Rechtsgeschiedenis - Kennis & Studiegebied

 

  Topics & Thema(tools)

 

Rechtsgeschiedenis

als Kennis- & Studiegebied

 

 

JoHo: crossroad kiezen
JoHo: nieuws checken
  • Reizen in een gebied met een negatief reisadvies zijn niet verzekerd via een gewone reisverzekering. 
  • Alleen een gespecialiseerde reisverzekering voor lang of...
lees meer

Corona & Contenties

  • De afgelopen maanden is ieder mens en iedere organisatie beproefd op de competenties ‘...
lees meer
Bron: JoHo Nieuws

De decembermaand is de traditionele periode om van zorgverzekering te wisselen. Elk jaar wijzigt de premie, de inhoud van de basisverzekering en aanvullende pakketten en de...

lees meer
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Inloggen of aansluiten om alle teksten te kunnen zien en alle tools te kunnen gebruiken

Ben je ingelogd als JoHo donateur dan krijg je op deze pagina toegang tot meer gerelateerde informatie.

Ben je ingelogd als abonnee dan zie je alle gerelateerde informatie.

Log in als je nog niet bent ingelogd.

1- Start
 

1 - Starten

  • Wat: Je keuzezeproces starten
  • Hoe: Keuzebesef, het besef dat je een beslissing moet gaan maken
  • Content: Titel, Uitleg, Footprints, Crossroads

    Inhoud van het thema en de betrokken tools

    Wat houdt rechtsgeschiedenis in?

    Wat houdt rechtsgeschiedenis in?

    Wat houdt rechtsgeschiedenis in?

    • Met rechtsgeschiedenis worden de historische ontwikkelingen van het recht in de breedste zin bedoeld.
    • Zo wordt er bijvoorbeeld aandacht besteed aan hoe het vermogensrecht, personen- en familierecht, of erfrecht in de Romeinse tijd geregeld waren, maar ook hoe verschillende rechtsgebieden en rechtssystemen in verschillende landen zich in de loop der tijd hebben ontwikkeld.

     

    Waarom is de geschiedenis van het recht relevant voor het huidige rechtssysteem?

    • Op het West-Europese continent bouwen alle codificaties van het burgerlijk recht voort op de structuur en begrippen van het Romeinse vermogensrecht. Dit Romeinse recht werd tot diep in de 19e eeuw beschouwd als gemeenschappelijk recht (ius commune). Kennis van het Romeinse recht geeft derhalve een goede inleiding op het hedendaagse Nederlandse recht en vormt tevens een belangrijke voorwaarde voor begrip van het recht in de landen van west-Europa.
    • Daarnaast biedt rechtsgeschiedenis de mogelijkheid om constituties, rechtssystemen en rechtsgebieden met elkaar te vergelijken en laat het duidelijk zien in hoeverre het recht verweven is met maatschappelijke ontwikkelingen.

     

    2 - Inhoud & Oriëntatie

    2 - Verkennen & Oriënteren

    • Wat: je inlezen in je onderwerp, vraag of proces
    • Hoe: keuze-acceptatie, de acceptatie van de onzekerheid dat je nog niet kunt kiezen
    • Content: kennis, definities, betekenis van het onderwerp, gegevens, feitelijke kennis, omgevingsinformatie
    Uitgelichte samenvattingen rond rechtsgeschiedenis

    Uitgelichte samenvattingen rond rechtsgeschiedenis

     

    Het Romeinse recht

     

    Geschiedenis van het Europees recht

     

    Geschiedenis van het denken over recht

    Geschiedenis van vermogensrecht

    Geschiedenis van strafrecht

    Uitgelichte samenvattingen rond rechtsfilosofie & politieke filosofie

    Uitgelichte samenvattingen rond rechtsfilosofie & politieke filosofie

    3 - Selectie

    3 - Verzamelen & Selecteren

    • Wat: Selecteren van de basisinformatie om je keuzes te  kunnen maken
    • Hoe: Keuzestress, het inzicht in de verschillende keuzes
    • Content: Belangrijke vragen en antwoorden, productoverzichten, advieswijzer

     

    Waar vind je meer informatie over Rechtsgeschiedenis?

    Waar vind je meer informatie over Rechtsgeschiedenis?

    Wat is codificatie?

    • Bij de Romeinen en de Grieken werd al onderscheid gemaakt tussen geschreven (ius ex scripto) en ongeschreven recht (ius ex non scripto). Codificatie valt onder het geschreven recht en vloeit voort uit de behoefte aan rechtszekerheid. Codificatie is een geschreven recht, waaraan de overheid een aan haar gezag ontleende, uitsluitende geleding toekent. Dit zorgt ervoor dat de rechtsoptekening volledig is. Het was de Engelsman Jeremy Bentham (1748-1832) die het woord voor het eerst gebruikte ten tijde van de Verlichting. Een codificatie moet voldoen aan drie kenmerken:
      • er moet een overheid zijn die gezag uitoefent over haar onderdanen;
      • het moet op schrift gesteld recht betreffen, en
      • dat recht moet volledig zijn.

    Meer lezen:

    Hoe verliep de rechtsgeschiedenis van het Romeinse Recht?

    • Het Romeinse recht is van grote invloed geweest op het moderne recht; nog steeds zijn er sporen van dit recht terug te vinden in de moderne rechtsstelsels. Grote delen van Europa, maar ook andere delen van de wereld, hebben in het verleden onder Romeins gezag gestaan. Toch hangt de verspreiding van het Romeinse recht slechts gedeeltelijk hiermee samen. Er zijn immers ook grote gebieden, waaronder delen van Duitsland maar ook de Nederlandse provincie Friesland, die nooit onder Romeins gezag hebben gestaan. Toch is ook hier het Romeinse recht gaan gelden dankzij de renaissance.

    Meer lezen:

    Hoe zag een personele executie er in de Romeinse tijd uit?

    • In de Romeinse tijd was een executie gericht tegen een persoon en niet zoals bij ons tegen diens vermogen.
    • Bij de Romeinen had onze term verbintenis nog de letterlijke betekenis, namelijk het boeien en daarmee tot slaaf maken van de schuldenaar door de schuldeiser. Dit kon enkel met een executoriale titel. De schuldeiser legde als teken van macht zijn hand op de schouder van de schuldenaar, zodat die laatste machteloos werd (handoplegging). Het resultaat was dat diegene slaaf werd; hij werd van rechtssubject tot rechtsobject en was dus juridisch gezien geen persoon meer.

    Meer lezen:

    Hoe zag het personaliteitsbeginsel en vaderlijke macht er uit?

    • Vreemdelingen bestonden (net als slaven) in beginsel juridisch niet omdat ze geen subjectieve rechten hadden.
    • Ze namen echter wel deel aan het rechtsverkeer onder de fictie ‘alsof zij Romeinse burgers waren’. De vreemdelingen bleven naar hun eigen recht leven, waar ze zich ook bevonden. Men noemt dit het personaliteitsbeginsel.
    • Keizer Caracalla (ook wel Antonius) gaf in 212 op enkele uitzonderingen na (Joden en Egyptenaren) alle ingezetenen het Romeinse burgerschap, de constitutio Antoniniana. Hierdoor werd het personaliteitsbeginsel omgezet in het territorialiteitsbeginsel.
    • In het latere keizerrijk werd dit echter weer omgezet in het personaliteitsbeginsel met betrekking tot de Germaanse volksstammen die zich in het rijk vestigden.
    • Er is nog een groep mensen die zodanig in hun rechten en plichten werden beperkt dat men ze gelijk zou kunnen stellen met slaven. Dit waren de mannelijke en vrouwelijke Romeinen die onder de vaderlijke macht (patria potestas) stonden.
    • Zij waren enerzijds gewoon Romeinsrechtelijk burger en konden met toestemming van de vader allerlei rechtshandelingen verrichten en hadden dus in die zin een juridische persoonlijkheid en aan de andere kant waren zij uitgesloten van alle op geld waardeerbare rechten en verplichtingen. Ze waren afhankelijk van de pater familias en werden alieni iuris (van andermans recht) genoemd. De vaderlijke machthebber werd sui iuris genoemd: van eigen recht.

    Meer lezen:

    • Wat valt er op aan het personen- en familierecht in de Romeinse tijd?

    Hoe werkt dit heden ten dage nog door?

    • Het formele burgerlijke recht regelt de handhaving van het materiële burgerlijke recht. Het materiële recht gaat over de rechtsbetrekkingen tussen burgers onderling. Men kan ook nog een onderscheid maken tussen objectief en subjectief recht. Het objectieve recht is het geheel van rechtsregels dat in een bepaalde tijd en in een bepaalde gemeenschap geldt. In het objectieve recht worden bevoegdheden toegekend, dit heet een subjectief recht. Je kan dus zeggen dat het objectieve recht subjectieve bevoegdheden verleent.
    • De drager van subjectieve rechten en verplichtingen heet persoon. Het geheel van de aan personen gebonden rechten en plichten heet vermogen. Het overgrote deel ervan is op geld waardeerbaar. Ook een negatief vermogen is een vermogen. Alleen de personen aan wie het objectieve recht geen vermogen toekent heeft geen privaatrechtelijke persoonlijkheid, een rechtsobject. Ons recht kent zulke personen niet, het Romeinse recht wel: de slaven en mannen en vrouwen onder vaderlijke macht.
    • Daarnaast zijn er ook nog de personen aan die geen mens zijn: abstracte lichamen die dragers zijn van rechten en plichten en dus een vermogen hebben. Dit noemen wij de rechtspersonen (de staat, NV, BV, vereniging en stichting). Het Romeinse recht kende dit niet.

    Hoe ziet de geschiedenis van het vermogensrecht er uit?

    • De wetgeving van Justinianus bleef eeuwenlang de codificatie van het Byzantijnse rijk in de oorspronkelijke tekst.
    • Zij werd wel telkens aangevuld door Novellen van latere keizers. De novellen waren vaak in het Grieks, en de rest bijna helemaal in het Latijn De Byzantijnse bevolking kon dit niet spreken en lezen en al spoedig verschijnen er Griekse vertalingen.
    • Deze hadden op zichzelf geen rechtskracht: het pleidooi en de beslissing van de rechter moesten aanknopen bij de originele Latijnse tekst. Alleen een Novelle kon de latere tekst opzij zetten (lex posterior).
    • Omstreeks 900 na Chr. kwam keizer Leo de Wijze met het plan om de wetgeving van Justinianus te ordenen. Het werd een zuiveringsoperatie uitgevoerd onder de naam Basilica. Er kwamen 60 boeken uit geordend in titels. Per titel kwam er een onderwerp en voor zover mogelijk werden alle regels die erover bestonden hier samengevoegd. Aan het einde van de 12e is het verheven tot codificatie.
    • Vanaf 1350 gebruikte men een uittreksel van de Basilica in zes boeken: Hexabiblos. Dit is tot 1946 het officiële wetboek van Griekenland gebleven. Het vaste land van West–Europa heeft aan het einde van de 11e eeuw het Romeinse recht weer aangenomen als geldig recht (de receptie van het Romeinse recht).
    • Aan deze rechtseenheid kwam een einde toen de nationale codificaties werden ingevoerd. Voor Nederland was dat op 1 mei 1809: Wetboek Napoleon ingerigt voor het Koningrijk Holland. De nationale codificaties bouwden wel voort op het gemeenschappelijke Romeinse recht. Men zou het Romeinse recht, ius Romanum, de pater familias kunnen noemen van de rechtsfamilies.

    Meer lezen:

    Hoe zag het procesrecht er in de Romeinse tijd uit?

    • Het procesrecht handelt over de regels die de rechtsstrijd, de procedure, het geding of het proces beheersen. Er zijn meerdere soorten gedingen en elk van deze gedingen heeft zijn eigen procesrecht. Het procesrecht wordt ook wel het recht der acties of actiënrecht genoemd, naar het Latijnse woord actio voor rechtsvordering en proces. Met een proces kun je een executoriale titel verwerven om je recht ten uitvoer te leggen.
    • Het Romeinse recht kende slechts één executoriale titel, namelijk het veroordelende of condemnatoire vonnis. Het huidige recht kent behalve aan executoriale titels ook aan authentieke akten executoriale kracht toe.
    • In het Romeinse recht werd altijd veroordeeld tot het betalen van een geldsom. Meestal ging het om de waarde van de zaak, en ook niet zelden om een veelvoud van die waarde, vastgesteld door een schatting. In het Romeinse recht was er dus alleen sprake van een reële executie indien de oorspronkelijke eis al een geldbedrag betrof. In het Romeinse recht ging de praetor onmiddellijk over tot executie indien de gedaagde niet verscheen.
    • Je moet de parate executie onderscheiden van eigenrichting. Hierbij neemt men het heft in eigen hand, de overheid komt er niet aan te pas. In het Romeinse recht kwam dit voor als een bestolene zijn gestolen zaak zelf onder de dief terugneemt.

    Meer lezen:

    Wat valt er op aan het personen- en familierecht in de Romeinse tijd?

    • De Romeinse voogd was verantwoordelijk voor de zorg van het vermogen van de pupil. De Nederlandse voogd is hiernaast ook nog belast met de zorg voor de persoon van het kind.
    • De voogd in de Romeinse tijd kon op twee manieren zijn taak vervullen: door zelf voor de pupil te handelen en diens belangen waar te nemen of door de wilsverklaringen van de pupil te bekrachtigen. Aan het einde van de voogdij moest rekening en verantwoording worden afgelegd. Indien er sprake was van wanbeheer kon de pupil de voogd strafrechtelijk vervolgen en zijn privévermogen aanspreken. Hij moest dan ook de pupil aan het begin van de voogdij de zekerheid geven dat hij het vermogen intact zou laten. Dit kon worden gezien als een waarborg of een garantie en kon de zakelijke vorm aannemen van een hypotheek. Dit was een uitzondering op de regel dat een hypotheek alleen kon ontstaan als er sprake was van schuld.
    • De manier waarop een voogd tot voogdij kan worden geroepen is niet veranderd: door uiterste wil, door de wet of door benoeming. In het Romeinse recht werd er eest gekeken naar het testament. Indien de pater familias niets had bepaald of als het testament werd verworpen dan werd de naaste verwant in mannelijke lijn voogd. Dit was op grond van de wet. Als er geen verwantschap was dan benoemde de praetor een voogd. Buiten het eerste geval om was de voogdij een maatschappelijke plicht waar men slechts in uitzonderingen van kon onttrekken(hoge leeftijd, chronische ziekte of de zorg voor tenminste drie kinderen).
    • Een rechtspersoon is een drager van rechten en plichten die geen mens is. In beginsel is ze gebonden aan dezelfde regels als de natuurlijke personen. De rechtspersoon handelt door middel van organen (bestuur enz.). Vooral van belang zijn de publiekrechtelijke rechtspersonen, zoals de staat. Gemeente, waterschap enz. In Rome trad het Romeinse volk als eenheid op met een eigen vermogen, net zoals het vermogen van de keizer dat voor staatsdoeleinden was bestemd (fiscus) en dat overging op de ambtsopvolger in plaats van op erfgenamen. Ook werd een stad wel eens als eenheid beschouwd.
    • Het was echter niet hetzelfde als de rechtspersonen die wij kenen. De Romeinen zijn altijd een beetje bang geweest voor de consequenties die zouden kunnen volgen uit het benoemen van onbezielde persoon als juridische constructie.
    • NB. dit is niet alles dat opvalt aan het personen -en familierecht in de Romeinse tijd.

    Meer lezen:

    Hoe was het vermogensrecht geregeld in het Romeinse rijk?

    • Iustiniani Digesta: ‘‘Wanneer iemand een stuk grond heeft verkocht onder het beding dat...als de koper mocht besluiten tot vervreemding, deze aan niemand anders dan hem zelf mag vervreemden,...zal hij op grond van de overeenkomst van verkoop schadevergoeding kunnen eisen’.
    • Toelichting: het Romeinsrechtelijke eigendomsbegrip heeft zijn stempel gedrukt op alle van het Romeins recht afgeleide rechtsstelsels. Bijzonder aan dit begrip is dat het algemeen en absoluut van aard is. Tevens dient men het, als juridisch begrip, te onderscheiden van het begrip ‘bezit’, omdat bezit van feitelijke aard is. Het Romeinse eigendomsbegrip is algemeen van aard omdat er géén principieel onderscheid wordt gemaakt tussen eigendomsrecht op een roerende zaak of die op een onroerende zaak. Het is absoluut omdat het onafhankelijk is van andere rechten.

    Meer lezen:

    Wat is er belangrijk bij het goederenrecht in de Romeinse tijd?

    • Absolute of volstrekte rechten zijn rechten die je behalve tegen de wederpartij, ook tegen derden kunt inroepen en handhaven. Een subjectief recht dat enkel is in te roepen tegen de wederpartij en niet tegen derden, wordt een relatief of betrekkelijk of persoonlijk recht genoemd.
    • Een absoluut recht kan men, in tegenstelling tot een relatief recht, ook handhaven tegen een opvolger onder bijzondere titel. Opvolging onder algemene titel is de overgang van een heel vermogen, dus van het geheel van subjectieve rechten en plichten. Hierbij gaan behalve alle baten ook alle kosten over op de opvolger.
    • Het hangt van de manier waarop een recht is tot stand gekomen af of het een absoluut dan wel relatief recht is.
    • Absolute rechten zijn nu limitatief in de wet opgesomd en voor vestiging hiervan is, omdat ze zo ingrijpend zijn, een enkele overeenkomst niet voldoende. Dit recht is meestal gevestigd op een zaak. Ook het Romeinse recht kende maar een beperkt aantal absolute rechten. Dit kwam doordat er maar weinig formula’s bestonden en daarom het aantal acties beperkt was, want zonder formula geen actie. Derhalve waren er ook maar weinig rechten. Dit gold ook voor de relatieve rechten en beide waren dus beperkt in aantal.

    Meer lezen:

    Welke verschillen zijn er tussen het verbintenissenrecht uit de Romeinse tijd en de huidige tijd?

    • In de allervroegste tijd was de verplichting tot het geven en doen van iets en het recht deze verplichting op te eisen als juridisch begrip onbekend. Men kon wel zedelijk tot iets verplicht zijn. Indien iemand dat wat afgesproken nakwam was dit vrijwillig en onverplicht. Het had kenmerken van een schenking. Men kon een gemaakte afspraak kracht geven door de schuldenaar met zijn persoon in te laten staan voor de toekomstige nakoming: hij stelde met zijn persoon garant. Dit moet men letterlijk opvatten, bij niet nakomen werd men slaaf.
    • Later verzwakte het lichamelijk geboeid zijn tot juridisch verbonden zijn. De Romeinen zijn hier echter nooit helemaal vanaf gestapt (denk aan het verbod op cessie). Wel zagen zij de verbintenis uiteindelijk, net als wij nu, als een rechtsbetrekking tussen tenminste twee personen, krachtens welke de een (de schuldeiser) gerechtigd is tot een prestatie, tot welke de ander (de schuldenaar) verplicht en in de regel aansprakelijk is.

    Meer lezen:

    Welke invloed heeft de Romeinse tijd op het erfrecht gehad?

    • Alleen diegenen die geroepen waren maakten in het Romeinse recht aanspraak op de nalatenschap. Dit kon van rechtswege of door een positieve handeling, de aanvaarding.
    • Er waren maar twee gronden van het geroepen zijn tot de nalatenschap: de uiterste wilsverklaring en de wettelijke geroepenheid. Zowel toen als nu kon je niet door een overeenkomst erfgenaam worden. Er bestaat een onderscheid tussen testamentair ofwel intestaat erfrecht en het wettelijke erfrecht ofwel erfrecht bij versterf. De laatste vorm treedt in werking wanneer geen geldig testament is opgemaakt en somt in wettelijke volgorde de nabestaanden van de overledene die recht hebben op het nalatenschap op.
    • In het Romeinse recht sloten het intestaat en het testamentaire erfrecht elkaar uit. Als er maar voor een deel van het nalatenschap een testament was opgemaakt, werd dit uitgebreid tot de gehele nalatenschap. In ons recht kan men deels bij versterf en deels krachtens testament vererven.

    Meer lezen:

    Op welke wijzen werd schadevergoeding toegepast vroeger en nu?

    • Het recht van de Germaanse volken die zich in de eerste eeuwen na Christus vestigden op het grondgebied van het uiteenvallende West-Romeinse Rijk, was het begin van de ontwikkelingen die later zouden leiden tot het hedendaagse straf- en schadevergoedingsrecht.
    • Het koninkrijk van de Franken was van de stamkoninkrijken het best georganiseerd en het christendom werd onder de bevolking verspreid. De Frankische koningen hadden uiteraard het gezag, maar de andere Germaanse volken hadden wel een relatief zelfstandige positie en het eigen stamrecht bleef behouden.
    • Ook bij de Germanen was de strafrechtspleging grotendeels een private aangelegenheid.
    • Dit kwam omdat het merendeel van de strafbare feiten beschouwd werd als een verstoring van de vrede tussen de familie van de dader en die van het slachtoffer. Het slachtoffer en zijn familieleden moesten zelf actie ondernemen tegen de dader en diens familie. Oorspronkelijk stond de ondernomen actie in het teken van eigenrichting, waarbij er kritische kanttekeningen konden worden geplaatst of dit wel evenredig was met het aangedane leed door de dader ten opzichte van het slachtoffer. Het lag meer voor de hand dat elke vorm van wraak was toegestaan om het conflict te kunnen beslechten en de vrede tussen de families te herstellen. Het gezag van de stamkoning was namelijk te zwak om deze vorm van eigenrichting aan banden te kunnen leggen.

    Meer lezen:

    Hoe werden schuld en straf begrepen in de loop der geschiedenis?

    • Het inheemse strafrecht is lange tijd een strafrecht geweest dat voor een substantieel deel was gebaseerd op hetgeen wat kon worden waargenomen. De bewijsvoering en waarheidsvinding in deze procedures berustte onder meer op godsoordelen en procesproeven. Dit betekende dat de voor iedereen waarneembare uitkomst geacht werd het oordeel van God in te houden over het gelijk of ongelijk van de partij die dit moest ondergaan. Ook de persoon van de eedhelper die geen inhoudelijke verklaring aflegde over iets wat hij zou hebben waargenomen, maar enkel een formele eed ter bevestiging van de betrouwbaarheid van de partij die hij steunde, kan in dit licht worden bezien.

    Meer lezen:

    Hoe werd er in de loop van de tijd gekeken naar rechter en rechtsbronnen?

    • Zoals elke archaïsche rechtscultuur bestond het recht van de Germaanse volken uit ongeschreven rechtsgewoonten. Deze rechtsgewoonten verschilden van stam tot stam, omdat elke stam zijn eigen stamrecht had en zij werkten personeel.
    • Dit betekende dat een lid van een bepaalde stam, waar hij zich bevond, altijd werd berecht op basis van zijn eigen stamrecht. Wanneer een stamlid een strafbaar feit begin op het grondgebied van een andere stam, dan waren toch de rechtsgewoonten van zijn eigen volk op hem van toepassing, en niet die van het volk waarvan hij de rechtsorde had geschonden.

    Meer lezen:

    Welke veranderingen heeft het Europees Privaatrecht ondervonden in Frankrijk, Duitsland en Engeland?

    • Vóór de invoering van de Franse Code civil was men in Frankrijk, net zoals bij ons, van mening dat een verbintenis slechts een vordering jegens een persoon inhield en een goederenrecht een vordering op een goed. Een verbintenis leverde niet meteen eigendom van het goed op. Het recht op eigendom van de koper ontstond pas als de verbintenis (persoonlijke verplichting tot levering van de verkoper) ten uitvoer was gelegd. Sinds de Code Civil kan men echter door een verbintenis direct aanspraak maken op een goed. Levering of een andere 'traditio' is daarvoor niet een constitutief vereiste.
    • De overgang tussen verbintenissen- en goederenrecht is in verhouding tot 'ons' recht daardoor flink vervaagd. Deze 'vervaging' geldt echter slechts met betrekking tot de verbintenis tot levering van een goed. Met betrekking tot pand ('Gage') moet men naast een daartoe strekkende verbintenis nog steeds het in pand gegeven goed overdragen. Het nieuwe Franse beginsel van eigendomsoverdracht is gebaseerd op beginsel van de contractsvrijheid.

    Meer lezen:

    Hoe ziet de geschiedenis van de Europese rechtswetenschap er in het algemeen uit?

    • De Europese rechtswetenschap kent een lange geschiedenis. Je zou kunnen zeggen dat er sprake was van een gemeenschappelijke Europese rechtswetenschap tot het moment van de nationale codificaties.

    Meer lezen:

    Hoe heeft de Europese rechtswetenschap zich ontwikkeld vanaf de 12e eeuw tot de ontwikkeling van de nationale codificaties in de 18e eeuw (NB: toen was het Romeinse recht, met name het Corpus Iurus Civilis, van groot belang)?

    • Het juridisch Humanisme, een nieuwe kijk op het civiele recht, werd geïnspireerd door het nieuwe denken in plaats van het aannemen van alles, zoals dit tijdens de Middeleeuwen gebeurde. Het kwam op twee plaatsen in verschillende tijden tot bloei: in de 16de eeuw in Frankrijk en in de 17de eeuw in Nederland.
    • De juridisch Humanisten waren voornamelijk geïnteresseerd in de historische context van de teksten van het Coprus Iuris met behulp van niet-juridische bronnen uit die tijd. De meest bekende publicatie was de observatio, een korte tekst in het Latijn waarin een specifiek punt wordt gemaakt. Men ging in deze leer dus terug naar de oorsprong van de teksten, waarbij bijvoorbeeld Griekse teksten (Graeca leguntur) werden gebruikt om het Corpus Iuris te verklaren.
    • Het juridisch Humanisme werd echter niet in de praktijk met open armen ontvangen. Voornamelijk de juristen die in de praktijk werkten met het recht hadden veel kritiek. De teksten waar zij hun argumenten op baseerden werden namelijk in twijfel gesteld.

    Meer lezen:

    Tussen de klassieke Oudheid en heden ten dage is het recht ingrijpend veranderd; welke wijzigingen zijn relevant en wat lag aan die wijzigingen ten grondslag?

    • De moderne tijd kenmerkt zich onder andere door de opkomst van de natuurwetenschap in de vijftiende en zestiende eeuw. Dit leidde tot een radicaal ander wereldbeeld dan het wereldbeeld van de voorafgaande periode. De individuele mens komt centraal te staan. Hierdoor dient een nieuwe argumentatie gevonden worden ter rechtvaardiging van de onderwerping van de individu aan de rechtsorde. De klassieke voorstelling van een rationeel samenhangend en doelgericht geheel is niet langer meer houdbaar.

    Meer lezen:

    Hoe universeel zijn beginselen en waarden?

    • In 1999 werd door een groep Britse moslims het doodvonnis uitgesproken over Terrence McNally, een Amerikaanse toneelschrijver. In zijn toneelstuk werd Jezus Christus voorgesteld als homoseksueel. Dit werd door de moslimgroep als godslasterlijk omschreven. Het doodvonnis houdt in dat McNally, wanneer hij naar een islamitische land reist, moet worden aangehouden en terechtgesteld. De leider van de groep is een Syrische geestelijke die sinds 1982 op een staatsuitkering in Engeland woont met zijn gezin. Hij stelt dat hij doet wat eigenlijk de Kerk van Engeland behoorde te doen: optreden tegen McNally die de eer van Jezus verwaarloosd. Daarnaast heeft hij ook liever dat de Britse maatschappij een islamitische wordt. Dit doel kan prima bereikt worden door het gebruik van geweld.
    • Dit geval is relevant, omdat ons laat zien dat de wereld kleiner is geworden. Wat eerst ver weg leek, komt steeds dichterbij. Het betreffende toneelstuk werd geschreven door een Amerikaan en opgevoerd in Engeland, niet in Syrië, Saoedi-Arabië of een ander islamitisch land. Het delict ‘godslastering’ lijkt weer te zijn teruggekeerd in de westerse wereld. De sjeik eist namelijk dat de Saoedische wetgeving inzake godslastering ook in Engeland wordt toegepast.

    Meer lezen:

    Hoe kan de democratische rechtsstaat als een legitiem staatsmodel gezien worden?

    • Een rechtsstaat ziet een politiek systeem waarbij bepaalde grenzen worden besteld aan de macht van de staat door het recht. Een rechtsstaat is een staat waarbij het recht boven de staat is verheven: het recht beperkt de macht van de wetgever, van de rechter en van de regering. Niet alle machtsbeperkingen zijn rechtsstatelijk: enkel die beperkingen die een basis hebben in het recht.
    • Het ideaal van de rechtsstaat kan het best worden verwezenlijkt, wanneer:
      • De staat gebonden is aan recht (legaliteitsbeginsel);
      • De staat gebonden is aan grondrechten;
      • Dit recht en deze grondrechten zijn neergelegd in een speciaal document (grondwet);
      • Dit document enkel met verzwaarde meerderheid kan worden gewijzigd;
      • Een speciaal orgaan de bevoegdheid heeft om te waarborgen dat de rechten van de burgers niet door de staat worden geschonden (constitutionele toetsing.

    Op welke manier speelt de scheiding van staat en kerk tegenwoordig nog?

    • Atheïsme is de ontkenning van het bestaan van een specifieke god: een transcendente, persoonlijke, geheel goede, almachtige schepper van hemel en aarde. Het atheïsme kent een lange historie, maar het is lastig te achterhalen hoeveel atheïsten er daadwerkelijk geweest zijn. Zij werden in het verleden immers vervolgd en gestraft. Het etiket ‘atheïst’ kan ook nu nog ernstige gevolgen hebben in sommige landen. Het is daarom onduidelijk hoeveel atheïsten zich in bijvoorbeeld Saoedi-Arabië en Iran bevinden.

    Meer lezen:

    Wat zijn de klassieke grondslagen van het hedendaagse recht?

    • De verlichting is geen ideologie of een religie, maar een culturele periode in de geschiedenis van Europa. Het is tevens een kritische houding tegenover verschillende overgeleverde tradities en gebruiken. Volgens Kant is verlichting ‘het uittreden van de mens uit de onmondigheid die hij te wijten heeft aan zichzelf. Onmondigheid is het onvermogen zijn verstand te gebruiken zonder de leiding van een ander. De oorzaak van deze onmondigheid is niet het gebrek aan verstand, maar een gebrek aan moed.’

    Meer lezen:

    Wat houden legaliteit en legitimiteit in rechtspositivisme en natuurrechtsleer?

    • Het hogere recht staat ook wel bekend als het ‘natuurrecht’. Dit natuurrecht bestaat vanzelf (is aldus niet een creatie van de menselijke hand) en brengt tot uitdrukkelijk dat het hogere recht onveranderlijk en overal van kracht is. Voorstanders worden ook wel natuurrechtsaanhangers genoemd. Er zijn verscheidene varianten van natuurrechtelijk denken, maar de volgende kenmerken worden in alle varianten teruggevonden:
    1. Status: er is sprake van een absolute gelding van het natuurrecht.
    2. Bron: het natuurrecht vloeit voort uit de natuur.
    3. Keninstrument: de rede. Voor het kennen van het natuurrecht zijn de redelijke vermogens van de mens toereikend.
    4. Functie: kritische toets. Er wordt een inhoudelijke toets gebruikt voor de gelding van het positieve recht in de vorm van natuurrechtelijke beginselen. Wanneer positief recht deze toets niet doorstaat, kan dit niet als geldig worden erkend.
    5. Inhoud: metafysische ideeën. De inhoudelijke toets bestaat uit een verzameling van metafysische en speculatieve ideeën.

    Meer lezen:

    Hoe en waarom is de juridische bescherming van de menselijke persoon en diens vermogen tot stand gekomen en doorontwikkeld?

    • De herontdekking van het Corpus iuris civilis heeft gezorgd voor een gemeenschappelijke rechtscultuur van het continent, vooral voor het privaatrecht.
    • De wettekst is in de zesde eeuw na Christus ontstaan en kent een duizendjarige voorgeschiedenis - namelijk  begonnen bij de Wet van de XII Tafelen uit 451 voor Christus. Deze bleef van kracht tot aan Justinianus tijdperk en dit wordt het eerste leven van het Romeinse recht genoemd.
    • Het tweede leven van het Corpus iuris civilis betreft de hernieuwde bestudering van de wettekst in de twaalfde eeuw. Receptie begon in de vroegmoderne tijd en eindigde toen men begon te codificeren in de negentiende eeuw. In dit tweede leven heeft de voorgeschiedenis van het Romeinse recht geen rol gespeeld.
    • Het gecodificeerde recht bevatte inmiddels elementen die terug waren te leiden op Romeinsrechtelijke teksten. Dit is het derde leven van het Romeinse recht.

    Meer lezen:

    4 - Afweging

    4 - Vergelijken & Afwegen

    • Wat: Je keuzeproces starten
    • Hoe: Keuzevergelijking, alternatieven afwegen
    • Content: Vergelijkbare en alternatieve onderwerpen, Aanverwante producten en services
    • Relaties: Gerelateerde paginabundels

      

    Verdiepen & Bestuderen: Menu

    Vaardigheden rechtsgeschiedenis

    • Rechtsgeschiedenis is een studiegebied waar de grote verhalen samen komen. Het ene moment ben je onderscheid aan het maken tussen natuurrecht en rechtspositivisme, het andere bekijk je de grondwettelijke status van slaven in het klassiek Romeins rijk, en voordat je het weet ben je de grote denkers van de geschiedenis uit je kop aan het stampen.
    • Betekent dat je al lezende hoofdzaken van bijzaken gaat scheiden en ook nog eens keihard aan het stampen bent en als het mee zit een vlammend betoog mag schrijven over slavernij in het Romeinse rijk.
    • Hier zijn wat tips & tricks verzameld over hoe je dat zou kunnen doen.
    5 - Verdieping

    5 - Verdieping & Versterking

    • Wat : Meer kennis en vaardigheden in huis halen
    • Hoe: Verdiepen in de achtergronden of de benodigde vaardigheden om je keuzes te maken
    • Content: Meer kennis opdoen en achtergronden opzoeken

      

    Voorbereiden & Verzekeren: Menu
    6 - Voorbereiding

    6 - Voorbereiden & Checken

    • Wat: Voorbereidingen treffen om je keuze te maken en ze op te volgen
    • Hoe: Keuzevoorbereiding, maatregelen treffen, checklists afwerken
    • Content: Wat moet je doen om je goed voorbereiden voor je keuze of actie? Wat kan je doen om te oefenen of je beter voor te bereiden? Waar moet je aan denken?

       

    Inspireren & Samenwerken: Menu
    7 - Inspiratie

    7 - Inspireren & Samenwerken

    • Wat: Inspiratie opdoen en betrokkenheid bepalen
    • Hoe: Je keuzegeweten laten spreken, tegen je eigen lat houden, past het bij je?, voelt het goed? Haal jij, of een ander, er voldoende inspiratie vandaan?
    • Content: Hoe werkt de praktijk, wat en kan jij ervan leren? Welke ervaringen kan jij delen of zijn al gedeeld? Hoe kan jij anderen inspireren?
    JoHo crossroad:
    Inspireren & Samenwerken: via JoHo WorldSupporter
    Duurzaam leven. Ik worstel voorlopig nog. - Koert Hommel
    Duurzaamheid. Ik vind het een moeilijk begrip. Het is ook zo’n containerbegrip, dat je naar gelang je voorkeuren of...
    Afhankelijk blijven van ontwikkelingshulp, of meer zelf doen? - Koert Hommel
    Moeten Afrikaanse landen niet meer zelf doen?” lees ik bijna aan het eind van een artikel in de Volkskrant. Het...
    Vrijwilligerswerk op afstand: júist nu! - Koert Hommel
    Iets doen voor een ander. Je maatschappelijk betrokken tonen. Een steentje bijdragen. Het is van alle tijden en veel...
    Oh? Helpt ontwikkelingssamenwerking dan? - Koert Hommel
    Ontwikkelingssamenwerking? “Weggegooid geld!” “Het gaat allemaal in de zakken van die bureaucratische...
    Zijn Nederlanders bang voor de immigrant geworden? En: stijgt of daalt het draagvlak voor ontwikkelingshulp? - Koert Hommel
    Ik las deze week een klein artikel over het afscheid van een directeur, Luitzen Wobma, van 'zijn' particulier...
    Blaze in Baseco Manila - deanne WEP
    How would your life change if your house burned down? What if you lost almost everything you owned in one snap?...

        

    Ervaren & Werken: Menu
    8 - Ervaring

    8 - Ervaren & Werken

    • Wat: Met je proces de slag gaan of werken in het kader van je proces
    • Hoe: Keuze-ervaring, de praktijk ervaren rond je keuzeprocessen, werk maken van je proces, proces maken van je werk
    • Content: Hoe kan je jezelf nuttig maken via stages of vrijwilligerswerk,Is er gerelateerd werk mogelijk,  zijn er vacaturemogelijkheden

      

    Beslissingen & Contenties: Menu

    Aanmelden bij JoHo om gebruik te maken van alle teksten en tools
     

    Aansluiten bij JoHo als abonnee of donateur

    The world of JoHo footer met landenkaart

      Aansluiten bij JoHo met een JoHo abonnement

      JoHo abonnement (€20,- p/j)

      • Voor wie online volledig gebruik wil maken van alle JoHo's en boeksamenvattingen voor alle fases van een studie, met toegang tot alle online HBO & WO boeksamenvattingen en andere studiehulp
      • Voor wie gebruik wil maken van de gesponsorde boeksamenvattingen (en er met zijn pinpoints 10 gratis kan afhalen in een JoHo support center of bij een JoHo partner)
      • Voor wie gebruik wil maken van de vacatureservice en bijbehorende keuzehulp & advieswijzers
      • Voor wie gebruik wil maken van keuzehulp en advies bij werk in het buitenland, lange reizen, vrijwilligerswerk, stages en studie in het buitenland
      • Voor wie extra kortingen wil op (reis)artikelen en services (online + in de JoHo support centers)
      • Voor wie extra kortingen wil op de geprinte studiehulp (zoals tentamen tests en study notes) in de JoHo support centers

       of met een JoHo donateurschap

      JoHo donateurschap (€5,- per jaar)

      • Voor wie €10,- korting wil op zijn JoHo abonnement
      • Voor wie JoHo WorldSupporter en Smokey projecten wil steunen
      • Voor wie gebruik wil maken van alle gedeelde materialen op WorldSupporter
      • Voor wie op zoek is naar de organisatie bij een vacature

       

      Aanmelden & Aansluiten bij JoHo 

      9 - Beslissing

      9 - Beslissen & Berusten

      • Wat: Beslissen en tevreden zijn over het besluit dat je hebt genomen.  gaan handelen naar je besluit
      • Hoe: Keuzeproces afronden, Beslissing nemen, Accepteren dat je een beslissing hebt genomen met de kennis en kunde die je nu hebt, Besluit gaan uitvoeren
      • Content: Acceptatieproces starten, Stappen nemen, contacten leggen, services gebruiken, terugkijken, relativeren en waarderen dat je een beslissing hebt genomen
      Evalueren & Vervolgen: Zoeken

      Typ je trefwoord(of combinatie) en klik op 'Zoeken' om het resultaat te zien van de content met het trefwoord in de titel

      10 - Evalueren

      10 - Evalueren & Vervolgen

      • Wat: Terugkijken naar je beslissing en vooruitkijken naar het vervolg
      • Hoe: Je eigen keuze beoordelen, doorgaan naar een volgend keuzeproces gaan, beginnen aan het vervolgproces
      • Content: Naar het volgende onderwerp of naar de volgende activiteit, zoeken naar andere pagina's & activiteiten

       

       

      JoHo: crossroads uit de selectie
      JoHo: deze pagina delen
      JoHo: begrijpen

      JoHo Missie, Visie & Concept

      Missie & Visie

      • JoHo wil mensen en organisaties in staat stellen zich te ontwikkelen en beter samen te werken, en daardoor bij te dragen aan een tolerante, verdraagzame en duurzame wereld.
      • Via online platforms en fysieke support centers wordt steun verleend aan persoonlijke ontwikkeling, en wordt internationale samenwerking gestimuleerd.

      Concept

      • Als JoHo donateur, abonnee of verzekerde verleen jij steun aan de doelstellingen van JoHo
      • JoHo steunt vervolgens jou met tools, coaching en voordelen op het gebied van persoonlijke ontwikkeling en internationale activiteiten  
      • JoHo heeft als kernservices: studiehulp, competentie-ontwikkeling, coaching en verzekeringsbemiddeling bij vertrek naar buitenland
      JoHo: themapagina begrijpen

      Topics & Thema's

      Wat vind je op een JoHo Themapagina?

      • Geselecteerde informatie en toegang tot de JoHo tools rond een of meerdere onderwerpen
      • Geautomatiseerde infomatie die aan het thema is gekoppeld

      Crossroad: volgen

      • Via een beperkt aantal geselecteerde webpagina's kan je verder reizen op de JoHo website

      Crossroad: kiezen

      • Via alle aan het chapter verbonden webpagina's kan je verder lezen in een volgend hoofdstuk of tekstonderdeel.

      Footprints: bewaren

      • Je kunt deze pagina bewaren in je persoonlijke lijsten zoals: je eigen paginabundel, je to-do-list, je checklist of bijvoorbeeld je meeneem(pack)lijst. Je vindt jouw persoonlijke lijsten onderaan vrijwel elke webpagina of op je userpage.
      • Dit is een service voor JoHo donateurs en abonnees.

      Abonnement: nemen

      • Hier kun je naar de pagina om je aan te sluiten bij JoHo, JoHo te steunen en zo zelf en volledig gebruik maken van alle teksten en tools.

      Hoe is de pagina op gebouwd

      • Een JoHo Topic-, en Themapagina pagina is opgezet aan de hand van 10 fases rond een bepaalde thema: statussen
      • De status van een thema kan je inzetten bij de belangrijke en minder belangrijke processen rond het thema van de pagina. Zoals keuzes maken, orienteren, voorbereiden, vaardigheden verbeteren, kennis vergroten, gerelateerd werk zoeken of zin geven.
      • Bij elke status vind je unieke of gerelateerde informatie van de JoHo website, die geautomatiseerd of handmatig wordt geplaatst.
      • Een belangrijk deel van de informatie is exclusief beschikbaar voor abonnees. Door in te loggen als abonnee wordt de informatie automatisch zichtbaar. Let wel, niet elke status zal evenveel content bevatten, en de content zal in beweging blijven.
      • De statussen:
      1. Start
      2. Oriëntatie : startpunt bepalen ->bijvoorbeeld: wat is je vraag of wat is het proces dat je gaat starten
      3. Selectie: verkennen en verzamelen van info en keuzehulp
      4. Afweging: opties bekijken en vergelijken -> bijvoorbeeld: alternatieven zoeken
      5. Competentie: verbeteren en competenties -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te slagen?
      6. Voorbereiding: voorbereiden & oefeningen -> bijvoorbeeld: wat kan je doen om te oefenen of je voor te bereiden?
      7. Inspiratie: vastleggen &  lessen -> bijvoorbeeld: wat leer je en heb je geleerd?
      8. Ervaring: vooruithelpen & hulp -> hoe kan je jezelf nuttig maken?
      9. Beslissing: Uitvoeren en tot resultaat brengen -> bijvoorbeeld wat ga je kopen of kiezen?
      10. Evaluatie: Terugkijken en verder gaan -> bijvoorbeeld: wat komt hierna?
        JoHo: footprints achterlaten