden op een argument ook voor andere doeleinden worden gebruikt. Je moet kijken naar de woorden in de context waarin ze worden gebruikt. Een trucje om te checken of iets een argument is, is om het woord in de zin te vervangen door een andere argument marker. Met behulp van argument markers kun je de structuur van een argument ontdekken.

       

        Hoe kun je leren beter te argumenteren tijdens je reis, studie, stage of werk

        Hoe kun je leren beter te argumenteren tijdens je reis, studie, stage of werk

        Hoe kun je beter leren argumenteren tijdens je reis, studie, stage of werk

        Tijdens je reis

        • Tijdens je verblijf in het buitenland ben je constant in contact met de lokale bevolking. Door goed te communiceren met de 'locals' en andere reizigers kunnen veel problemen worden voorkomen
        • Door de juiste inzet van argumenten kan je makkelijker respectvol blijven en problemen voorkomen wanneer je eens 'nee' moet zeggen tegen iemand die je vraagt iets voor hem of haar te doen.

        Tijdens je studie

        • Kunnen argumenteren is een skill die hard nodig is tijdens de studie en die je in de loop van je studietijd steeds verder doorontwikkelt.
        • Bij vrijwel iedere tentamenvraag zal je moeten argumenteren om tot een antwoord te komen. Dat kan impliciet zijn om bij Multiple Choice vragen tot het goede antwoord te komen, of expliciet om bij essay vragen aan te geven hoe je tot een zekere stelling of antwoord op een vraag bent gekomen

        Tijdens je vrijwilligerswerk of stage

        • Of je je bevindingen wil presenteren of beleid wil veranderen, in vrijwel iedere presentatie van een standpunt of mening is het verstandig om goede argumentatie te gebruiken. Klanten hebben minder vragen als de argumentatie onder de presentatie helder uiteen gezet is, en managers hebben vaak niet de tijd om alle feiten te kunnen checken, maar zullen doorgaans wel scherp letten op kwaliteit van argumenten

          

        5 - Verdieping & Versterking

        Proces 5 - Verdiepen & Versterken

        • Wat: Meer kennis en vaardigheden in huis halen
        • Hoe: Verdiepen in de achtergronden of de benodigde vaardigheden om je keuzes te maken
        • Waarmee: Meer kennis opdoen en achtergronden opzoeken
        JoHo tools: boek- en chaptersamenvattingen over argumentatie en logica

        JoHo tools: boek- en chaptersamenvattingen over argumentatie en logica

        Hoe argumenteer je? - Chapter 8
        Hoe draagt categorische logica bij aan het valideren van argumenten? - Chapter 7
        Hoe draagt propositionele logica bij aan het valideren van argumenten? - Chapter 6
        Wat houdt een grondige analyse van argumentatie in? - Chapter 5
        Wat is de taal van het argumenteren? - Chapter 3
        Wat is het nut van argumenteren? - Chapter 1
        Wat zijn argumenten? - Chapter 1
        Wat zijn basisbegrippen omtrent argumenten? - Chapter 1

        Wat zijn basisbegrippen omtrent argumenten? - Chapter 1

        Elke dag worden we gebombardeerd met geschreven en gesproken boodschappen (bijvoorbeeld reclame) over wat we wel en niet moeten doen, moeten kopen en moeten geloven. Bepaalde boodschappen negeer je of neem je klakkeloos aan, terwijl je je bij andere afvraagt waarom je bepaalde dingen zou moeten doen of geloven. In het laatste geval ben je op zoek naar een reden voor wat je doet of gelooft. We zoeken echter niet alleen naar een reden voor onze handelingen of overtuigingen, maar naar een rechtvaardiging, oftewel een goede reden. Het geven van een argument duidt op het overhalen door middel van het geven van goede redenen.

        Argumenten komen in verschillende vormen en maken een groot deel uit van ons dagelijks leven. Als je een vermogen ontwikkelt om de pogingen van anderen om je over te halen te doorgronden en hun argumenten kan achterhalen, kun je zien wat goede redenen zijn om iets wel of niet te doen. Maar waarom is het eigenlijk belangrijk om goede redenen te krijgen voor je je laat overhalen? Een belangrijke reden is dat je op die manier dichter bij de waarheid kan komen. Daarnaast is het maken van goede, gegronde beslissingen soms van levensbelang (denk maar aan de beslissingen die een rechter moet maken). Kritisch denken is dus belangrijk.

        Het herkennen van argumenten

        Retoriek duidt op elke verbale of geschreven poging om iemand ergens van te overtuigen puur door middel van de kracht van woorden, zonder een poging te doen goede redenen te geven. Dit kan onderscheiden worden van een argument, waarbij wel geprobeerd wordt goede redenen te geven. Officieel zouden bedreiging en omkoping ook onder retoriek vallen, maar omdat degene die overtuigd wordt hierbij wel een reden heeft om iets te doen worden deze vormen buiten beschouwing gelaten. Retorische technieken kunnen manipulatief en dwingend zijn, maar zijn niet altijd ongewenst (denk maar aan de speech van president Obama).

        Als een overtuigingspoging wel in de vorm van een argument komt, hoeft dit niet per se een goed argument te zijn. Een overtuigingspoging analyseren gebeurt in drie stappen. Ten eerste moet gekeken worden of er een argument gepresenteerd wordt door middel van het identificeren van de zaak in kwestie. Ten tweede moet het argument gereconstrueerd worden, waarbij de stappen en de vorm van de redenering van het argument duidelijk worden. Ten slotte moeten we het argument evalueren, oftewel beoordelen wat er wel en niet aan klopt.

        Alle argumenten kunnen gezien worden als pogingen om redenen aan te dragen om te denken dat een aanspraak waar is. Een enkele aanspraak is echter niet hetzelfde als een argument. Een voorbeeld van een niet-ondersteunde aanspraak is bijvoorbeeld: ‘later gaat het regenen’. Voor een argument is echter ook nog steun nodig voor de aanspraak, bijvoorbeeld: ‘het gaat regenen omdat dat op het weerbericht gezegd werd’. Een argument bestaat dan ook uit twee delen: de primaire aanspraak (de conclusie), oftewel datgene waar we anderen van willen overtuigen, en ondersteunende uitspraken (de premissen). De definitie van een argument is dus als volgt: een set van proposities waarvan een de conclusie is en de rest premissen, bedoeld als steun voor de conclusie. Met propositie wordt de feitelijke inhoud van een declaratieve zin bedoeld, die door meerdere zinnen kan worden uitgedrukt.

        Aspecten van betekenis

        Afhankelijk van hoe we een zin gebruiken, kan deze verschillende aspecten van betekenis naast de feitelijke inhoud uitdrukken. Zo duidt de retorische kracht op het retorische aspect van de zin, oftewel de emotionele of anderszins suggestieve aankleding van de inhoudelijke boodschap. De implicatuur duidt op betekenis die niet letterlijk gezegd wordt, maar gegeven de context redelijkerwijs afgeleid kan worden. Dit kan een vorm van retoriek zijn als het geïmpliceerde aspect gebruikt wordt om reacties op te wekken die gemotiveerd worden door emotie of vooroordelen. Een definitie vertelt ons wat er nodig is voor iets om te kwalificeren als een bepaald soort ding (bijvoorbeeld een woordenboekdefinitie). De definities die bijvoorbeeld in dit boek gebruikt worden is een type definitie die ons de noodzakelijke en volstaande voorwaarden geeft om als een bepaald ding te tellen. Zo is een ooi noodzakelijk een schaap en vrouwelijk, en die twee voorwaarden volstaan om te zeggen dat het een ooit is. Definities kan je testen door tegenvoorbeelden te geven. Een tegenvoorbeeld is iets dat voldoet aan de definitie maar dat geen voorbeeld is van wat er wordt gedefinieerd, of iets dat wel een voorbeeld is van wat er wordt gedefinieerd maar niet voldoet aan de definitie.

        Standaardvorm

        Argumenten voor analyse worden in een bepaalde vorm uitgezet. De premissen worden op volgorde waarin ze in het denkproces voorkomen onder elkaar gezet en genummerd met P1, P2, etc. Tussen de laatste premisse en de conclusie (C) wordt een streep gezet (inference bar). Deze vorm wordt de standaardvorm genoemd. Als je een argument reconstrueert tot de standaardvorm wordt dit argumentreconstructie genoemd. Een voorbeeld hiervan is:

        P1) Iemand helpen om zelfmoord te plegen is hetzelfde als moord

        P2) Moord is slecht

        C) Iemand helpen om zelfmoord te plegen is slecht.

        Het identificeren van conclusies en premissen

        Om te zien of een spreker of schrijver een argument naar voren brengt, is de context heel belangrijk. Aan de hand daarvan kan je de intentie van de schrijver of spreker interpreteren.

        Voor het identificeren van een conclusie zijn een aantal punten belangrijk. Ten eerste is het handig om het hoofdpunt dat de schrijver of spreker naar voren brengt te identificeren en te parafraseren tot één simpele propositie. Sommige premissen of conclusies moeten herschreven worden, bijvoorbeeld als deze in vragende vorm worden gesteld. Daarnaast is het belangrijk om te onthouden dat een tekst meerdere, uitgebreide argumenten kan bevatten, die samen leiden naar het hoofdargument. Ook is het handig om te letten op conclusie-indicatoren, zoals ‘dus’, ‘daarom’, ‘kortom’, etc. Als een tekst geen indicatoren bevat is het soms mogelijk de conclusie te identificeren door middel van het zelf invoegen van indicatoren. Als deze goed passen, is het waarschijnlijk dat je de conclusie hebt geïdentificeerd. Bij het parafraseren van het argument moeten de indicatoren echter worden weggelaten.

        Ook bij het identificeren van premissen zijn een aantal punten van belang. Ten eerste kan je jezelf afvragen wat de redenen zijn van de spreker of de schrijver om zijn conclusie te geloven. Ook kan het helpen om de retoriek en niet-relevantie delen van de tekst te scheiden van de werkelijke inhoud. Daarnaast kun je zoeken naar premisse-indicatoren, zoals ‘omdat’, ‘de reden is dat’, ‘het bewijs is dat’, etc. Net als bij de conclusies geldt dat je bij het parafraseren de indicatoren niet gebruikt. Ten slotte is het belangrijk te letten op impliciete premissen of conclusies, bijvoorbeeld als de spreker of schrijver aanneemt dat het publiek hier gegeven de context al vanuit gaat.

        Argumenten en verklaringen

        Woorden die functioneren als indicatoren kunnen soms lastig te onderscheiden zijn van woorden met andere functies. Zo is het belangrijk een onderscheid te maken tussen argumenten en verklaringen. Zo kan ‘omdat’ gebruikt worden om een argument te introduceren of een verklaring. In het eerste geval wordt geprobeerd te overtuigen dat iets zo is (Ik denk dat de kraan lekt omdat ik het in de badkamer hoor druppelen), in het tweede geval is het al geaccepteerd dat het zo is (De kraan lekt omdat die aan het roesten is). Deze dubbele functie speelt ook bij woorden zoals ‘daarom’, ‘dus’, etc.

        Tussenconclusies

        Tussenconclusies (intermediate conclusions) zijn alle conclusies die op de weg naar de hoofdconclusie getrokken worden. Soms richt een tekst zich tijdelijk op een deel van het argument, waarbij we kunnen spreken van inferentie van bijvoorbeeld P1 en P2 naar C1 en van C1 en P3 naar C2.

          

        6 - Voorbereiding & Verzekering

        Proces 6 - Voorbereiden & Checken

        • Wat: Voorbereidingen treffen om je keuze te maken en ze op te volgen
        • Hoe: Keuzevoorbereiding, maatregelen treffen, checklists afwerken
        • Content: Wat moet je doen om je goed voorbereiden voor je keuze of actie? Wat kan je doen om te oefenen of je beter voor te bereiden? Waar moet je aan denken?

                

           

        7 - Inspiratie & Samenwerking

        Proces 7 - Inspireren & Samenwerken

        • Wat: Inspiratie opdoen en betrokkenheid bepalen
        • Hoe: Je 'keuzegeweten' laten spreken, tegen je eigen lat houden, past het bij je?, voelt het goed? Haal jij, of een ander, er voldoende inspiratie vandaan?
        • Waarmee: Je afvragen hoe de praktijk werkt, wat en wat kan jij ervan leren? Welke ervaringen kan jij delen of zijn al gedeeld? Hoe kan jij anderen inspireren?

        Samenwerken met JoHo 

        Partnerselectie: Werken & Ontwikkelen

        Partnerselectie: Werken & Ontwikkelen

        Wereldstage & Wereldjob

        Wereldstage is actief op Curaçao en helpt je aan betaald werk, stages, vrijwilligerswerk en de invulling van een 'gap programma'. Ze organiseren voor alle leeftijden programma's van een paar weken of langer, waarbij je erachter komt welke toekomst bij jou past. Lokale initiatieven worden gesteund door vrijwilligers te plaatsen, en financieel bij te dragen aan de vele goede doelen op Curaçao.

        Het Coachhuis

        Ben je coach, trainer, therapeut, mediator of een andere professional? Of heb je een eigen bedrijf? En wil je je klanten in een sfeervolle, representatieve ruimte ontvangen? Wilt je flexibel huren per uur? Zit je graag op verschillende plekken in het land? Of wil je juist vaak vanaf één vaste plek werken? Ben je op zoek naar voordelige tarieven? Kijk dan eens op de kaart van Het Coachhuis!

        DSW Zorgverzekeraar

        DSW is een landelijke zorgverzekeraar. DSW vindt dat elke Nederlander, ongeacht leeftijd, gezondheid of financiële mogelijkheden, recht heeft op betaalbare zorg van een hoge kwaliteit. De basisverzekering van DSW is een combinatiepolis waarbij je zelf kunt kiezen naar welke zorgverlener je gaat. De premie is hetzelfde voor iedereen, met de optie om het eigen risico te verhogen voor premiekorting, of om een aanvullende verzekering af te sluiten.
         
         
        Partnerselectie: Stage in het buitenland I

        Partnerselectie: Stage in het buitenland I

        Wereldstage & Wereldjob

        Wereldstage is actief op Curaçao en helpt je aan betaald werk, stages, vrijwilligerswerk en de invulling van een 'gap programma'. Ze organiseren voor alle leeftijden programma's van een paar weken of langer, waarbij je erachter komt welke toekomst bij jou past. Lokale initiatieven worden gesteund door vrijwilligers te plaatsen, en financieel bij te dragen aan de vele goede doelen op Curaçao.

        JongLeren.es

        JongLeren.es is een stage- en projectbemiddelingsbureau in Málaga, Spanje. 
        JongLeren verzorgt meeloopstages, projectstages en afstudeerstages voor de meest uiteenlopende opleidingen op zowel MBO, HBO of WO niveau.
        Jongleren.es organiseert en/of is betrokken bij verschillende projecten en activiteiten zoals het ‘Málaga Business Bootcamp’ en persoonlijke coaching bij studiekeuze.
         

        Stage Global

        Stage Global bestaat uit Stage-USA, Stage-Australia, Stage-Euro en Stage-Asia. Ook bemiddelt Stage Global voor stages op Mauritius. Stage Global biedt verschillende internationale exchange programma's aan, onder andere op het gebied van: stages, afstuderen, traineeships, short training en au pair programma's. De programma's zijn voor studenten en young professionals en er zijn mogelijkheden op veel verschillende studiegebieden en in diverse werkvelden.

        Stage Global is an internship agency, founded in 2010, with several programs in the US, Australia, Europe and Asia for students and young professionals.

        On-Stage Latin America

        On-Stage Latin America, founded by two Dutch people in 2006, wants to contribute to both the sustainable development of the countries in which it operates and that of its clients. On-Stage mediates in internships and work experience places, volunteer work and Spanish courses.

        Let's Go Africa

        Let's Go Africa is een Nederlandse bemiddelingsorganisatie voor stages en vrijwilligerswerk in Afrika. Het doel van de organisatie is om studenten, vrijwilligers en jonge professionals wereldwijd in contact te brengen met lokale projecten en organisaties in Afrika.

        Ontmoet Afrika

        Ontmoet Afrika is een kleine non-profitorganisatie (NGO) voor duurzaam vrijwilligerswerk en stages bij de lokale bevolking in Afrika. De werkplekken worden aangeboden via partnerorganisaties in Ghana en Malawi.

        Partnerselectie: Trainingen & Loopbaantrajecten

        Partnerselectie: Trainingen & Loopbaantrajecten

        Empathie Plus

        Empathie Plus is een adviesbureau onder leiding van Joop Stroes. Ze bieden coaching op maat voor individuen en teams. Met gebruik van de bekende Kolbe™ Assessment worden niet alleen je capaciteiten en talenten in kaart gebracht, maar krijg je ook inzicht in de wijze hoe je ze kan toepassen. Kolbe™-theorie en -toepassing brengt je natuurlijke talenten in beeld, waardoor je de mogelijkheid krijgt om op maximale capaciteit te werken.

        Studiekeuze Jong Talent & De Frisse Kijk

        De Frisse Kijk is de organisatie van Eva Ouwerkerk. Deze ervaren coach heeft zich gespecialiseerd in studiekeuze, motivatietraining en loopbaanbegeleiding. Gestart als journalist van informatieve programma’s is zij op zoek gaan naar de essentie van thema’s. Zij is deskundig in formeel leren, en gespecialiseerd in sociaal en informeel leren. Zij faciliteert het leren en ontwikkelen bij jong en laat talent.

         

        Het Coachhuis

        Ben je coach, trainer, therapeut, mediator of een andere professional? Of heb je een eigen bedrijf? En wil je je klanten in een sfeervolle, representatieve ruimte ontvangen? Wilt je flexibel huren per uur? Zit je graag op verschillende plekken in het land? Of wil je juist vaak vanaf één vaste plek werken? Ben je op zoek naar voordelige tarieven? Kijk dan eens op de kaart van Het Coachhuis!

        Ikzoekloopbaanbegeleiding.nl

        Het kan zijn dat je op een bepaald moment in je leven vastloopt tijdens je loopbaan. Of wellicht heb je te maken met (gedwongen) ontslag. Ook kan het voorkomen dat je vanwege je ziekte of beperking niet meer je huidige beroep kunt uitoefenen. Professionele loopbaanadviesbureaus op het gebied van loopbaanbegeleiding, outplacement en re-integratie kunnen hierin ondersteuning bieden. Ikzoekloobaanbegeleiding.nl is het startpunt voor alle loopbaanadviesbureaus

        Wereldstage & Wereldjob

        Wereldstage is actief op Curaçao en helpt je aan betaald werk, stages, vrijwilligerswerk en de invulling van een 'gap programma'. Ze organiseren voor alle leeftijden programma's van een paar weken of langer, waarbij je erachter komt welke toekomst bij jou past. Lokale initiatieven worden gesteund door vrijwilligers te plaatsen, en financieel bij te dragen aan de vele goede doelen op Curaçao.

            

        8 - Werk & Ervaring

        Proces 8 - Ervaren & Werken

        • Wat: Met je proces de slag gaan of werken in het kader van je proces
        • Hoe: Keuze-ervaring, de praktijk ervaren rond je keuzeprocessen, werk maken van je proces, proces maken van je werk
        • Waarmee: je afvragen of je jezelf nuttig kan maken via werkervaring, stages of vrijwilligerswerk, is er gerelateerd werk mogelijk, zijn er vacaturemogelijkheden

        JoHo toolshops voor werk, stage, vrijwilligerswerk in het buitenland met vacatures en organisaties

        JoHo toolshops voor werk, stage, vrijwilligerswerk in het buitenland met vacatures en organisaties

        JoHo zoekt medewerkers die willen meebouwen aan een tolerantere wereld

        Werken, jezelf ontwikkelen en een ander helpen?

        JoHo zoekt medewerkers, op verschillend niveau, die willen meebouwen aan een betere wereld en aan een zichzelf vernieuwende organisatie

        Vacatures en mogelijkheden voor vast werk en open sollicitaties

        Vacatures en mogelijkheden voor tijdelijk werk en bijbanen

        Vacatures en mogelijkheden voor stages en ervaringsplaatsen

          

        9 - Beslissing & Acceptatie

        Proces 9 - Beslissen & Accepteren

        • Wat: Beslissen en tevreden zijn over het besluit dat je hebt genomen.  Gaan handelen naar je besluit
        • Hoe: Keuzeproces afronden, Beslissing nemen, Accepteren dat je een beslissing hebt genomen met de kennis en kunde die je nu hebt, Besluit gaan uitvoeren
        • Waarmee: Acceptatieproces starten, Stappen nemen, contacten leggen, services gebruiken, terugkijken, relativeren en waarderen dat je een beslissing hebt genomen

         

        Aanmelden bij JoHo om gebruik te maken van alle teksten en tools
         

        Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

        The world of JoHo footer met landenkaart

        Aansluiten bij JoHo met een JoHo abonnement

        JoHo abonnement (€20,- p/j)

        • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
        • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner
        • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
        • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
        • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)

         of met een JoHo donateurschap

        JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

        • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
        • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
        • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
        • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

         

        Aanmelden & Aansluiten bij JoHo 

        10 - Vervolg & Evaluatie

        10 - Evalueren & Vervolgen

        • Wat: Het verleden een plek en de toekomst een kans geven
        • Hoe: Je eigen keuze beoordelen, genomen beslissingen voldoende tijd geven, doorgaan naar een volgend keuzeproces gaan
        • Waarmee: tijdig terugkijken naar behaalde resultaten, plannen maken voor verbetering of vernieuwing, rekening houden met nieuwe ontwikkelingen, in beweging blijven als de situatie daar om vraagt
        JoHo: paginawijzer

        Thema's

        Wat vind je op een JoHo Themapagina?

        • Geselecteerde informatie en toegang tot de JoHo tools rond een of meerdere onderwerpen
        • Geautomatiseerde infomatie die aan het thema is gekoppeld

        Crossroad: volgen

        • Via een beperkt aantal geselecteerde webpagina's kan je verder reizen op de JoHo website

        Crossroad: kiezen

        • Via alle aan het chapter verbonden webpagina's kan je verder lezen in een volgend hoofdstuk of tekstonderdeel.

        Footprints: bewaren

        • Je kunt deze pagina bewaren in je persoonlijke lijsten zoals: je eigen paginabundel, je to-do-list, je checklist of bijvoorbeeld je meeneem(pack)lijst. Je vindt jouw persoonlijke lijsten onderaan vrijwel elke webpagina of op je userpage.
        • Dit is een service voor JoHo donateurs en abonnees.

        Abonnement: nemen

        • Hier kun je naar de pagina om je aan te sluiten bij JoHo, JoHo te steunen en zo zelf en volledig gebruik maken van alle teksten en tools.

        Hoe is de pagina op gebouwd

        • Een JoHo Themapagina pagina is opgezet aan de hand van 10 fases rond een bepaalde thema: statussen
        • De status van een thema kan je inzetten bij de belangrijke en minder belangrijke processen rond het thema van de pagina. Zoals keuzes maken, orienteren, voorbereiden, vaardigheden verbeteren, kennis vergroten, gerelateerd werk zoeken of zin geven.
        • Bij elke status vind je unieke of gerelateerde informatie van de JoHo website, die geautomatiseerd of handmatig wordt geplaatst.
        • Een belangrijk deel van de informatie is exclusief beschikbaar voor abonnees. Door in te loggen als abonnee wordt de informatie automatisch zichtbaar. Let wel, niet elke status zal evenveel content bevatten, en de content zal in beweging blijven.
        • De statussen:
        1. Start
        2. Oriëntatie : startpunt bepalen ->bijvoorbeeld: wat is je vraag of wat is het proces dat je gaat starten
        3. Selectie: verkennen en verzamelen van info en keuzehulp
        4. Afweging: opties bekijken en vergelijken -> bijvoorbeeld: alternatieven zoeken
        5. Competentie: verbeteren en competenties -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te slagen?
        6. Voorbereiding: voorbereiden & oefeningen -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te oefenen of je voor te bereiden?
        7. Inspiratie: vastleggen &  lessen -> bijvoorbeeld: wat leer je en heb je geleerd?
        8. Ervaring: vooruithelpen & hulp -> hoe kan je jezelf nuttig maken?
        9. Beslissing: Uitvoeren en tot resultaat brengen -> bijvoorbeeld wat ga je kopen of kiezen?
        10. Evaluatie: Terugkijken en verder gaan -> bijvoorbeeld: wat komt hierna?
          JoHo: footprints achterlaten
          JoHo: pagina delen